Paris FvdV is een niet commercieel weblog speciaal voor kenners en liefhebbers van de stad Parijs - en voor hen die dat willen worden. Parijs is een stad met een gewichtig verleden, respectabel en gerespecteerd. Het is totaal niet nostalgisch. Parijs is er in geslaagd om, soms op brutale maar altijd op elegante wijze, om te gaan met zijn grootse monumenten. Ze te beschermen en te integreren in de nieuwe dynamiek van de stad. Parijs is een meester op het gebied van herstel en transformatie. U zult er nooit in slagen een volledig overzicht te maken van plekken en verhalen, die allemaal op hetzelfde punt uitkomen en de glorie van deze stad bezingen. toch wil ik een poging wagen. Wekelijks wil ik u niet alleen informeren over wat Parijs nog meer te bieden heeft, maar ook wil ik mijn liefde voor deze stad op u over dragen. In de hoop dat het raakt aan iets wat u herkent of voelt. Ferry van der Vliet.

Privacy verklaring: Indien u weblog Paris FvdV, dat bij Google-Blogger is ondergebracht, leest en reageert op de blogs van Paris FvdV, doet u dat vrijwillig en is uw IP-adres en mailadres - indien u dat vermeld - bekend en wordt opgeslagen. Ook uw schuilnaam waaronder uw reageert wordt opgeslagen. Paris FvdV zal uw gegevens nooit aan derden doorgeven. We houden uw gegevens privé, tenzij de wet of rechtelijke macht ons dwingt uw gegevens aan hen te verstrekken. Datalekken in het systeem vallen onder de verantwoordelijkheid van Google-Blogger. Door weblog Paris FvdV te bezoeken en/of de op of via deze weblog aangeboden informatie te gebruiken, verklaart u zich akkoord met de toepasselijkheid van deze disclaimer. Google gebruikt cookies om services te leveren en verkeer te analyseren dus uw IP-adres en user-agent zijn bij Google bekend, samen met prestatie- en beveiligingsstatistieken om servicekwaliteit te garanderen, gebruiksstatistieken te genereren, misbruik te detecteren en maatregelen te treffen.

Posts tonen met het label 75018. Alle posts tonen
Posts tonen met het label 75018. Alle posts tonen

woensdag 7 oktober 2026

MOULIN ROUGE, 137 JAAR EEN ODE AAN DE VROUW


Maandag 5 oktober kreeg ik het volgende mailtje:

Goedemiddag, voor de verjaardag van de Moulin Rouge in Parijs (dinsdag 6 oktober), zouden we het leuk vinden in op NPO Radio 2 even te bellen met jou als Parijs-kenner. Het zou dan gaan om een belletje van 4-5 min met DJ Emmely de Wilt, zij presenteert het programma ‘Het Oor Wil Ook Wat. We bellen dan live zo rond de klok van 18.40 uur.

Ik hoor graag of je tijd en interesse hebt. Veel dank! 

Mvg,

Roxanne Martin

Het Oor Wil Ook Wat @ NPO Radio 2

 


Dinsdag 6 oktober aan het einde van de middag had ik een live interview op NPO 2, met DJ Emmely de Wilt over de Moulin Rouge. “Op 6 oktober 1889, precies 137 jaar geleden, opende aan de voet van Montmartre een bijzondere attractie, een danszaal van, een in die tijd, ongekende allure, Ferry van der Vliet is een Parijskenner, een Parijs liefhebber en schreef vier reisgidsen over deze stad”, zo klonk het in de aankondiging. Helaas was het een kort interview, dus hieronder het volledige verhaal. 

Tot op de dag van vandaag heeft Parijs een aantrekkingskracht die, zelfs voor mensen die er nog nooit zijn geweest, duizelingwekkend is. Met zijn vele bezienswaardig-heden is het dè bestemming voor toeristen afkomstig uit alle landen van de wereld. De wijdverbreide clichés over de stad der liefde bevatten. zoals elke gemeen-plaats, een deel waarheid: zoals de langbenige maar stuurse Parisiennes, de man met zijn baguette en alpinopet, de norse maar oh zo efficiënte obers, de kunstenaars en bohemiens, de absint, de cancan en bovenal een bruisend nachtleven. Als je Parijs bij nacht hebt gezien, dan pas begrijp je de bijnaam lichtstad. Vooral als je staat op de heuvel van Montmartre in de schaduw van de machtige kerk van het Heilig Hart; de Sacré Cœur. Dan zie je de lichtjes en voel je de adem van deze nooit slapende stad. Beneden op de place Blanche staat al sinds 1889 de Moulin Rouge, als baken in de nacht, de helrode molen, het centrum van een bruisend Parijs. Of niet? Zelfs de meest trotse Parijzenaars zien hun Moulin Rouge als een deel van het verleden, een attractie, een toeristenval. Wanneer en waarom is deze ommekeer eigenlijk gekomen en is het cabaret de naam van icoon nog waard? Geen wonder dat ik gebeld werd door Radio NPO 2 om mijn verhaal te mogen doen.



 

Moulin Rouge is groots geworden door het eigenwijze karakter van Montmartre. In de film van Baz Luhrmann's Moulin Rouge uit 2001, de film werd bekroond met twee Golden Globes en genomineerd voor acht Oscars, werd Montmartre door de hoofdpersoon afgeschilderd als "center of the bohemian world" maar ook als "a village of sin". Beide uitdrukkingen zijn van toepassing, Montmartre staat ook vandaag nog los van de rest van Parijs. 

Allereerst een stukje geschiedenis: Door de geografische afscheiding van de stad kon Montmartre zich in de 19e eeuw ontwikkelen tot het meest decadente deel van de stad. Bekende artiesten hebben er gewoond: Henri Toulouse de Lautrec, Auguste Renoir, Georges Bracque, Guillaume Appolinire, Pablo Picasso, Van Gogh en meer.

Al sinds 1860 is de Franse hoofdstad een toeristische trekpleister en vanwege het buitensporige nachtleven in Montmartre werd Parijs in de 19e eeuw de hoofdstad van plezier. Medeplichtig hieraan waren de zogenaamde cocottes, de courtisanes of de talrijke luxeprostituees.  Een van de meest beroemde 'Cocottes' was uit die tijd Coca Pearl die liefkozend 'la grande horizontale' of 'plat du jour' werd genoemd.


Charles Zidler & Joseph Oller

 

Parijs 1889, het begin van de industriële revolutie en de komst van vele wereldtentoonstellingen naar Parijs. De mooie eeuw of de Belle epoque, de sfeer van nonchalance, het onbezorgde leven of zoals de Fransen het benoemen; 'joie de vivre'. Het was de tijd van de automobiel, de telefoon, het elektrisch licht, de fotografie en de film, maar ook de fysica, geneeskunde en de haute couture. Parijs als centrum van de wereld.

Parijs barstte van de cafés, cabarets en dance halls, die dienden als ontmoetingsplaats voor de bohemiens en de kunstenaars. Het neveneffect van al deze ontwikkelingen was een scepsis tegenover het belang van geloof en andere morele waarden. Geen wonder dat op de plek van een dance hall genaamd 'La Reine Blanche', Joseph Oller en Charles Zidler op 6 oktober 1889 de Moulin Rouge openden, op de Place Blanche, aan de voet van Montmartre. Hèt mekka van het Parijse nachtleven. 

