Paris FvdV is een niet commercieel weblog speciaal voor kenners en liefhebbers van de stad Parijs - en voor hen die dat willen worden. Parijs is een stad met een gewichtig verleden, respectabel en gerespecteerd. Het is totaal niet nostalgisch. Parijs is er in geslaagd om, soms op brutale maar altijd op elegante wijze, om te gaan met zijn grootse monumenten. Ze te beschermen en te integreren in de nieuwe dynamiek van de stad. Parijs is een meester op het gebied van herstel en transformatie. U zult er nooit in slagen een volledig overzicht te maken van plekken en verhalen, die allemaal op hetzelfde punt uitkomen en de glorie van deze stad bezingen. toch wil ik een poging wagen. Wekelijks wil ik u niet alleen informeren over wat Parijs nog meer te bieden heeft, maar ook wil ik mijn liefde voor deze stad op u over dragen. In de hoop dat het raakt aan iets wat u herkent of voelt. Ferry van der Vliet.

Privacy verklaring: Indien u weblog Paris FvdV, dat bij Google-Blogger is ondergebracht, leest en reageert op de blogs van Paris FvdV, doet u dat vrijwillig en is uw IP-adres en mailadres - indien u dat vermeld - bekend en wordt opgeslagen. Ook uw schuilnaam waaronder uw reageert wordt opgeslagen. Paris FvdV zal uw gegevens nooit aan derden doorgeven. We houden uw gegevens privé, tenzij de wet of rechtelijke macht ons dwingt uw gegevens aan hen te verstrekken. Datalekken in het systeem vallen onder de verantwoordelijkheid van Google-Blogger. Door weblog Paris FvdV te bezoeken en/of de op of via deze weblog aangeboden informatie te gebruiken, verklaart u zich akkoord met de toepasselijkheid van deze disclaimer. Google gebruikt cookies om services te leveren en verkeer te analyseren dus uw IP-adres en user-agent zijn bij Google bekend, samen met prestatie- en beveiligingsstatistieken om servicekwaliteit te garanderen, gebruiksstatistieken te genereren, misbruik te detecteren en maatregelen te treffen.

Posts tonen met het label Uitgaan. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Uitgaan. Alle posts tonen

zondag 22 juli 2018

ZOMERSE HOTSPOTS IN PARIJS


Als ik naar Parijs vertrek dan rijd ik aan om vijf uur in de ochtend. Met een beetje geluk sta ik dan om 09.30 uur voor mijn vaste hotel in het 19e arrondissement. Vervolgens inchecken en dan meteen Parijs in. Meestal is de eerste opmerking naar mijn echtgenote; “Koffietje doen” en strijken we neer op het volkse terras van Le Bellerive aan de quai de la Seine. Parijs is een echte terrassenstad. Niemand kan zo overtuigend op een terras zitten als een Parisien en vooral een Parisienne. De benen over elkaar geslagen, de sigaret koket omhooggestoken of in de mond, een drankje op tafel, de Le monde of de figaro lezend of beschaafd converserend. Nederlanders zitten op een terras met een gezicht van: jongens, wat hebben we het goed. Voor Parijzenaars is het terras een volkomen vanzelfsprekend onderdeel van het elegante stadsleven. Dat heeft weer een prozaïsche achtergrond. Veel Parijzenaars wonen klein, zonder tuin of balkon en vroeger waren veel huizen ook nog eens smerig en slecht verwarmd. Dus zomer of winter, ochtend, middag of avond, de terrassen puilen uit.

Start van de dag, mijn koffietje op het terras van Le Bellerive

Voordat ik in mijn blog aandacht besteed aan de zomer hotspots van 2018 eerst wat wetenswaardigheden over het terraszitten in Parijs. Plof niet zomaar ergens neer, ook al lijkt het of is de plek vrij is. Begroet altijd eerst de ober, en na je vriendelijke bonjour vraag je netjes (of gebaar je) of en waar je kunt gaan zitten.
Ga ook niet op een terras zitten rond lunchtijd (zo tussen 12 en 2) om vervolgens alleen wat te drinken te bestellen. Dat vinden de Parijzenaren, terecht, asociaal. Het terras is dan uitsluitend voor de lunch. Ga binnen zitten als het daar rustig is of bestel gewoon wat lekkers te eten en maak van de nood een deugd.
Veel Parijzenaren roken, ook op het terras. En ook terwijl jij aan het eten bent. Helaas, weinig aan te doen. Vind je het echt vervelend, check dan van tevoren of je ergens aan de rand kunt zitten.

Altijd druk het terras van brasserie Le Vaudeville

Nog een andere belangrijke wetenswaardigheid is, dat de prijslijst van een café altijd drie prijzen kent. Het goedkoopst bent u uit als u gewoon lekker wat drinkt aan de bar of zoals de Fransen zeggen de zinc. Het wordt duurder als u aan een tafeltje gaat zitten en nog duurder als u plaats neemt op het terras. Verder zijn de prijzen natuurlijk sterk afhankelijk van de locatie. Op de Avenue des Champs Elysées betaalt u natuurlijk de hoofdprijs net zoals rond het Louvre, en de Opéra. Wilt u zeker geen negen euro betalen voor een cappuccino, en dat is geen uitzondering, kijk dan even op de prijslijst voor u plaatsneemt. Een straat verderop zit u al gauw op de helft en het is er zeker zo gezellig. 
In Frankrijk zit standaard 15 procent service compris inbegrepen bij het eten. Fooi geven is dus niet verplicht, hoewel het wel netjes is om wat extra muntjes achter te laten, zeker als je blij was met de service.

Parijs is een echte terrassenstad

In Parijs zie je vooral de typische Parijse terrastafels op de terrassen staan. Deze kleine ronde tafels horen misschien wel net zo bij Parijs als de Eiffeltoren. De gemiddelde doorsnede van de ronde tafels ligt rond de 70-80 centimeter. Meestal is het framewerk van gietijzer gemaakt. In de zomer zie je voor het permanente winterterras van een café of brasserie vrijwel altijd nog een rij stoelen staan met daarvoor een rij van de Parijse terrastafels. Deze opstelling zorgt ervoor dat voetgangers amper gehinderd worden en de gasten met hun gezicht naar de straat zitten, waar het dagelijks leven onder het genot van een goed glas wijn gadegeslagen kan worden.


