Paris FvdV is een niet commercieel weblog speciaal voor kenners en liefhebbers van de stad Parijs - en voor hen die dat willen worden. Parijs is een stad met een gewichtig verleden, respectabel en gerespecteerd. Het is totaal niet nostalgisch. Parijs is er in geslaagd om, soms op brutale maar altijd op elegante wijze, om te gaan met zijn grootse monumenten. Ze te beschermen en te integreren in de nieuwe dynamiek van de stad. Parijs is een meester op het gebied van herstel en transformatie. U zult er nooit in slagen een volledig overzicht te maken van plekken en verhalen, die allemaal op hetzelfde punt uitkomen en de glorie van deze stad bezingen. toch wil ik een poging wagen. Wekelijks wil ik u niet alleen informeren over wat Parijs nog meer te bieden heeft, maar ook wil ik mijn liefde voor deze stad op u over dragen. In de hoop dat het raakt aan iets wat u herkent of voelt. Ferry van der Vliet.

Privacy verklaring: Indien u weblog Paris FvdV, dat bij Google-Blogger is ondergebracht, leest en reageert op de blogs van Paris FvdV, doet u dat vrijwillig en is uw IP-adres en mailadres - indien u dat vermeld - bekend en wordt opgeslagen. Ook uw schuilnaam waaronder uw reageert wordt opgeslagen. Paris FvdV zal uw gegevens nooit aan derden doorgeven. We houden uw gegevens privé, tenzij de wet of rechtelijke macht ons dwingt uw gegevens aan hen te verstrekken. Datalekken in het systeem vallen onder de verantwoordelijkheid van Google-Blogger. Door weblog Paris FvdV te bezoeken en/of de op of via deze weblog aangeboden informatie te gebruiken, verklaart u zich akkoord met de toepasselijkheid van deze disclaimer. Google gebruikt cookies om services te leveren en verkeer te analyseren dus uw IP-adres en user-agent zijn bij Google bekend, samen met prestatie- en beveiligingsstatistieken om servicekwaliteit te garanderen, gebruiksstatistieken te genereren, misbruik te detecteren en maatregelen te treffen.

dinsdag 1 mei 2012

LES DOCKS: CITÉ DE LA MODE ET DU DESIGN

Wie op zoek is naar vernieuwing vindt die zonder moeite in het 13e arrondissement. Een wijk in beweging of zoals de Fransen zeggen: "Un quartier qui bouge". We begeven ons naar het stadsdeel achter de Gare Austerlitz op de zuidoever van de Seine. Sinds 1996, de opening van de Bibliothèque National François Mitterand, verschijnen hier gewaagde woonblokken, trendy cafés en restaurants, winkels en meer architectonische blikvangers, waaronder de Passerelle Simone de Beauvoir, la Piscine Josephine Baker; een drijvend zwembad in de Seine en sinds kort het nieuwe Cité de la Mode et du Design. Een creatief centrum dat ook het befaamde Institut Français de la Mode (IFM) huisvest. In 1986 opgericht door het Franse Ministerie van Industrie voor de ontwikkeling en de bescherming van de Franse mode- en designindustrie. Het gebouw is ontworpen door JAKOB+MACFARLANE; de Franse architect Dominique Jakob en de Nieuwzeelander Brendan Macfarlane en heeft nu al de bijnaam de "groene gifslang". Het is gebouwd rondom het karkas van de oude entrepots van het treinstation Austerlitz uit 1907 (les Magasins Généreaux d'Austerlitz). Kosten grofweg zo'n 44 miljoen euro. 4 Etages met een totaal oppervlakte van 14400 m2.

Cité de la Mode et du Design ontworpen door JAKOB+MACFARLANE

Aan de zijde van de Seine is een futuristische constructie bevestigd van groen getinte glasplaten die als een gifslang langs het gebouw kronkelt. Door de weerspiegeling van het groene glas kleurt de Seine smaragdgroen. De gedeeltelijke opening vond plaats in het voorjaar van 2011. Nu een jaar later (13 april 2012) is het eindelijk voor het publiek geopend. Een derde van het gebouw is in gebruik als expositieruimte, inclusief studio’s voor muziekproducties, cafés, restaurants, mode- en designwinkels.

Les Docks aan de Seine

Op de begane grond vindt u diverse mode- en designwinkels en twee restaurants. Le Café Praliné van de jonge ambitieuze Française Angela Ferreux. Hier kunt u terecht voor een overheerlijke lunch met pizza's, sandwiches of verse salades maar ook voor een overheerlijke High Tea. Restaurant Wanderlust (opening eind mei); een lang gekoesterde wens van drie vrienden (Fouad Ezzitouni, Olivier Grandclaude en Ahmed Chaoui). Een moderne bistro met een terras van 400 m2 dat uitzicht biedt over de Seine. Zowel overdag als 's nachts geopend. Het Institut Français de la Mode (IFM) is verdeeld over drie etages.
 