Joseph Oller (1839-1922) een in Catalonië geboren zakenman die zijn fortuin maakte in Parijs als uitvinder van een nieuw soort wedsysteem; 'Pari Mutuel', en zo indruk maakte als bookmaker bij het paardrennen. Dit gaf hem de middelen om samen met zijn compaan Charles Zidler (1830-1897) niet alleen de Parijse muziektempel Olympia, de Jardin de Paris, maar ook de Moulin Rouge te bouwen. Bij dat laatste kwam hun perfectionisme naar boven. Zij wilden het grootste en mooiste cabaret creëren. Een tempel opgericht als ode aan de vrouw en de dans.


1889  Het openingsaffiche van de Moulin Rouge

 

Het gebouw van de Moulin Rouge diende als eerbetoon aan de ongeveer 30 windmolens die jarenlang de heuvel van Montmartre hadden gesierd. Dankzij het bijzondere interieur, ontworpen door Adolphe Willet, met een gigantische dansvloer, alomtegenwoordige spiegels, elegante gaanderijen met privé loges, wisten Zidler en Oller de allerrijksten zich te laten mengen met de inwoners van het hippe Montmartre. De grootste verrassing bevond zich in de tuin. Een enorme olifant, oorspronkelijk ontworpen voor de wereldtentoonstelling van 1889 waar je voor een oude Franse franc, een wenteltrap kon beklimmen en kon genieten van een zeer sensueel buikdansspektakel.

 


De 'Bals de Moulin Rouge' groeiden in ijltempo uit tot hooggeprezen en drukbezochte evenementen, waar de meisjes mede dankzij het onstuimige ritme van de cancan even flexibel omsprongen met hun ledematen als met hun moraal. Oller en Zidler beloofden niet voor niets goud en vrouwenbenen aan het publiek. Al gauw kreeg het cabaret de bijnaam Le Premier Palais de la Femme'. Onder het bewind van Zidler werden heel wat legendarische sterren naar de molen gelokt zoals; La Goulue (danseres), Colette (mime), Yvette Guilbert (zangeres) en Jane Avril (danseres). Hij was het bovendien die de cancan invoerde als belangrijke attractie.

 

Een reclameaffiche voor de cancan, getekend door  Henri Toulouse-Lautrec


De Cancan

De cancan, of coincoin, was oorspronkelijk de laatste figuur van de Quadrille, een modieuze ballroomdans uit Frankrijk van de negentiende eeuw tot de Eerste Wereldoorlog. Het was een levendige country dance, verwant aan de wals en voorloper van de polka. Door al deze opwindende eigenschappen werd hij voornamelijk populair als laatste dans van de avond. De cancan werd eerst ‘chahut’ (lawaai) genoemd, alvorens de meer  bekende naam in gebruik kwam. Cancan, tevens een ander woord voor schandaal of roddelpraat was letterlijk een buitenbeentje in de danswereld. Zoals wel vaker bij gewoonten uit de populaire cultuur is het moeilijk om het juiste beginmoment te achterhalen. Danseres Nini-Pattes-en-l’air zou bijvoorbeeld de cancan hebben uitgevonden, net als Charles Mazurier, populair entertainer uit de jaren 1820, die de dans zou hebben beïnvloed door zijn acrobatische toeren. Volgens de Nederlandse Wikipedia komt de dans oorspronkelijk uit Algerije en volgens anderen was het de Britse grootmeester van de Music-Hall Charles Morton, die in 1861 in London de cancan uitvond door zich te laten inspireren door de Quadrille. Elf jaar eerder, in het Parijs van 1850 zou sterdanseres Céleste Mogador de naturalistische Quadrille hebben uitgedacht, dè rechtstreekse voorloper van de cancan. Algemeen wordt echter aangenomen dat de cancan voor het eerst werd gedanst in de balzalen van de arbeidersklasse op Montparnasse in Parijs rond 1830 een soort van lokdans met een erotische functie, waarin een aantal vrouwen in een rij naast elkaar staan en tegelijk bewegen op de maat van de muziek. Hierbij tillen zij hun rok op of tillen ze hun been zo hoog in de lucht dat hun benen, de jarretels en daarbij een open broek, een zogenaamde splitboomer, handig bij het toiletbezoek, te zien waren. Dit laatste werd destijds als zeer aanstootgevend beschouwd. Zowel de overheid als de kerk ergerden zich in die tijd zeer aan deze dans. De energieke en fysiek uitputtende manoeuvres gaven gestalte aan de frivole en beetje vulgaire Parijse samenleving die in die tijd teerde op provocatie.


Henri de Toulouse-Lautrec

Het was in die periode dat de kunstenaar Henri de Toulouse-Lautrec er een veel geziene gast was. Zoals vele schilders voelde Henri De Toulouse-Lautrec zich aangetrokken tot de wereld van de prostitutie. In het nachtelijk leven vindt De Toulouse-Lautrec de vrijheid om te schilderen wat hem boeit: het leven zelf, de mensen die hem interesseren, in een omgeving waarin hij zich thuis voelt. Hij schildert de milieus die pas opbloeien bij kunstlicht, wanneer Parijs zich in het duister hult. Vooral in cabarets als Le Chat Noir, de Boule Noir en de Moulin Rouge vindt hij de mensentypes die hem boeien.

De meisjes van plezier aanvaardden de kleine misvormde schilder en duldden hem als één van hen. De Toulouse-Lautrec leed aan ‘Pycnodysostose’, een kwaal die dwerggroei tot gevolg had en waarschijnlijk wordt veroorzaakt door incest of inteelt. Kleiner dan anderhalve meter, met een normaal volgroeide romp en hoofd maar met te korte armen en benen, brede neusvleugels, een ingevallen kin, felrode en getuite lippen, en een veel te grote tong waardoor hij onophoudelijk lispelt en kwijlt. (Bron Wikipedia). 


In 1891 kreeg Toulouse-Lautrec van Charles Zidler de opdracht om een promotieposter te maken voor de Moulin Rouge. Dit werd voor beide partijen een winstgevende onderneming. Het succes van de poster bracht onmiddellijke bekendheid aan de schilder en een nieuw publiek naar de Moulin Rouge. Het affiche toont La Goulue in volle beweging met een been in de lucht en haar onderrokken zichtbaar vergezeld door Valentin le Décossé, de enige mannelijke danser uit die periode.

Hij trouwde nooit, scheidde liefde en seks en had ontelbare verhoudingen, maar meestal van korte duur. Zijn chronisch gebrek aan nachtrust ging gepaard met alcoholmisbruik. Bovendien leed hij aan syfilis. In 1901 stierf hij op 36-jarige leeftijd als gevolg van een beroerte. 

De overweldigende bloei uit de beginjaren verloor na verloop van tijd zijn glans en eind 1902 werd het laatste bal op een algemene onverschilligheid onthaald. Zelfs de cancan was uit de mode. Wat weinigen weten is dat de Moulin Rouge ook een Nederlands tintje kende. Het was de Nederlander Eduard Niermans die in 1903 de danszaal van de Moulin Rouge ombouwde tot concertzaal. Tot aan de Eerste Wereldoorlog wist het etablissement zich te transformeren tot een echte tempel van de operette met spektakels al: Voluptata, la Feuille de Vigne en le Rêve d'Egypte. 

