Paris FvdV is een niet commercieel weblog speciaal voor kenners en liefhebbers van de stad Parijs - en voor hen die dat willen worden. Parijs is een stad met een gewichtig verleden, respectabel en gerespecteerd. Het is totaal niet nostalgisch. Parijs is er in geslaagd om, soms op brutale maar altijd op elegante wijze, om te gaan met zijn grootse monumenten. Ze te beschermen en te integreren in de nieuwe dynamiek van de stad. Parijs is een meester op het gebied van herstel en transformatie. U zult er nooit in slagen een volledig overzicht te maken van plekken en verhalen, die allemaal op hetzelfde punt uitkomen en de glorie van deze stad bezingen. toch wil ik een poging wagen. Wekelijks wil ik u niet alleen informeren over wat Parijs nog meer te bieden heeft, maar ook wil ik mijn liefde voor deze stad op u over dragen. In de hoop dat het raakt aan iets wat u herkent of voelt. Ferry van der Vliet.

Privacy verklaring: Indien u weblog Paris FvdV, dat bij Google-Blogger is ondergebracht, leest en reageert op de blogs van Paris FvdV, doet u dat vrijwillig en is uw IP-adres en mailadres - indien u dat vermeld - bekend en wordt opgeslagen. Ook uw schuilnaam waaronder uw reageert wordt opgeslagen. Paris FvdV zal uw gegevens nooit aan derden doorgeven. We houden uw gegevens privé, tenzij de wet of rechtelijke macht ons dwingt uw gegevens aan hen te verstrekken. Datalekken in het systeem vallen onder de verantwoordelijkheid van Google-Blogger. Door weblog Paris FvdV te bezoeken en/of de op of via deze weblog aangeboden informatie te gebruiken, verklaart u zich akkoord met de toepasselijkheid van deze disclaimer. Google gebruikt cookies om services te leveren en verkeer te analyseren dus uw IP-adres en user-agent zijn bij Google bekend, samen met prestatie- en beveiligingsstatistieken om servicekwaliteit te garanderen, gebruiksstatistieken te genereren, misbruik te detecteren en maatregelen te treffen.

dinsdag 17 februari 2026

DE BOVENGRONDSE METROSTATIONS VAN PARIJS

 

Regelmatig schrijf ik in mijn blogs over de voortang van de ‘Grand Paris Express’. De Grand Paris Express bestaat uit een fundamentele heroverweging, herontwerp en focus op het openbaarvervoernetwerk op de schaal van het grootstedelijk gebied de metropool Grand Paris die bestaat uit 131 gemeenten, waaronder Parijs zelf. Het doel van deze oefening is om Grand Paris te voorzien van één multimodale vervoersoplossing, meer geïntegreerde vervoersdiensten, en zo een model van polycentrische ontwikkeling te ondersteunen, een stad die is opgebouwd uit meerdere centra. Op de lange termijn zal het nieuwe transportnetwerk naar verwachting het bruto binnenlands product van de regio île de France met meer dan 100 miljard euro doen toenemen en 115.000 nieuwe banen moeten creëren. Wat weinigen weten is dat Nicolas Sarkozy op 26 juni 2007 de basis legde voor het grootste infrastructuur project van Europa, de lancering van ‘Métropole du Grand Paris’.




 

‘Métropole du Grand Paris’ in cijfers: 

Vier nieuwe metrolijnen (lijn 15, 16, 17 & 18) plus 2 verlengingen van bestaande lijnen (lijn 11 & 14)

200 km nieuwe spoorlijnen, hierdoor zou de huidige metro (214 km), die voornamelijk de 20 arrondissementen binnen de Parijse ringweg bedient, in omvang bijna verdubbelen.

68 gloednieuwe onderling verbonden stations.

15 jaren van constructie, 2016 tot 2030.

2 miljoen passagiers per dag, tegen 2035 ongeveer 3 miljoen.

Elke 2 à 3 minuten een trein.

Volledig automatisch metrosysteem.

90% van de lijnen wordt ondergronds aangelegd.

Totale kosten worden geraamd op 35,6 miljard euro.

 

Een visie uit de 19e eeuw

Die zelfde visie was er ook midden 19e eeuw voor lijn 6. Het waren de Franse ingenieurs Brame en Flachat, van de spoorwegmaatschappij Paris-Saint-Germain, die in 1855 met het idee kwamen, om een gesloten ondergronds netwerk aan te leggen van Gare du Nord naar de markthallen in het centrum van Parijs. Dit om de aanvoer van goederen naar de 'Buik van Parijs' efficiënter te laten verlopen. Waren deze plannen direct uitgevoerd, dan was Parijs de eerste stad in de wereld met een metro. Echter, het duurde een halve eeuw voordat de eerste metrolijn werd geopend en wel op 19 juli 1900. Speciaal aangelegd voor de wereldtentoonstelling.  London was in 1863 de eerste stad met een metro, gevolgd door New York in 1868 en Glasgow en Budapest in 1896.

