Paris FvdV is een niet commercieel weblog speciaal voor kenners en liefhebbers van de stad Parijs - en voor hen die dat willen worden. Parijs is een stad met een gewichtig verleden, respectabel en gerespecteerd. Het is totaal niet nostalgisch. Parijs is er in geslaagd om, soms op brutale maar altijd op elegante wijze, om te gaan met zijn grootse monumenten. Ze te beschermen en te integreren in de nieuwe dynamiek van de stad. Parijs is een meester op het gebied van herstel en transformatie. U zult er nooit in slagen een volledig overzicht te maken van plekken en verhalen, die allemaal op hetzelfde punt uitkomen en de glorie van deze stad bezingen. toch wil ik een poging wagen. Wekelijks wil ik u niet alleen informeren over wat Parijs nog meer te bieden heeft, maar ook wil ik mijn liefde voor deze stad op u over dragen. In de hoop dat het raakt aan iets wat u herkent of voelt. Ferry van der Vliet.

Privacy verklaring: Indien u weblog Paris FvdV, dat bij Google-Blogger is ondergebracht, leest en reageert op de blogs van Paris FvdV, doet u dat vrijwillig en is uw IP-adres en mailadres - indien u dat vermeld - bekend en wordt opgeslagen. Ook uw schuilnaam waaronder uw reageert wordt opgeslagen. Paris FvdV zal uw gegevens nooit aan derden doorgeven. We houden uw gegevens privé, tenzij de wet of rechtelijke macht ons dwingt uw gegevens aan hen te verstrekken. Datalekken in het systeem vallen onder de verantwoordelijkheid van Google-Blogger. Door weblog Paris FvdV te bezoeken en/of de op of via deze weblog aangeboden informatie te gebruiken, verklaart u zich akkoord met de toepasselijkheid van deze disclaimer. Google gebruikt cookies om services te leveren en verkeer te analyseren dus uw IP-adres en user-agent zijn bij Google bekend, samen met prestatie- en beveiligingsstatistieken om servicekwaliteit te garanderen, gebruiksstatistieken te genereren, misbruik te detecteren en maatregelen te treffen.

woensdag 17 juni 2026

BEYOND THE STREETS, EEN MONUMENTALE PARIJSE EDITIE


Tot en met 30 augustus 2026 is de Grande Halle de la Villette met de komst van de monumentale expositie ‘BEYOND THE STREETS’, het wereldwijde epicentrum van urban art. Na edities in Los Angeles, New York, Shanghai en Londen strijkt deze toonaangevende tentoonstelling neer in het 19e arrondissement in Parijs. ‘Beyond The Streets’, gecreëerd door Roger Gastman, een gerenommeerd graffiti-historicus en curator, heeft al publiek in verschillende grote internationale steden weten te boeien voordat de tentoonstelling in Parijs arriveerde. Zijn doel is duidelijk: het verhaal van graffiti en urban art vertellen aan de hand van de mensen die het hebben vormgegeven. 

De tentoonstelling traceert de oorsprong van moderne graffiti terug naar de straten van New York in de late jaren ‘60 en vroege jaren ‘70. Pioniers zoals Cornbread en TAKI 183 hielpen een nieuwe vorm van stedelijke expressie te creëren, gericht op handtekeningen (tags), zichtbaarheid en het toe-eigenen van de openbare ruimte. Geleidelijk aan werd het New Yorkse metrostelsel het canvas voor een explosie van creativiteit die veel verder ging dan alleen het schrijven van namen of pseudoniemen.

 

Aan de hand van historische foto's, zeldzame archiefstukken en iconische kunstwerken laat ‘Beyond The Streets’ zien hoe deze praktijk zich over de hele wereld verspreidde. De tentoonstelling belicht ook de essentiële rol van fotografen zoals Martha Cooper, wier beelden de opkomst van graffiti documenteerden en deze cultuur hielpen de Amerikaanse grenzen te overstijgen. 




De tentoonstelling gaat verder dan een puur historisch perspectief. Ze laat zien hoe straatkunst zich door de decennia heen heeft ontwikkeld en nieuwe esthetische gebieden heeft verkend. Monumentale muurschilderingen, meeslepende installaties, stedelijke interventies en digitale kunstwerken getuigen allemaal van het opmerkelijke vermogen van de beweging om zichzelf steeds opnieuw uit te vinden.


Monumentale muurschilderingen en meeslepende installaties



3600 m² Aan originele werken en meeslepende installaties die speciaal voor Parijs zijn gecreëerd. De tour verkent de evolutie van de beweging, van beschilderde metrotreinen tot prestigieuze galerieën, met legendes als FUTURA 2000, Shepard Fairey, Lady Pink JonOne, André Saraiva, Felipe Pantone, Mister Cartoon, Vhils, Yoshi Omori en Invader. De Franse scene krijgt een centrale plaats, met meer dan een dozijn kunstenaars in de schijnwerpers, waaronder JR, die nu de Franse hoofdstad tot leven brengt met zijn monumentale installatie ‘La Caverne du Pont Neuf’.