Op de tweede etage een museum annex expositieruimte, het Musée Galliera. Speciaal voor de opening is er een expositie gewijd aan het werk van Cristobal Balenciaga. Op de bovenste etage wordt een park aangelegd met een fantastisch uitzicht over de Seine en het Parc de Bercy. Verder een nachtclub, restaurant, lounge bar "Moon Roof" genaamd. Inmiddels de tweede nachtclub van "Le Baron" Lionel Bensemoun.
 
De winkels en het Café Praliné zijn geopend van maandag tot en met zondag van 12.00 uur tot en met 20.00 uur.
Het Musée Galliera is geopend van dinsdag tot en met zondag van 10.00 uur tot en met 18.00 uur. Entree € 6,00
Les Docks, Cité de la Mode et du Design, 34 quai d’Austerlitz, 13e arrondissement, métro Austerlitz.

donderdag 26 april 2012

PARIJS; CITYSCAPE & STREETLIFE

Elk jaar organiseert het Advance Centrum voor Fotografie te Veldhoven een speciale fotoreis naar Parijs. Deze clinic is onderdeel van de fotografielessen voor gevorderden en heeft als thema Cityscape & Streetlife. Afgelopen weekend was het weer zover en vertrokken 15 deelnemers naar Parijs voor een uitgebreid programma. Uw trouwe blogger had wederom een prachtig programma samengesteld op verzoek van Ad van den Beemt, eigenaar van het Advance Centrum voor Fotografie, tevens fotojournalist, filmmaker en docent.  Er was een goede mix tussen het oude -, het nieuwe - en het romantische Parijs.

Fotografie: Ron Leezer

Onze fototocht begon bij het mooie Canal Saint Martin dat eens als decor diende voor films als Amelie en Hôtel du Nord. Vervolgens vertrokken wij naar Beaubourg, met een bezoek aan het avant-gardistische Centre Georges Pompidou en Place Igor Stravinsky, met de veelkleurige fontein van Niki de Saint Phalle en Jean Tinguely. Het is dan nog maar enkele meters lopen naar dat deel waar Parijs is ontstaan; Ile de la Cité. Hier werd natuurlijk lang gefotografeerd in de Notre Dame maar ook bij het indrukwekkende Mémorial de la Déportation. Dit monument herdenkt de 200.000 Fransen die de Nazi-kampen niet hebben overleefd. Gegeten werd er in de prachtige Brasserie Chartier. Een juweeltje uit de Belle Époque en sinds de opening in 1895 vrijwel onveranderd. Het nachtleven werd op de gevoelige plaat vastgelegd in de Marais en het altijd bruisende Quartier Bastille.


Vermoeid terug naar het hotel in het moderne La Défense waar na een korte nachtrust ook de start was van de architectuurwandeling over de Esplanade de la Défense. Natuurlijk mocht een bezoek aan het nationale symbool van Parijs niet ontbreken: de Eiffeltoren. Dit werd gecombineerd met een lunch in het Palais de Chaillot en een heerlijke wandeling over de Champs de Mars richting het Hôtel des Invalides waar Napoleon is begraven. Twee mooie dagen met een fantastisch team van fotografen. Laat in de middag stonden de auto's weer klaar voor vertrek richting Veldhoven met in de bagage honderden prachtige foto's die op maandag 7 mei 2012 worden geëvalueerd en beoordeeld. 

Wilt u meer weten over de bijzondere clinics, workshops en cursussen van het Advance Centrum voor Fotografie? Kijk eens op de website - klik hier.

vrijdag 20 april 2012

PARIJSE PASSAGES (1)