De Franse terrasstoel in Parijs is een onmiskenbaar symbool van deze stad. Het caféterras, zo'n plek waar het echte traditionele Parijs leeft en een prima observatiepunt is voor wie de vaste gebruiken van de Parijzenaar en de Parijse ober wil bestuderen. Maar wat u waarschijnlijk niet weet is dat u plaatsneemt op meer dan 130 jaar historie. Dat de stoel waar op u zit en waar u zo heerlijk aan het genieten bent van het Parijse straatleven een in Parijs geboren voorwerp is. De eerste terrasstoel werd in 1885 met de hand gemaakt in een kleine werkplaats in het 20e arrondissement door een Pools Joodse immigrant Louis Drucker. In de 18e eeuw was Parijs op het gebied van cultuur, smaak en interieurinrichting al dè hoofdstad van Europa. Het was ook de eeuw van de koloniale expansie van Frankrijk wat weer zorgde voor een levendige handel in onbekende exotische producten waaronder rotan en bamboe. In heel Frankrijk waren goede en bedreven timmerlieden en houtbewerkers te vinden, maar het echte ware schrijnwerkersambacht werd eigenlijk alleen in Parijs beoefend. Tot op de dag van vandaag zijn de terrasstoelen van Maison Drucker te vinden op de terrassen van beroemde Parijse café-restaurants waaronder die van Café de la Paix, Le Royal Monceau, Le Mini-Palais, Le Café de l’Alma, La Fontaine de Mars, Le Voltaire en de drie cafe's die het episch centrum vormen van het leven in Saint-Germain-des-Prés; Brasserie Lipp, Les Deux Magots en Le Café de Flore.

Op elk Parijs terras wordt wel gerookt.

Last but not least de Parijs ober. De verhalen over chagrijnige Parijse obers zijn legendarisch. Ik kom al sinds 1968 in Parijs en ik verzeker je: in de lichtstad krijg je de ober die je verdient. Doe moeite, probeer je beste Frans uit en verwar vooral niet trots met arrogantie. Een Parijse ober ís trots op zijn werk – in tegenstelling tot menig Nederlandse ober – en dat straalt hij ook uit. Bovendien is-ie wars van amicaal gedoe: hij zal niet snel aan tafel informeren of ‘alles oké’ is. Hij is efficiënt en let op de taal van de tafel. Een leeg glas wordt bijgeschonken, een leeg bord discreet verwijderd en na de hoofdmaaltijd ontvang je direct de kaart voor het nagerecht. Waarna bij de koffie de rekening volgt. Een Parijse ober verwacht voor zijn werk geen grote fooi, maar in plaats daarvan een 'grand merci'. 'Bonne journée' is zijn antwoord, terwijl hij je tafeltje reinigt met een natte doek en vervolgens met een droge lap afneemt.

De Parijse obers zijn legendarisch

Bovenstaande doet mij denken aan een artikel van Peter Giessen in De Volkskrant met de kop “Parijs heeft ook áárdige obers”
'Ben je in Parijs geweest? Heb je lekker op een terrasje gezeten?' Die vraag werd me altijd gesteld als ik in Parijs was geweest. Ik begreep dat nooit zo goed. Voor mij had Parijs de onaantrekkelijkste terrassen van Europa. Je zat op lelijke rieten stoelen in een glazen serre langs een vierbaansboulevard waar het stadsverkeer voorbijraasde. Je werd zo lang mogelijk genegeerd door de ober, die snauwend de bestellingen opnam en onvriendelijk zwijgend een krankzinnig duur glas bier voor je neus zette. Op het terras werden voor mij de clichés over Parijs bevestigd. Kil, haastig, druk, arrogant. Maar clichés verduisteren een veelvormige werkelijkheid als een doek die je over de kanariekooi gooit. Toen ik in Parijs ging wonen, ontdekte ik een andere stad, vooral aan de oostkant. Ontspannen, vriendelijk, moderner dan het toeristische centrum, met leukere en goedkopere cafés.

Eindeloos op terrasjes zitten is altijd een aanlokkelijke gedachte. Je moet alleen de leuke adressen even weten te vinden. Afgelopen weekend was ik weer even in Parijs om onder andere inspiratie op te doen voor mijn wekelijkse blogs, maar ook om te genieten van het heerlijke weer. Parijs is heerlijk als de zon schijnt. De toch al altijd volle terrassen puilen nu uit van de zonaanbidders. Restaurants dekken hun tafels buiten en als je om je heen kijkt zie je overal mensen picknicken in de heerlijke parken, kleine stadstuinen of gewoon langs de kades van de Seine, Canal Saint Martin of het Basin de la Villette. Tijd doet er niet toe, van 's morgensvroeg tot diep in de nacht geniet men buiten van alle lekkernijen die de Franse keuken te bieden heeft.

In deze blog neem ik u random mee langs dè diverse ‘summer hotspots’ van de Franse hoofdstad. Allereerst het beste dakterras van Parijs op dit moment, tot er weer een ander open gaat, is dat van Le Perchoir, een bar-restaurant op nummer 11 van de rue Crespin du Gast. Volgens de website  Frankrijk.NL, zelfs het hipste dakterras van Parijs. Het is even zoeken maar de druk iPhonende portier verklapt dat je goed zit. Neem de lift naar de 7e etage en bij het uitstappen heb je direct een waanzinnig uitzicht over Parijs. Op het dakterras, alleen voor drankjes, klakkeloos neergezette zitjes. Het terras wordt bij wat kouder weer afgezet met doorzichtig plastic. Nog een leuk detail; de dames schijnen rekening te moeten houden met speciale toiletten. Plassen doe je met z'n tweeën, lekker met de knietjes tegen elkaar.
De barmannen hebben er duidelijk zin in en vanaf 18.00 uur is het dringen geblazen. Via een ijzeren trap kom je een verdieping lager in het restaurant waar de relaxte sfeer blijft en het eten op redelijk hoog niveau is. Métro Ménilmontand, lijn 2.


Net geopend is het zusje van Le Perchoir, Le Perchoir de l’Est. Gevestigd op een van de verdiepingen van het station Gare de l’Est, onder de grote rozet van Eiffel, vind je een groot dakterras. Aan de ene kant bekeken door het standbeeld van Verdun, aan de andere kant door een stenen vrouw, zit je in een industriële en romantische setting. Het terras bezaaid met bloemrijke bogen, herbergt een grote bar voor drinks en snacks. Métro Gare de l’Est, lijn 4, 6 en 7.

