Paris FvdV is een weblog voor kenners en liefhebbers van de stad Parijs - en voor hen die dat willen worden. Parijs is een stad met een gewichtig verleden, respectabel en gerespecteerd. Het is totaal niet nostalgisch. Parijs is er in geslaagd om, soms op brutale maar altijd op elegante wijze, om te gaan met zijn grootse monumenten. Ze te beschermen en te integreren in de nieuwe dynamiek van de stad. Parijs is een meester op het gebied van herstel en transformatie. U zult er nooit in slagen een volledig overzicht te maken van plekken en verhalen, die allemaal op hetzelfde punt uitkomen en de glorie van deze stad bezingen. toch wil ik een poging wagen. Wekelijks wil ik u niet alleen informeren over wat Parijs nog meer te bieden heeft, maar ook wil ik mijn liefde voor deze stad op u over dragen. In de hoop dat het raakt aan iets wat u herkent of voelt. Ferry van der Vliet.

vrijdag 19 april 2013

EDITH PIAF - NON, JE NE REGRETTE RIEN

In oktober 2013 is het exact vijftig jaar geleden dat de Franse Chansonnière  Edith Piaf overleed aan leverkanker na een leven vol alcohol en drugs. Zij was pas 47 jaar. Het aantal biografieën die over Edith Piaf geschreven zijn, kunnen bijna niet geteld worden, en toch is haar leven nog steeds in een waas van mysterie gehuld. Het begint al met de datum van haar dood. Piaf stierf op 10 oktober 1963 aan een inwendige bloeding in Plascassier, een dorpje in de buurt van Cannes. Haar lichaam werd vervolgens per ambulance naar haar huis in Parijs overgebracht, waar het voor publiek werd opgebaard. De bekendmaking van haar dood was pas een dag later, namelijk op 11 oktober. Haar grote vriend, Frans dichter, schrijver, ontwerper en filmmaker, Jean Cocteau, werd enkele uren na het horen van dit nieuws door een hartaanval getroffen en stierf. Naar verluidt zou hij hebben gezegd: "Ik ben ongeneeslijk ziek, dat is erg; Piaf is dood, dat is erger".
 
Edith Piaf 19-12-1915 / 11-10-2013 - Crédits photo: Time Magazine
 
Edith Giovanna Gassion, de beroemde Parijse volkszangeres, wist heel goed waarover ze zong als ze het had over het straatleven, hoeren en pooiers, mislukte liefdes en ander groot leed. Haar liederen over de zelfkant van Parijs kwamen dan ook uit haar hart, want ze was zelf een product van die zelfkant.
Ediths tragische levensverhaal begint hier aan de rue de Belleville 72
 