Parijs is altijd toonaangevend geweest op 't gebied van chique winkelen. Het is dan ook geen verrassing, dat overdekte winkelstraten hun oorsprong vinden in Parijs. Om zijn schulden te betalen besluit Louis Phillippe d’Orleans in de tuin van het Palais Royal houten galerijen te laten optrekken met winkeltjes, die hij verhuurt aan de plaatselijke nering. Et voila, de eerste passage was geboren. We schrijven het jaar 1785.  Rond de eeuwwisseling van de 18de  naar de 19de  eeuw volgden vele Parijse speculanten het voorbeeld van de hertog. In die tijd waren er nog geen riolen en trottoirs, alleen straten vol met stof en vuil, waar koetsen, getrokken door paarden, zorgden voor opspattende modder op regenachtige dagen. De komst van de industriële revolutie, met de uitvinding van gietijzer en glas als bouwmaterialen, gaf het woord flaneren een diepere betekenis. Er ontstaan verkeersvrije overdekte galerijen met hoge glazen daken met sierlijke gietijzeren constructies, die een overdekte passage vormen van de ene straat naar de andere.  Winkelparadijzen, centra van cultuur en vermaak voor het 19de - eeuwse winkelpubliek. Parijzenaars die de laatste nieuwtjes willen ontdekken, zijn beschermd tegen de elementen. Parijs telde in de 19de eeuw meer dan honderd van deze kleine werelden. Tegenwoordig zijn er nog zeventien over. Hier proeft u nog de sfeer van kunst, cultuur en commercie uit lang vervlogen dagen. Veel zijn fraai gerestaureerd, anderen zijn helaas bouwvallig, maar wonderlijke winkels vindt u er altijd. Alle passages in Parijs zijn inmiddels benoemd tot cultureel erfgoed; ISMH, wat staat voor Inventaire Supplémentaire des Monuments Historiques. Ideaal voor een van de zeldzame regenachtige dagen in Parijs.

Cultureel erfgoed
U bent in Parijs om te wandelen dus wij begeven ons naar het eerste arrondissement, naar misschien wel de mooiste passage met houten en koperen winkelfaçades, Korintische zuilen, beschilderde gewelven en een zwart-wit betegelde vloer. De raampjes van de tussenverdiepingen met houten luiken en gepatineerd goud. Gebouwd in 1826 in opdracht van twee slagers uit de Hallen; Benoît Véro en Francois Dodat. Zij verleenden ook hun naam aan de Galerie Véro-Dodat (80 m). Tussen de rue Jean-Jacques Rousseau nr. 19 en de rue Bouloi nr.2, vlakbij het Grand Louvre en Palais Royal. Vol met winkels met traditie. De boekhandel Le Troisième Faust, de twee meest gerenommeerde antiquairs van Parijs; Pierre Passebon en Éric Philippe. Verder zeer prestigieuze internationale modezaken waaronder de schoenontwerper Christian Louboutin.
 Galerie Vivienne
We vervolgen onze wandeling in het tweede arrondissement bij Galerie Vivienne (176 m), rue des Petits-Champs nr. 4. Ongetwijfeld de meest stijlvolle passage, met een prachtige mozaïekvloer en een glas-in-lood plafond en bijpassende chique winkels. De passage is met zorg gerestaureerd. Hier vindt u de beste wijnzaak van Parijs; wijnhandel Legrand Filles et Fils. Christian Astugueveille; ontwerper van meubelen. Liefhebbers van boeken vinden hun weg bij Librairie Siroux. Verder vindt u er speelgoed, mode van onder andere Jean-Paul Gaultier, kunst, prentbriefkaarten en een fraaie theesalon À Priori Thé. Op nummer 6 de Galerie Colbert (84m). Nu een bijgebouw van de Bibliothèque Nationale. Voorzien van een grootse rotonde, een fraaie reeks lampen met de bekende melkglazen bollen, die jammer genoeg zorgen voor een te helle en kille verlichting. De smetteloze ambiance van Brasserie du Grand Colbert slaagt er niet in om een beetje warmte te creëren in deze passage. Er worden regelmatig exposities gehouden van oude mode, boeken en antiek. Heeft u tijd, breng dan beslist een bezoek aan de Bibliothèque Nationale, het Franse heiligdom voor boekenliefhebbers. De ingang is aan de rue de Richelieu.