 

Werkzaamheden voor lijn 6 - juni 1907


Tijdens de 'Exposition Universelle' van 1900 werd de eerste lijn van de 'Métro de Paris' in gebruik genomen. Lijn 1, geopend op 19 juli 1900, 10,3 kilometer lang en liep geheel ondergronds van Porte Vincennes naar Porte Maillot. Het project stond onder leiding van ingenieur Fulgence Bienvenüe, die later geëerd is met een metrostation: Montparnasse-Bienvenüe. 17 Maanden lang werd door 2000 arbeiders gewerkt om een traject van 10,3 kilometer ondergronds aan te leggen. De lijn was eigendom van de 'Compagnie du chemin de fer métropolitain de Paris' de CMP. Deze metro was vanaf dag een een hit. Een kaartje 2e klasse koste in die tijd 0,15 Franse Franc en 0,25 Franse Franc voor reizen in de 1e klasse. Nu loopt de metro van Porte Vincennes naar La Défense en is meteen de drukste metrolijn van Parijs. Ruim 750.000 passagiers per dag, met een jaartotaal van 168 miljoen per jaar.  Al snel volgden er meerdere lijnen: Lijn 2 in 1900, lijn 3 in 1904, lijn 5 in 1906, Lijn 6 in 1907 en lijn 4 in 1908.



Werkzaamheden voor lijn 6

 

De meeste metrolijnen zijn ondergronds, maar een tweetal gedeeltelijk bovengronds: lijn 2 en lijn 6. Oorzaak waren technische beperkingen in die tijd, hetzij vanwege de samenstelling van de bodem waardoor graven moeilijk was, hetzij vanwege de Seine of de noodzaak om spoorlijnen van Parijse stations te kruisen. 

De beslissing om een deel van lijn 6 op viaducten aan te leggen, werd ingegeven door de topografie van dit deel van Parijs. Er was sprake van veel heuvels, behoorlijk heuvelachtig, dus was het eenvoudiger om een relatief rechte route te hebben dan de metro de hellingen te laten volgen en weer af te laten dalen. Lijn 2, de andere iconische bovengrondse lijn van het Parijse netwerk, maakte het mogelijk om de spoorlijnen van Gare du Nord en Gare de l'Est te kruisen. Over beide lijnen straks meer.

 

Grand Paris Express

Met de komst van de Grand Paris Express zullen er nieuwe verhoogde metrolijnen worden aangelegd. De toekomstige lijn 18 zal het meest omvangrijke gedeelte omvatten (midden), met een viaduct van 18 km tussen Palaiseau ( Essonne ) en Saint-Quentin-en-Yvelines ( Yvelines). Een volledig verhoogd traject met een 6,7 kilometer lang viaduct – het langste van Frankrijk – zal de studentenstations van Polytechnique en Université Paris-Saclay bedienen. De eerste tests op dit traject vonden plaats aan het einde van de dag op donderdag 18 december 2025, wat een aantal indrukwekkende beelden opleverde van een trein die in de schemering de snelweg overstak.


Een volledig verhoogd traject met een 6,7 kilometer lang viaduct – het langste van Frankrijk – zal de studentenstations van Polytechnique en Université Paris-Saclay bedienen - Foto © Laurent Granguillot - Société des grands projets

 

Eind 2026 zullen tien volledig geautomatiseerde en elektrische treinen in gebruik worden genomen. Elke trein biedt plaats aan 350 passagiers in drie rijtuigen. en haalt een maximale snelheid van 100 km/u. De treinen zullen voorzien zijn van Wifi, USB-poorten, 5G-connectiviteit, airconditioning, realtime informatieschermen en speciale ruimtes voor mensen met een beperkte mobiliteit.

Wat betreft de gehele lijn 18, deze zal in twee fasen worden opgeleverd: eerst het oostelijke deel in 2027, richting luchthaven Orly; vervolgens, in 2030, de andere kant, richting Versailles-Chantiers.

 

‘Ligne 2 Nation – Porte Dauphine’

Terug naar de visionaires van de 19e en 20e eeuw. Wist je dat het Parijse metronetwerk  26 bovengrondse metrostations telt, waarvan de meest iconische zich bevinden op lijn 2 en 6.


Lijn 2 tussen Stalingrad en Barbès-Rochechouart



Metrostation Stalingrad


Lijn 2 heeft vier verhoogde stations langs het twee kilometer lange traject: Barbès-Rochechouart, La Chapelle, Stalingrad en Jaurès. De perrons zijn voorzien van glazen wanden en worden beschermd door een overkapping die wordt ondersteund door een opengewerkt metalen frame zonder pilaren – een waar architectonisch hoogstandje dat de lichte en stralende elegantie van de verhoogde stations van Lijn 2 onthult. De toegang is via een centrale trap die zich vertakt in twee gedeelten, elk beschermd door een glazen overkapping, die toegang bieden tot elk perron. De buitenmuren van steen zijn versierd met bas-reliëf slingers.  