‘La Caverne du Pont Neuf’ van de Franse street artist JR

 

Verwacht bij ‘Beyond the Streets’ geen gewone tentoonstelling. Bereid je voor op een meeslepende ervaring gewijd aan de stedelijke cultuur. Hier zie je natuurlijk toonaangevende en nooit eerder vertoonde werken van onmisbare straatkunstenaars en graffitikunstenaars. Bezoekers kunnen werken bewonderen van meer dan 100 kunstenaars, waaronder muurschilderingen, monumentale sculpturen, foto's en archiefvideo's, zoals die van JR. Maar de tentoonstelling gaat nog een stap verder en nodigt bezoekers uit om zich onder te dompelen in speciaal voor de gelegenheid gebouwde decors. Deze ruimtes, die zijn vormgegeven als echte filmsets, bieden een visuele reis door de sfeer van Londen, New York en Parijs. Het doel? Laten zien hoe deze beweging, die lange tijd als underground werd beschouwd, de hedendaagse visuele cultuur wereldwijd heeft gevormd.



De tentoonstelling nodigt bezoekers uit om zich onder te dompelen in speciaal voor de gelegenheid gebouwde decors



Werk van de Franse street artist FUZI




Een van de hoogtepunten van de Parijse editie is de prominente plaats die is toegekend aan Shepard Fairey, een van de meest invloedrijke figuren in de hedendaagse urban art. Fairey, internationaal bekend om zijn Obey Giant-project en de iconische ‘Hope’-poster die hij maakte tijdens de presidentiële campagne van Barack Obama, krijgt een bijzonder ambitieuze presentatie binnen ‘Beyond The Streets Paris’. 



Shepard Fairey


Ongeveer vijftig originele werken zijn bijeengebracht en bieden een opmerkelijk overzicht van zijn artistieke carrière, van grafische composities, geïnspireerd door politieke propaganda, tot maatschappelijk geëngageerde werken die milieu-, sociale en humanitaire kwesties behandelen. Shepard Fairey leende niet alleen kunstwerken uit, maar reisde persoonlijk naar Parijs om toezicht te houden op de installatie van zijn deel, waardoor een samenhangende dialoog tussen de verschillende tentoongestelde werken werd gewaarborgd.


Obey - Shepard Fairey



Shepard Fairey

De tentoonstelling belicht ook Invader, wiens werk onlosmakelijk verbonden is geraakt met het Parijse stadsbeeld. Trouw aan zijn werkwijze om steden wereldwijd te 'veroveren' met mozaïeken geïnspireerd op vroege videogames, greep de kunstenaar de gelegenheid aan om zijn interventie in de wijk La Villette voort te zetten.  Deze aanwezigheid onderstreept de mate waarin 


Onmiskenbaar Invader


Invader heeft bijgedragen aan de integratie van straatkunst in het collectieve bewustzijn, waardoor de zoektocht naar zijn mozaïeken is uitgegroeid tot een waar internationaal cultureel fenomeen. Parijs onderhoudt al tientallen jaren een unieke relatie met graffiti. Vanaf de jaren ‘80 ontwikkelde de stad zich tot een van Europa's belangrijkste broedplaatsen voor de beweging, met name door de opkomst van de hiphopcultuur en de verschijning van kunstenaars die al snel invloedrijke figuren zouden worden.


'Positive / Negative' - samenwerking tussen Invader & Shepard Fairey

 

Naast de kunstwerken zelf onderscheidt ‘Beyond The Streets’ zich door de ambitieuze scenografie. La Grande Halle de la Villette is omgetoverd tot een authentieke stedelijke omgeving waar bezoekers zich bewegen tussen monumentale installaties, nagebootste iconische ruimtes en speciaal voor de gelegenheid gecreëerde werken.






Een van de belangrijkste boodschappen van de tentoonstelling betreft de geleidelijke erkenning van een beweging die ooit gemarginaliseerd was. Jarenlang werkten graffitikunstenaars in een omgeving die gekenmerkt werd door repressie en onbegrip. Tegenwoordig worden hun werken tentoongesteld in musea, opgenomen in de collecties van belangrijke instellingen en bestudeerd door kunsthistorici. In plaats van deze complexe geschiedenis uit te wissen, benadrukt de tentoonstelling hoe de spanning tussen legaliteit en illegaliteit, tussen instellingen en de straat, heeft bijgedragen aan de vorming van de identiteit van de beweging. Het is precies deze rebelse energie die de creatieve vitaliteit ervan blijft voeden.