Galerie Colbert
Even verder in de rue des Petits-Champs, begint bij nummer 42, de Passage Choiseul (190 m) die een verbinding vormt met de rue Saint-Augustin. Een wat sombere ingedutte passage waar voornamelijk winkels met goedkope kleding zijn gevestigd, die u van mij ook mag overslaan. Keer terug naar de rue Vivienne. We lopen omhoog richting het Palais de la Bourse (de vroegere aandelenbeurs) tot de rue Saint-Marc. Op nummer 10 begint de Passage des Panoramas (133 m), beroemd door de geschilderde panorama’s van Rome, Londen en andere wereldsteden, die ooit de ingang versierden, gemaakt door de Amerikaan Robert Fulton. In 1817 werden hier de eerste gaslantaarns van de stad geplaatst. Deze passage heeft zijn levendige oorsprong nog niet verloren en is nog altijd de levendigste van allemaal. Een rustpunt vindt u bij de theesalon l’Arbre à Canelle met een ongewijzigd interieur van de vroegere eigenaar; de chocolatier Marquis.
Passage des Panoramas
Als u bij de uitgang de boulevard Montmartre oversteekt vindt u bij nummer 12 de Passage Jouffroy (140 m). Een drukke passage met de meest originele winkeltjes, die de nieuwsgierige bezoeker trakteren op allerlei verrassingen. Miniaturen, affiches, handgemaakt speelgoed en prachtige wandelstokken van de Frères Ségas. Middenin, de uitgang van het wassenbeeldenmuseum Musée Grévin. De hoofdingang zit aan de boulevard Montmartre nr. 10.  Zeer de moeite waard, al was het alleen al voor het “Palais de Mirages”. Dit betoverende spiegelpaleis  met zijn “Son et Lumière” (geluid– en lichtshow), stond in 1900 al opgesteld op de wereldtentoonstelling in Parijs en is toen aangekocht door het museum. Tip: mocht u hier zijn rond lunchtijd, om de hoek op rue du Faubourg-Montmartre nr. 7 zit Bouillon Chartier. Een schitterende eetzaal uit de Belle Époque. Geniet te midden van gezellig geroezemoes van een eenvoudige maaltijd.
Passage Verdeau
We vervolgen onze ontdekkingsreis via de uitgang op de rue de la Grange Batelière. Aan de overkant begint de Passage Verdeau (75 m) op nr. 6, een ware trekpleister voor eenieder die iets verzamelt. Deze passage met zijn hoge dakramen en spitsboogvorm heeft zijn oude waardigheid weten te behouden. Kleine gespecialiseerde winkeltjes vol met rariteiten zoals l’Anciene France; zeldzame boeken en prentbriefkaarten. Roland Buret voor bijzondere postzegels en bij Latou, oude fototoestellen. Parallel aan de gehele passage loopt een geheim privé straatje; courette in het Frans. Met een beetje geluk is de ingang op nr. 13 bis  geopend.
We blijven in de buurt en begeven ons op loopafstand naar de rue Richelieu nr. 95; de Passage des Princes (80 m). gebouwd in 1860. U gaat hier voor de schoonheid, niet voor de winkels. In 1994 nog geheel gerestaureerd door de huidige eigenaar de Compagnie d’Assurance générales sur la Vie (AGF).
Vervolg: Parijse passages, deel 2.

