Paris FvdV is een niet commercieel weblog speciaal voor kenners en liefhebbers van de stad Parijs - en voor hen die dat willen worden. Parijs is een stad met een gewichtig verleden, respectabel en gerespecteerd. Het is totaal niet nostalgisch. Parijs is er in geslaagd om, soms op brutale maar altijd op elegante wijze, om te gaan met zijn grootse monumenten. Ze te beschermen en te integreren in de nieuwe dynamiek van de stad. Parijs is een meester op het gebied van herstel en transformatie. U zult er nooit in slagen een volledig overzicht te maken van plekken en verhalen, die allemaal op hetzelfde punt uitkomen en de glorie van deze stad bezingen. toch wil ik een poging wagen. Wekelijks wil ik u niet alleen informeren over wat Parijs nog meer te bieden heeft, maar ook wil ik mijn liefde voor deze stad op u over dragen. In de hoop dat het raakt aan iets wat u herkent of voelt. Ferry van der Vliet.

Privacy verklaring: Indien u weblog Paris FvdV, dat bij Google-Blogger is ondergebracht, leest en reageert op de blogs van Paris FvdV, doet u dat vrijwillig en is uw IP-adres en mailadres - indien u dat vermeld - bekend en wordt opgeslagen. Ook uw schuilnaam waaronder uw reageert wordt opgeslagen. Paris FvdV zal uw gegevens nooit aan derden doorgeven. We houden uw gegevens privé, tenzij de wet of rechtelijke macht ons dwingt uw gegevens aan hen te verstrekken. Datalekken in het systeem vallen onder de verantwoordelijkheid van Google-Blogger. Door weblog Paris FvdV te bezoeken en/of de op of via deze weblog aangeboden informatie te gebruiken, verklaart u zich akkoord met de toepasselijkheid van deze disclaimer. Google gebruikt cookies om services te leveren en verkeer te analyseren dus uw IP-adres en user-agent zijn bij Google bekend, samen met prestatie- en beveiligingsstatistieken om servicekwaliteit te garanderen, gebruiksstatistieken te genereren, misbruik te detecteren en maatregelen te treffen.

Posts tonen met het label Rondom Parijs. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Rondom Parijs. Alle posts tonen

vrijdag 17 oktober 2025

DE CITÉ INTERNATIONALE DE LA LANGUE FRANÇAISE


Het stond al lang op mijn to do lijstje, plus het ligt op de route vanuit Nederland naar Parijs. Ik moet er wel bij zeggen dat het een kleine omweg vereist, maar het is absoluut de moeite waard. Ideaal te combineren met het Château de Pierrefonds dat ik eerder beschreef in 2019 (klikhier). Ik ben op weg naar Villers-Cotterêts in de Aisne, op 45 minuten rijden van Parijs, om een plek te ontdekken die eind 2023 werd geopend: de ‘Cité Internationale de la Langue Française’ afgekort tot CILF. Het is een culturele en levendige plek die volledig gewijd is aan de Franse taal en Franstalige culturen. Een plek doordrenkt van geschiedenis, want het Château de Villers-Cotterêts bestaat al honderden jaren.



Het kasteel, gebouwd door Frans I in de 16e eeuw

 

Het Château Villers-Cotterêts is een voormalige koninklijke residentie. Het kasteel, gebouwd door Frans I in de 16e eeuw, markeerde het hoogtepunt van de Renaissance. Met een innovatieve kapel, versierd met koninklijke emblemen, werd het kasteel een zetel van de politieke macht waar cruciale beslissingen werden genomen, zoals de verordening uit 1539 die het gebruik van het Frans in officiële documenten verplicht stelde. Het kasteel was een geliefde verblijfplaats van Franse koningen vanwege de ligging in het Forêt Domaniale de Retz, gewaardeerd vanwege de enorme rijkdom aan wild. Gebouwd als jachtslot en destijds het grootste paleis in Frankrijk, maar viel later als leengoed toe aan de hertogen van Orléans. Het is een typisch voorbeeld van de eerste Franse renaissance, met beeldhouw-ornamenten, kruisvensters en torens die op de middeleeuwen zijn geïnspireerd.