Buitenzijde bovengrondse stations lijn 2


Alle hoog boven de weg gelegen stations van lijn 2, links en rechts geflankeerd door betonnen steunen voorzien van het wapen van de stad Parijs


Wat meteen opvalt is het werkelijk bijzondere ontwerp van de bovengrondse stations, allemaal 75 meter lang en gebouwd hoog boven de grond, op grote neoklassieke ijzeren pilaren. Dit alles naar een ontwerp van de Franse architect Jean Camilla Formigé en verwezenlijkt door de werkplaatsen van J. Leclaire in Montreuil, die ook de opdracht kregen voor alle 22 meter lange viaducten van metrolijn 6 en het viaduct van het station Austerlitz. Alle hoog boven de weg gelegen stations van lijn 2, links en rechts geflankeerd door betonnen steunen voorzien van het wapen van de stad Parijs, zijn aan de voorzijde en de achterzijde voorzien van glas met daaronder sierlijke bouwelementen voorzien van guirlandes en afbeeldingen van stoomtreinen en bijenkorven.  De perrons overdekt met als het ware gedrapeerd glas, gelijkend gordijnen. Deze oplossing werd later voor lijn 6 te duur gevonden.



Toegang is via een centrale trap die zich vertakt in twee gedeelten

 

‘Ligne 6 Nation – Charles de Gaulle – Étoile’

Metrolijn 6 is het meest iconische onderdeel van de Parijse skyline. Het verbindt de stations Charles de Gaulle–Étoile en Nation. Deze metrolijn, zoals we die nu kennen, is in fasen en in verschillende configuraties in gebruik genomen. Lijn 6 werd aanvankelijk aangelegd onder de naam ‘2 Sud’. In 1900 bediende ze het traject tussen Étoile en Trocadéro de Wereldtentoonstelling, terwijl de bouwwerkzaamheden doorliepen tot aan Place d'Italie met de delicate oversteek van de Seine bij Passy. Dit station werd geopend op 5 november 1903.

 

Metrostation Passy



Metrostation Passy uitkijkend over het Passy-viaduct


Het Passy-viaduct


Het Passy-viaduct werd gebouwd tussen 1903 en 1906, is 237 meter lang en staat op het Île aux Cygnes (het Zwaneneiland). Het is een architectonisch uitzonderlijk bouwwerk, bestaande uit een metalen dek waarop de metrosporen liggen. 






Dit dek wordt ondersteund door twee rijen slanke, 6,90 meter hoge kolommen van gewalst staal, die de verfijning en elegantie van het viaduct benadrukken. Het is sinds 1986 een beschermd monument. Gedecoreerd door Jean-Camille Formigé, vormt het een opmerkelijk rijk versierd monumentaal geheel. De gemetselde structuur op het Île aux Cygnes – de centrale boog van het viaduct – is versierd met vier allegorische figuren in bas-reliëf: Wetenschap, Arbeid, Elektriciteit en Handel. 


Arbeid een van de vier allegorische figuren in bas-reliëf 


Het Viaduct van Passy, beter bekend als de Pont de Bir-Hakeim, is een symbool van de hoofdstad, vanuit elke hoek gefotografeerd en biedt een adembenemend uitzicht (ook vanuit de metro) over Parijs: de Eiffeltoren die uitkijkt over de Seine, het Trocadéro, het Grand Palais, Les Invalides en de Sacré-Cœur-basiliek. De brug staat sinds 1986 op de monumentenlijst.



Zowel vanuit het Zwaneneiland als vanuit de metro heb je een prachtig uitzicht op de Eiffeltoren

Op 24 april 1906 werd de lijn verlengd tot Place d'Italie. In oktober 1907 werd de exploitatie ervan samengevoegd met die van lijn 5, die in juni 1906 was geopend, waarbij lijn ‘2 Zuid’ werd opgeheven ten gunste van deze nieuwe aansluiting. De nieuwe lijn 5, die Étoile met het Gare du Nord verbond, bleef in deze configuratie in bedrijf tot 1942.. In 1931 werd, om de dienstverlening aan de Koloniale Expositie* (Exposition coloniale internationale) te verbeteren, besloten om lijn 6 te verlengen met behulp van de sporen van lijn 5. Lijn 6 vormde zo een zuidelijke, halfronde lijn van Nation naar Étoile, de huidige route. Pas na de verlenging van lijn 5 naar Pantin op 6 oktober 1942, tijdens de bezetting, werd de huidige configuratie van lijnen 5 en 6 definitief vastgesteld. Lijn 5 verbond toen Place d'Italie met de Église de Pantin, en lijn 6 verbond Étoile met Nation.

 

  De Koloniale Tentoonstelling van Parijs (Exposition coloniale internationale) vond plaats van 6 mei tot 6 november 1931 in het Bois de Vincennes. Het was een grootschalig evenement met 8 miljoen bezoekers, bedoeld om de rijkdommen en culturen van de Franse koloniën te tonen, inclusief bijdragen van andere landen zoals Nederland en België. Het markeerde het hoogtepunt van het koloniale denken.

 

Lijn 6 loopt ruim 6 kilometer bovengronds en bedient 13 stations. Deze stations verschillen aanzienlijk van die van lijn 2. Net als lijn 2 combineert de constructie een metalen structuur met rode baksteen en natuursteen, wat doet denken aan de architectuur van grote treinstations. 