PARIJSE PASSAGES (2)

Vergelijkbaar met deze schoonheid is de Passage du Grand Cerf (117 m), tussen de rue Saint-Denis 145 en de rue Dussoubs 10 aan de oostkant van het tweede arrondissement. Er is tien jaar aan gebouwd (1825 – 1835) en gerestaureerd in 1990. Loopbruggen tussen de gevels van de tweede verdieping onder een duizelingwekkend hoog glazen plafond (11,8 m).  Een van de hoogste passages van de Franse hoofdstad met mooie winkels van trendy ontwerpers en designers. Boven op het dak op “de derde verdieping”, prachtige stadsappartementen die men “la dalle” heeft genoemd (de glasplaat). Op de rue Saint Denis 120 de ingang naar de passage du Bourg l’Abbé (47 m).  Niet echt de moeite waard. Een glazen dak met ronde boog, een oude barometer en klok die het lang geleden al liet afweten. Oude winkelfronten die het beeld oproepen uit het begin van de twintigste eeuw.

Passage du Grand Cerf
We begeven ons in noordelijke richting naar de passage du Caïre (360 m) Op de place de Caire omzoomd door Egyptisch ogende gebouwen, die uitbundig zijn versierd met hiërogliefen. Hier ligt de ingang naar de passage du Caire, gebouwd in 1798 en fraai versierd met drie koppen van de godin Hathor. Hier begint de wijk Sentier, het koninkrijk van de prêt-à-porter ofwel het rijk van de confectiekleding. Een van de oudste en langste passages van Parijs, gevuld met een opeenvolging van concurrerende stoffengroothandels. Als particulier kun je hier niets kopen, maar de omgeving is leuk voor wie graag wil weten welke modetrends er aankomen. De passage is gebouwd met de gebrekkige techniek van tweehonderd jaar geleden. De gemiddelde straatbreedte is niet meer dan drie meter en dat heeft weer te maken met de ijzeren, vaak zeer inventieve dakconstructies. Er is ook een in- uitgang aan de rue Saint Denis nr. 239. In de buurt liggen nog wat mindere interessante passages, smal, geheimzinnig en duister; passage du Ponceau op nr. 212, passage Lemoine, boulevard Sébastopol 135 en passage Sainte-Foy op nr. 261. Deze wijk is ’s avonds nog steeds het rijk van de Parijse tippelaarsters, vriendelijke dames die graag enkele ervaringen met je willen delen.... ook dat is Parijs, het Parijs van Irma la Douce.
Passage du Caïre
We pakken de metro van Strassbourg Saint Denis naar Madeleine (lijn 8 direction Balard) Daar bezoeken we de village Royal (Cité Berryer), de galerie de la Madeleine (53 m). Aangelegd in 1845. Verbindt de place de la Madeleine met de rue Boissy d’Anglas en, recentelijk gerestaureerd, de Galerie Royale, tussen de rue Royale 9 en rue Boissy d´Anglas. Boetieks, restaurants en cafés voor de hogere inkomens. 
Nu we er toch zijn, place de la Madeleine (8e) is een paradijs voor fijnproevers.  Boutique Maille op nr. 6; dè zaak voor Franse mosterd, meer dan 30 soorten, azijn en vinaigrettes. Het drie-sterren Michelin restaurant van Lucas Carton op nr. 9, Kaviaar bij Caviar Kaspia op nr. 17 en de beste truffels van Parijs bij Maison de la Truffe op nr. 19.  Op nr. 17 restaurant et bar à vin, l´Ecluse, een gezellige wijnbar met een mooie binnenplaats. Een ideale plek om te lunchen. Tempels van de fijne keuken en het mekka voor lekkerbekken, de traitteurs Hédiard op nr. 21 en Fauchon op nr. 26. Tip; beide zaken hebben ook een restaurant.  Gek op chocolade, dan ga je naar La Marquise de Sévigné op nr. 31en voor kaas naar de gerenommeerde kaaswinkel van Crepet Brussol. Vlak in de buurt op de boulevard de la Madeleine nr. 3, de grootste wijnzaak van Europa, Lavinia. Schrik niet, hier liggen meer dan zesduizend wijnen op voorraad. Bij hevige aandrang na een copieuze maaltijd verwijs ik u nederig naar de mooiste openbare toiletten van Parijs. Ze dateren uit 1905 en zijn geheel gebouwd in de stijl van art nouveau. Deuren van mahonihout met koperen klinken en gebrand-schilderde raampjes. Het keramiek in de oorspronkelijke staat.
La Madeleine, Place de la Concorde
De ingang bevindt zich rechts van de kerk la Madeleine. Indrukwekkend van buiten dankzij zijn kolossale uiterlijk en de 20 meter hoge Corintische zuilen. Donker en weinig imponerend van binnen. In 1842 werd deze kerk ingezegend en  is nu vooral beroemd omdat het een van de beste orgels van de stad bezit. Drie jaar later bouwde men de galerie de la Madeleine.
Ironisch gezien staan we hier aan het begin van de Grands Boulevards, aangelegd door Baron Haussmann in opdracht van Napoleon III. Tussen 1852 en 1870 vinden onder zijn regie gigantische stadvernieuwingen plaats die Parijs moeten bevrijden van haar middeleeuwse karakter. Meer dan 25.000 arbeiderswoningen moeten plaats maken voor nieuwe boulevards en straten met trottoirs, gaslantaarns en riolering over een lengte van 250 km. Aan weerszijden voorzien van de typische natuurstenen Parijse Haussmann-gebouwen, gekenmerkt door hun samenhang en architectonische eenheid. Met maximaal vijf verdiepingen en een balkon op de eerste en vierde verdieping.   “De grote lanen” zijn er om te kuieren, slenteren, wandelen of zoals de Fransen zeggen om te flaneren. Flaneren in de buitenlucht is nu de mode. De opkomst van de grands magasins, grote warenhuizen als le Bon Marché (1852) en Printemps (1865) vormen uiteindelijk de nekslag voor de overdekte en inmiddels verwaarloosde winkelpassages.