De verordening uit 1539 die het gebruik van het Frans in officiële documenten verplicht stelde

 

De familie Orléans , die het kasteel in 1661 als apanage, een toelage uit de staatskas  van Lodewijk XIV kreeg, leidde  er een leven vol spelletjes, gesprekken en recepties. Er werden weelderige feesten gehouden, zozeer zelfs dat Frans I het kasteel de bijnaam "Mijn Genot" gaf. Na hem organiseerde Lodewijk XIV er een gemaskerd bal, vierde Filips II van Orléans er de kroning van Lodewijk XV met 1000 genodigden en voerde Molières gezelschap er in 1664  een voorstelling op van " Tartuffe of de Huichelaar ". 

De Franse Revolutie luidde de ondergang van het kasteel in, dat in beslag werd genomen als nationaal bezit. Het kasteel werd een kazerne voor het Republikeinse leger en vervolgens een werkhuis. Vervolgens deels gevangenis en deels hospice, huisvestte duizend bedelaars, delinquenten en ouderen die van de straten van Parijs waren geplukt. In 1889 werd het omgebouwd tot bejaardentehuis en vervolgens, tijdens de Tweede Wereldoorlog, tot militair hospitaal. In 2014 verhuisde het bejaardentehuis van het kasteel naar modernere gebouwen. De vraag rees toen wat er met het kasteel moest gebeuren, dat toen leegstond en in een alarmerende staat van verval verkeerde.


Het château anno 1920

 

Het Château ging in 2018 een nieuw tijdperk in toen Emmanuel Marcon deze locatie uitkoos om er de Cité internationale de la Langue Française te huisvesten. Hij had zich hiertoe al verbonden tijdens een bezoek aan het kasteel op 17 maart 2017 als onderdeel van zijn campagne voor de presidentsverkiezingen. Voor hem was het  ‘zeer politiek’ project bedoeld om deel uit te maken van de tijd en de geschiedenis naar het evenbeeld van zijn voorgangers, de bouwpresidenten, die Georges Pompidou (Centre Pompidou), Giscard d'Estaing (Musée d'Orsay, Cité des sciences et de l'industrie), François Mitterrand (la Cité des sciences , le parc de la Villette, l’Institut du monde Arabe, le Grand Louvre en de pyramide, le ministère des Finances, la Grande Arche de la Défense, l’Opéra Bastille, la Cité de la musique) of Jacques Chirac (Musée du Quai Branly) waren. Met een investering van 234 miljoen euro in het project is het het op één na grootste culturele project van president Macron, na de wederopbouw van Notre-Dame de Paris.


Het château met op de achtergrond het dorp Villers-Cotterêts

 

Het restauratieproject van het kasteel werd toevertrouwd aan het ‘Centre des monuments nationaux’ (CMN), onder leiding van Olivier Weets, hoofdarchitect van historische monumenten . De missie van het CMN was om de restauratiewerkzaamheden uit te voeren, de geschiedenis ervan te documenteren, de 16e-eeuwse sculpturen schoon te maken – met behulp van historische kennis – de vloeren, daken en renaissancetrappen te restaureren. Dankzij de grootschalige restauratie, die vijf jaar heeft geduurd, is dit vorstelijke kasteel uit de Franse geschiedenis volledig in oude luister hersteld. Een van de architectonische hoogtepunten van het hoofdgebouw is de monumentale ‘koningstrap’ met een cassettenplafond versierd met salamanders, bladmotieven en lelies, en de Nicolaaskapel met de aan de Italiaanse beeldhouwkunst ontleende engelenkopjes (putti), hoornen des overvloed, guirlandes en linten. De ontdekking tijdens preventieve opgravingen van een eerder kasteel onder de fundamenten van het huidige gebouw, gevolgd door de instorting van een binnenmuur in de zomer van 2021, evenals de Covid-19-pandemie en het tekort aan materialen, hebben de voltooiing van de werkzaamheden herhaaldelijk vertraagd. Het monument werd in 2022 geklasseerd als Nationaal Domein en op 30 oktober 2023 werd de Cité Internationale de la Langue Française ingehuldigd door de Franse president Emmanuel Macron.