In 1907 maakte een charmante nieuwelinge Mistinguett haar debuut. Jeanne Florentine Bourgeois werd door een liedjesschrijver ontdekt als zingend bloemenmeisje die haar de naam Miss Tinguette gaf. Ze eigende zich de naam toe en maakte er een woord van en liet de 'e' aan het einde vallen. Haar aanwezigheid zouden de shows voor een lange tijd doen veranderen en haar creatie van het concept Music-Hall was het begin van een nieuw succesverhaal. De mix van populaire liedjes, komedie en uiteenlopende acts vol pluimen, pailletten, dansers en danseressen, vormde een onnavolgbaar spektakel.



 

In 1915 verwoeste een grote brand de grote zaal van de Moulin Rouge en het duurde tot 1925 voor het nieuwe gebouw compleet met wintertuin, cabaret en art déco gehoorzaal werd geopend. Nieuwe revues volgde elkaar snel op, allemaal geïnspireerd door de stijl van Broadway. Legendarische creaties als Revue Mistinguett (1925) en Ça c'est Paris (1926). In 1929 verliet de ster de Moulin Rouge en werd het theater met 1500 zitplaatsen overgenomen door Pathé,  die er één van de grootste bioscoopzalen van Europa van maakte.

Voor en tijdens de Tweede Wereldoorlog werd er in Parijs niet veel plezier gemaakt, al waren er wel wat glamoureuze shows die werden opgevoerd voor een publiek van hoofdzakelijk Duitse soldaten. Het enige noemenswaardige optreden in de Moulin Rouge was dat van Édith Piaf, een paar dagen voor de bevrijding in 1944.



Poster uit 1951

 

De heropleving van de Moulin Rouge liet ruim 6 jaar op zich wachten na de overname, in 1951, door George France, alias Jo France de eigenaar en oprichter van Balajo. Hij startte onmiddellijk met renovatiewerkzaamheden om de Moulin Rouge zijn oude grandeur te laten herwinnen. Het huidige interieur van de zaal danken we aan Henri Mahé. Zijn geschilderde ontwerpen verrukken tot vandaag de duizenden bezoekers. Jo France herintroduceerde bovendien de French cancan en de soirées dansantes. Succesvolle sterren uit die tijd verdrongen elkaar om op te mogen treden in de rode molen: Luis Mariano, Charles Trenet, Charles Aznavour, Bourvil en Lena Horne.


Frisson 1965 & Fascination 1967

 

In 1955 kwam de Moulin Rouge in handen van de eigenaars van Le Lido, gevestigd aan de Champs Elysées. De gebroeders Joseph en Louis Clérico transformeerden de Moulin Rouge helemaal. Onder andere door  de inrichting van een grote keuken om aan het meer en meer internationale publiek een dinerspektakel te kunnen bieden. De dinner-shows werden een van de meest begeerde Parijse attracties. In 1962 volgde nog een verbouwing onder leiding van Jacki Clérico de zoon van Joseph. Hij vergrootte de zaal en installeerde een reusachtig aquarium dat vanuit het niets op het toneel verscheen vol met schaars geklede danseressen die bewogen als bekoorlijke zeemeerminnen. Na het succes in 1963 van de show Frou Frou koos Jacki Clérico als gevolg van bijgeloof, alleen nog voor titels met een 'F'. De effen volgden elkaar snel op: Frisson (1965), Fascination (1967), Fantastic (1970), Festival (1973, Follement ( 1976) Frénésie (1979), Femmes Femmes Femmes (1983).



 Follement 1976 & Frénésie1979


Femmes Femmes Femmes 1983 & Formidable 1988


Het honderdjarig bestaan van de Moulin Rouge werd gevierd met de show 'Formidable', die tussen 1988 en 1999 door meer dan 4,5 miljoen bezoekers werd bezocht. Op 23 december 1999 vond de première plaats van de nieuwe extravagante show die nu nog steeds te zien is 'Féerie'.

 

Féerie 1999


In 2012 heeft een team van internationale kunstrestaurateurs nog een historische fresco met zeer veel zorg verwijderd, schoongemaakt en gerestaureerd. De fresco, geschilderd op jute door Henri Mahé in 1951, is een nauwkeurige replica van het origineel, dat geschilderd was door Henri de Toulouse-Lautrec op de zijkanten van de woonwagen van de beroemde cancan danseres Louise Weber, beter bekend onder haar artiestennaam La Goulue. Het origineel is nog steeds te zien in het Parijse Musée d'Orsay. De fresco van Mahé is inmiddels al weer in al zijn glorie hersteld en terug op zijn oude plek, in de grote zaal beschermd achter veiligheidsglas. Goed voor de volgende zestig jaar.



 

De Moulin Rouge is al decennia lang een belangrijke inspiratiebron voor schilders, afficheontwerpers, filmmakers en fotografen. De nachtclub staat nog steeds symbool voor de bruisende Belle Époque en de levensstijl die de vrijgevochten bohemiens van Parijs zich aan het einde van de negentiende eeuw hadden aangemeten. Nu is het de plek van prachtige shows met half naakte tableaux vivants. De huidige show Féerie loopt nog steeds en kostte de lieve som van 8 miljoen euro.


Al 137 jaar een icoon van de stad Parijs

 

Zeven dagen per week, met twee shows per dag (21.00 uur en om 23.00 uur), wordt u ontvangen door een zwarte brigade van 120 medewerkers. Het prachtige theater, geheel in de sfeer van de Belle Époque, biedt plaats aan 900 gasten, die overal goed zicht hebben op het toneel. De choreografie is van Bill Goodson en verder bestaat 'Féerie' uit een groep van 100 artiesten, waaronder 60 langbenige Doriss Girls bestaande uit 17 nationaliteiten. 1000 Kostuums met veren, bergkristallen en pailletten, ontworpen door Corrado Collabucci en vervaardigd in de beroemdste Parijse ateliers, schitterende settings met stralende kleuren en unieke ontwerpen van Gaetano Castelli, gemaakt door Italiaanse kunstenaars. Verder de beste internationale en opzienbarende acts en dit alles met muziek van Pierre Porte, uitgevoerd door zo'n 80 muzikanten. Dit alles onder het genot van een goed glas champagne. En nu we toch met cijfers bezig zijn. Per jaar worden hier meer dan 240.000 flessen champagne geschonken. 



Els Reuver (r)

Verder nog een Nederlands tintje: 12 jaar lang tot 2014 danste er ook Nederlandse vrouwen mee namelijk Els Reuver (als soliste) en in 2018 nam de Nederlandse Julia Graveland, ook wel het slangenmeisje genoemd, omdat zij een act deed met 4 pythons in een levensgroot aquarium afscheid van het podium. 

Eigenlijk mogen we vaststellen dat de Moulin Rouge nog steeds een icoon is van deze stad. Hou je van Parijs?  Wil je het Parijs ontdekken van de Belle Époque?  Wil je indruk maken op je partner in de stad van de liefde?  Dan is de show Féerie een must see!  Féerie betekent sprookje, het is toch mooi als die uitkomt?