Deze tentoonstelling benadrukt de spanning tussen legaliteit en illegaliteit, tussen instellingen en de straat


Psychedelica





‘Beyond The Streets’ is een van de belangrijkste culturele evenementen van dit jaar in Parijs. De tentoonstelling vertelt op succesvolle wijze meer dan een halve eeuw stedelijke geschiedenis en viert tegelijkertijd hedendaagse creativiteit en is tevens een eerbetoon aan de Franse graffiti-scene en de rijke geschiedenis van graffiti in Parijs.


Werk van de Nederlander Boris Telleger


Een boetiek, ontworpen in samenwerking met Sarah Andelman (oprichter van Colette), biedt gedurende de hele tentoonstelling limited editions, samenwerkingen met kunstenaars en exclusieve artikelen aan.



 'Optichrome structural instability 2026 - Felipe Pantone

Grande Halle de La Villette, Parc de la Villette - 211 avenue Jean Jaurès – metrostation Porte de Pantin, lijn 5.

Openingstijden: Dinsdag tot en met vrijdag van 11.00 tot 19.00 uur. Zaterdag van 11.00 tot 20.00 uur en zondag van 11.00 tot 18.00 uur. Tickets vanaf € 20,90 tot € 39. 


maandag 8 juni 2026

VERBORGEN JUWEELTJES IN BELLEVILLE


De industriële revolutie die heel Europa in de 19e eeuw in de ban hield transformeerde het Parijse stadsbeeld volledig. Dit fenomeen wordt des te meer zichtbaar door de uitvoering van belangrijke herontwikkelingsplannen door Haussman, die steeds meer industrieën en de daarbij behorende arbeidersbevolking verplaatst naar de perifere Parijse arrondissementen en de omliggende steden. Tegelijkertijd, met de toename van werkplaatsen en fabrieken, neemt de bevolking sterk toe. In de Faubourg woonden ontzettend veel arbeiders-gezinnen maar ook vele ambachtslui. Dat was weer te danken aan Lodewijk XI die de Faubourgs totale vrijheid gaf voor het vestigen van beroepen en gilden. In de Faubourg Saint-Antoine konden ambachtslieden vrij werken, zonder de toen geldende verplichtingen, te werken volgens genormaliseerde technieken zoals het werken 'à boutique ouverte'. Voorbijgangers konden zo oordelen over de kwaliteit van de gebruikte materialen. Nachtwerk werd zwaar gestraft want dat zou geknoei in de hand werken.


Mijn wandeling begint in de rue Faubourg du Temple
 

Parijs is de stad van ontdekkingen. Het verbergt nog steeds achter zijn poorten of prominent op zijn gevels overblijfselen van zijn rijke industriële en ambachtelijke verleden. In verborgen passages, geplaveide binnenplaatsen of aanpalende straatjes vind je nog enige ambachtelijke activiteiten, maar de arbeiders van weleer hebben plaatsgemaakt  voor jonge ondernemers, webdesigners en reclamelui, ‘fils de pub’, zoals die in het Frans heten. Ateliers waar jonge designers, modeontwerpers actief zijn en waar eigenzinnige kunstenaars open huisdagen organiseren. Een proces van verovering van onroerend goed door de midden- en hogere klassen. In deze blog neem ik je mee langs enkele pareltjes van het industriële Parijs.

 

Ik stap uit bij metrostation Goncourt, lijn 11 tussen République en Belleville en volg de rue du Faubourg du Temple die de scheidingslijn aangeeft tussen het 10e en 11e arrondissement. Het is een kosmopolitische wijk waar veel immigranten wonen. Maar deze wijken zijn  de laatste tijd steeds populairder aan het worden onder de voornamelijk jonge Parijzenaars. Dat is ook de reden dat dit arrondissement steeds meer opduikt in reisgidsen en trendy modebladen. Naast het oude volkse Parijs, is het ook het thuis van een exotische gemeenschap van Arabieren, Chinezen en Vietnamezen, maar ook van kunstenaars, jonge startende ondernemingen en studenten, die de dure universiteitsbuurten zijn ontvlucht. Hier kunnen we nog de ruwe kant van Parijs aanschouwen. Geef dit arrondissement nog 10 jaar de tijd en dan is het net zo in trek als de Marais.


Een van de mooiste passages in het 11e arrondissement op nummer 105, rue Faubourg du Temple

 

Een prachtig voorbeeld hiervan vinden we op nummer 105, Faubourg du Temple. Een prachtige lift aan het einde van een bijzondere passage trekt onmiddellijk mijn aandacht met grote letters; 'La Java'. La Java is een concertzaal gevestigd in de kelders van de galerie 'le Palais du Commerce', ooit geopend in 1923, en was in die tijd een van de meest swingende nachtclubs van Parijs, waar grote namen optraden als Django Reinhardt, Jean Gabin, Fréhel en helemaal in het begin Maurice Chevalier en Edith Piaf. Nu is La Java gespecialiseerd in Latijs Amerikaanse- en allerlei soorten elektronische muziek en mateloos populair bij jongeren.