De plaquette ter ere van de inhuldiging door de Franse president Emmanuel Macron


De ‘Cité Internationale de la Langue Française’ afgekort tot CILF werd toevertrouwd aan het ‘Centre des monuments nationaux’ (CMN) - Foto CILF / CMN

  

De entree van het het château 


Het herbergt een permanente tentoonstelling gewijd aan de Franse taal en de Francofonie en biedt een gevarieerd programma van tentoon-stellingen en performances, evenals residenties voor kunstenaars, onderzoekers en ondernemers. Frans is al sinds de middeleeuwen populair. De taal van de aristocratie in de 17e eeuw, van de diplomatie in de 18e eeuw, werd al snel geassocieerd met kunst, mode en gastronomie. De taal werd wijdverspreid in Frankrijk tijdens de Derde Republiek, dankzij de wetten van Jules Ferry. Tegelijkertijd verspreidde het gebruik ervan zich naar alle uithoeken van de wereld.  Het is dan ook geen toeval dat in Villers-Cotterêts een dergelijke instelling ontstond. Bijna 500 jaar geleden vaardigde Frans I hier namelijk het decreet uit dat het Frans tot officiële taal van het koninkrijk maakte. Tegenwoordig wordt het Frans door meer dan 320 miljoen mensen wereldwijd gesproken en had het een plek nodig waar bezoekers de geschiedenis, de evolutie en de verschillende dialecten ervan konden ontdekken. 

Alexandre Dumas, wie kent hem niet? Maar ook Jean de La Fontaine, beroemd om zijn fabels, Jean Racine, schrijver van klassieke toneelstukken, of Paul Claudel, dichter, romanschrijver en dramaturg. Al deze vertolkers van de Franse taal hebben één ding gemeen: ze zijn geboren en vaak ook getogen in de omgeving van Villers-Cotterêts. Vandaar dat je in de Cité ook veel over hen te weten kan komen.


Met een investering van 234 miljoen euro in het project is het het op één na grootste culturele project van president Macron





Een gerestaureerde renaissancegevel, een gloednieuwe museumroute, meeslepende technologieën... Alles lijkt samen te komen om deze plek tot een onmisbaar knooppunt van de Franse cultuur te maken. Het kloppend hart van de Cité Internationale de la Langue Française is de Cour du Jeu de Paume, met een spectaculair atrium. Deze 10 meter hoge ruimte heeft een glazen dak met een ruitvormige structuur die teruggrijpt op de renaissance. Koning Frans I hield ervan om vanuit zijn appartement tenniswedstrijden (Jeu de Paume de voorloper van het huidige tennis) te bekijken. De tennisbaan bevond zich in het midden van het kasteel. Nu wordt deze historische binnenplaats verfraaid door een groot glazen dak met een lexicale hemel van 100 Franse woorden die boven de binnenplaats hangen. Deze woorden werden gekozen door de inwoners van Villers-Cotterêts en combineren streektaal, literaire figuren uit de regio en regionale en Franstalige uitdrukkingen. Niet alleen bij daglicht maar ook in het donker een prachtig schouwspel.

 

Het kloppend hart van de Cité Internationale de la Langue Française is de Cour du Jeu de Paume, met een spectaculair atrium


Deze historische binnenplaats is verfraaid door een groot glazen dak met een lexicale hemel van 100 Franse woorden die boven de binnenplaats hangen


De verplichte passage om het begin van de rondleiding te bereiken is de Koningstrap. Wat deze trap zo uniek maakt, is de elegantie en het ingenieuze ontwerp. Hij is ontworpen als een soort hellingbaan in Italiaanse stijl, volledig in kalksteen, wat hem zijn krijtwitte kleur geeft. Kijk omhoog en je ontdekt het korfgewelf, bestaande uit 140 gebeeldhouwde schatkisten en geheel gewijd aan de glorie van koning Frans I, met gekroonde salamanders en fleurs-de-lis.