Achter deze deuren gaat een wereld voor je open

 

Bron en fotografie: Moulin Rouge Paris

Bal du Moulin Rouge, boulevard de Clichy 82, Montmartre 18e arrondissement, metro Blanche

7 dagen per week dinner & show 19.00 uur, start show 21.00 uur vanaf € 263 per persoon, 2e show start 23.00 uur vanaf  € 120 per persoon. Voor Informatie en reserveringen Moulin Rouge 00.31.1.53.09.82.82 


vrijdag 23 januari 2026

FRANKRIJKS 10 GOUDEN VROUWEN


Op 26 juli 2024, tijdens de openingsceremonie van de Olympische Spelen, werd de Seine omgetoverd tot een openluchtpodium, tot grote vreugde van heel Parijs, Frankrijk en de rest van de wereld. De atletenparade, die zich over meer dan 6 kilometer uitstrekte, in combinatie met artistieke optredens bedacht door Thomas Jolly, artistiek directeur van de openingsceremonie van de Spelen van Parijs 2024, toonde het rijke erfgoed van de stad. 326.000 toeschouwers waren getuige van deze gedenkwaardige ceremonie aan de oevers van de Seine, en miljarden anderen keken mee via hun televisieschermen. 

Wie herinnert het zich niet; het absolute kippenvel moment toen de mezzo-sopraan Axelle Saint-Cirel ‘La Marseillaise’ zong vanaf het dak van het Grand Palais, begeleid door het Orchestre National de France, de Maîtrise de Radio France en het Chœur de Radio France. Een spectaculair beeld. Het publiek langs de Seine en heel Frankrijk zong spontaan mee waardoor het een krachtig, verbindend moment werd. En juist tijdens dit moment – getiteld ‘Sorority’ – verrezen 10 monumentale gouden vrouwenbeelden, van bijna 4 meter hoog, vanuit hun sokkels nabij de Pont Alexandre III.


Axelle Saint-Cirel voerde een "Marseillaise van verzoening" uit op het dak van het Grand Palais in Parijs tijdens de openingsceremonie van de Olympische Spelen - Foto © • Yoan Valat / EPA Frankrijk Parijs 2024 Olympische Spelen

 

Voor het eerst in de geschiedenis van de Olympische Spelen, brachten revolutionaire en gedurfde ideeën, atleten en honderdduizenden toeschouwers samen buiten een stadion, in het hart van een uitzonderlijke omgeving: Parijs, de Seine en de monumenten. De openingsceremonie ontroerde ons diep, maar wie waren deze ‘beroemde’ vrouwen en wat is er uiteindelijk met de beelden gebeurd? 

Sinds het einde van de Spelen klonk er een luide roep om  deze "gouden vrouwen" permanent in de openbare ruimte van Parijs te plaatsen, waar 86% van de beelden (260 van de 300) mannelijke figuren voorstellen. Direct na hun opvallende verschijning werden de beelden ten toon gesteld in de Assemblee Nationale (de Franse tweede Kamer) – van 23 september tot 5 oktober 2024 – waar ze tijdens de Erfgoeddagen bewonderd konden worden. De aanwezigheid van de Parijse burgemeester, Anne hidalgo, diende als voorbode voor de uiteindelijke plaatsing van deze tien gouden beelden die vrouwen voorstellen die de Franse geschiedenis hebben gevormd op het gebied van wetenschap, kunst, literatuur, politiek of sport. 

Christine de Pizan


Uiteindelijk kregen ze op 26 juli 2025 een permanente plek in de rue de la Chapelle (18e arrondissement), tussen metrostation Marx Dormoy (lijn 12) en Porte de la Chapelle (lijn 12 & tramlijn T3b), in het hart van de nieuwe Olympische en Metropolitaine as. In het gebied dat speciaal voor de spelen een metamorfose heeft ondergaan. Omgetoverd tot een brede promenade profiteert het nu van dezelfde voorzieningen als de belangrijkste lanen van de hoofdstad, met fietspaden, minder ruimte voor auto’s, groene zones en nieuwe straatverlichting. De straat leidt naar de Adidas Arena. Het nieuwe stadion dat plaats biedt aan 8.000 zitplaatsen en waar de badminton-, ritmische gymnastiek-, parabadminton- en para-gewichtheffen wedstrijden plaatsvonden tijdens de Olympische en Paralympische Spelen van Parijs 2024. De beelden, nu een integraal onderdeel van het visuele en symbolische erfgoed van de hoofdstad, staan langs de rue de la Chapelle in de openbare ruimte en zijn 24 uur per dag gratis te bezichtigen. 
 

Maar wie zijn de tien vrouwen die in het zonnetje zijn gezet? Zij belichamen de herontdekking van lang vergeten vrouwelijke figuren en versterken de waarden van gelijkheid en diversiteit die zo belangrijk waren voor de ‘Jeux Olympique’ 2024.

 

Onze wandeling begint aan de linkerzijde van de rue de la Chapelle (kijkrichting de Adidas Arena). Het eerste beeld is dat van Christine de Pizan (1364-1431), pionier van de vrouwenliteratuur. Als filosofe en dichteres schreef ze onder andere: ‘Livre de la Cité des Dames’ (het boek van de Stad der Vrouwen) haar beroemdste werk. Hierin beschrijft ze de bijdragen van gevierde vrouwelijke figuren aan de samenleving en cultuur van die tijd, en schetst ze zelfs een stad die uitsluitend door vrouwen is gebouwd en bewoond. Na de verovering van Parijs door de Bourgondiërs in 1418 zocht ze haar toevlucht in een abdij, waar ze in 1430 overleed, zonder ooit te zijn gestopt met schrijven.



 

Louise Michel (1830-1905) was een schoollerares, schrijfster, anarchiste en feministische activiste. Vanaf september 1870, tijdens de eerste dagen van het Pruisische beleg van Parijs, nam ze deel aan de verdediging van de hoofdstad; na de wapenstilstand, die ze als verraad beschouwde, bleef ze aan de frontlinie van de opstandelingen in Montmartre. Ook was ze een belangrijke figuur in de Commune van Parijs, die op 28 maart 1871 werd uitgeroepen, diende als ambulancechauffeur en strijdster op de barricades. Na haar deportatie naar Nieuw-Caledonië zette ze haar strijd voort door zich te verzetten tegen het Franse koloniale beleid. In juli 1880 maakte de amnestie voor de Communards een triomfantelijke terugkeer naar Parijs mogelijk. Als gerespecteerd figuur hervatte Louise Michel haar activisme en verdedigde ze onvermoeibaar de belangen van vrouwen, arbeiders en gekoloniseerde volkeren tot aan haar dood op 9 januari 1905.



 

Simone Veil (1927-2017) was een politica en rechter. Veil werd in 1944 op 16-jarige leeftijd in Nice gearresteerd en vervolgens gedeporteerd naar concentratiekampen zoals Auschwitz en Bergen-Belsen. Ze is een overlevende van de Holocaust. Haar ouders en broer keerden nooit terug. Na de oorlog begon ze rechten te studeren en slaagde ze voor het toelatingsexamen voor de rechterlijke macht. Daarna bouwde ze een schitterende carrière op bij het Ministerie van Justitie. In 1974 werd ze benoemd tot minister van Volksgezondheid onder het voorzitterschap van Valéry Giscard d'Estaing. Daar zette ze zich in voor de wet die de vergoeding van de anticonceptiepil mogelijk maakte en de toegang ertoe voor minderjarigen vergemakkelijkte. Op 26 november 1974 diende ze het wetsvoorstel tot decriminalisering van abortus in bij de Assemblee Nationale, wat een cruciale rol speelde in de legalisering van abortus in Frankrijk. Ze was ook een voorvechter van Europese integratie. Ze overleed in 2017 en werd in 2018 de vijfde vrouw die in het Panthéon werd bijgezet.