De viaducten bestaan uit gietijzeren balken, ondersteund door stenen pilaren, die op hun beurt het metalen dek dragen waarop de metrosporen rusten. Op de vier hoeken van de stations zijn sierpilaren versierd met slingers en hoornen des overvloeds en afwisselend voorzien van het wapen van de stad Parijs of een wereldbol. De bovengrondse stations van lijn 6, richting Nation naar Charles de Gaulle- Étoile zijn: Bel-Air, Quai de la Gare, Chevaleret, Nationale, Corvisart, Glacière, Saint Jacques, Sèvres-Lecourbe, Cambronne, La Motte-Picquet - Grenelle, Dupleix, Bir-Hakeim en, Passy.


De stations van lijn 6 hebben uit kostenoverweging  een andere vormgeving dan die van lijn 2


Metrostation Quai de la Gare


Metrostation Sèvres-Lecourbe


Een route langs straatkunst.

De muurschilderingen van het project Street Art 13, die deels langs lijn 6 van de verhoogde metro te vinden zijn, bieden reizigers de mogelijkheid om tijdens hun reis te genieten van een unieke artistieke wandeling tussen de stations Quai de la Gare en Glacière. Ongeveer veertig kunstwerken zijn zowel overdag als 's nachts direct vanuit de metro te bewonderen.



Een muurschildering van het project Street Art 13
 

Pont de Bercy

Heel bijzonder is het metrogedeelte van lijn 5 tussen Gare de Lyon en Saint Marcel. De bovengrondse metro, gebouwd in 1903-1906 loopt dwars door het station Austerlitz (gebouwd in 1888 door de Compagnie du Chemin de fer de Paris à Orleans) over metalen viaducten elk 50 meter lang en 10 meter boven de grond. De brug werd in drie fasen gebouwd. De eerste constructie, met vijf stenen bogen die overeenkomen met de rijbaan aan de Parijse kant, werd geopend in 1864 en in 1904 met 5,5 meter verbreed om plaats te maken voor het metroviaduct. In de jaren negentig werd de brug aan de kant van de ringweg verbreed om de symmetrie van de rijbanen aan weerszijden van het viaduct te behouden, waardoor het viaduct van lijn 6 tussen de twee rijbanen kwam te liggen. Deze uitbreiding, gebouwd van beton, is bekleed met steen om de harmonie van dit monumentale bouwwerk te bewaren. De brug, tot 1996 de grootste brug van Frankrijk, is 175 meter lang en bestaat uit 41 kleine, halfronde bogen bekleed met steen.


Pont de Bercy


De bovengrondse metro, gebouwd in 1903-1906 loopt dwars door het station Austerlitz




Alle bovengrondse stations van de Parijse metro zijn: 

metrolijn 1      Bastille

metrolijn 2      Barbès-Rochechouart, La Chapelle, Stalingrad en Jaurès

metrolijn 5      Station Austerlitz en Quai de la Rapée

metrolijn 6      Bel-Air, Quai de la Gare, Chevaleret, Nationale, Corvisart, Glacière, Saint           Jacques, Sèvres-Lecourbe, Cambronne, La Motte-Picquet - Grenelle, Dupleix,   Bir-Hakeim, Passy

metrolijn 8      Créteil - L'Echat, Créteil - Universiteit, Créteil Pointe du Lac

metrolijn 11    Coteaux Beauclair

metrolijn 13    Malakoff rue Etienne Dolet en Châtillon Montrouge



Structuren zoals we die kennen van Gustave Eiffel

 

Mijn tip: maak een wandeling door Passy (1), Neem daar de metro richting Nation en geniet vanuit de metro van een stukje Parijs in vogelvlucht. Stap uit bij metrostation Chevaleret en maak een wandeling langs het grootste Urban Art straatmuseum vanParijs (2). Klik op de twee nummers voor een uitgebreide omschrijving.



maandag 9 februari 2026

‘FEMMES ARTISTES’

 

In deze blog neem ik je mee naar het Atelier Néerlandais gevestigd aan de avenue Victoria 22 in het eerste arrondissement van Parijs. Het Atelier Néerlandais is een platform voor Nederlands ontwerp, de kunsten en het boek: voor culturele ondernemers. Het is onderdeel van de Nederlandse ambassade in Parijs, die het Atelier Néerlandais in 2014 heeft opgericht en financiert. Ondernemers, instellingen en zelfstandigen in de creatieve bedrijfstakken gebruiken het Atelier Néerlandais voor bijeenkomsten, productpresentaties, modeshows, cursussen en vergaderingen. Van 5 tot en met 22 maart is daar het werk te bewonderen van de Nederlandse en in Frankrijk wonende en werkende kunstenares Margot van Huijkelom.