 

Statige trappen langs prachtige glas-in-loodramen




Van dichtbij bekeken dienen voormalige 'liftdeuren' als ingang naar de nachtclub. Aan weerszijden trekken de statige trappen langs prachtige glas-in-loodramen vervolgens mijn aandacht. Bovenaan een gesloten hek dat op mijn vraag vriendelijk wordt geopend door twee jonge mensen die schijnbaar hier hun bedrijfje hebben. Twee etages met rondlopende galerijen waar links en rechts ateliers zijn ingericht voor jonge ondernemers. Mijn eerste passage van die dag is adembenemend mooi. Ik laat het oordeel graag aan u over na het zien van de foto's.


Twee etages met rondlopende galerijen waar links en rechts ateliers zijn ingericht voor jonge ondernemers




Schuin tegenover 105 ligt de ingang naar Passage Piver, een onderdoorgang die mij voert door een nietszeggend straatje. Alhoewel; halverwege, op nummer 5, stuit ik op een poort die toegang geeft tot een prachtig industrieel pand van de Societé Th. Grimmeisen. Theodore Grimmeisen afkomstig uit de Elzas , kuiper van beroep, besloot in 1870 te verhuizen naar Parijs. Hier bouwde hij een fabriek aan de rand van Belleville. Zijn zoon werkte daar aan een manier om de houten vaten beter luchtdicht af te sluiten en kwam zo op de vinding van de rubber stop. De kleinzoon van Theodore, George Grimmeisen bedenkt in 1930 de colibri-laars geheel vervaardigd uit een stuk rubber in vorm geblazen met perslucht. In 1936 ontwikkelt hij, vanuit zijn favoriete hobby tennis, een speciale tennisschoen met een gevulkaniseerde rubberen zool en ventilerend katoen.


Impasse Piver 5, de ingang naar een prachtig stukje industrieel erfgoed

 

Het merk Spring Court is geboren. Georges overlijdt in 1956 en zijn broer Theodore Louis neemt het bedrijf over. De schoenen zijn vooral bekend door de legendarische platenhoes van Abbey Road waar John Lennon loopt op de schoenen van Spring Court. Later bleken het ook de favoriete schoenen van Serge Gainsbourg te zijn. Sinds haar oprichting heeft Spring Court meer dan 25 miljoen paar  tennisschoenen verkocht. De fabriek bestaat nog steeds, echter niet meer op deze plek. Wel is er het hoofdkantoor gevestigd en verder kleine creatieve bedrijfjes, een boetiek, een sportschoenenwinkel en een charmant restaurant. Bij goed weer kun je buiten op het terras lunchen tussen de Fransen, want bij Atelier des Mélanges komen nauwelijks toeristen. De gebogen stalen balken aan ’t plafond verraden nog altijd de industriële afkomst van ’t gebouw.


De Societé Th. Grimmeisen nog zichtbaar in de cour

 

Vanuit de Passage Piver slaan we links de rue de l'Orrillon in om meteen rechts de rue Morand in te gaan. Deze lopen we helemaal af tot de rue Jean-Pierre Tibaud. Tegenover het beeld met een vermoeiend ogende 'Le Penseur' zien we de ingang naar het 'Maison des Métallos', nu ’n hip cultureel centrum, maar vroeger een fabriek van koperen muziek-instrumenten, van ’t bedrijf Couesnon, dat zich hier in 1881 vestigde. Boven de ingang zie je in het stalen hekwerk een luit, welke symbool staat voor de geschiedenis van het gebouw. De fabriek produceerde muziekinstrumenten die wereldberoemd werden door onder andere Amerikaanse jazzmuzikanten, waaronder Sydney Bechet (klarinet en sax) en Bill Coleman (trompet). Het merk bestaat nog steeds onder PGM Couesnon en is nu gevestigd in Aisne, in Etampes-sur-Marne zo'n 90 km van Parijs.



Tegenover het beeld met een vermoeid ogende 'Le Penseur' zien we de ingang naar het 'Maison des Métallos'


'Maison des Métallos', nu ’n hip cultureel centrum



De ingang naar een vroegere fabriek van koperen muziek-instrumenten, ’t bedrijf Couesnon



Een catalogus van Couesnon uit 1912




Cour de l’Industrie

Ik blijf in het 11e arrondissement, op nummer 37bis van de rue de Montreuil liggen drie verscholen binnenplaatsen die in de periode 2012 tot 2016 door de stad Parijs zijn gered van de ondergang en nu zelfs op de lijst staan van historisch erfgoed. De Cour de l’Industrie; sinds de 17e eeuw was hier een heel houtbewerkers gilde gevestigd. Dit was voor eeuwen dé plek wanneer je nieuwe meubels nodig had voor je Parijse appartement. Na een periode van ernstig verval in de vorige eeuw en intensieve restauratie is de Cour in haar volle glorie hersteld. 




