Paris FvdV is een weblog voor kenners en liefhebbers van de stad Parijs - en voor hen die dat willen worden. Parijs is een stad met een gewichtig verleden, respectabel en gerespecteerd. Het is totaal niet nostalgisch. Parijs is er in geslaagd om, soms op brutale maar altijd op elegante wijze, om te gaan met zijn grootse monumenten. Ze te beschermen en te integreren in de nieuwe dynamiek van de stad. Parijs is een meester op het gebied van herstel en transformatie. U zult er nooit in slagen een volledig overzicht te maken van plekken en verhalen, die allemaal op hetzelfde punt uitkomen en de glorie van deze stad bezingen. toch wil ik een poging wagen. Wekelijks wil ik u niet alleen informeren over wat Parijs nog meer te bieden heeft, maar ook wil ik mijn liefde voor deze stad op u over dragen. In de hoop dat het raakt aan iets wat u herkent of voelt. Ferry van der Vliet.

vrijdag 7 augustus 2015

PLACE DU TERTRE, TUSSEN KUNST EN KITSCH

Vandaag een blog over de plek die ik het meeste haat in Parijs, maar waarnaar ik steeds weer terugkeer, omdat je, als fotograaf, je er zo heerlijk kunt uitleven. Achter de Sacré-Cœur vindt u la Place du Tertre. Natuurlijk is dit niet de eerste keer dat ik een blog wijdt aan de 130 meter hoge bergtop Mons Martis. In de volksmond Mons Martyrum later verbasterd tot Montmartre of la Butte Montmartre. Maar een vraag van een van mijn lezers bleef maar spoken in mijn hoofd: Hoe lang is Place du Tertre al het kunstenaarspleintje van Parijs en mag je als kunstschilder daar zo maar gaan staan?

Onbekend is het wanneer Place du Tertre het kunstenaarspleintje werd. De eerst foto's dateren uit de vijftiger jaren.

Montmartre is net als Passy, Belleville en la Butte aux Cailles een van de meest karakteristieke wijken van Parijs en zal nooit helemaal van Parijs worden. En dat heeft sterk te maken met het verleden. De eerste burgemeester van het zelfstandige Montmartre was Jacques-Félix Desportes zoon van een rijke Franse koopman. Hij werd gekozen tot burgemeester van Montmartre op 22 mei 1790 en zetelde in het dorpsraadhuis op de eerste verdieping van de oude pastorie op Place du Tertre nr. 3. Het dorp telde toen slechts 400 inwoners. Montmartre was een klein zelfstandig dorp in het departement van de Seine en werd 1 januari 1860 geannexeerd door het grote Parijs. Het grootste deel van het grondgebied is sinds die tijd het 18e arrondissement van de hoofdstad, maar is gelukkig gespaard gebleven van de ingrijpende bouwkundige ingrepen van Haussmann.

Place du Tertre rond 1910

De eerste kunstenaars arriveerden op de Butte tegen het eind van de negentiende eeuw. Voordien was la Nouvelle Athènes, het gebied tussen place Pigalle Trinité en de Notre-Dame-de-Lorette, de gouden kunstenaarsdriehoek. Maar les bohèmes van die tijd zochten het steeds meer hogerop. De Butte bood toen nog een vriendelijk dorpsleven. Door de eenvoudige maar gunstige leefomstandigheden en het vrije klimaat op de heuvel, waar in het schimmige café- en cabaretcircuit eenvoudig modellen konden worden benaderd, werd Montmartre tot aan de Eerste Wereldoorlog, het land van belofte voor schilders, beeldhouwers en dichters. In Le Lapin Agile werden literaire en kunstzinnige discussies gevoerd. De liedjes van Aristide Bruant werden uit volle borst meegezongen. Oorspronkelijk huisvestte het pand het Cabaret des Assassins maar, nadat humorist André Gill een uit de pan springend konijn op het pand had geschilderd, werd de plek al snel bekend als het Lapin à Gill, later verbasterd tot le Lapin Agile (het lenige konijn).