 Het korfgewelf van de Koningstrap, bestaande uit 140 gebeeldhouwde schatkisten -  Foto CILF / CMN

Het speelse parcours, een permanent onderdeel van de Cité Internationale de la Langue Française, voert langs circa 150 voorwerpen, documenten en boeken, plus circa 60 interactieve en audiovisuele middelen in 15 zalen, waardoor de bezoekers worden meegenomen op een ontdekkingsreis naar de ongekend rijke wereld van de Franse taal. Maak kennis met de mengwoorden van Stromae door te luisteren naar zijn songs, ontdek hoe sommige woorden in het Frans zijn beland via een 360° projectie in een koepel, hoor hoe koning Frans I of Jeanne d’Arc spraken en vind het perfecte boek in een magische bibliotheek. Klein en groot kunnen het zelfs tegen elkaar opnemen in een reusachtige woordzoeker en leren dat bekende begrippen niet overal in Frankrijk hetzelfde heten, want in Parijs zeg je ‘pain au chocolat’, maar in het zuidwesten heet zo’n chocoladebroodje een ‘chocolatine’. Handig om te weten! Je gaat op reis naar Franstalige landen.



Je wordt meegenomen op een ontdekkingsreis naar de ongekend rijke wereld van de Franse taal - Foto's CILF / CMN




Wist je dat  ?

Meer dan 80% van de Franse woorden uit het Latijn komt? Zo bestaat het woord "Copain" uit het voorvoegsel "cum", wat "met" betekent, en het Latijnse woord "panis", wat "brood" betekent. Met andere woorden: een vriend is iemand met wie je brood deelt.

Volgens taalkundigen is minstens een derde van de Engelse woordenschat van Franse oorsprong. Dit komt door Willem de Veroveraar, die de Angelsaksische koning Harold versloeg in de Slag bij Hastings in 1066. Veel Franse woorden die uit het Engels zijn geleend, komen dus eigenlijk uit... het Oudfrans! Zo komt het werkwoord "flirter" (van het Engelse "flirten") eigenlijk van het Oudfranse "fleureter". Een uitdrukking voor vriendelijke en galante opmerkingen of iemands luchtige en flirterige taalgebruik.

Het woord "sirene" is van Griekse oorsprong en verwees ooit naar een mythologische figuur, half mens, half vogel, die zeelieden met hun gezang naar een tragisch lot lokte. Tegenwoordig gebruiken we dit woord om een alarm aan te duiden dat gevaar signaleert.


Bijna 500 jaar geleden vaardigde Frans I hier namelijk het decreet uit dat het Frans tot officiële taal van het koninkrijk maakte



Foto CILF / CMN
 

Je bezoek eindigt in de kapel die zich bevindt op de eerste verdieping van het kasteel. Deze heeft veel van de oorspronkelijke inrichting behouden, waaronder het hoge, gebeeldhouwde altaarstuk. De kapel, ontworpen door gerenommeerde architecten zoals Philibert Delorme, breekt met de gotische traditie en neemt een uitgesproken renaissancestijl aan. Wat haar bijzonder maakt, zijn de symbolische elementen die verband houden met de monarchie. Voorbeelden hiervan zijn de emblemen van de koning, zoals de salamander, de fleur-de-lis en de gekroonde initialen, die de traditionele christelijke symbolen op deze gebedsplaats vervangen.

 

Je bezoek eindigt in de kapel


Wat de kapel bijzonder maakt, zijn de symbolische elementen die verband houden met de monarchie


Sinds de opening heeft de Cité in drieëntwintig maanden meer dan 500.000 bezoekers ontvangen. "Het resultaat overtreft de prognoses en doelstellingen die ons zijn meegegeven", aldus Paul Rondin, directeur van de Cité Internationale de la Langue Française. "Dit toont aan dat taal geen niche-onderwerp is, maar dat het bezoekers enorm interesseert." Het café, ‘Chez Alexandre’, de boekhandel ‘l’Arbre à palabres’ en de ‘Cour du Jeu de Paume’ zijn ruimtes die gratis voor het publiek toegankelijk zijn. De entree voor de Cité bedraagt € 9 voor een volwassene, kinderen zijn gratis.