Ediths tragische levensverhaal begint op een koude winternacht op 19 december 1915, wanneer ze tijdens haar armzalige eerste uren – zo wordt wel eens beweerd – buiten geboren wordt, onder de cape van een politieagent, op de trap van het huis aan de rue de Belleville 72, in de migrantenwijk Belleville. Een bord aan de gevel van dit huis houdt de legende in stand. Haar moeder woonde inderdaad in dit huis, maar beviel in het Tenon-ziekenhuis aan de rue de la Chine (20e). Zij was een drankverslaafde Italiaanse prostituee die bijkluste als straat- en kroegzangeres met als artiestennaam Line Marsa en getrouwd met ene Jean Gassion, een Franse straatartiest. De opvoeding gebeurt overigens door haar Marokkaanse en aan alcohol verslaafde nicht Aïcha, uitbaatster van een bordeel in Berbay, een klein dorpje in Normandië. Na twee maanden bij haar tante te hebben gewoond, merkte een van de prostituees op dat er iets vreemds met Edith aan de hand is. Ze botst overal tegenaan en kijkt recht tegen de zon in zonder met haar ogen te knipperen. Edith lijdt aan een hoornvliesontsteking. Volgens de legende neemt haar oma haar mee naar de bedevaartplaats van de Heilige Theresia van Lisieux, waar Edith op wonderbaarlijke wijze haar gezichtsvermogen terugkrijgt. Als Edith een jaar of zeven is, neemt haar vader de opvoeding weer over en neemt haar mee op tournees in circussen en nachtclubs, waar ze deel uitmaakt van zijn act. Toch neemt ze op haar vijftiende afscheid van het circusleven, om op haar eentje naar Parijs terug te keren en op straat te zingen voor geld, vooral in de hoerenbuurt Pigalle. Op haar zeventiende krijgt ze een kind, dochter Marcelle, verwekt door Louis Dupont, een besteljongen op wie zij verliefd was. Helaas stierf haar dochter op tweejarige leeftijd aan een hersenvliesontsteking.
‘La Môme Piaf’ - Crédits photo: Studio Harcourt Paris
In 1935 wordt ze op straat ontdekt door Louis Leplée, eigenaar van 'Gernys', een nachtclub in Parijs en hij weet haar te overtuigen om in zijn 'Gernys' op te treden. Leplée is het die haar de artiestennaam geeft die ze haar hele leven zal behouden: ‘La Môme Piaf’, of de kleine mus. Klein is ze inderdaad met haar 1,47 m. Vanaf haar eerste optreden is ze al mateloos populair. In 1936 maakt ze haar debuut in het Cirque Medrano in gezelschap van onder andere Maurice Chevalier en nog datzelfde jaar neemt ze haar eerste drie platen op: 'Mon apéro, La Java de Cézigue en Fais-moi valser'. Maar zoals het gaat in een goed levenslied, kan ook dit niet goed aflopen: Leplée wordt in 1937 vermoord. Een moord waarvan zij in eerste instantie wordt verdacht.
In deze zwarte periode ontmoet zij de man die voor haar het verschil gaat maken; Raymond Asso. Dat brengt eindelijk succes. Als nieuwe mentor en impresario weet hij haar geboekt te krijgen in populaire variétézalen van die tijd. Piaf wordt in de volgende jaren steeds populairder. De twee beginnen een stormachtige liefdesrelatie, ook al is Asso getrouwd. Onder zijn management trekt ze volle zalen en de geldproblemen verdwijnen als sneeuw voor de zon. In 1939 eindigt haar relatie met Asso en ontmoet ze Paul Meurisse, een rijke acteur die haar laat kennismaken met de 'Upper Class' van Parijs. Zij maakt in die periode ook kennis met Jean Cocteau. Edith geniet van haar luxueuze leventje, maar helaas blijkt Meurisse te beschikken over losse handjes wat hun relatie snel doet eindigen. In het Parijs van 1944 ontdekt zij de zanger Yves Montand, die zij onder haar hoede neemt. Ze krijgen samen een relatie tijdens de opnamen van de film Etoile sans Lumière.
Yves Montand en Edith Piaf - Crédits photo: Studio Lipnitzki Paris
Haar oorlogsverleden is en blijft dubieus. Ze treedt zowel op voor het Franse leger als voor de Nazi’s, en is zelfs bevriend met enkele leden van de Gestapo. Aan de andere kant staat wel vast dat ze tenminste één Joodse kennis helpt ontsnappen uit Frankrijk. Zelf zal ze later beweren dat ze lid is geweest van het Verzet, maar hierover is veel onduidelijkheid. De oorlogsjaren zijn alleszins heel vruchtbaar voor Édiths oevre met bijna 30 nieuwe releases.  
In 1947 vertrekt ze naar New York, waar ze de nodige successen kent. Ze houdt er onder meer een levenslange vriendschap aan over met Marlène Dietrich. Hier leert ze volgens haar de liefde van haar leven kennen, wederom een getrouwde man; de bokser Marcel Cerdan. Het noodlot slaat echter opnieuw toe wanneer hij omkomt in een vliegtuigongeluk twee jaar later.
In de jaren nadien heeft Piaf nog veel geliefden en protegees onder wie Charles Aznavour en Les Compagnons de la Chanson. Door twee zware auto-ongelukken in 1951 raakt zij verslaafd aan pijnstillers (morfine) en alcohol. Ze zal echter nog 12 jaar doorgaan.
Tussen 1951 en 1963 krijgt ze nog eens twee auto-ongelukken, doet ze eenmaal een poging tot zelfmoord, probeert vier keer door een ontwenningskuur van de verdovende middelen af te komen, krijgt twee aanvallen van delirium tremens, ondergaat zeven operaties, raakt drie keer in een coma en krijgt een keer een aanval van waanzin. In die turbulente periode trouwt ze twee keer. In 1952 met haar songwriter Jacques Pills, zelf ook een alcoholicus. Toch zou dit haar beste en meest liefdevolle relatie worden, ook al scheiden ze vijf jaar later. In 1960 zingt ze haar versie van het wondermooie 'Non, je ne regrette rien' in het Parijse Olympia. Het wordt één van Frankrijks mijlpalen in de muziek. Twee jaar later trouwt ze nog eens met de twaalf jaar jongere Griekse Theo Sarapo, een zanger-kapper met wie ze af en toe samen optreedt en verruilt Parijs voor het Zuid-Franse Placassier, waar zij uiteindelijk een jaar later op 10 oktober overlijdt. Drie dagen later wordt zij op Père Lachaise begraven naast haar jonge dochter Marcelle. Haar begrafenis trok honderdduizenden mensen naar de straten van Parijs en de ceremonie bij de begraafplaats werd geblokkeerd door meer dan veertigduizend fans. Het enige moment na de Tweede Wereldoorlog dat het hele verkeer van Parijs stil lag, aldus Aznavour. Haar chansons, bijna 300, waaronder Milord, La vie en rose en Non, je ne regrette rien leven voort, tot op de dag van vandaag.
Edith Piaf ligt begraven naast haar 2-jarige dochter Marcelle op Père Lachaise
Wandelen door de volkswijk Belleville brengt je terug naar de tijd toen ze hier opgroeide en in de straten zong als straatzangeresje. Vandaag is de voormalige arbeiderswijk een charmante buurt propvol artistiek talent, en onterecht verwaarloosd in de reisgidsen. Vlakbij, in de wijk Ménilmontant, kan je Piafs appartement bezoeken, dat is ingericht als museum. Het museum staat vol persoonlijke spullen en geschenken van de zangeres, en je kunt je er laten ontroeren door haar brieven. Je wordt er door de kamers geleid door de herkenbare stem van Piaf, die haar levensverhaal vertelt. Enkele straten verder ligt het plein dat haar naam draagt: de Place Edith Piaf, met haar bronzen standbeeld en met de Bar de la Place Edith Piaf, een populair themacafé waar je van haar muziek kunt genieten.
 Musée Edith Piaf, rue Crespin-du-Gast 5, 20e arrondissement, metro Ménilmontant. Bezoek uitsluitend na afspraak. TIP: Bel minimaal twee dagen van te voren.
Ook in de buurt, op het Père-Lachaise kerkhof kan je haar graf bezoeken (sectie nr. 97), steeds overladen met bloemen van haar oude en jonge fans. Bekijk nog eens de DVD met de prachtige film over haar leven: 'La Vie en Rose' (2007) met de jonge oscarwinneres, de Parijse actrice Marion Cotillard in de huid van Piaf.
Cimetière Père-Lachaise, rue de Repos 16, 20e arrondissement, Metro Père Lachaise



Geen opmerkingen:

Een reactie posten