Le Hasard Ludique kan ik zeker in de avonduren aanbevelen

Getipt door de glossy Paris Capitale maar ook beschreven in mijn blog over de Petite Ceinture is deze hot spot. Boven op een brug over het spoor van de oude Petite Ceinture in een station dat van 1863 tot 1934 dienst deed als Gare Saint-Ouen. Na het hebben van diverse andere bestemmingen is het sinds april 2017 de ‘place to be’ voor creatieven uit de wijk. Le Hasard Ludique kan ik zeker in de avonduren aanbevelen, waar je terecht kunt voor tapas en drinks en lekker kunt loungen en chillen op het oude perron aan het spoor. Le Hasard Ludique, avenue de Saint-Ouen 128. Het terras is gesloten op maandag. Métro porte Saint-Ouen, lijn 13.

Tot en met 2 september 2018 kun je terecht in de hangende tuinen van Porte de Versailles. Hoog boven in de lucht, boven op het dak van het expositiecentrum met een fabuleus uitzicht over Parijs, kun je genieten van een 3500 m² grootte oase. Met een foodcourt, terras met DJ’s verschillende bars een bioscoop en super beeldschermen heeft deze venue alles in zich om de meest verrassende plek te worden in Parijs deze zomer. Le Jardin Suspendu in het 15e arrondissement tegenover rue d’Oradour-sur-Glane 40. Metro Corentin Celton, lijn 12. Geopend van woensdag t/m vrijdag vanaf 18.00 uur, zaterdag vanaf 14.00 uur en zondag vanaf 12.00 uur. Maandag en dinsdag gesloten.


Zin in iets anders? Midden in de stad, bij het station Saint Lazare kom je in Italiaanse sferen. Aan de kant van het Cour de Rome kun je terecht voor ‘aperitivo & cucina’  in Bella Ciao. In het 8e arrondissement is een compleet Italiaans dorp nagebouwd vol met food trucks waar je terecht kunt voor culinaire specialiteiten. Dus bereid je voor op de heerlijkste pizza’s, pastas, focaccia, verse salades, de heerlijkste aperitivos maar ook cappuccino, spritz en goede wijnen. En natuurlijk kun je dansen, zwijmelen op Italiaanse muziek. Let op; na 12 oktober verdwijnt deze Italiaanse straatmarkt weer als sneeuw voor de zon. Elke dag van 8.00 uur tot 21.30 uur.
Métro Saint Lazare, lijn 14


De Paname Brewing Company aan het Basin de la Villette

De Paname Brewing Company (PBC) bevindt zich aan de oevers van de Bassin de la Villette, in het 19e arrondissement, in een historisch gebouw dat ooit een graanschuur was. Gelegen aan het grootste kunstmatige basin van Parijs. Het Basin de la Villette, werd in 1808 ingewijd om zo het Canal Saint Martin met het Canal de l'Ourq te verbinden. Hier kun je genieten op een drijvend ponton van een prachtig uitzicht op het basin, in de schaduw van een 150 jaar oude kersenboom, van streetfood en uitzonderlijke ambachtelijk gebrouwen biersoorten met mooie namen als Barge du Canal 6%, Casque d’Or 5,1% en Un Singe en Hiver 4,9%. 7 dagen in de week geopend. Métro Riquet,  lijn 7.

Ter plaatse ambachtelijk gebrouwen, mooie Parijse biertjes

Nu je toch hier bent; Parijs staat in het teken van Paris Plages. Elke zomer veranderen de oevers van de Seine en het Basin de la Villette in een zomers strand. Een jaarlijks terugkerend evenement, opgericht in 2002, biedt de Parijzenaar en toeristen de gelegenheid om gratis te genieten, te ontspannen en te profiteren van koele gazons, waterpartijen, parasols, ligstoelen, palmbomen en culturele activiteiten. Tot 3 september is iedereen hier van harte welkom. TIP maak meteen een mini-cruise over het Canal de l’Ourcq met Canauxrama. Opstappen aan het Basin de la Villette, quai de la Loire 13. Métro Jaures, lijn 2.

Gratis zomers plezier voor jong en oud, Paris Plages

Zon, muziek, plancha’s cocktails zijn hier aan de orde van de dag. Genieten op het dakterras van het vijf-sterren Molitor hotel met uitzicht op het Picine Molitor, ooit de place-to-be voor de rijken der aarde. Gebouwd in 1929 in prachtige art deco-stijl. Het was hier dat ‘s werelds eerste bikini werd geshowd. Na jaren van verval is het voor 80 miljoen euro gerestaureerd op initiatief van de Franse hotelgroep Accor. Je kunt hier terecht voor lunch en diner maar natuurlijk ook voor de heerlijkste cocktails. Vrijdag- zaterdag- en zondagavond kun je hier genieten van de DJ’s van miss Katty Booking’s. Reserveren is een must. Elke dag geopend voor lunch van 12.15 tot 15.00 uur en voor diner van 19.00 tot 23.30 uur voor een drankje van 15.00 tot 19.00 uur. Rooftop Molitor, avenue de la porte Molitor 6, métro Michel-Ange Molitor,  lijn 9, 10.

Maar liefst vijf hot spots zijn te vinden in het Cité de la Mode et du Design. Het gebouw is ontworpen door Jakob+Macfarlane; de Franse architect Dominique Jakob en de Nieuw-Zeelander Brendan Macfarlane en heeft de bijnaam de "groene gifslang". Het is gebouwd rondom het karkas van de oude entrepots van het treinstation Austerlitz uit 1907 (les Magasins Généreaux d'Austerlitz). Kosten grofweg zo'n 44 miljoen euro. 4 Etages met een totaal oppervlakte van 14.400 m². Concerten, DJ’s, eten , drinken, loungen, chillen bij le Garage (in het karkas) de nachtclub Nuits fauves, het dakterras Wanderlust, Cafe Oz en Communion. Dit allemaal met een weer indrukwekkend uitzicht op de Seine. De ingang bevindt zich aan de quai d'Austerlitz 32. Métro Gare Austerlitz lijn RER-C, 5 en 10.

Ik wens u een fijne zomer.