Place du Tertre 1953

In de schildersateliers van het Bateau-Lavoir aan de place Emile-Goudeau vestigde zich 'la bande à Picasso' - waar Guillaume Apollinaire, Max Jacob, Juan Gris, Georges Braque en de Nederlander Kees van Dongen onderdeel van uit maakte. Picasso schilderde er in 1907 zijn beroemdste schilderij, dat het begin van het kubisme zou betekenen: Les Demoiselles d'Avignon.
Er vestigden zich nog veel meer schilders op Montmartre. Bonnard, eerst in de cité des Fusains en later op de rue Tourlaque 22. Cézanne in de cité des Arts en later de rue Hégésippe-Moreau. Toulouse Lautrec in de rue Caulaincourt en de rue Fontaine. Van Gogh woonde er twee jaar, aan de rue Lepic 54 en veranderde radicaal van stijl. Hier schilderde hij 'le Moulin de la Galette' gelegen in dezelfde straat. Veel artiesten leefden een tijdje aan de rue Cortot 12, nu het Musée Montmartre. Dufy, Toulouse-Lautrec en Renoir. Renoir schildert er in 1876 'le Bal du Moulin de la Galette'. Maar het adres is vooral bekend om het 'helse trio''; Suzanne Valadon, haar minnaar André Utter en haar zoon Maurice Utrillo.
Maurice Utrillo (1883-1955) en Henri de Toulouse-Lautrec (1864-1901 waren de belangrijkste chroniqueurs van Parijs. Utrillo voor wat betreft het straatbeeld en Toulouse-Lautrec richtte zijn schilderijen, mede door zijn dwerggroei en verslaving aan absint, op de verschoppelingen van de maatschappij, zoals prostituees en andere randfiguren. Het was de glorietijd van de decadentie, vormgegeven in de Moulin-Rouge die in 1889, onderaan la Butte, zijn deuren opende en volle zalen trok vanwege de schaars geklede danseressen en courtisanes. Yvette Guilbert, la Goulue, zijn muze Jane Avril, ze werden allemaal vereeuwigd door Toulouse-Lautrec, de decadente aristocraat, die er genoegen in schepte de vunzigheid, politieke wanorde, hypocrisie en de eenzaamheid van zijn tijd uit te beelden in hun intiemste momenten. De kapotte mens, die zelf deel uitmaakte van de zwarte nachten van Parijs. Place du Tertre werd in die tijd een centrum van de kunst. Dat mooie pleintje, omzoomd door oude gebouwen en restaurants, ziet er nog steeds uit als een toneeldecor uit de tweede akte van La Bohème. (bronnen: The Companion Guide to Paris 1985 - Guides-Joanne Paris 1887 - Guide Baedeker Paris 1911)

298 kunstenaars verdelen om en om een vierkante meter

Wanneer u 's morgens om een uur of acht langs de steile grijze straatjes van Montmartre slentert, heerst er nog een dorpse sfeer. De huisjes lijken nog te slapen en hier en daar staan wat Montmartreanen, als rasechte dorpelingen, over alles en nog wat te kletsen.
Zo 's morgensvroeg kun je nog wel een indruk krijgen van hoe de sfeer lang geleden moet zijn geweest. De nummers 1, 3 en 9 zijn de mooiste huizen, die nog stammen uit de 18e eeuw. Op nummer 5 was ooit het eerste dorpsraadhuisje van Montmartre gevestigd, het dateert uit 1790. Op nummer 21 is de zetel van de in 1920, door Jules Dépaquit, opgerichte Commune Libre, die op La Butte een traditie van creativiteit en het Bureau voor Toerisme in stand houdt.