 

Na de onderdompeling in de cultuur van de Franse taal wacht je de overrompelende natuur van het naburige bos van Retz, dat is aangemerkt als ‘Forêt d’Exception’, een uitzonderlijk label dat slechts 15 bosgebieden in Frankrijk hebben. Het beslaat 13.000 hectare waar je te voet, te paard of op de fiets op zoek kan gaan naar de oudste boom van het bos: een eik van 365 jaar! Er zijn minstens 12 wandelroutes uitgezet, zoals een literaire wandeling van 14 km in het gezelschap van Catherine Blum, de hoofdpersoon van de gelijknamige roman van Alexandre Dumas, die eigenlijk doorgaat voor de eerste Franse detective. Daarnaast is er een fietsroute van 30 kilometer tussen het bos van Retz en het kasteel van Pierrefonds, in de 19de eeuw gerestaureerd door niemand minder dan Viollet-Le-Duc.  

Voor lunch of diner adviseer ik restaurant ‘Le Kiosque de Bacchus’. Een uitstekend restaurant met een perfecte wijnkaart, op steenworp afstand van de Cité Internationale de la Langue Française.  2, Rue du Général Mangin, Villers-Cotterêts. Check de website voor openingstijden.

Citéinternationale de la langue Française - château de Villers-Cotterêts 

1, place Aristide Briand

02600 Villers-Cotterêts

Bron Centre des Monuments Nationaux, France Voyage


maandag 11 november 2024

STAD VAN KUNST EN GESCHIEDENIS: BOULOGNE-BILLANCOURT

Boulogne-Billancourt is een van de westelijke buitenwijken van Parijs, een sub prefectuur van het departement Hauts-de-Seine op de rechteroever van de Seine. Het was vroeger een belangrijke industriële site, maar is met succes omgevormd tot zakelijke dienstverlening en is nu de thuisbasis van grote bedrijven, maar ook een stad van kunst en geschiedenis. Met zijn 3 grote buren: de Seine, Parijs en het Bois de Boulogne trekt de voorstad jonge werkende mensen en hun gezinnen aan dankzij haar dynamiek.

 

Boulogne-Billancourt, stad van kunst en geschiedenis

 

Deze voorstad van Parijs staat vol met (architectonische) juweeltjes uit de jaren '30 van de vorige eeuw

 

De voorstad vertoont vandaag nog steeds contrasten tussen Haussmann-woonwijken in het noorden en meer architectonische juweeltjes in het zuiden, waaronder vele schatten. Prachtige huizen van de hand van beroemde architecten waaronder Mallet-Stevens, Le Corbusier, Faure-Dujarric, Niermans, Pingusson,  en vele anderen. Door de verschillende wijken kun jij als liefhebber van culturele uitstapjes vele monumenten ontdekken, zoals de kerk Notre-Dame des Menus, het stadhuis ontworpen door Tony Garnier, ingehuldigd in 1934, het museum uit de jaren 1930, het Albert-Kahn-museum met zijn prachtige tuinen, De Bibliothèque Marmottan, die in 1932 werd nagelaten aan de Académie des beaux-arts door de oprichter Paul Marmottan. het Musée Paul Belmondo, het Parc Edmond-de-Rothschild aan de zuidpunt van het Bois de Boulogne en het huidige Ïle Seguin, nu een plaats van cultuur op zich. Het profiteert van een uitzonderlijke geografische ligging tussen Boulogne-Billancourt en Sèvres, herbergt La Seine Musicale en een stichting voor hedendaagse kunst. Andere internationale projecten gewijd aan cultuur en kunst zullen er binnenkort het daglicht zien. 

 

Het museum van de jaren 1930 is gevestigd in het Espace Landowski

 


Le Musée des Années Trente 

In deze blog neem ik je mee naar slechts één van de juweeltjes in deze stad: Le Musée des Années Trente, het Museum van de jaren 1930 gevestigd in het Espace Landowski aan de avenue André Morizet 28, naast het prachtige stadhuis ontworpen door Tony Garnier in 1931 – 1934. Het metrostation Marcel Sembat komt rechtstreeks uit op deze avenue. Het gebouw is een schepping van architectenbureau Lobjoy Bouvier Boisseau in samenwerking met Yovan Josic, opgeleverd in 1998. Duidelijk een ode aan de architectuur van Le Corbusier en Malet-Stevens. Het herbergt tijdelijke tentoonstellingsruimtes, een amfitheater, een arthouse-bioscoop, de collecties van het museum uit de jaren dertig en het Paul Landowski-museum, een enorme mediabibliotheek, evenals ruimtes voor digitale creatie en initiatie tot multimedia. Het hart van dit gebouw vormt het schip als permanent kruispunt van ontmoetingen, ontdekkingen en regelmatig hernieuwde confrontaties.