De Cour bestaat uit 8 gebouwen verdeeld over drie gangen, met een totale oppervlakte van bijna 6.000 vierkante meter. Sinds 2016 hebben zo’n 50 kunstenaars en handwerkslieden hier hun ateliers. De meeste ambachtslieden trainen hier zelf hun leerlingen en vele kunstenaars bieden cursussen aan in hun werkplaatsen. De binnenplaatsen hebben weer het originele plaveisel, de gebouwen zijn van baksteen in combinatie met houten balken waardoor ze iets weg hebben van vakwerkhuisjes. Een absoluut unicum in de stad en zeker een bezoek waard.

Metrostation Faidherbe-Chaligny, lijn 8. 


woensdag 27 mei 2026

DE ARC DE TRIOMPHE DE L’ÉTOILE

 

Ons ‘point de départ’ is dit keer een ster: de Étoile. Het plein is officieel herdoopt tot place Charles de Gaulle, maar iedereen gaullist of anti-gaullist heeft het nog steeds over de (place de l) ’Étoile, de ster. Het vermaarde verkeersplein, dat vandaag de dag de naam draagt van Charles (André Joseph Marie) de Gaulle, een Frans militair, politicus, de 18e president van de Franse Republiek en de grondlegger van de Vijfde Republiek, kwam reeds voor in de plannen die de architect Gabriel in de 18e eeuw ontwierp voor de aanleg van de afgelegen terreinen ten westen van Parijs. Buiten de bebouwde kom lagen in die tijd slechts velden en moerassen. In het midden van het plein moest, bij wijze van een monumentaal oriëntatiepunt, een obelisk worden geplaatst. Nog stoutmoediger; een stenen olifant. Uit zijn slurf zouden ze een waterstraal laten spuiten. Maar het idee om er een triomfboog neer te zetten, sproot uit het brein van Napoleon.

 

Place de l'Étoile - foto Wikipedia


“Jullie zullen naar huis terugkeren door triomfbogen”, beloofde Napoleon zijn mannen na zijn grootste overwinning, de Slag bij Austerlitz in 1805. Tussen 1806 en 1808 krijgt als eerste de Arc de Triomphe du Carrousel, aan de voorzijde van het in 1871 gesloopte château des Tuilleries, gestalte. In die tijd, Napoleon had een voorliefde voor de Romeinse Oudheid, werden drie Romeinse triomfbogen als ideaal beschouwd: die van Titus, Septimus Severus en die van Constantijn. De mooie zuilen van roze marmer zijn een ode aan de veldslagen van 1805. De paarden zijn inmiddels kopieën van het originele vierspan dat Napoleon jatte van het San Marcoplein in Venetië. Overigens hadden de Venetianen deze paarden weer gestolen in Istanbul. Het was Lodewijk de XVIII die de paarden weer teruggaf aan de Venetianen, maar dat terzijde.


Arc de Triomphe du Carrousel

 

Op 18 februari 1806 verordent Napoleon I de bouw van weer een triomfboog, ter ere van de militairen van het Grote Leger van de Revolutie en het Keizerrijk. Dit monument moest Parijs domineren en de architecten Chalgrin en Raymond volgen het voorbeeld van de Romeinse triomfboog van Titus: één enkele boog met zuilen. Het uiterlijk en de bestemming van de Arc de Triomphe, die geleidelijk tussen 1806 en 1836 gestalte kregen, worden niet minder dan zes maal grondig gewijzigd. Allereerst zorgde de bouw van de 50 meter hoge triomfboog voor de nodige problemen. Voor de stabilisatie van het 45 meter brede gebouw in de weke grond waren funderingen nodig van meer dan 8 meter diep. Het totaalgewicht van het monument, gebouwd uit steen uit de groeven van Château Landon, is ongeveer 100.000 ton. Het definitieve plan van de architect wordt pas in 1809 goedgekeurd. Op 15 december 1840 reed de katafalk met Napoleons stoffelijke resten, die eindelijk uit Sint-Helena mochten worden overgebracht, er onderdoor op weg naar de Invalides. Ondanks de bittere kou stonden er honderdduizend belangstellenden langs de weg.