Place du Tertre telt slechts 78 geaccrediteerde portrettekenaars

Van alle schilders die in Montmartre hebben gewerkt is Maurice Utrillo de enige die er ook daadwerkelijk is geboren. Tijdens zijn studentenjaren raakte Utrillo verslaafd aan de absint en overnachtte derhalve regelmatig op het politiebureau, waar men hem in ruil voor enkele schilderijen of tekeningen weer liet gaan. Overigens, de meeste kunstenaars betaalden hun schulden in de kroegen met eigen werken. Een anekdote doet nog steeds de ronde over de bazin van de kroeg 'La Belle Gabriëlle' in de rue Saint Vincent, die Utrillo verplichtte om alle landschappen die hij op de toiletmuren had geschilderd - hij was namelijk verliefd op de bazin - weer uit te vegen. Later kon ze wel al haar haren uit de kop trekken.

Maar helaas het Montmartre van de vorige eeuw bestaat niet meer. Na de Eerste Wereldoorlog verhuisden de artiesten naar Montparnasse. Het is nu het domein van souvenirwinkeltjes, slechte restaurants, snelle portrettekenaars en drommen toeristen. De schilders die nu zo ijverig en bohémien hun best staan te doen zijn vooral erg commercieel ingesteld.

Tussen kunst en kitsch, aan u het oordeel

Overigens, denk niet als kunstschilder, artiest, hoe goed of hoe slecht je ook bent, dat je zomaar een plaats kunt innemen tussen alle 'kunstenaars' op place du Tertre. Dit plein is uitsluitend en alleen toegankelijk voor 'gediplomeerde' kunstschilders.
Allereerst zijn er maar 298 plaatsen te verdelen. Ten tweede wordt je vooraf geselecteerd door een vakkundige jury, een soort ballotagecommissie. Dit, nadat je een officieel aanvraagformulier hebt ingediend bij het DDEEES – 'Bureau des Kiosques et Attractions' van de stad Parijs. Bijgesloten: Je curriculum vitae, met diploma's van de opleidingen en of kunstacademie waar je bent afgestudeerd, een lijst van eventuele exposities en foto's van je werk. Vervolgens worden de originelen beoordeeld door een commissie van de Epsaa: 'l'École Professionnelle Supérieure d'Arts Graphiques et d'Architecture'. Hier krijg je als artiest ook de kans om een uiteenzetting te geven over je werk. Er wordt gekeken naar techniek, compositie en ruimtelijk inzicht en bij portrettekenaars naar de gelijkenis, expressie en emotie.

Mona Lisa anno 2015

Een afvalrace volgt, want er zijn elk jaar meer aanvragen dan dat er plaatsen beschikbaar zijn. Hierna volgt een proeve van bekwaamheid; de verkozenen krijgen 15 dagen een plaats op Place du Tertre om zich te bewijzen. Na deze laatste test worden slechts zes artiesten toegelaten om te komen werken op het plein. De namen worden dan officieel kenbaar gemaakt op de website van het stadhuis, van het 18e arrondissement. Totaal zijn er tweemaal 149 plaatsen te verdelen ter grootte van slechts een vierkante meter. Die deel je dus met een andere kunstenaar. Elke kunstenaar wordt ingedeeld in een categorie en beschikt na betaling van € 288, 59 (standgeld per jaar) over een genummerde plaats. Nadat je bent ingedeeld in een categorie kun je niet meer wisselen van categorie, alles is streng gereglementeerd. 78 schilders, met gebruik van alle schildertechnieken (olie, acryl, aquarel). 59 portrettekenaars (potlood, houtskool, pastel). 7 cartoonisten (humoristische portretten) en 5 silhouet kunstenaars (het knippen van profielen met een schaar).