Het Atelier Néerlandais gevestigd aan de avenue Victoria 22 in het eerste arrondissement van Parijs

 

‘Femmes Artistes’

Deze expositie is ontworpen door een vrouw (Margot van Huijkelom) om andere vrouwelijke kunstenaars in de spotlights te plaatsen, een eerbetoon om wie ze zijn, wat ze doen en de manier waarop ze hun werk creëren. Deze tentoonstelling, met steun van de ‘Fondation Signature’ en in samenwerking met het Atelier Néerlandais, heeft als doel een brug te slaan tussen de Nederlandse kunstscene en het Franse publiek, door Nederlandse vrouwelijke kunstenaars in de schijnwerpers te zetten. Speciaal voor deze tentoonstelling heeft Margot meer dan 25 Nederlandse kunstenaars geportretteerd van alle generaties en disciplines; schilders, schrijvers, dansers, fotografen en muzikanten. Elk portret is gemaakt met de techniek die het beste past bij het universum en de persoonlijkheid van de geportretteerde kunstenaar: aquarel, houtskool, olieverf, in diverse extra grote formaten: 100 x 140 cm, 220 x 200 cm, 190 x 150 cm en 80 x 70 cm. Alles vergezeld door een korte biografie die een verband legt tussen de betreffende kunstenaar en haar werk.



 Kunstenares Margot van Huijkelom in haar atelier 



Speciaal voor deze tentoonstelling heeft Margot meer dan 25 Nederlandse kunstenaars geportretteerd - Monique Klemann, zangeres



Portretten die je onder andere kunt bewonderen tijdens deze bijzondere expositie zijn o.a. die van Connie Palmen (schrijfster), Eugenie Boon (kunstenares geboren op Curaçao), Ludmilla Rodriguez (kunstenares, ontwerper en docent), Valentina Toth (actrice, zangeres, theatermaker, liedjesschrijver, cabaretier en voormalig pianiste), Els Reuver (danseres), Angélique Janssen (keramiste), Maria van Oosterwijck (kunstschilderes uit de barokperiode), Paola Kalshoven (kunstenares), Alexine Tinne (ontdekkingsreizigster en fotografe), Loes Visser (Dirigente), Michelle van de Roer (kunstenares), Nancy Faas (kunstenares), Miljuschka Witzenhausen (presentatrice, vj, soapactrice, culinair expert en televisiekok), Karolien van Mensvoort (ontwerpster) en Susan Smit (schrijfster, columniste).



Werken uit de expositie: Imre van Opstal - danseres en choreografe 

Te zijner tijd komt de expositie ook naar Nederland en zal te zien zijn in de Menno Kroon Estate te Cothen, in de provincie Utrecht



 

Prix Fabuleuse Signature 2025

De ‘Fondation Signature’, opgericht in 2019, door Natalia Logvinova Smalto, als eerbetoon aan haar echtgenoot, de modeontwerper Francesco Smalto, zijn zeer verheugd met het werk van Margot van Huijkelom als finaliste van de ‘Prix Fabuleuse Signature 2025’. Een beloning en erkenning van Margot die naar Frankrijk is gekomen om hier haar artistieke roeping te leven. De kandidaten die in aanmerking komen voor de ‘Cercle Fabuleuse Signature’, opgericht in 2023, zijn kunstschilders, beeldhouwers, graveurs, fotografen, dansers, choreografen, musici en componisten. De missie van de stichting is om uitzonderlijk talent te onthullen, te ondersteunen en te belonen via innovatieve en multidisciplinaire projecten. Aanvankelijk was de stichting tot 2023 gehuisvest bij het Institut de France maar de Fondation Signature heeft haar hoofdkantoor nu gevestigd in Genève Zwitserland.


In haar atelier werkt Margot van Huijkelom aan het portret van Maria van Oosterwijck - kunstschilderes uit de barokperiode



Flore Mace - chef-kok

 

Margot van Huijkelom

Voor het grote publiek werd de Nederlandse Margot van Huijkelom bekend door haar tekeningen van de Fashion Week, die groot werden afgedrukt in de Franse krant Le Monde.

Na het behalen van een masterdiploma Artez (Nederlandse hogeschool voor de kunsten) en een postacademische studie verliet ze Nederland om de wereld van Parijse elegantie te ontdekken die haar werk als art-director, ontwerper en mode-illustrator beïnvloedde.  Ze woont en werkt nu als modetekenaar en beeldend kunstenaar vanuit haar atelier in Barbizon, een kunstenaarsdorp net ten zuiden van Parijs. Inmiddels woont ze daar al zo’n vijfendertig jaar maar is ook nog regelmatig in Nederland te vinden. Haar werk is en wordt regelmatig gepubliceerd in vooraanstaande modebladen waaronder diverse edities van de Vogue Japan, l’Officiel, maar ook zijn haar illustraties opgenomen in verschillende boeken van de Duitse uitgever Taschen. Verder staan op haar klantenlijst namen als Harrods, reclame- en communicatie adviesbedrijf Publicis, Swarovski, cosmetica giganten als Clarins, l’Oreal en Lancôme. Voor de Franse krant Le Monde heeft ze tijdens de haute couture fashion week in Parijs gewerkt met Valentino en Dior. Als een van de weinige gelukkigen kreeg ze de vrijheid om backstage rond te lopen tijdens de catwalk shows. Na de shows naar huis om de mode-illustraties af te maken met een zeer strakke deadline, voor 5 uur ’s ochtends,  om die zelfde dag paginagroot te worden afgedrukt.