 


Alice Guy (1873-1968) was de eerste vrouwelijke filmregisseur, scenarioschrijver en producent. Zij wordt beschouwd als een pionier van de cinema met haar speelfilm ‘The Cabbage Fairy’ / ‘La Fée aux Choux’ uitgebracht in 1896. In 1906 regisseerde ze een korte film getiteld ‘The Results of Feminism’, waarin ze de omgekeerde organisatie van het huishouden liet zien. Ze overleed in de Verenigde Staten, waar ze werkzaam was bij het bedrijf van Léon Gaumont. 

Olympe de Gouges (1748-1793) Schrijfster en politicus. Vestigde zich in 1773 in Parijs. Daar nam ze de naam Olympe de Gouges aan, richtte een theatergezelschap op en schreef haar eerste toneelstukken. In 1791, tijdens de Franse Revolutie, schreef ze de Verklaring van de Rechten van de Vrouw en van de Vrouwelijke Burger. Ze voerde campagne voor de afschaffing van de slavernij en werd in 1793, zonder proces berecht en vervolgens geguillotineerd op de place de la Concorde. 

We gaan verder aan de overzijde van de rue de la Chapelle met het standbeeld van Alice Milliat (1884-1957) Franse zwemster, hockeyspeelster en roeister. In 1922 organiseerde ze de eerste Wereldspelen voor vrouwen. De Wereldspelen voor vrouwen werden gevolgd door andere edities, die om de vier jaar werden gehouden tot 1934. Deze successen droegen bij aan de opname van atletiekwedstrijden voor vrouwen in de Olympische Spelen van 1928 in Amsterdam. Dankzij haar inzet nam het aantal disciplines dat openstond voor vrouwen op de Olympische Spelen aanzienlijk toe. Geconfronteerd met de opkomst van het fascisme in Europa, dat de rechten van vrouwen verder beperkte, zag ze zich in 1935 gedwongen zich terug te trekken uit de bestuursorganen van de vrouwensportbeweging. Ze stierf in 1957 in Parijs in de vergetelheid.



 

Gisèle Halimi (1927-2020) was een advocate, activiste en politieke figuur  die zich inzette voor de verdediging van vrouwenrechten en de strijd tegen oorlogsmisdaden en kolonialisme. Ze speelde een belangrijke rol in maatschappelijke vooruitgang, zoals de legalisering van abortus en de classificatie van verkrachting als misdrijf.



 

Simone de Beauvoir (1908-1986) was een filosofe en schrijfster, een vooraanstaande figuur in de strijd voor gendergelijkheid en tegen alle vormen van onrecht. geboren in een katholiek burgerlijk gezin, studeerde aan de Sorbonne. Daar ontmoette ze Jean-Paul Sartre. Op slechts 21-jarige leeftijd behaalde ze met vlag en wimpel haar ‘agrégation’ in de filosofie en gaf ze een paar jaar les voordat ze zich volledig wijdde aan het schrijven van romans en essays. In 1945 richtte ze samen met Jean-Paul Sartre en Maurice Merleau-Ponty het tijdschrift ‘Les Temps modernes’ op, waar de existentialistische stroming wortel schoot. Ze zette haar persoonlijke werk voort, dat in 1954 werd bekroond met de Prix Goncourt. Haar essay *Het tweede geslacht*, gepubliceerd in 1949, betekende een keerpunt in de geschiedenis van het feminisme en verwierf wereldwijde bekendheid. Tot haar dood in 1986, zes jaar na die van Sartre, droeg ze bij aan ‘Les Temps Modernes’ en zette ze haar pleidooi voor vrouwenrechten voort als redacteur van het tijdschrift ‘Nouvelles Questions Féministes’.



 

Paulette Nardal (1896-1985) was een intellectueel, journalist en schrijfster. Als pionier van het zwarte feminisme was zij ook de eerste zwarte vrouw die aan de Sorbonne studeerde. In 1931 was zij medeoprichter van  ‘La Revue du monde noir’. Ze raakte in 1939 ernstig gewond toen het schip dat haar terugbracht van een verblijf in Martinique werd getorpedeerd. Ze vestigde zich in 1940 in Martinique en gaf er Engelse les. Haar activisme bleef ze echter koesteren: ze richtte een Martinikaanse feministische vereniging en krant op om vrouwen te mobiliseren die in 1945 stemrecht hadden gekregen. Eind jaren veertig werkte ze enkele maanden als vertegenwoordiger van de Franse Antillen bij de Verenigde Naties. Vervolgens richtte ze een koor op en wijdde ze zich aan de verspreiding van negrospirituals in Martinique. Pas aan het einde van haar leven werd haar bijdrage aan de opkomst van het zwarte bewustzijn erkend.


 


Jeanne Barret (1740-1807) was een ontdekkingsreizigster en botaniste. Vermomd als man (vrouwen mochten niet aan boord) tijdens de expeditie van Bougainville naar de Stille Oceaan, staat ze bekend als de eerste vrouw die van 1766 tot 1769 de wereld rondreisde. Ze leverde een belangrijke bijdrage aan het verzamelen en identificeren van talloze plantensoorten. Haar verdiensten en bijdrage aan de wetenschap werden erkend met een beurs van Koning Lodewijk XVI in 1785. 

De bijna 4 meter hoge beelden zijn niet van brons, maar gemaakt van polymeerhars verhard met glasvezel. Ze zijn ontworpen door Paname 2024 en 3D-geprint door CMDS Factory in Pas-de-Calais, in samenwerking met het bedrijf Marie 3D in Sartrouville. De beelden vormen een verrijking voor de buurt maar verdienen mijns inziens een meer eervolle plaats dan aan de rand van de stad. Bijvoorbeeld aan de Champs Élysées, in het park tussen de avenue de Marigny en de place de la Concorde met op de achtergrond de tuinen van het presidentieel paleis; het Palais de l’Élysée. 


maandag 15 september 2025

DE SLAK VAN PARIJS


Met de slak bedoel ik het spiraalvormige patroon van Parijs binnen de Périphérique, met nummers 1 tot en met 20, beginnend vanuit het centrum naar het noordoosten van de stad. Deze indeling dateert uit 1860 en is sindsdien nooit meer veranderd, hoewel de zakenwijk La Défense vaak officieus de bijnaam het 21e arrondissement krijgt. 