De winnaars voor seizoen 2014 en 2015 in de categorie kunstschilders zijn:
1- Mme Angélique James
2- M. Denis Huynh

Portrettekenaars:
1- M. Petru Bet
2- M. Qian Chen
3- M. Michel Dubois
4- M. Thibault Boursier

Heerlijk........Place du Tertre 's avonds laat

Maar goed, als ik weer door die kleine straatjes loop - bij voorkeur 's morgensvroeg of 's avonds heel laat - wordt ik altijd weer getroffen door de charme van deze wijk, met zijn romantische trappen, pleintjes, tuinen en gevarieerde architectuur. Ik waan mij even in het negentiende eeuwse Parijs. In mijn hoofd speelt de wonderschone melodie van Charles Aznavour; 'La Bohème' uit 1966. "In de naburige cafés waren wij met een aantal die roem verwachtte. En al waren we arm, met lege magen bleven wij erin geloven. En wanneer een bistro, in ruil voor een goede warme maaltijd een schilderij van ons afnam, dan droegen wij verzen voor, geschaard rond de kachel en vergaten de winter. La bohème, la bohème. Dat wilde zeggen: wij zijn twintig, en wij leven van de wind".



Special thanks to: Gail Boisclair of 'Perfectly Paris'. Hèt adres voor het huren van top appartementen in Montmartre en Paris d' Antan.

2 opmerkingen:

  1. Reactie van Boudewijn Bolderheij op Nederlanders.Fr

    Tussen geloof en commercie.
    Ik ben Rooms Katholiek opgevoed en heb, dus, een redelijk kinderlijk geloof.
    Voorzover er nog iets van over is natuurlijk.
    Er zijn een klein aantal bijbelse verhalen bij mij " geland ".
    Eén daarvan is het verhaal van Jezus die kooplieden een tempel uit werkte.
    Zij hadden die tempel tot één grote markthal omgebouwd.

    Deels aan de leidraad van Ferry's verhalen,
    deels zwervend gebaseerd op toeval heb ik met mijn oudste kleinzoon Parijs bezocht.
    Die kleinzonen van mij wil ik in ieder geval de basis van geloven uitleggen.
    Wij kwamen in de Sacré-Cœur terecht.

    Omdat ik, t.o.v. Fransen, nogal lang ben overzag ik het geheel bijna in één oogopslag.
    Verplichte looprichting, minstens 20 "handig" (je liep er tegenaan) opgestelde " herinnerings-munt-automaten ", meer dan vijftig eilanden met " godslampjes "
    en nog wat kleiner commercieel gedoe.
    Tegen de stroom in de markthal zo snel mogelijk verlaten werd niet toegestaan. Briesend verliet ik na mijn verplichte rondje het godshuis.

    Tja, Ferry, het heeft weinig met jouw kunstenaars te maken
    en dus zit het behoorlijk naast het draadje,
    maar het was fijn om mij even te luchten.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Beste heer Ferry,
    Ik ben geboeid door uw artikelen over Parijs.
    Waarschijnlijk delen we de liefde voor deze stad.
    Dat begon voor ons al 52 jaar geleden!!
    Onze huwelijksreis brachten wij door in de stad der liefde.
    Daarna keerden wij er (on)regelmatig terug.
    In 2004 besloten we, na de verkoop van mijn reclamebureau een appartementje te kopen in deze stad.
    Sindsdien reizen we regelmatig heen en weer Groningen-Parijs vice-verca.
    Soms met de auto maar ook vaak met de Thalys.
    Verleden jaar verbleven we er maar liefst 8 maanden.
    Vrienden, familie die ons bezoeken tracteren we steevast op allerlei bijzondere plekjes.
    Zelf wonen we in het 12e en genieten bijvoorbeeld van prachtige wandelingen over de Plantée en schromen niet om door te lopen naar het Bois de Vincennes.
    Het bijzondere van het 12e is dat het nog redelijk authentiek is, vele kleine winkeltjes, en een prachtige markt de Marché d'Alligre waar we regelmatig m.u.v. de maandag onze boodschappen doen.
    Al met al hopen wij nog lang te genieten van Parijs en blijven uw artikelen met belangstelling volgen.

    Wij wensen uw heel veel Sukses.

    Met vriendelijke groet,
    a Bientôt

    Wim en Mildred Pieterman

    BeantwoordenVerwijderen