 

Het beeld 'Trinité'  uit 1929 - Jean en Joël Martel 

 

Jaro Hilbert - 'La dame en bleu', 1929 - het museum staat vol met de mooiste voorbeelden van art-deco 

 

Het Musée des Années Trente herbergt ongeveer 800 sculpturen, 2.000 schilderijen, maar ook decoratieve voorwerpen zoals meubels, keramiek en ook maquettes van herenhuizen en gebouwen uit de jaren dertig gegroepeerd op 3.000 m² en verdeeld over vier etages. Deze collecties benadrukken de kenmerken van de esthetische wereld van de jaren dertig: een terugkeer naar realisme en classicisme. Zeldzame werken van Bernard Boutet de Monvel, Alfred Courmes, Maurice Denis, Georges Desvallières, Amédée La Patelière, Eugène Poughéon, Henry de Waroquier, Joseph Bernard, Marius de Buzon en Tamara de Lempicka en Paul Landowski. De collecties van de beeldhouwer Paul Landowski (1875-1961), die sinds september 2017 in de Espace Landowski zijn ondergebracht, werden in 1982 door zijn erfgenamen geschonken aan de stad Boulogne-Billancourt. De kunstenaar staat bekend als de auteur van het standbeeld van Christus van Corcovado uit Rio de Janeiro.



Anne Carlu 'Diane chasseresse', 1927 - Tempera sur isorel 


 Het Musée des Années Trente herbergt decoratieve voorwerpen zoals meubels, keramiek

 

'Clown', 1930 - Jean Lambert-Rucki / 'Paravent', 1930 - Louis Barillet, Jacques Le Chevallier 

 

Een lift brengt je naar de start van de permanente tentoonstelling op de vierde etage van het gebouw, die geheel gewijd is aan zijn gehele oeuvre. De tentoongestelde sculpturen zijn representatief voor het werk van Paul Landowski. Het kleine beeldhouwwerk weerspiegelt zijn intieme kunst. De modellen tonen de omvang van zijn monumentale werk, vooral aanwezig in Parijs (Jardins des Tuileries, het Panthéon, Trocadéro, Invalides, enz.). De muren van de Tempel van de Mens geven de dimensie aan van een groot project, een niet-gerealiseerde droom, die de geschiedenis van de mensheid in bas-reliëf en in het rond beschrijft. Vier volledig gebeeldhouwde muren die het verhaal van de mensheid vertellen. Landowski presenteerde zijn plannen in 1925 op de Exposition Internationale des Arts Décoratifs et Industriels Modernes. Helaas bleef de tempel een prachtige utopie en dit falen werd pijnlijk gevoeld door de beeldhouwer.

 

De nooit uitgevoerde 'Tempel van de Mens' 1925 - Paul Landowski 

 

Voorstudie van 'La Nature 'Eternelle', 1943 - nu te bewonderen in het colombarium van het cimetière du Père Lachaise - Paul Landowski 

 

Landowski werd geboren in 1875 in Parijs als zoon van een Poolse immigrant, die naar Frankrijk was gevlucht tijdens de Januariopstand (1863-1865). Hij studeerde aan de Académie Jullian waar hij les kreeg van Jules Lefebvre en aan de École nationale supérieure des beaux-arts. Lefebvre een geleerd schilder en veeleisende professor aan wie Paul zijn bijzondere beheersing van portretten en naakte te danken heeft. Tegelijkertijd werd hij door professor Faraboeuf geïnstrueerd om anatomische platen te tekenen die hij gebruikte voor zijn colleges aan de medische faculteit. Zo verwierf Landowski een uiterst nauwkeurige kennis van de anatomie, die in zijn ogen altijd het fundament zou vormen van zijn beeldhouwkunst. De honneurs beginnen vroeg voor Landowski. In 1900, hij was toen pas 25 jaar, ontvangt hij de Prix de Rome voor zijn beeldhouwkunst, wat hem vier jaar oplevert in de Villa Medici waar hij het oude Italië ontdekt en de Renaissance. Door zijn succes kreeg Landowski te maken met meerdere grote openbare opdrachten zoals de zonen van Kaïn, aangekocht door de staat en nu te zien in de tuinen van de Tuilerieën. Hij stierf in zijn huis in Boulogne-Billancourt op 31 maart 1961, op vijfentachtigjarige leeftijd.