Meer ontdekken over het onbekende Parijs? Vanaf 23 juli 2018 is de tweede druk van mijn reisgids ‘Ongewoon Parijs’ te verkrijgen bij de boekhandel of online bij Edicola Publishers, Bruna, Libris, Bol, Blz, Managementboek, Hebban, Veltman uitgevers, boekhandel Smit, Amazon Frankrijk en Amazon UK.

Ongewoon Parijs, 160 pagina's, 300 foto's, paperback, ISBN: 978-94-92500-81-6, Prijs € 19,95

dinsdag 1 mei 2018

ELYSÉE MONTMARTRE, EEN NIEUW PARIJS ICOON


Dikke zwarte rookwolken torenen hoog boven Montmartre uit. Diverse brandweerauto’s blokkeren de boulevard de Rochechouart. Inwoners van Montmartre staan met tranen in hun ogen achter de afzetlijnen. Het is 22 maart 2011 en meer dan twee eeuwen geschiedenis gaat in vlammen op. Het Elysée Montmartre, een van de oudste balzalen van Parijs, is niet meer. Opgericht in 1807, 81 jaar voor de opening van de Moulin Rouge. Hier beoefende men de quadrille en de cancan, sterker nog de French cancan zou hier zijn ontstaan. Met een prachtige atypische architectuur was ze een bron van inspiratie voor beroemde kunstenaars uit de negentiende eeuw, zoals Toulouse-Lautrec, Emile Zola en Guy de Maupassant. Ook revolutionaire clubs en de Communards waren hier graag geziene gasten. Louise Weber, een Franse danseres die onder haar artiestennaam La Goulue de beroemde Parijse cancan danste, samen met de enige mannelijke danser uit die tijd, Valentin le Désossé, maakte hier haar debuut. Het is ook hier dat zij werden opgemerkt door Joseph Oller en Charles Zidler, de oprichters van de Moulin Rouge.

Het Elysée Montmartre ooit een van de oudste balzalen van Parijs

Aanvankelijk bestond het pand uit drie gebouwen met uitzicht op een grote tuin met fonteinen.  In 1894 wordt de tuin verwijderd om plaats te maken voor nieuwbouw. Een grote zaal met een Nederlands tintje. De Nederlander Edward Niermans krijgt de opdracht  en hergebruikt de structuur van het Pavillon de France van de Wereldtentoonstelling van 1889, ontworpen door Gustave Eiffel. Maar de gigantische opknapbeurt mocht niet baten, want inmiddels had de danstent enorme concurrentie gekregen van de een paar honderd meter verderop gelegen, Moulin Rouge.

Vier prachtige affiches uit de rijke historie

De cancan maakte plaats voor bokswedstrijden en worstelen onder de nieuwe eigenaar Roger Delaporte, een beroemde worstelaar uit die tijd.
Tijdens de jaren ’70 in de twintigste eeuw wordt het Elysée Montmartre een theater waar regelmatig grote artiesten optreden zoals Michel Legrand, Michel Polnareff, Coluche, Patty Smith en JeanLouis Barrault, evenals internationaal gerenommeerde sterren zoals David Bowie, die een concert zou geven van slechts 30 minuten maar duurde mede door het enthousiaste publiek drie keer zo lang, namelijk anderhalf uur.
In 1988 krijgt het gebouw met de prachtige Eiffelstructuren zelfs de status van historisch erfgoed en komt in handen van Garance productions die het omtoveren tot een van de beste rock- en electro scenes.

In 1988 krijgt het gebouw met de prachtige Eiffelstructuren zelfs de status van historisch erfgoed 

Een defecte pinautomaat die ontvlamde op het moment dat een van de schoonmakers het licht aandeed, maakte een einde aan deze cultuurtempel. De metalen Eiffelstructuur trekt krom in de verzengende hitte, waardoor de muren en het dak volledig instorten. Alleen de geclassificeerde gevel bleef gespaard. Bovendien bleek Garance, die het bedrijf beheerde, niet verzekerd.
Drie jaar lang verandert er niets aan de ruïne  totdat in 2014 filmproducent Abel Nahamias en zijn compaan Julien Labrousse zich melden om het beroemde pand in oude luister te herstellen. Eerder hadden zij al voor ruim 2 miljoen euro het naastgelegen Trianon gerestaureerd. Zij trekken maar liefst 8 miljoen euro uit om het pand geheel te herstellen, inclusief de Eiffelstructuren en belle epoque elementen. 

Artist Impression van het Trianon en het nieuwe Elysée Montmartre dat plaats gaat bieden aan evenementen voor ruim 3000 personen

Alles moest opnieuw worden opgebouwd. Een gat van zes meter onder de grond werd gegraven om 180 ijzeren palen te installeren voor de enorme zaal die plaats biedt aan 1400 personen met tevens de mogelijkheid om een combinatie te maken met de balzaal van het naastgelegen Trianon. 

Het schitterende interieur van de gote zaal van het nieuwe Elysée Montmartre

Klaar voor evenementen met ruim 3000 personen. Het Trianon, een theater in Italiaanse stijl met 1500 zitplaatsen, is voornamelijk gewijd aan rock, pop en volksmuziek. Het Elysée Montmartre heeft nu nog plaats voor 1400 mensen en op termijn 1800. Dit theater zal zich geheel richten op rock, electro en metal. De lay out is volledig opnieuw ontworpen door Antoine Fontaine, geheel naar de oude tekeningen van Edouard Niermans de eerste architect. De historische gevel is opnieuw in ere hersteld met in de nok een fronton met de afbeelding van La Goulue.

Prachtige details van de geheel vernieuwde Eiffelstructuren met details uit de belle epoque

Donderdag 15 september 2016 was het dan zover. De coating van de immense dansvloer was nauwelijks droog. De verse vernisgeur heeft voor altijd de oude geur van bier en marihuana verdrongen. Honderden muziekliefhebbers in lange rijen voor het pand om de opening mee te maken van een van de meest emblematische Parijse concertzaken. Het Elysée Montmartre is met liefde in zijn oude glorie herstelt. 