De geschiedenis van de arrondissementen van Parijs begint in 1795 ten tijde van de Franse Revolutie. De Franse hoofdstad was toen veel kleiner dan nu. Toen de hoofdstad meer dan 100.000 inwoners telde, waardoor het bestuur van de stad steeds ingewikkelder werd, besloot de revolutionaire regering  48 onderverdelingen te creëren, de zogenaamde revolutionaire secties die elk over een politiebureau beschikte. Maar aangezien er aanzienlijke verschillen in bevolkingsomvang en omvang tussen de districten bestonden, waren sommige commissarissen veel verantwoordelijker dan anderen. Deze kritieke situatie bracht het bestuur ertoe de indeling van de districten te wijzigen om deze min of meer gelijk te maken. Deze aanpak werd later gerealiseerd met de wet ’19 Vendémiaire An IV’. Vendémiaire is de naam van de eerste maand van de Franse republikeinse kalender. An IV, betekent jaar IV, waarbij het jaar IV verwijst naar het vierde jaar sinds de oprichting van de Franse republiek, wat overeenkomt met 1795. Op 11 oktober 1795 werd het grondgebied van Parijs verdeeld in 12 arrondissementen, oplopend van links naar rechts en verdeeld in twee afzonderlijke lijnen aan weerszijde van de rivier de Seine. Negen arrondissementen bevonden zich op de rechteroever en slechts drie op de linkeroever.



 1795 Parijs onderverdeeld in 12 arrondissementen en 48 quartiers



Parijs 1797

In 1860 leidde de uitbreiding van Parijs tot aan de stadsomwalling van Thiers tot een nieuwe indeling. In het Tweede Keizerrijk onder leiding van Napoleon III en de prefect van de Seine, Baron George Eugène Haussmann, werden de stadsgrenzen opnieuw gedefinieerd met de annexatie van de dorpen: Grenelle, Vaugirard, Bercy, Charonne, Belleville, La Villette, La Chapelle, Montmartre, Batignolles, Passy en Auteuil. Het doel was de stad te reorganiseren om de snelle groei en de bevolkingsgroei te accommoderen. Deze reorganisatie zorgde voor een betere structuur van de hoofdstad, waardoor er kleinere, beter beheersbare bestuurlijke eenheden ontstonden. Het was daarom noodzakelijk om de plattegrond van Parijs te herzien, de arrondissementen opnieuw te tekenen en samen te voegen om zo nieuwe arrondissementen te creëren. Op voorstel van Napoleon III, ontstonden zo twintig arrondissementen.



De annexatie van de voorsteden. Parijs groeit van 12 naar 20 arrondissementen

 

Napoleon III en de prefect van de Seine, Baron George Eugène Haussmann


Het eerste plan voor de hoofdstad voorzag erin dat nummer 13 werd toegekend aan het huidige 16e arrondissement, een idee dat de rijke inwoners niet beviel. Destijds betekende de uitdrukking "trouwen in het stadhuis van het 13e arrondissement" immers samenwonen zonder getrouwd te zijn, in concubinaat, aangezien dit arrondissement nog niet bestond. Het idee om geassocieerd te worden met de uiting van een moreel onaanvaardbare levensstijl viel niet in goede aarde bij de rijke inwoners, die vervolgens lobbyden om de indeling anders vorm te geven. Het is ondenkbaar dat de bovenlaag van de Parijse samenleving met dit hoogst ongepaste idee geassocieerd zou worden. Om de onvrede van burgemeester Jean Frédéric Possoz te sussen, herzag Haussmann zijn ontwerp en stelde een nieuw plan voor met een spiraalvorm met de klok mee. De slak was geboren en Auteuil en Passy werden geïntegreerd in het 16e arrondissement en nummer 13 werd toegewezen aan een arbeiderswijk.



De huidige indeling van Parijs met 20 arrondissementen

Elk arrondissement is over het algemeen onderverdeeld in vier ‘quartiers’: één in het noordwesten, één in het noordoosten, één in het zuidwesten en één in het zuidoosten. Deze onofficiële onderverdelingen zijn de sporen van de revolutionaire stromingen die ontstonden tijdens de deling van Parijs na de Franse Revolutie. De arrondissementen zijn meer dan alleen een administratieve afdeling van de stad. Ze vertegenwoordigen voor Parijzenaars heel verschillende werelden en roepen allemaal clichés op die, bijdragen aan de charme van de hoofdstad. De welgestelde wijken liggen in het westen van Parijs, met het 7e arrondissement (Invalides, Saint-Thomas-d'Aquin, École Militaire), het 8e arrondissement (Champs-Élysées, Madeleine), het 15e arrondissement (Grenelle, Vaugirard) en het 16e arrondissement ( Auteuil, Muette, Porte Dauphine). Prachtige gebouwen, rustige en charmante straten, een zekere leeftijdsgroep, zakenlui...  Kortom ze behoren bij 'les beaux quartiers'.



 De arbeiderswijken vastgelegd door Charles Marville

Vervolgens vinden we de meeste arbeiderswijken in het noordoosten van Parijs. Tijdens de industriële revolutie van 1840 vestigden fabrieken en arbeiders zich in het huidige 18e, 19e en 20e arrondissement. Dit zijn tevens hotspots van immigratie, want hier werden betaalbare woningen gebouwd, speciaal voor nieuwkomers uit Oost-Europa, vervolgens uit de Maghreb, Sub-Sahara Afrika en uiteindelijk Azië.



 De industriële revolutie

Dan is er het 13e arrondissement, dat Parijzenaars meteen aan Chinatown doet denken, met zijn Aziatische supermarkten, zijn exotische restaurants waarvan sommige karaoke organiseren, zijn Chinese Nieuwjaarsparades... Het 11e, de nieuwe trendy wijk, het 6e ( Saint-Germain des Prés ) is de wijk van de bobo's (acroniem voor burgerlijke bohemien) en literaire cafés, het 8e (Champs-Elysées) is de toeristische wijk... Kortom, elk arrondissement heeft zijn cliché... En natuurlijk zijn er uitzonderingen die de regel bevestigen. 

Elk arrondissement heeft een eigen burgemeester en een eigen stadhuis. Parijzenaars kiezen hun burgemeester nog steeds tijdens de gemeenteraadsverkiezingen, waarbij de burgemeester van Parijs in een tweede ronde door de gemeenteraad wordt gekozen. In 1982 werd Parijs gedefinieerd als zowel een gemeente als een departement, een unieke situatie in Frankrijk. De burgemeester deelt daarom bevoegdheden met de prefect, die primair verantwoordelijk is voor de politie. Anne Hidalgo is sinds 5 april 2014 namens de PS, Parti Socialiste, de socialistische partij, burgemeester van Parijs. Zij is de eerste vrouw die deze functie bekleedt. De van oorsprong Spaanse Hidalgo was onder de ambtstermijn van burgemeester Delanoë (2001-2014) zijn eerste adjunct. De arrondissements burgemeesters hebben voornamelijk een adviserende rol ten aanzien van het stadhuis van Parijs het Hôtel de Ville. 

Maar in Parijs zijn de arrondissementen veel meer dan een middel om de geografische ruimte te verdelen. Ze zijn een manier van leven, een sfeer, een bevolking, status en clichés, en het is waar dat ze bij Parijzenaars, goed bekend zijn en in stand worden gehouden. De Lichtstad wordt wereldwijd erkend voor haar schoonheid, geschiedenis en cultuur. De twintig arrondissementen bieden elk een ander inzicht in het Parijse leven en hebben hun eigen bijzonderheden en toeristische attracties.