maandag 16 april 2012

BASTILLE

De wijk Bastille ligt op het kruispunt van drie arrondissementen; het 4e, het 11e en het 12e. Deze wijk wordt ook wel het hippe oosten genoemd, maar is natuurlijk voor eeuwig verbonden met de bestorming van de gevangenis op 14 juli 1789. 'La Bastille' stond symbool voor de onderdrukking van de Parijse bevolking tijdens de regeerperiode van Lodewijk XVI, maar had als gevangenis nog maar weinig betekenis. Tijdens de bestorming bleken er nog maar zeven gevangenen te zitten. Ook maakte de bestorming weinig los bij de regerend vorst. In zijn dagboek noteerde hij: "14 juli 1789; vandaag niets"!
Altijd even gezellig en druk; het nachtleven op Place de la Bastille.
Nog maar 30 jaar geleden was dit nog een echte arbeiderswijk en krioelde het van de bordelen. Vandaag de dag is Bastille vooral een levendig deel van de stad, geheel gewijd aan een Bourgondische levensstijl met vele terrassen, trendy kroegen, nachtclubs en restaurants. Jonge modeontwerpers, Bohemiens en  andere eigenzinnige kunstenaars hebben zich hier gevestigd en vertonen hun werk in de vele kunstgaleries. Oude passages en industriële binnenplaatsen in de rue Faubourg Saint Antoine en de rue de Charrone herbergen ambachtslui en kleine industriële bedrijven. In de 18e eeuw was dit hèt gebied van de schrijnwerkers. In die tijd was Parijs de hoofdstad van Europa op het gebied van cultuur, smaak en interieurinrichting. Nog steeds wordt hier het ware schrijnwerkersambacht beoefend. In schilderachtige ateliers, in verborgen binnenplaatsjes houden de houtbewerkers van deze tijd de ambachtelijke kennis, die ze van de 18de-eeuwse meesters hebben geërfd, levend. U kunt alle werkplaatsen gewoon, zonder afspraak, bezoeken. 
 Lekker chillen op de trappen van de Opéra Paris Bastille.
De inwoners van de Auvergne brachten zo rond 1920 de dans- en muziekcultuur naar dit deel van de stad. De rue de Lappe en de rue de la Roquette zijn nu de opvolger van het Saint Germain uit de jaren vijftig. Twee schilderachtige straatjes vol met nachtclubs, eigentijdse cafés en exotische restaurants zorgen voor een bruisend nachtleven. De bekendste nachtclub en Must See is Le Balajo. Deze dancing is opgericht in 1936 door ene Jo France en dat verklaard dan ook de naam van deze tent: Bal à Jo. Je kunt hier zelfs tangolessen volgen, maar ook rock en salsa. Het interieur is van dezelfde man die ook de Moulin Rouge heeft ontworpen; Henri Mahé. Een andere Must See is Barrio Latino, onderdeel van de George V Entertainment Group, die ook eigenaar is van de befaamde Budha Bar, in het 8e arrondissement. Deze populaire club met een Zuid-Amerikaans karakter, telt maar liefst 4 verdiepingen. Van restaurant tot cocktailbar, met een prachtig uitzicht op een centrale dansvloer. Iets rustiger, maar nog luxueuzer, is de club, bar en restaurant Le China in de rue Charenton 50.
De Opéra Paris Bastille een ontwerp van de Deense architect Carlos Ott. 
Met het bouwen van de Place de la Bastille werd begonnen in 1803, maar haar huidige vorm kreeg ze pas zestig jaar later. In het midden de bronzen zuil, die herinnert aan de revoluties van 1830 en 1848: De Collonne de Juillet. Boven de balustrade op 47 meter hoogte, zweeft als het ware de in prachtig bladgoud gestoken Génie de la Liberté. Ooit stond op de Place de la Bastille een groot treinstation, dat in de jaren tachtig werd gesloopt om ruimte te maken voor een ambitieus, monumentaal, openbaar gebouw en onderdeel van Mitterands Grands Traveaux. De Opéra Paris Bastille is geopend op 14 juli 1989, 200 jaar na de val van de Bastille. De grote zaal biedt plaats aan 2700 toeschouwers en is voorzien van de modernste snufjes, waaronder vijf beweegbare podia. Links, als u met uw rug naar de Opéra staat, ligt het Bassin de l'Arsenal. Daar bevindt zich de Port Plaisance; een jachthaven midden in Parijs. Het is tevens de monding van het ondergrondse Canal Saint Martin. Dit vijf kilometer lange kanaal, dat in 1825 werd geopend, loopt voor een deel onder de place de la Bastille door. Het bedrijf Caneauxrama heeft twee boten voor 125 passagiers, die varen tussen de Porte de l'Arsenal en het Bassin de la Villette. De duur van deze 'mini-cruise' is 2,5 uur, omdat de boten dankzij een inventief sluizensysteem, een verval moeten overbruggen van ruim 25 meter. (zie ook mijn blogs: Canal Saint Martin en Bassin de la Villette) De opstapplaats bij de port de l'Arsenal vindt u tegenover nummer 50 van de boulevard de la Bastille.
TIP: combineer deze blog met mijn wandeling over de Promenade Plantée. 
LeBalajo, rue de Lappe 9, 11e arrondissement, metro Bastille.
Barrio Latino, rue du faubourg Saint Antoine 46/48, 12e arrondissement, metro Bastille.
Le China, bar-club-restaurant, Rue Charenton 50, 12e arrondissement, metro Ledru Rollin.
Caneauxrama Paris, Quai de la Loire 13, 19e arrondissement,metro Jaures.