Ludmila Rodrigues - kunstenares, ontwerper en docent

 

“Tekenen en schilderen voelt voor haar als een permanente ontdekkingsreis, Margot maakt bijvoorbeeld haar eigen verf, verbrijzelt pigmenten en vermengt ze met grafietpoeder, marmer- poeder etc. etc. Als een kok in zijn keuken zoekt zij naar het goede recept, om zo met goede smaak en associaties haar werk spannend te maken. Zij gebruikt de materialen welke het meest adequaat zijn om haar onderwerp uit te drukken. Olieverf voor het vette van fluweel of leer, inkt en waterverf voor transparantie van bijvoorbeeld zijde, acrylverf voor taftzijde, een hoed of voor grafische accenten. Daar ligt ook de kracht van een goede mode illustratie. De volle texturen in reliëf versus de leegte van alleen een paar strepen. De kunst van het weglaten, het oog van de kijker mag het zelf invullen”.  De pers schreef over haar werk het volgende: Margot’s dromerige werken ademen een tijdloze elegantie uit die op het eerste gezicht boeit. Mode is voor haar een speeltuin en vertellen de vrouwen, die zij op een podium zet, verhalen.



Alexine Tinne - ontdekkingsreizigster en fotografe

 

DE MAKERS

In juli 2021 schreef ik al een blog over Margot van Huijkelom als een van DE MAKERS van Parijs. Zij zijn de creatieven, de mensen met ideeën, kunstenaars, dromers, en de durfals met  verbeelding, energie, ambitie en intuïtie om iets te creëren vanuit het niets. Ze brengen Parijs tot leven. Want wat zijn steden anders dan menselijke ecosystemen – netwerken – van mensen die gebouwen, monumenten, tuinen en straten tot leven brengen? Ik doel hierbij op Nederlanders in het meest opwindende menselijke netwerk van Parijs: ‘Zij zijn ‘DE MAKERS! Deze mensen zijn de motoren van enkele van de meest opwindende plaatsen van de stad. Geen cynische imitaties of het resultaat van berekende carrière moves, geen Instagram influencers of concepten uitgevonden door algoritmes; dit zijn mensen van vlees en bloed  die een verlengstuk zijn van hun passie en persoonlijkheid. Margot is een van die creatieven die ik steeds op de voet volg en die mij met haar prachtige werk steeds blijft verbazen.


Marte Röling - kunstenares

 

‘Women Artists’ door Margot van Huijkelom

Atelier Néerlandais, avenue Victoria 22, 1e arrondissement, metrostation Châtelet.

5 tot en met 22 maart 2026




maandag 2 februari 2026

FONDATION CARTIER, KRUISPUNT VAN KUNST EN INNOVATIE

 

Parijs, een stad die bekendstaat om zijn architectonische aanbod, ontwikkelt zijn landschap voortdurend met projecten die zijn skyline en culturele verhaal steeds opnieuw definiëren. Onlangs zijn Moreau Kusunoki en Frida Escobedo  aangekondigd als de hoofdarchitecten voor de renovatie van het beroemde Centre Pompidou. De Tour Montparnasse (210 m) sluit zijn deuren voor bezoekers op 31 maart 2026. Onder leiding van Nouvelle AOM (Franklin Azzi, ChartierDalix, Hardel Le Bihan), wordt de toren getransformeerd in een glazen gebouw met hotels, winkels en voorzieningen, en bovenop een serre voor fruit en groente. Maar meer recent de renovatie en verbouwing van het Louvre des Antiquaires.

 


Op 25 oktober 2025 gingen de rolluiken voor de ramen van het voormalige Louvre des Antiquaires omhoog. Veel voorbijgangers bleven staan om een eerste glimp op te vangen van de gloednieuwe Fondation Cartier, ontworpen door Jean Nouvel, en de tentoongestelde werken. Een soort van camera obscura om de wereld te observeren door middel van kunstwerken. In december 2013 gaf de Fondation Cartier de architect de opdracht om de locatie opnieuw te ontwerpen en een nieuwe ruimte voor hedendaagse kunst te creëren. Trouw aan zijn architectonische filosofie legt Jean Nouvel de nadruk op transparantie en verbinding met de stad. Grote erkers openen de Fondation Cartier naar de straat en creëren zo een visuele link tussen de openbare ruimte en de kunstwereld. De voormalige binnenplaatsen, nu overdekt met glazen daken, laten natuurlijk licht binnen, dat dankzij een systeem van intrekbare luiken wordt gemoduleerd afhankelijk van de tentoonstellingen. “Niets is permanent – niet de vloer, niet de muren, niet het plafond, alles is modulair”, aldus de studio van Jean Nouvel. Deze nieuwe locatie, aan de place du Palais Royal, zet de missie van de Fondation Cartier voort door een flexibele en open ruimte te bieden, ontworpen om hedendaagse kunst te huisvesten en tegelijkertijd het architectonische en stedelijke erfgoed van het gebouw te behouden.