 

Het project van François Thérèse Chalgrin


Sindsdien hebben er zich heel wat ontroerende gebeurtenissen afgespeeld; in 1885 de begrafenis van Victor Hugo. Zijn dode lichaam lag twee dagen opgebaard onder de poort. In 1940 marcheerden Duitse troepen demonstratief onder de boog door de stad in. Op dezelfde plek werd vier jaar later de overwinning gevierd door de begroeting van generaal De Gaulle na de bevrijding van Parijs in 1944. De ceremonies die ieder jaar plaatsvinden op 11 november ter herdenking van de wapenstilstand in 1918, het militaire defilé op 14 juli, Quatorze Juillet, de viering van de nationale feestdag, en dagelijks, een emotioneel eerbetoon waarbij de ‘Vlam van de Natie boven het graf van de Onbekende Soldaat opnieuw wordt aangestoken. Deze ceremonie vindt elke avond om 18.30 uur plaats. En last but not least de jaarlijkse slotetappe van de Tour de France. 

De place de l’Etoile werd in 1854 op de schop genomen door Haussmann (wie anders?). Aan de reeds bestaande lanen voegde hij er nog zeven toe, en gaf Hittorf opdracht de panden aan het plein op elkaar af te stemmen. De place de l'Étoile werd officieel omgedoopt tot place Charles de Gaulle op 13 november 1970, slechts vier dagen na het overlijden van Charles de Gaulle in zijn landhuis La Boisserie in Colombey les Deux Églises.


De Arc de Triomphe zoals wij hem kennen


Je bent niet in Parijs geweest als....

 

Het voorgaande is een inleiding tot waar ik het eigenlijk over wilde hebben, namelijk de ‘slimme’ architectuur en de prachtige reliëfs die de Arc de Triomphe sieren. Jean-François Chalgrin (1739 -1811), die voor het ontwerp tekende, had de briljante ingeving de bogen aan de zijkanten te herhalen. Daarmee hief hij de ‘aswerking’ van de boog op waardoor deze beter paste bij het ronde plein. Pas in de jaren 1830 werden bij verschillende kunstenaars in totaal vier monumentale beeldengroepen besteld.



 

La Marseillaise - Le départ des volontaires

De bekendste is waarschijnlijk La Marseillaise gemaakt door François Rude tussen 1833 en 1836. Dit reliëf illustreert een essentiële gebeurtenis in de revolutionaire geschiedenis: de dienstplicht van 1792, waarbij bijna 200.000 mannen, in opdracht van de l'Assemblée législative (de Wetgevende Vergadering), de verdediging van Frankrijk organiseerden tegen de buitenlandse legers die zich tegen de revolutionairen hadden verenigd. De beeldhouwer gebruikte geen historische kostuums of wapens uit de tijd van de Revolutie maar koos voor een meer romantische stijl bedoeld om een universele dimensie te bereiken en de strijd van elk volk, wie het ook moge zijn, te symboliseren om te verdedigen wat hen toebehoort. Het hoog reliëf beeldt le génie de la Liberté (de geest van de Vrijheid) uit als een gevleugelde vrouw die een noodkreet slaakt in het aangezicht van de vijandelijke invasie. Ze roept het volk op tot de strijd en zwaait met haar zwaard. Onder deze figuur leidt een bebaarde, gepantserde krijger een naakte jongeman bij de schouder, terwijl hij met zijn helm zwaait als teken om te vertrekken en zich te hergroeperen. Hij lijkt het advies van een bebaarde oude man op de achtergrond te negeren.

Het reliëf is te zien aan de rechterzijde van de boog met zicht op de Champs-Élysées.



 

Le Triomphe

De Triomf van Napoleon, gemaakt door Jean-Pierre Cortot. Dit illustreert het jaar 1810, het jaar van de uitbreiding van het Napoleontische Rijk door talloze veroveringen en gewonnen veldslagen, maar ook het jaar van zijn huwelijk met Marie-Louise van Oostenrijk, waarmee zijn dynastie werd veiliggesteld. Napoleon I wordt hier afgebeeld in klassieke kleding, met een zwaard aan zijn zijde en gekroond met het symbool van Victoria. Op de achtergrond, rechts, knielt een man met gebonden handen en brengt een gevangene aan de voeten van zijn overwinnaar. Links knielt een allegorische stad eveneens voor haar overwinnaar, die een beschermende hand uitstrekt. Achter haar graveert de muze van de Geschiedenis de triomfen van de keizer op een tablet. Een gevleugelde kijkt uit over het tafereel, blaast op een trompet en zwaait met een banier tegen een achtergrond van palmbomen, een boom die doet denken aan Napoleons expeditie naar Egypte.

Het reliëf is te zien aan de linkerzijde van de boog met zicht op de Champs-Élysées.