De historische gevel is opnieuw in ere hersteld met in de nok een fronton met de afbeelding van La Goulue.


donderdag 14 december 2017

PARADIS LATIN

Al jaren worden de covers van modebladen, de catwalks van beroemde modehuizen gevuld met Nederlandse topmodellen. Namen die wij allemaal kennen, waaronder Doutze Kroes, Lara Stone, Bregje Heinen, Kim Noorda, Yfke Sturm, Romee Strijd en zo kan ik nog een hele tijd doorgaan. Nederland is altijd een echt export land geweest wat betreft modellen. Ze zijn mooi, lang, maar vooral professioneel, gedisciplineerd en gemakkelijk in de omgang. Dit geldt overigens niet alleen voor modellen maar onze dansers en danseressen zijn door de jaren veel gevraagd in cabarets over de gehele wereld. Ook in de dansscene van Parijse cabarets waaronder het Lido, Moulin Rouge, Crazy Horse en Paradis Latin zijn Nederlandse namen te vinden. Bij het Lido zijn ze onderdeel van ‘Les Bluebells’, bij de Moulin Rouge ‘Les Doriss Girls’, Crazy Horse zijn Crazy Girls’’  en bij het Paradis Latin ‘La Troupe de Molly Molloy’.

De entree aan de rue Cardinal Lemoine 28

Een paar weken geleden had ik een ontmoeting met de Nederlander Pieter Eggenhuizen, jarenlang danser en solist bij een van de oudste nachtclubs van Parijs; Paradis Latin. Te vinden in het 5e arrondissement op nummer 28 van de rue Cardinal Lemoine. Eerst even wat historie: De geschiedenis van het pand gaat terug tot 1803, toen Napoleon besloot om een theater te bouwen in de rue des Fosses-Saint-Victor op de fundamenten van de stadsmuur van  Philippe Auguste. Het theater kreeg de naam ‘Théâtre Latin’, genoemd naar het Quartier Latin. De wijk rondom de Sorbonne op de linkeroever van de Seine. waar bohemiens, intellectuelen, artiesten, schrijvers en studenten elkaar ontmoeten. De sfeer is die van de ‘Comédie Humaine van Honoré de Balzac’ een broedplaats van literaire, politieke en poëtische fauna. Daar ontmoeten we Balzac, maar ook Alexandre Dumas. Pas in 1830 begon het theater zijn eerste hoogtepunten te kennen in het nachtleven van Parijs. Helaas wordt het theater tijdens de opstand van 1870 door brand verwoest en duurt het tot 1887 dat naar een ontwerp van Gustave Eiffel een nieuw theater verrijst dat zijn deuren opent op 20 januari 1889. Eiffel besluit de overblijfselen van het oude theater opnieuw te gebruiken. Het gebouw werd geopend twee maanden voordat de Eiffeltoren werd voltooid. Net als de Eiffeltoren bestaat het nieuwe cabaret uit metalen structuren, waarvan de originaliteit verrassend is en bezoekers verbaasd zijn over het indrukwekkende volume van de zaal, die associaties oproept met een kathedraal. De centrale koepel is werkelijk oogverblindend. Het ‘Théâtre Latin’ is dood, lang leve Paradis Latin. De show toentertijd, was gebouwd rond vier hoofdpunten: Operette, ballet, pantomime en buitenissigheden.

De theaterzaal naar ontwerp van Gustave Eiffel

Maar aan de andere kant van de Seine, aan de noordkant van Parijs groeide de concurrentie. Door de geografische afscheiding van de stad kon Montmartre zich in de 19e eeuw ontwikkelen tot het meest decadente deel van de stad. Bekende artiesten woonden er: Henri Toulouse de Lautrec, Auguste Renoir, Georges Bracque, Guillaume Appolinire, Pablo Picasso, Van Gogh en meer. Medeplichtig hieraan waren de zogenaamde cocottes, de courtisanes of de talrijke prostituees.  Een van de meest beroemde 'Cocottes' was uit die tijd Coca Pearl die liefkozend 'la grande horizontale' of 'plat du jour' werd genoemd. Parijs barstte van de cafés, cabarets en dance halls, die dienden als ontmoetingsplaats voor de bohemiens en de kunstenaars. Het neveneffect van al deze ontwikkelingen was een scepsis tegenover het belang van geloof en andere morele waarden. Geen wonder dat op de plek van een dance hall genaamd 'La Reine Blanche', Joseph Oller en Charles Zidler op 6 oktober 1889 de Moulin Rouge openden, op de Place Blanche, aan de voet van Montmartre. Hèt mekka van het Parijse nachtleven. Joseph Oller (1839-1922) een in Catalonië geboren zakenman die zijn fortuin maakte in Parijs als uitvinder van een nieuw soort wedsysteem; 'Pari Mutuel', en zo indruk maakte als bookmaker bij het paardrennen. Dit gaf hem de middelen om samen met zijn compaan Charles Zidler (1830-1897) niet alleen de Parijse muziektempel Olympia, de Jardin de Paris, maar ook de Moulin Rouge te bouwen. Bij dat laatste kwam hun perfectionisme naar boven. Zij wilden het grootste en mooiste cabaret creëren. Een tempel opgericht als ode aan de vrouw en de dans. 

Bezoekers zijn verbaasd over het indrukwekkende volume van de zaal, die associaties oproept met een kathedraal

In Parijs begint de geografie van het nachtleven in de hoofdstad te bewegen en er volgt een trage migratie van de linkeroever naar de rechteroever. Aan het begin van de twintigste eeuw is Montparnasse de nieuwe wijk van het trendy Parijs en 's nachts is het Montmartre. Paradis Latin heeft zwaar te lijden en sluit uiteindelijk haar deuren, om vervolgens ruimte te bieden aan een bierhal met animatie, om daarna overgenomen te worden door Charles Leune, een pottenbakker en glasmaker die een grote oven installeert. In 1930 doet het pand nog dienst als pakhuis voor farmaceutica.
Veertig jaar later, in 1973 meld zich een nieuwe koper voor het pand, Jean Kriegel, een vastgoedontwikkelaar die van plan is om het pand te verbouwen tot een appartementen-complex. Tijdens zijn zoektocht door het pand vindt hij 18.000 glazen pipetten en andere resten van de vorige eigenaars. Nog verbazingwekkender; bij het weghalen van de scheidingswanden en de plafonds werden de prachtige structuren van Eiffel weer blootgelegd. Op een van de wanden ontdekt hij een poster van Paradis Latin. Maar dan moet het meest bizarre nog komen. Op de eerste etage ontdekken de bouwvakkers een geweldige koepel beschilderd met alles wat Paradis Latin te bieden had tijdens de belle époque. Betoverd door de magie van de plek, besluit Jean Kriegel deze hal geheel in zijn oude glorie te herstellen en Paradis Latin herrijst letterlijk en figuurlijk uit haar as. Op 14 november 1977 gaat de eerste echte show in première: ‘Paris Paradis’. ‘Champagne’ in 1984 en in 1987 ‘Hello Paradis’ met als danser de Nederlander Pieter Eggenhuizen.