De nieuwe locatie aan de place du Palais Royal tegenover het Grand Louvre

 

Bestaande ruimte opnieuw uitvinden

De nieuwe locatie beslaat 8.500 vierkante meter aan openbare ruimtes, waaronder 6.500 vierkante meter aan tentoonstellingsruimte, verdeeld over de kelder, begane grond en eerste verdieping, met vijf mobiele platforms elk variërend van 200 tot 340 vierkante meter en die elk een gewicht van één ton kunnen dragen. Een technisch hoogstandje aangedreven door geavanceerde katrollen en lieren die zo op elf verschillende hoogtes kunnen worden geplaatst. Een hybride van geavanceerde technologie die gebruikt wordt voor militaire vliegdekschepen en theaters.  Deze functie stelt de Fondation Cartier in staat om het oppervlak en de navigatie van het gebouw aan te passen aan de kunstenaars, afhankelijk van hun behoeften en wat ze van plan zijn te exposeren. Zo ontstaan gelaagde verticale ruimtes die tot 11 meter hoog kunnen zijn, waardoor de breedte en het gevoel van de ruimte worden vergroot. 


Het museum is uitgerust met mobiele platforms elk variërend van 200 tot 340 vierkante meter en die elk een gewicht van één ton kunnen dragen


Een hybride van geavanceerde technologie die gebruikt wordt voor militaire vliegdekschepen en theaters




De nieuwe locatie beschikt ook over 1.200 vierkante meter aan looppaden met uitzicht op de volumes die door de bewegende platforms worden gecreëerd. Het interieurontwerp van Jean Nouvel, die eerder het ‘Centre Monde Arabe’, het Musée Quai Branly, de Philharmonie, de Fondation Cartier aan de boulevard Raspail en de 240 meter hoge Tour Hekla in LaDéfense ontwierp, transformeert het historische gebouw op een manier die de ruimte in de loop van de tijd laat evolueren. Zijn ontwerp voorziet het gebouw van een flexibele structuur die kan worden aangepast en gewijzigd, waardoor de stichting kunstenaars kan ondersteunen en artistieke experimenten kan bevorderen.




Met deze transformatie benadrukt Jean Nouvel de architectonische en stedelijke elementen van de 19e eeuw, (het pand is ontworpen door Haussmann in 1855) terwijl hij tegelijkertijd hoge ramen toevoegt die de hele gevel beslaan. Hij liet het harmonieuze ritme van de 150 meter lange gevel onaangetast: hij opende simpelweg de ruimte tussen de zuilenrijen voor meer transparantie, waardoor het oog als het ware door het gebouw kon dwalen van de rue de Rivoli naar de rue du Faubourg Saint-Honoré. De transparantie geeft een nieuwe interpretatie aan de etalages van weleer en biedt voorbijgangers een complete visuele ervaring. Er is geen spoor meer te bekennen van het doolhof aan verdiepingen en winkels dat tot 1978 de warenhuizen van het Louvre en later de 240 antiekhandelaren van het Louvre des Antiquaires huisvestte. Naast tentoonstellingsruimtes zal het complex een restaurant, een boekwinkel en een hangende tuin omvatten, wat een samensmelting symboliseert tussen traditionele Parijse architectuur en een uitgesproken toekomstvisie.


Jean Nouvel opende simpelweg de ruimte tussen de zuilenrijen voor meer transparantie, waardoor het oog als het ware door het gebouw kon dwalen van de rue de Rivoli naar de rue du Faubourg Saint-Honoré

 

‘Exposition Générale’

Vanaf de openingsdag tot eind augustus 2026 is in de stichting een grote openings-tentoonstelling te zien, getiteld ‘Exposition Générale’. Het idee is om de geschiedenis te herbeleven en de kernidentiteit van de instelling te benadrukken, met zo'n 600 werken van meer dan 100 kunstenaars.  Onder hen bevinden zich de Britse kunstenaar Damian Hirst, de Amerikanen David Lynch, James Turell, Joan Mitchell, Ron Mueck en Patti Smith, evenals de Congolese kunstenaar Chéri Samba, de Franse fotograaf Raymond Depardon en de Malinese fotograaf Malick Sidibé, die sinds de opening in Jouy-en-Josas in 1984 tot op heden op de muren van de stichting hebben geëxposeerd. Sommige werken zijn al 40 jaar niet meer tentoongesteld. “Deze tentoonstelling toont het unieke karakter van de collectie en biedt een zeldzaam overzicht van internationale hedendaagse kunst over een periode van veertig jaar”, aldus de 83-jarige zakenman en kunstverzamelaar Alain Dominique Perrin, oprichter en voorzitter van de Fondation Cartier. De totale kunstcollectie omvat nu zo’n 4.500 kunstwerken waarvan vele wereldwijd in bruikleen zijn.