zaterdag 14 april 2012

JOM HASJOA

Eens per jaar vindt wereldwijd de Joodse herdenking plaats van de slachtoffers van de Jodenvervolging tijdens de Tweede Wereldoorlog én de herdenking van de opstand van het Getto van Warschau. "Jom Hasjoa" staat voor Holocaust herdenkingsdag en vindt dit jaar  plaats vanaf zonsondergang woensdag 18 april tot zonsondergang donderdag 19 april.  Gedurende 24 uur staat men stil bij de vernietiging van de zes miljoen Europese joden, tijdens de Tweede Wereldoorlog en bij de invloed van de sjoa op het Joodse volk.  Volgens de Joodse kalender valt Jom Hasjoa elk jaar op 27 Nisan.
Cimétière du Père-Lachaise monument Oraniënburg-Sachsenhausen
Zo ook in de Marais, vanouds de Joodse buurt van Parijs. In juli 1942 vond hier de grootste razzia plaats in de Franse geschiedenis. Ruim 13.000 Joden, waaronder 4115 kinderen werden ondergebracht in het stadion Velodrome d’Hiver, beter bekend als Vel d’Hiv. De mannen en vaders gingen rechtstreeks naar Auschwitz, de vrouwen en kinderen werden in veewagens naar een doorgangskamp in de Parijse wijk Drancy gestuurd. Na een paar dagen werden de vrouwen van hun kinderen gescheiden en eveneens gedeporteerd naar Auschwitz. De kinderen bleven achter, sommigen waren nog geen 3 jaar. Als laatste werden ook zij gedeporteerd. De Franse politie ging in ruil voor een grote mate van onafhankelijkheid akkoord om Joden op te pakken en te deporteren. De aanhoudingen in juli 1942, gingen de hele zomer door. In totaal werden in de oorlog zo’n 80.000 Franse Joden gedeporteerd en op 4.000 na vonden zij allen de dood. Ongeveer 70.000 werden naar Auschwitz gestuurd en de overigen werden gedeporteerd naar Majdanek, Sobibor en een klein aantal naar Buchenwald.

Het stadion Vélodrome d’Hiver, wat niet meer bestaat, stond op de hoek van de boulevard de Grenelle en de rue Nélaton in het 15e arrondissement. In 1959 is een deel van het stadion door een brand verwoest en daarna is het afgebroken. Nu staan er een flat en een kantoor van het Ministerie van Binnenlandse Zaken. Niet ver van de plaats van de oude wielerbaan, op de quai de Grenelle staat nu een monument: 'Le monument commémoratif du quai de Grenelle', ter nagedachtenis aan alle slachtoffers van de razzia's op 16 en 17 juli 1942. Het monument werd ingewijd op 17 juli 1994 door de toenmalige Franse president François Mitterand. Ook aan de muur bij het metrostation Bir Hakeim vindt u een herdenkingsplaquette die herinnerd aan de 4115 kinderen, 2916 vrouwen en 1129 mannen die gevangen werden gehouden onder onmenselijke omstandigheden in het Vélodrome d'Hiver. De stad Parijs onderhoudt vandaag de dag, bijna 1300 gedenkplaten. Iets meer dan 1000 gedenkplaten houden verband met de gebeurtenissen van de Tweede Wereldoorlog. Verschillende plaquettes zijn te vinden in de Marais. Onder andere in de rue de Sevigne bij het vroegere Lycée Victor Hugo en de l'École de filles de la rue de Sevigne (foto's)