Voor zijn lenigheid kreeg de Nederlander Pieter Eggenhuizen de bijnaam 'The Flying Dutchman'

Contact met hem brengt mij naar Nijmegen waar ik ontvangen wordt met een echte ‘Franse lunch en een goed glas chardonnay. Een uiterst jong uitziende vijftiger, atletisch gebouwd maar met zijn 1.72 meter kleiner dan ik vermoedde. Na het tweede jaar van zijn  dansopleiding bij Maria More in Amsterdam hield hij het voor gezien en vertrok eind jaren ’80 naar zijn droomstad Parijs om carrière te maken in dansen. “Mede dankzij mijn ballet docente lukte het mij om een privé-auditie te doen bij de Paradis Latin. Helaas was ik eigenlijk net iets te klein, de minimale lengte in die tijd was 1,75 meter en bij het Lido zelfs 1,85 meter. Maar door mijn jarenlange turnachtergrond en mijn danservaring werd ik toch aangenomen.

“Paradis Latin was toentertijd dé dansshow. Je moest kunnen tappen, klassiek ballet maar ook modern. Je moest kennis hebben van alle dansstijlen van ‘pas de deux’ tot de tango en de cancan. Er werd enorm veel van je lichaam gevraagd. Gelukkig dansten we maar één show per avond, maar je staat toch bijna twee uur op het toneel. We waren toen met 20 dansers, 7 mannen en 13 vrouwen waarvan 6 toppless. Ook de obers hadden een verrassende rol in de show. Nog steeds staat Paradis Latin voor zang, dans, acrobatiek en dat alles onder leiding van een spreekstalmeester”.

Pieter Eggenhuizen in zijn rol in Paradis Latin en als fotomodel

Gul volgt er weer een glas wijn; betaalde het goed? “In die tijd was je als danser een artiest. Je kreeg betaald pèr show die je danste en ik kreeg voor de twee solo's extra betaald. Tegenwoordig is dat allemaal belangrijk minder. Doordat ik ’s avonds werkte kon ik overdag, behalve mijn repetities, allerlei andere schnabbels er bij nemen, waaronder televisiewerk, videoclips, ontwerpen van kostuums en af en toe een leuke modellenklus, ik had daar wel een héél leuk leventje.

Waar ik met het meeste plezier heb gewoond?
“Eigenlijk overal wel. Iedere wijk in Parijs heeft wel iets bijzonders. Ik ben begonnen in het 18e achter de Sacre Coeur, verhuisde naar het 15e, naast de École Militaire’, het 17e, place du Ternes en vervolgens weer terug naar het 15e arrondissement”.

Pieter in een van zijn huidige rollen als choreograaf

Nooit willen dansen bij een ander cabaret in Parijs, Lido, Moulin Rouge, Folies Bergère?
“Nee”, klinkt het pertinent. “Paradis Latin voelde voor mij als een grote familie. Bovendien, dankzij mijn twee solo’s kreeg ik daar de kans om te stralen. Alles wat ik leerde kon ik kwijt in de show. Andere cabarets betaalden ook minder per show en je had twee shows per dag. De cast was internationaal wat mij ook weer kansen bood voor optredens in het buitenland waaronder Seoul in de show ‘Brava’ en Japan in de show ‘Sirella’. En de grootste beloning is dan, dat als je terugkomt in Parijs, je weer wordt teruggevraagd! 1996 was mijn laatste jaar bij Paradis Latin waar ik heb gedanst in ‘Viva Paradis’.

Waren er ook minder leuke dingen?
 “De eenzaamheid in zo'n grote stad en de druk van altijd moeten presteren. Blessures betekende niet kunnen dansen en dus kans om je baan kwijt te raken. Ondanks dat het een grote familie was, was er ook soms wel onderlinge jaloezie. Elke paar maanden waren er weer nieuwe audities dus je moest jezelf steeds blijven bewijzen. En wat er ook gebeurt, de show must go on”!

“Elke avond sloten wij af met mijn favoriete nummer: de cancan. Het meest zware nummer uit de show maar kon hier al mijn energie en acrobatiek in kwijt.”

De cancan, of coincoin, was oorspronkelijk de laatste figuur van de Quadrille, een modieuze ballroomdans uit Frankrijk van de negentiende eeuw tot de Eerste Wereldoorlog. Het was een levendige countrydance, verwant aan de wals en voorloper van de polka. Door al deze opwindende eigenschappen werd hij voornamelijk populair als laatste dans van de avond. De cancan werd eerst ‘chahut’ (lawaai) genoemd, alvorens de meer  bekende naam in gebruik kwam. Cancan, tevens een ander woord voor schandaal of roddelpraat was letterlijk een buitenbeentje in de danswereld. Zoals wel vaker bij gewoonten uit de populaire cultuur is het moeilijk om het juiste beginmoment te achterhalen. Danseres Nini-Pattes-en-l’air zou bijvoorbeeld de cancan hebben uitgevonden, net als Charles Mazurier, populair entertainer uit de jaren 1820, die de dans zou hebben beïnvloed door zijn acrobatische toeren. Volgens de Nederlandse Wikipedia komt de dans oorspronkelijk uit Algerije en volgens anderen was het de Britse grootmeester van de Music-Hall Charles Morton, die in 1861 in London de cancan uitvond door zich te laten inspireren door de Quadrille. Elf jaar eerder, in het Parijs van 1850 zou sterdanseres Céleste Mogador de naturalistische Quadrille hebben uitgedacht, dè rechtstreekse voorloper van de cancan. Algemeen wordt echter aangenomen dat de cancan voor het eerst werd gedanst in de balzalen van de arbeidersklasse op Montparnasse in Parijs rond 1830 een soort van lokdans met een erotische functie, waarin een aantal vrouwen in een rij naast elkaar staan en tegelijk bewegen op de maat van de muziek. Hierbij tillen zij hun rok op of tillen ze hun been zo hoog in de lucht dat hun benen, de jarretellen en het witte ondergoed te zien waren. Dit laatste werd destijds als zeer aanstootgevend beschouwd. Zowel de overheid als de kerk ergerden zich in die tijd zeer aan deze dans. De energieke en fysiek uitputtende manoeuvres gaven gestalte aan de frivole en beetje vulgaire Parijse samenleving die in die tijd teerde op provocatie.