 

Alain Dominique Perrin

De stad Parijs heeft veel te danken aan deze man.  Perrin (1942) begon zijn riante loopbaan als vertegenwoordiger (1969) voor het bedrijf Briquet Cartier, jawel het befaamde juweliershuis, om zeven jaar later benoemd te worden tot CEO. Hij bedacht het concept "Must de Cartier" wat hem uiteindelijk de topfunctie van  President en CEO van Cartier International en Cartier SA oplevert.

 

Zijn voorliefde voor de kunst, ontstaan uit een vriendschap met de Franse kunstenaar César Baldaccini, doet hem besluiten om in 1984 een stichting op te richten voor promotie van de hedendaagse kunst: de Fondation Cartier pour l'Art Contemporain. In de tuinen en in het kasteel van het Château de Montcel, in Jouy-en-Josas, even buiten Parijs krijgen kunstenaars een alternatieve tentoonstellingsruimte, waar zij zich vrij kunnen ontwikkelen en werken aan projecten in opdracht van Cartier. Hiermee bestendigt hij de naam van Cartier in de culturele wereld.



Allain Dominique Perrin
 

In 1994, na tien jaar ondergebracht te zijn in Jouy-en-Josas in de buurt van Versailles, verhuisde de Fondation Cartier naar een gebouw van glas en staal in het centrum van Parijs, dat speciaal voor Cartier is ontworpen door de Franse architect Jean Nouvel. Aan de Boulevard Raspail, op de plek waar Chateaubriand, Frans schrijver en politicus, in 1823 een Libanese ceder plantte. De grote façade van glas aan de buitenzijde verlengt het perspectief van de boulevard Raspail en vormt een bijzondere harmonie tussen kunst en planten, zowel binnen als buiten. 1200 m² tentoonstellingsruimte verdeeld over zes niveaus, hier  werden jaarlijks vijf tentoonstellingen georganiseerd rond alle vormen van hedendaagse kunst waaronder; design, fotografie, schilder- en beeldhouwkunst. De laatste tentoonstelling aldaar was die van textielkunstenaar Olga de Ameral. Het schitterende gebouw aan de boulevard, waar de Fondation Cartier slechts huurder was, ligt nu in handen van de eigenaar, het bedrijf Groupama. Zal het een tentoonstellingsruimte blijven? Het blijft vooralsnog een mysterie.

 


Exposition Générale




De ambitie van Perrin gaat verder. In 1980 koopt hij het kasteel Lagrézette, in de buurt van Cahors. Een gebouw uit de vijftiende eeuw en historisch monument. De restauratie van het gebouw, de tuinen en wijngaarden, duurt tien jaar. De wijnen van Château Lagrézette worden nu gerangschikt onder de top 100 wijnen van de wereld.


Werken uit de 40 jarige kunstcollectie nu te zien in de Exposition Générale



In 1995 koopt Alain zijn oude school, het EDC, ‘Ecole des Dirigeants et Créateurs d’Entreprise’. De particuliere school, gevestigd in Parijs La Défense, krijgt als doel het voortbrengen van leiders en ondernemers. Met meer dan 12.000 afgestudeerden wordt het EDC beschouwd als een van de beste business schools ter wereld.




In 1999 wordt hij het hoofd van de Richemont Group. Na LVHM de tweede groep voor luxe artikelen in de wereld, vooral gespecialiseerd in sieraden, horloges en accessoires van 18 internationale topmerken waaronder: Cartier, Van Cleef & Arpels, Baume & Mercier, Jaeger LeCoultre, Lange & Söhne, IWC, Piaget, Montblanc, Lancel, Dunhill en nog vele anderen.

Perrin heeft het altijd natuurlijk gevonden dat een huis als Cartier, dat leeft van zijn sieraden en horloges. een deel van zijn inkomsten aan kunstenaars schenkt.



 



Nu verhuisd naar de place du Palais Royal in het eerste arrondissement hoopt de Fondation Cartier te profiteren van de toestroom van bezoekers naar 's werelds meest bezochte museum, het Grand Louvre, (negen miljoen in 2024) om zo het bezoekersaantal te verhogen, te voldoen aan de verwachtingen van de trouwe bezoekers, maar ook een nieuw publiek aan te trekken.   Het nieuwe gebouw, gelegen op een steenworp afstand van les Colonnes de Buren, het Ministerie van Cultuur, in het hart van een legendarische culturele as bestaande uit het Grand Louvre, de Comédie-Française, het Musée des Arts Décoratifs, de Bourse de Commerce, waar de privécollectie van zakenman François Pinault is ondergebracht, het Musée Jeu de Paume, het Musée Orangerie en het Hôtel de la Marine, doet recht aan de omvang van de collectie en haar geschiedenis.


Ron Mueck


Dit project, waarvan de kosten worden geschat op zo’n 230 miljoen Euro, is een van de meest gedurfde architectonische initiatieven van de afgelopen jaren.




Het nieuwe Fondation Cartier pour l’art contemporain is een laboratorium voor architectuur en techniek, waar erfgoed en innovatie samenkomen ten dienste van hedendaagse kunst.

Note: alle afbeeldingen zonder uitleg zijn werken uit de huidige Exposition Génerale die nog te zien is tot en met 28 augustus 2026