 

75001 - 1e arrondissement: Louvre

Het hart van Parijs en, zoals de naam al doet vermoeden, bevind zich hier het Louvre, een emblematisch symbool van de Franse cultuur. Het maakt deel uit van het historische centrum van de stad en een belangrijke plaats van cultureel erfgoed in Frankrijk. Hier ontdek je ook de Tuilerieën en het Musée de l'Orangerie, het Palais Royal, de Place Vendôme, en de wijk Les Halles. Een must-see is het volledig gerenoveerde warenhuis La Samaritaine en de graanbeurs van Parijs de Parijse locatie van de Pinault-collectie .

 

Place Igor Stravinsky in het 1 arrondissement met de Stravinsky fontein ontworpen in 1982 en 1983 door Jean Tinguely en Niki de Saint Phalle


75002 - 2e arrondissement: Bourse

Hier bevindt zich het Palais Brongniart, de vroegere effectenbeurs van Parijs. Iets verder van het historische centrum zijn er vooral veel winkels.  Sommige plaatsen zijn echt een bezoek waard, zoals de Place des Victoires, de Tour Jean Sans Peur en diverse authentieke overdekte passages., de Galerie Vivienne, Galerie Colbert,  De Passage des Panoramas  Passage des Princes, Passage du Grand-Cerf. Het is ook in dit arrondissement dat Le Grand Rex is gevestigd.  Le Grand Rex is een bioscoop met de grootste filmzaal in Europa. Vooral door deze zaal is het gebouw bekend. Le Grand Rex is in de stijl van art deco gebouwd en valt sinds 1981 onder monumentenzorg.

 

75003 - 3e arrondissement: Temple

Als je een fan bent van museumbezoeken, is het 3e arrondissement de perfecte plek. Je vindt er het Musée des Arts et Metiers, wetenschap en technologie, het Musée Carnavalet vertelt de geschiedenis van de stad Parijs, het Picasso Museum maar ook het Nationaal Archief. De straten zijn gevuld met een verscheidenheid aan winkels en restaurants. Een deel van dit arrondissement maakt deel uit van de Marais en de Joodse buurt met het prachtige Musée d'Art et d'Histoire du Judaïsme, gewijd aan de Frans-Joodse cultuur vanaf de middeleeuwen tot nu.

 

'La Victoire'; het standbeeld van de onsterfelijkheid voor het Musée Carnavalet


75004 - 4e arrondissement: Hôtel-de-Ville

Het 4e arrondissement is een belangrijke culturele locatie waar de ‘Mairie de Paris’, met zijn prachtige gevel is gevestigd. In dit arrondissement ligt de wijk Marais, het is een levendige wijk met veel winkels, straatkunst, pride-vlaggen en bars vol leven. Als je meer wilt weten over de Franse en Parijse geschiedenis en cultuur, kun je naar de prachtig gerestaureerde Notre-Dame, het Centre George Pompidou, de Place des Vosges of naar het huis van Victor Hugo. In deze wijk bevindt zich ook een deel van de Joodse buurt met het Memorial de Shoah een herdenkingsplaats die tentoonstellingen en activiteiten aanbiedt.

 

75005 - 5e arrondissement: Panthéon

Zoals de naam al doet vermoeden, is het 5e arrondissement de thuisbasis van het Pantheon, een mausoleum waar grootheden worden geëerd die hun stempel hebben gedrukt op de Franse geschiedenis. Het is dè universiteitswijk, waar de Sorbonne zich bevindt. Je kunt ook de Jardin des Plantes, de Arènes de Lutèce, en de Grote Moskee van Parijs bezoeken, maar ook vele musea en beroemde straten waaronder de rue Mouffetard.


De binnentuin van de Grote Moskee in het 5e arrondissement

 

75006 - 6e arrondissement: Luxemburg

Met de voorname wijk Saint-Germain-des-Près. Hier vind je chique winkels, restaurants en de middeleeuwse Église de Saint-Germain-des-Prés, de oudste kerk van Parijs. Straten vol galerieën leiden naar de impressionistische kunstwerken van het Musée d'Orsay. Op het trottoir langs de Seine staan boekverkopers met oude boeken. Liefhebbers van literatuur kunnen bovendien naar de Boulevard Saint-Germain om een van de iconische cafés te bezoeken, zoals Flore, waar Hemingway, Sartre & de Beauvoir en andere schrijvers graag kwamen. Wandelen en relaxen doe je in de Jardin du Luxembourg, voor het Palais de Luxembourg waar de Senaat zetelt. Er zijn ook hier veel musea: het Musée du Luxembourg of het Museum voor de Geschiedenis van de Geneeskunde of de Monnaie de Paris. 


75007 - 7e arrondissement: Palais-Bourbon

Het is waarschijnlijk het arrondissement van Parijs waar de beroemdste monumenten te vinden zijn: er is de Eiffeltoren, de Assemblée Nationale, de Franse Tweede Kamer, in het Palais Bourbon, het Hôtel de Matignon, de woning van de Premier ministre en het Hôtel des Invalides met het graf van Napoléon. Voor museumliefhebbers het Musée d'Orsay, het Musée de la Légion d'Honneur, het Musée Rodin of het Musée Maillol.



Musée Rodin in het 7e arrondissement

 

75008 - 8e arrondissement: Élysée

De plaats van luxe met veel winkels, restaurants en paleizen. Het is de thuisbasis van het Élysée-paleis dat zijn naam aan dit arrondissement geeft, evenals het ministerie van Binnenlandse Zaken. Hier kun je een bezoek brengen aan het Grand Palais en het Petit Palais, de Arc de Triomphe, de Place Concorde met het Hôtel de la Marine, de Pont Alexandre III, het Parc Monceau en het Palais de la Découverte. De ‘gouden driehoek’; Avenue des Champs Élysées, Avenue Montaigne en de Avenue George V staan vol met luxe boetieks en gastronomische restaurants. Niet te missen; het beroemde cabaret Le Crazy Horse Saloon of Le Crazy Horse de Paris en het Musée Dior.

 

75009 - 9e arrondissement: Opéra

Een levendig arrondissement met zijn grote Haussmanniaanse boulevards vol met winkels en dansbars. Het dankt zijn naam aan de aanwezigheid van de Opéra Garnier, een ander emblematisch monument van de stad. Het is ook de thuisbasis van de warenhuizen Galeries Lafayette en Printemps. Verder de Passage Jouffroy met het wassenbeeldenmuseum Grévin, het beroemde theaters Folies Bergères en Casino de Paris.



Het wassenbeeldenmuseum van Parijs, Musée Grevin - Salle de la Coupole - Foto Musée Grévin


75010 - 10e arrondissement: Entrepôt

Dit  arrondissement, heette vroeger de Enclos Saint-Laurent, maar draagt nu de naam Entrepôt. Wandel hier vanaf de Place de la République (dat zich uitstrekt over verschillende arrondissementen) voor een wandeling langs het Canal Saint-Martin met zijn beroemde sluizen. Als je van Aziatische restaurants houdt, raad ik je een omweg aan naar de Brady Passage om te genieten van authentieke Indiase of Pakistaanse gerechten. Het is ook de thuisbasis van het Gare du Nord en het Gare de l'Est.