La Résistance

Dit hoog reliëf van Antoine Etex symboliseert het verzet van de natie in 1814 tegen de invasie van buitenlandse troepen die zich tegen Napoleon hadden verenigd. Rusland en Oostenrijk waren het gebied binnengevallen en bezet, tot aan Parijs toe. Verzet tegen een invasie is hét nationale thema bij uitstek: tegenover de vijand moeten alle interne verdeeldheden binnen een land worden uitgeroeid, zodat de natie haar eenheid kan herwinnen en de integriteit van haar grondgebied kan behouden. Een naakte krijger, met in zijn rechterhand een zwaard, maakt zich klaar om zijn vaderland te verdedigen. Rechts van hem probeert een oude man hem tegen te houden. Links van hem probeert zijn vrouw, met hun kind in haar armen, hem ook te overtuigen om niet te gaan. De bebaarde, ongewapende ruiter valt van zijn paard, alsof hij door de bliksem is getroffen. Hij symboliseert het offer van de patriot voor zijn land . De Geest van de Toekomst, met uitgestrekte vleugels, dicteert de plicht van verzet van de soldaat.

Het reliëf is te zien aan de linkerzijde van de boog met zicht op de avenue de la Grande Armée.



 

La Paix

Dit werk is eveneens van de beeldhouwer Antoine Etex. Het reliëf van de Vrede, vormt een logisch vervolg op de gebeeldhouwde groep van het Verzet. Na het Verdrag van Parijs van 1815 keerde de vrede terug in Frankrijk, ondanks Napoleons poging om tijdens de Honderd Dagen opnieuw de macht te grijpen. De soldaat in het midden van de compositie steekt zijn zwaard in de schede; de oorlog is voorbij. De ploeg, de stier en de boer symboliseren de terugkeer naar een bloeiende landbouw. De moeder en het kind vertegenwoordigen het gezin en de hernieuwde mogelijkheid tot onderwijs. Alle fundamentele activiteiten van een welvarende natie zijn samengebracht. Minerva, gehelmd en met een speer in de hand, domineert de groep als godin van de overwinning en inspirator van de kunsten en vredeswerken.

Het reliëf is te zien aan de rechterrzijde van de boog met zicht op de avenue de la Grande Armée.

 

De Arc de Triomphe is verder op alle gevels versierd met talloze bas-reliëfs die de veldslagen van de keizer uitbeelden. Verschillende beeldhouwers werden voor dit werk ingeschakeld. 

·       Naar het oosten: De begrafenis van Marceau door Henri Lemaire en de Slag bij Aboukir door Seurre de Oudere 

·       Naar het westen: de oversteek van de Arcole-brug door Jean-Jacques Feuchère en de verovering van Alexandrië door John-Étienne Chaponnière 

·        Naar het zuiden: de Slag bij Jemappes door Charles Marochetti 

·        In het noorden: de Slag bij Austerlitz door Jean-François-Théodore Gechter

 

Detail van La Marseillaise
 

Het Graf van de Onbekende Soldaat

Sinds 28 januari 1921 herbergt de Arc de Triomphe het Graf van de Onbekende Soldaat. Op 26 november 1916 , terwijl de gevechten van de Eerste Wereldoorlog nog lang niet voorbij waren, opperde Francis Simon, voorzitter van het Franse Herdenkingscomité van Rennes het idee van een Frans eerbetoon aan de onbekende gesneuvelde soldaten. “Waarom zou Frankrijk de deuren van het Pantheon niet openen voor een van deze onbekende strijders die dapper voor het vaderland zijn gestorven? De begrafenis van een gewone soldaat onder deze koepel waar zoveel helden en genieën rusten, zou een symbool zijn, en bovendien een eerbetoon aan het hele Franse leger!". Echter het Pantheon werd door vele politici afgewezen. Aan dit argument werd ook de anonimiteit van de soldaat toegevoegd . “Het gaat hier niet om het eren van een groot man. De Onbekende Soldaat is geen groot schrijver, geen wetenschapper en zelfs geen politicus. Hij is veel groter en moet kunnen rusten op een uitzonderlijke plek die voor hem is gereserveerd, omdat het offer dat hij vertegenwoordigt  ongeëvenaard is . Door hem zal de herinnering aan miljoenen mannen voortleven”, aldus de Kamer van Afgevaardigden. Op 8 november 1920  stemde de Kamer unaniem  voor de begrafenis van de  Onbekende Soldaat  bij de Arc de Triomphe. 