Het bekendste muziekstuk dat met de dans geassocieerd wordt, noemt men vaak French cancan’’. Dit klopt echter niet, aangezien Jaques Offenbach het muziekstuk voor heel andere doeleinden componeerde. Het stuk in kwestie is de ‘galop infernal’ uit zijn feeërieke opera ‘Orphee aux enfers’.

“Deze dans vraagt ongelofelijk veel van je lichaam, het is pure acrobatiek, techniek, uithoudingsvermogen en lenigheid gezien de vele spagaten, kicks en sprongen die er in voorkomen, maar ook door het heftige tempo. Niet alleen voor de vrouwen maar voor ook de mannen. De dans eindigde voor mij altijd in spagaat die ik dan moest uitzitten totdat de presentator was uitgesproken. Vervolgens de goedmaker een ovationeel applaus van het 700-koppige publiek en een toast met champagne !  Als afsluiting dalen, nu nog steeds, honderden ballonnen en witte confetti over het publiek terwijl het doek valt”.

Verlang je nog wel eens naar die tijd?
“Niet zozeer naar die tijd, ook al was dat een hele bijzondere periode in mijn leven, maar ik mis Parijs wel. Zelf sta ik op een keerpunt in mijn leven. Samen met mijn compagnon runde ik een succesvolle herenmodezaak Sébastien F. in Nijmegen. Dit jaar besloten wij dat het tijd is voor iets nieuws. De zaak staat nu te koop en stopt begin 2018. Het wordt tijd dat ik mijn dierbare vrienden en vriendinnen een bezoek ga brengen in Parijs. Laten we daar op drinken, nog een glas wijn”?

Santé en een Grand Merci aan Pieter Eggenhuizen voor je openhartigheid, heerlijke lunch en je mooie verhalen.

De huidige show heet Paradis à la Folies

Zelf moet ik bekennen nog nooit in de Paradis Latin te zijn geweest dus dat staat inmiddels op mijn ‘to do’ lijstje. De huidige show heet Paradis à la Folies. De show wordt gedragen door een groep van 35 dansers, die behoren tot de mooiste en meest getalenteerde ter wereld. Het schijnt dè show te zijn in Parijs waar het meest gedanst wordt. 15 tableaus met natuurlijk als grande finale de Franse cancan. Hoofdrollen zijn weggelegd voor Dana Mour, lead danseres, en de zangeres Nora Joli. Het diner begint elke avond om 20.00 uur en om 21.30 uur aanvang van de show. Prijzen vanaf € 130 per persoon. U kunt ook alleen de show bezoeken. Prijzen vanaf € 75 per persoon inclusief een coupe champagne of € 90 per persoon inclusief een halve fles champagne. Rond 11.00 uur de grande finale.

‘Les Photo’s’ : Privé collectie Pieter Eggenhuizen, Paradis Latin.

28 rue du Cardinal Lemoine, 5e arrondissement, metrostation Jussieu, lijn 7, 10.

donderdag 21 september 2017

HET BESTE FRANSE- EN ITALIAANSE RESTAURANT VAN NEDERLAND 2017

Dit keer waren de weergoden ons minder goed gezind. En dat is jammer als je persoonlijk bent uitgenodigd door de glossy ‘Leven in Frankrijk’ dat, volgens de eis van het paleis, altijd is gevuld met de mooiste Franse locaties onder strak blauwe luchten. Wekelijks publiceert het magazine mijn Parijsblog op hun website en onze gezamenlijke band met de Franse hoofdstad was dan ook de reden dat ik was uitgenodigd.

Ook dit jaar vond de prijsuitreiking plaats op maandagavond 18 september in het Hilton hotel te Amsterdam

Het was alweer de zevende keer dat onder grote belangstelling van restaurateurs, pers, bekende Nederlanders  en genodigden, twee bijzondere restaurant-awards werden uitgereikt, eigenlijk vier stuks; De juryprijs en publieksprijs voor het beste Franse en het beste Italiaanse restaurant in Nederland. Dit weer op initiatief van het Italië Magazine, van dezelfde uitgever. In de loop der jaren is de waardering voor deze prijzen steeds verder gegroeid en is de toekenning inmiddels een belangrijk jaarlijks evenement voor zowel Italiaanse als Franse restaurateurs. De prijzen worden ook ondersteund door de ambassadeurs van Italië en Frankrijk die elk jaar weer bereid zijn om de felbegeerde juryprijs uit te reiken. Dit jaar vond de prijsuitreiking plaats op maandagavond 18 september in het Hilton hotel te Amsterdam. Het domein van Alessio Colavecchio de voormalig rechterhand van Roberto Payer (Lid van de jury) die inmiddels de dagelijkse leiding heeft over het prestigieuze Waldorf Astoria Amsterdam.

De Franse ambassadeur in Nederland, Philippe Lalliot in gesprek met Cathelijne van Vliet en journalist met een koksbuis Alain Caron

De twee professionele jury’s hadden een keuze uit tien genomineerde restaurants en namen er kritisch de proef op de som. De jury voor het Italië Magazine Restaurant van het Jaar bestond uit juryvoorzitter Roberto Payer (voorzitter van de Italiaanse Kamer van Koophandel en de Ospitalità Italiana, General Manager Waldorf Astoria Amsterdam), Pieter J. Bogaers (culinair journalist, epicurist en beheerder van de niet-commerciële website Bijzondere Restaurants.nl), Nicoletta Tavella (kookschooleigenaar en kookboekenschrijfster) en Paul van Eijndhoven (hoofdredacteur Italië Magazine). 