 

75011 - 11e arrondissement: Popincourt

Een trendy arrondissement vol leven en ideaal om 's avonds uit te gaan in République, Oberkampf of Bastille. De Place de la République ligt gedeeltelijk in dit arrondissement. Samen met de Place de la Bastille en de Place de la Nation, zijn het sterke symbolen van de Franse Revolutie en nog steeds zijn het plaatsen van demonstraties in Parijs. Het is ook de geboorteplaats van het Atelier des Lumières, en het Cirque d'Hiver Bouglione. Op nummer 5 van de rue Crespin du Gast is een klein Édith Piaf museum gevestigd. 

 

 Het Canal Saint-Martin met zijn beroemde sluizen - 10e arrondissement


75012 - 12e arrondissement: Reuilly

Een van de longen van Parijs. De perfecte plek om een wandeling te maken in het Bois de Vincennes en het meer van Daumesnil om het Château de Vincennes te zien. Je kunt ook een wandeling maken over het Viaduc des Arts en de promenade Plantée, Het is ook de thuisbasis van de Opéra Bastille, het Gare de Lyon, Bercy Village en het Palais de la Porte Dorée met het Museum over de geschiedenis van de Immigratie en het Porte Dorée aquarium.

 

75013 - 13e arrondissement: Gobelins

Deze wijk is gemaakt voor liefhebbers van de Chinese cultuur, aangezien het de thuisbasis is van Chinatown. Je kunt een wandeling maken in de Butte-aux-Cailles, de Cité Florale, het Parc de Choisy of Place d'Italie, Struinen langs de Seine en een bezoek brengen aan de François Mitterrand-bibliotheek, of Les Docks, de Cité de la Mode et du Design, in de volksmond de groene gifslang genoemd.  Of het dorp Gobelins en de Manufacture des Gobelins, Als je van straatkunst houdt, is dit een gelegenheid om vele enorme murals te bewonderen.

 


13e Arrondissement, Butte-aux-Cailles

75014 - 14e arrondissement: Observatoire

De must-see in het 14e is een bezoek aan de Catacomben van Parijs. Andere plaatsen om te bezoeken; het Observatorium van Parijs, de Fondation Cartier, de Cartier collectie voor moderne kunst, het Giacometti Instituut, het atelier van de beeldhouwer Alberto Giacometti. Het Musée Bourdelle van beeldhouwer en schilder Antoine Bourdelle. het Parc Montsouris met aan de overkant de Cité Universitaire. De begraafplaats van Montparnasse, en de vergeten spoorlijn van Parijs, de Petite Ceinture. Het Gare Montparnasse bevindt zich zowel in het 14e als in het 15e arrondissement.

 

75015 - 15e arrondissement: Vaugirard

Het niet te missen element van het 15e arrondissement is natuurlijk de Tour Montparnasse, een van de hoogste torens van Parijs, met zijn panoramisch observatorium en aan de voet ervan, het Gare Montparnasse. Wandelen kun je in het Parc Georges Brassens, het Parc André Citroën en het Île aux Cygnes met een kopie van het Vrijheidsbeeld. Je kunt ook de Bir-Hakeim-brug bewonderen, voorheen de Pont de Passy, die zich tussen het 15e en 16e arrondissement bevindt. Le Ballon Air de Paris, een verankerde luchtballon  laat je van Parijs genieten op 150 meter hoogte.

 

De begraafplaats van Montparnasse in het 14e arrondissement


75016 - 16e arrondissement: Passy

Vol met de mooiste musea. Het Palais de Chaillot, het Palais de Tokyo, het Yves Saint Laurent Museum, Palais Galliera, de Fondation Louis Vuitton, het Musée Marmottan, hèt Monet Museum, enz. Stop bij de Place du Trocadéro voor een adembenemend uitzicht op de Eiffeltoren. Om van het groen te genieten, ga je naar het Bois de Boulogne, het Parc de Bagatelle, de Jardin d'Acclimatation met zijn attracties, of de tropische kassen van Auteuil. Een must-see is de necropool van de aristocratie, de begraafplaats van Passy.

 

75017 - 17e arrondissement: Batignolles-Monceau

Het 17e arrondissement is minder toeristisch dan de andere, maar er zijn enkele interessante plaatsen om te bezoeken: Het Parc Clichy Batignolles Martin Luther King, het Parc Monceau (dat tussen het 8e en 17e arrondissement ligt), La Cité des Fleurs, de wijk Batignolles en het Palais des Congrès, het congresgebouw van Parijs.


Het Parc Clichy Batignolles Martin Luther King - 17e arrondissement

 

75018 - 18e arrondissement: Butte-Montmartre

De Butte Montmartre was een oud historisch dorp waar kunstenaars woonden. Zelfs vandaag de dag zijn er nog veel kunstenaars te vinden in diverse straten, kunstgalerijen en kunstenaarshuizen. De heuvel wordt bekroond door de Sacré Coeur, de Basiliek van het Heilig Hart en de Place du Tertre waar ‘kunstenaars’ aanbieden om je te portretteren. Aan de voet van de heuvel zie je het beroemde cabaret Moulin Rouge en de rossige wijk Pigalle. Vergeet ook niet om een bezoek te brengen aan de begraafplaats van Montmartre, een dodenakker vol met legendarische bewoners.



De Butte-Montmartre in het 18e arrondissement
 

75019 - 19e arrondissement: Buttes-Chaumont

Een van de mooiste parken van Parijs, het beroemde Buttes-Chaumont-park, een uitgestrekte groene ruimte met een prachtig uitzicht over de hoofdstad. Ontdekken doe je in Parc de la Villette, langs het Canal de l'Ourcq en de Cité des Sciences et de l'Industrie, het planetarium en de Grande Halle de la Villette. Voor muziekliefhebbers Philarmonie de Paris, Le Zenith en de Cité de la Musique.

 

75020 - 20e arrondissement: Ménilmontant

Multicultureel Parijs met nog de sporen van kleine dorpjes, Belleville, Charonne, Ménilmontand en la Campagne à Paris. De must-see in dit arrondissement is natuurlijk de begraafplaats Père-Lachaise, maar niet ver daarvandaan kunt je ook wandelen in het Parc de Belleville dat op een heuvel ligt, waar je van een prachtig uitzicht kunt genieten op de belvedère. Als je van rustige plekken houdt, is dit het platteland in Parijs. Een originele wijk met veel groen in de straten. Ten slotte is er nog steeds een toegang tot de oude spoorweg, de Petite Centure.



Multicultureel Parijs in het 20e arrondissement
 

Ongewoon Parijs

Speciaal voor de bezoekers die het verkennen van de arrondissementen van Parijs een verrijkende ervaring vinden en zo de diversiteit, die de essentie van de Franse hoofdstad weerspiegelen, willen ontdekken schreef ik mijn reisgids ‘Ongewoon Parijs’. De reisgids neemt je mee langs de 20 arrondissementen om zo de unieke sfeer van elk gebied op te snuiven en tegelijkertijd kennis te nemen van verborgen pareltjes. Elk arrondissement heeft elementen uit het verleden bewaard en zich tegelijkertijd aangepast aan de eisen van vandaag. Door deze wijken te verkennen kun je de evolutie van Parijs door de eeuwen volgen en de krachten die deze dynamische metropool hebben gevormd beter begrijpen.



Ongewoon Parijs is een uitgave van PassePartout reisgidsen en verkrijgbaar online en bij elke goede boekhandel voor € 24,50. ISBN 978-9493432-31-4