Op 9 november 1920 werden negen doodskisten opgegraven. Ze kwamen van de negen locaties die het zwaarst getroffen waren door de conflicten in de regio's Vlaanderen , Artois, de Somme, de Chemin des Dames, Champagne en Verdun.  Over de nationaliteit van een van de lichamen bestond nog twijfels, daarom werd besloten deze te verwijderen. De acht overgebleven kisten werden in de citadel van Verdun geplaatst. André Maginot, een oorlogsveteraan en invalide, leidde de ceremonie voor de verkiezing van de soldaat. Hij overhandigde Auguste Thin, een jonge korporaal, een boeket bloemen. De jonge Auguste Thin zou de zesde soldaat kiezen. Daarna werd het lichaam van de Onbekende Soldaat onmiddellijk per speciale trein naar Parijs vervoerd 


Het graf van de Onbekende Soldaat met de eeuwige vlam - foto Wikipedia

 

Op 11 november 1920 volgden honderdduizenden mensen de begrafenisstoet in stilte en met tranen in hun ogen. Een fictieve familie liep achter de kist, die bedekt was met de Franse driekleur. De processie maakt een tussenstop bij het Pantheon alvorens verder te trekken naar de Arc de Triomphe. Daar werd de kist onder het gewelf van het monument geplaatst. Omdat het graf nog niet klaar was wordt de kist tijdelijk bijgezet in de Palmenhal in de Arc de Triomphe. Zijn lichaam wordt dag en nacht bewaakt tot de uiteindelijke begrafenis op 28 januari 1921. Bij deze gelegenheid was de voltallige  regering aanwezig, evenals president Alexandre Millerand en de Britse premier David Lloyd George en Louis Barthou de minister van Oorlog die ook zijn enige zoon op het slagveld heeft verloren. Terwijl de kist in de grafkelder wordt geplaatst, barst de minister in tranen uit onder de woorden “Lang leve Frankrijk”!

 

De geboorte van de vlam

Twee jaar na de begrafenis van de Onbekende Soldaat lanceerde de journalist en dichter Gabriel Boissy het idee van de Vlam van Herinnering, dat onmiddellijk enthousiaste publieke bijval kreeg. Met de steun van André Maginot, die minister van Oorlog was geworden, vorderde het project snel. Voor de vormgeving riepen ze de hulp in van ijzerbewerker Edgar Brandt  en architect Henri Favier  Zij vervaardigden een rond schild met in het midden een kanonloop waaruit de vlam tevoorschijn komt. Vijfentwintig zwaarden vormen een ster rond de vlam. De vlam werd voor het eerst aangestoken op 11 november 1923 door Maginot, omringd door een groot aantal veteranen. Dagelijks wordt er eer betoond aan de ‘Grote Doden’. Elke avond om 18.30 uur wordt de vlam opnieuw aangestoken door de vereniging ‘La Flamme sous l'Arc de Triomphe’, die de honderden veteranenverenigingen in Frankrijk vertegenwoordigt.  



De Arc de Triomphe werd in 2021 ingepakt door de kunstenaars Christo en Jeanne-Claude - Foto Ronald Balder

 

Een panoramisch uitzicht

Na het beklimmen van 284 treden kun je genieten van een 360° uitzicht over Parijs. De historische trappen, gelegen tussen de pilaren van het monument, maken deel uit van jouw bezoek aan de top. De klim begint met een adembenemende wenteltrap met 240 treden. Deze trappen zijn in 2022 gerenoveerd. Bereik de tussenverdieping en loop vervolgens door de museumruimte waar je kunt uitrusten en de informatieschermen, het afgietsel van La Marseillaise en het model van het monument kunt bekijken. Het moeilijkste deel is achter de rug: je hoeft nog maar zo'n veertig treden te nemen om het panoramische terras te bereiken. Vanaf het terras, heb je uitzicht op de zinken daken van de Parijse straten, en een uniek panorama op de meest iconische monumenten van de hoofdstad. De Eiffeltoren, op slechts één straat afstand, is praktisch binnen handbereik! Je kunt ook de Sacré-Cœur-basiliek bewonderen bovenaan de iconische wijk Montmartre, de zakenwijk La Défense met zijn wolkenkrabbers, de gouden koepel van Les Invalides, de zuilenkoepel van het Panthéon, maar ook de torens van de Notre-Dame-kathedraal, in de verte de imposante Montparnasse-toren, het Centre Georges Pompidou, enzovoort. Hoogtevrees? Je kunt het uitzicht ook digitaal bekijken door hier te klikken. 

Voor een bezoek aan deze prachtige triomfboog kun je gebruik maken van een ondergrondse voetgangerstunnel, de passage du Souvenir  De ingang van die tunnel vind je op de hoek van de avenue des Champs-Élysées en avenue de Friedland & op de hoek avenue de la Grande Armee en de avenue Carnot. Je herkent de ingang aan een aflopende trap, die je naar een tunnel onder het verkeersplein leidt. 

Ik wens je zoals de Fransen zeggen; “Une bonne visite”. 


Bronnen: Centre des Monuments Nationaux, Kunst & Architectuur Parijs; Martina Padberg, H.F. Ullmann, Wikipedia.

© Reproductions: Benjamin Gavaudo / Centre des monuments nationaux