Sinds 2007 heeft de Marais een stadstuin die vernoemd is naar Anne Frank. De 4000 vierkante meter grote 'Jardin Anne Frank', ligt verscholen achter de rue Beaubourg aan de impasse Berthaud (3e). In het hart van de tuin is een loot geplant van de beroemde oude kastanjeboom waarop Anne uitkeek vanuit het Achterhuis. De tuin werd geopend op 20 juni 2007 door de Parijse burgemeester Bertrand Delanoë. Ernaast, in de rue du Temple, kunt u een bezoek brengen aan het Musée d'Art et d'Histoire du Judaïsme. Een ultramodern museum in een historisch pand waar de bezoeker op ontdekkingstocht gaat en zich kan verdiepen in de Joodse cultuur.
Mémorial de la Shoah: Een stenen muur met daarop 76.000 namen.
Twee vrijwel onbekende indrukwekkende monumenten die u, als het u interesseert, zeker moet gaan zien. Het Mémorial du Martyr Juif Inconnu ook wel het De namen van alle Franse joden die in de Tweede Wereldoorlog naar Duitse vernietigingskampen zijn gedeporteerd. Onder de 76.000 waren ongeveer 11.000 kinderen. In de rue Geoffroy l’Asnier brandt sinds 1956 in een crypte een eeuwige vlam ter herdenking aan de slachtoffers van de Holocaust.
Mémorial du Martyr Juif Inconnu: Een eeuwige vlam ter herdenking aan de slachtoffers van de Holocaust.
Aan de oostzijde van Île de la Cité het Mémorial de la Déportation. Dit ondergrondse monument, gelegen op de plaats van een vroeger lijkenhuis, herdenkt waardig de 200.000 Fransen die de Nazi-kampen niet hebben overleefd. Een indrukwekkende wand met evenveel lichtjes als er slachtoffers waren. "Pardonne, mais n’oublié pas" – vergeef, maar vergeet niet. Diep geroerd kom je weer boven.
Mémorial de la Déportation
Zeer indrukwekkend zijn de monumenten ter nagedachtenis aan de gedeporteerden op het kerkhof; 'Cimétière du Père-Lachaise'. Wie vanaf de westelijke ingang over de avenue Circulaire loopt komt langs verschillende gedenktekens ter nagedachtenis aan de slachtoffers van concentratiekampen waaronder; Oraniënburg-Sachsenhausen, Buchenwald, Auschwitz-Birkenau, Ravensbrűck en Bergen-Belsen. Twee platen vermelden de tekst: "Dat ZIJ hebben geleden en gehoopt, maar dat GIJ zult vechten voor de vrijheid en dat men wel de lichamen heeft kunnen verbranden, maar nooit hun geest".
Cimétière du Père-Lachaise Buchenwaldmonument
Musée d'Art et d'Histoire du Judaïsme, Hôtel de St-Aignan, rue du Temple 71, 3e arrondissement, metro Rambuteau, alle dagen geopend met uitzondering van zaterdag (Sabath) van 11.00 uur tot 18.00 uur (Zondag vanaf 10.00 uur).
Mémorial de la Shoah, rue Geoffroy-l'Asnier 17, 4e arrondissement, metro Saint Paul, Hôtel de Ville, Pont Marie, alle dagen geopend met uitzondering van zaterdag (Sabath) van 10.00 uur tot 18.00 uur (donderdag tot 22.00 uur).
Mémorial de la Déportation, Square de l'Île de France - Île de la Cité, 4e arrondissement, metro Cité, Notre Dame, dagelijks geopend van 10.00 uur tot 12.00 uur en 14.00 uur tot 19.00 uur
Cimétière du Père-Lachaise, rue du Repos 16, 20e arrondissement, metro Père Lachaise, geopend van 8.00 uur tot 17.30 uur.

zondag 8 april 2012

PLACE IGOR STRAVINSKY

Het gezicht van de wijk Beaubourg wordt bepaald door het avant-gardistische Centre Pompidou. De architecten Renzo Piano en Richard Rogers waren als enigen in staat om de doelstelling van de Franse president Georges Pompidou, letterlijk te vertalen. (zie ook mijn blog; "ode aan een president en kunstminnaar") Een cultuurcentrum dat uitnodigt tot een dialoog tussen de mens en de kunst. Een museum dat openheid en flexibiliteit uitstraalt. Sinds de opening in 1977 blijkt het de belangrijkste toeristische attractie te zijn van Parijs en flaneren letterlijk miljoenen mensen per jaar tussen de place Georges Pompidou en de place Igor Stravinsky.

De place Igor Stravinsky met de fontein Niki de Saint Phalle en Jean Tinguely.

Het plein voor het Centre Pompidou wordt verlevendigd door portrettekenaars, muzikanten en straatartiesten. Op de place Igor Stravinsky bevindt zich de grote bron van het kunstenaarsechtpaar Niki de Saint Phalle en Jean Tinguely. De eerste moderne fontein van Parijs, is een ode aan de Russische componist Igor Stravinsky. Een mechanisch waterballet van felgekleurde figuren, (Saint Phalle) en zwarte mobiles, (Tinguely) die voortdurend in beweging zijn. Dit prachtige kunstwerk werd gemaakt in 1982.

Heerlijk genieten en wegdromen bij het ritme van de fonteinen

Dit 's zomers zonovergoten plein wordt omgeven door gezellige terrassen, zitbanken rondom de fontein (let wel goed op de windrichting), de laat middeleeuwse Église Saint Merri en het IRCAM. Het 'Institut de Recherche et Coordination Acoustique Musique', eveneens een initiatief van George Pompidou. Het Ircam biedt musici en componisten de gelegenheid te experimenteren met computer- en digitaleproductiemogelijkheden.

"Shuuuttt!!!" wandschildering van Jeff Aerosol 2011.
   
Prachtig is het contrast tussen de middeleeuwse gargouilles  (waterspuwers) van de Saint Merri, met de in 2011 vervaardigde wandschildering 'Shuuuttt!!!' van de graffiti-kunstenaar Jeff Aerosol. Nog een aardige wetenswaardigheid; in de noordwestelijke toren van de kerk bevindt zich de oudste klok van Parijs, gegoten in 1331.

Place Igor Stravinsky, 4e arrondissement, metro Rambuteau.