Juryvoorzitter voor het Italië Magazine Restaurant van het Jaar; Roberto Payer, was duidelijk in zijn element

De volgende Italiaanse restaurants waren genomineerd:

•           Acquavite, Naarden-Vesting
•           Adriano, Heveadorp
•           BaccoPerbacco, Den Haag
•           Carpe Diem, Rotterdam
•           Ciro… Passami L’olio, Amsterdam
•           Eatmosfera, Amsterdam
•           Momenti, Brielle
•           PepeNero, Amsterdam
•           Sapori e Ricordi, Enschede
•           Toscanini, Amsterdam

De winnaars: Italiaans restaurant Eatmosfera met juryvoorzitter Roberto Payer

Restaurant Eatmosfera in Amsterdam werd verkozen tot Italië Magazine Restaurant van het Jaar 2017. Juryvoorzitter Roberto Payer overhandigde de prijs aan de eigenaren van het restaurant. “Goede producten – vaak Slowfood – en heerlijke, originele gerechten. Het eten is simpel en toch nooit standaard en altijd heel kundig bereid. De ‘touch’ van de kok is licht, elegant en nonchalant, precies wat we graag willen zien. En de bediening beweegt zich soepel tussen al die bestellingen. Top.”

De nieuwe hoofdredacteur van de glossy 'Leven in Frankrijk'; Cathelijne van Vliet 

De jury van de prijs voor het Fijnste Franse Restaurant van Nederland bestond uit juryvoorzitter Tom Kellerhuis, (culinair) journalist met een koksbuis; Alain Caron, cuisinier van Franse origine, tv-kok en auteur van culinaire boeken; Jo Simons en Cathelijne van Vliet, voormalig en huidig hoofdredacteur van Leven in Frankrijk. 

De Franse ambassadeur in Nederland, Philippe Lalliot wacht rustig af

De volgende Franse restaurants waren genomineerd:

•           Arles, Amsterdam
•           Auberge Jean & Marie, Amsterdam
•           Bistrot Neuf, Amsterdam
•           Bouchon d'en Face, Maastricht               
•           Brasserie le Nord, Bilthoven
•           Le Bibelot, Utrecht
•           L'Invité, Amsterdam
•           Pastis, Den Haag
•           Ron Gastrobar Paris, Amsterdam
•           Zuijderhoudt, Laren

Bistro Neuf kreeg de prijs voor het Fijnste Franse Restaurant uit handen van Philippe Lalliot, Cathelijne van Vliet en juryvoorzitter Tom Kellerhuis

De prijs voor Het Fijnste Franse Restaurant van Nederland 2017 ging naar Bistrot Neuf in Amsterdam. De Franse ambassadeur in Nederland, Philippe Lalliot, reikte de prijs uit aan Rex Neve van winnaar Bistrot Neuf. Zoals voorzitter Tom Kellerhuis uit het juryrapport citeerde: “De voortdurend vernieuwde kaart is iedere keer verrassend. En nog altijd is het dè plek waar je je (internationale) gasten graag mee naar toe neemt: het is hip, bruisend, eigentijds en je kunt er, iedere keer weer, op rekenen dat het eten ver boven het gemiddelde uitsteekt.”

De Italiaanse winnaars van de publieksprijs het Italiaanse Sapori e Ricordi in Enschede met Italie Magazine hoofdredacteur Paul van Eijndhoven 

Ook werden er publieksprijzen uitgereikt, aan het Italiaanse Sapori e Ricordi in Enschede en aan Auberge Jean & Marie in Amsterdam, waarvoor lezers van Italië Magazine respectievelijk Leven in Frankrijk met overweldigende meerderheid kozen.

De juryprijs bestaat uit een plaquette en een uitgebreide reportage in de komende edities van Italië Magazine en Leven in Frankrijk. Deze tijdschriften riepen de awards in 2011 in het leven.

De winnaars van de publieksprijs het Beste Franse Restaurant in Nederland: Auberge Jean & Marie uitgereikt door Alain Caron

Het werd nog laat die avond en de gasten werden verwend met allerlei lekkernijen uit de Franse en Italiaanse keuken, dit alles weer met zorg bereid door de witte brigade van het Hilton hotel.  Complimenten voor de chef en zijn staf. 

De 'witte brigade' van het Hilton

Terloops sprak ik nog met schrijver en TV-maker (De Stoel, Villa Felderhof) Rik Felderhof, die binnenkort zijn volgende boek presenteert bij Scheltema Amsterdam. “Het wordt een reisgids voor levensgenieters, een belevenis van twee vrienden met mooie herinneringen aan Frankrijk”,  aldus Felderhof.

Rik Felderhof  en Hans Melissen 'wijngek' 

Jaarlijks geniet ik van zijn columns tijdens de ‘Tour de France’. Natuurlijk heb ik het over Bourgondiër ‘pur sang’, fijnproever, levensgenieter, componist en muzikant Tonny Eyk die wij kennen van vele gidsen over Frankrijk, waaronder ‘smullen & genieten in Frankrijk. Ook hij genoot van de mooie mix van Franse en Italiaanse gerechten die ons werden toebedeeld na de prijsuitreikingen.

Bourgondiër ‘pur sang’, fijnproever, levensgenieter, componist en muzikant Tonny Eyk

Al met al werd het een mooie avond in Amsterdam-zuid waar ik ook nog persoonlijk kennis maakte met de opvolgster van Mariëtte van der Sande als hoofdredacteur van Leven in Frankrijk; Cathelijne van Vliet (nee geen familie). Na veertien jaar in Nice gewoond te hebben is zij terug in Nederland voor een nieuwe uitdaging; om alle aanbidders van de Franse cultuur, de zon- en zeezoekers, degenen die verlangen naar ‘la campagne’, slaperige dorpspleinen en Parijse droomplekken maandelijks tevreden te stellen. De gezichten van Frankrijk zoals zij dat zelf noemt. Ik hoop op een fijne samenwerking en wens haar veel succes. Last but not least dank aan mijn steun en toeverlaat op de redactie; Daniëlle Wiersema; Marketing Manager Leven in Frankrijk.

Al met al een mooie avond in Amsterdam-zuid

Nederland is weer vier traditionele restaurants rijker, proficiat.
·        Bistrot Neuf, Haarlemmerstraat 9, Amsterdam
·        Auberge Jean & Marie, Albert Cuypstraat 56-80, Amsterdam
·        Eatmosfera, Korte Reguliers dwarsstraat 8, Amsterdam 
·        Sapori e Ricordi, Haverstraatpassage 21, Enschede