 

'La France' 1919 - het monument werd ingehuldigd in 1935 - Paul Landowski

 


Een kleine kopie van 'Christus de Verlosser' te zien in Rio de Janeiro - Het origineel is 38 meter hoog en staat op de 710 meter hoge berg Corcovado, 1931 - Paul Landowski - Het gezicht van het beeld werd uitgevoerd door de Roemeense beeldhouwer Gheorghe Leonida



'Nocturne', 1926 - onderdeel van het graf van de componist Gabriel Fauré - Paul Landowski

 

Op de andere etages krijg je topstukken te zien van fascinerende art deco-stijl. De art deco stijl heeft enorme invloed gehad op de architectuur in en rond Parijs in de jaren ‘20 en ‘30 van de vorige eeuw. Maar wat is nu precies het verschil tussen art nouveau en art deco? Veel mensen vragen zich dat af, en zelfs kunstkenners vergissen zich nog wel eens. En toch kunnen de twee stijlen als dag en nacht van elkaar verschillen. Sterker nog, de ene stijl komt zelfs uit de andere voort. Art nouveau ontstond aan het eind van de 19e eeuw en duurde voort tot het begin van de 20e eeuw. Het is de stijl van de Franse Belle Epoque, met veel kleuren, glas in loodramen en rijkelijk gedecoreerd met zwierige lijnen geïnspireerd op natuurlijke vormen zoals bloemen en planten. Art deco daarentegen komt tot bloei in de jaren 20 - de zogenoemde Années Folles, een soort Franse Roaring Twenties - die zich kenmerkt door modernisme, symmetrie en ingetogenheid. Dit is vooral terug te zien in de rechte lijnen, afgestompte hoeken, cirkels en achthoeken. De eerder genoemde architecten; Le Corbusier, Mallet-Stevens, Faure-Dujarric, Niermans, Pingusson die in dezelfde stijl bouwden hadden hun werkterrein niet alleen in het 16e arrondissement maar ook in Boulogne-Billancourt. Bij de plaatselijk VVV kun je een brochure halen met daarin wandelroutes langs architectonisch interessante huizen. 

 


Mannequin hoofden van het warenhuis Siegel, 1925 - René Herbst en Pierre Petit 

 

'Instruments de musique of Pastorale' 1923 - Jaques Lipchitz


Zoals je aan de foto’s kunt zien is een bezoek aan het Musée des Années Trente absoluut de moeite waard. 

 

TIP:

Lunch op het terras van het mythische Piscine Molitor, een prachtig art deco zwembadcomplex uit 1929. Ooit de locatie van avantgarde pool-parties, vandaag de dag een uniek vijfsterren hotel van de keten M-Gallery (onderdeel van de Accor groep) genaamd Hotel Molitor Paris. Een luxe hotel met 124 kamers en suites, een restaurant, dakterras en een spa van Clarins. Klassiek van buiten, modern en artistiek van binnen – met diverse verwijzingen naar het graffiti-verleden. De mosterdgele en kobaltblauwe façade, de mozaïeken op de vloer en de lange rijen badhokjes rond het water zien er uit als een filmdecor. Mede dankzij de spectaculaire opening in 1929 door niemand minder dan olympisch zwemkampioen Johnny Weismuller (bekend en wereldberoemd door zijn filmrol als Tarzan) werd Piscine Molitor al snel the place-to-be in Parijs. Nog een leuk weetje; zo werd in 1946, aan de rand van dit zwembad, een revolutionair nieuw kledingstuk gepresenteerd: de bikini. Een Franse uitvinding van Louis Réard, een Franse auto-ingenieur en kledingontwerper.



 Hotel Molitor Paris, 2 avenue de la porte Molitor, metrostation Porte d’Auteuil, metrolijn 10 / Exelmans lijn 9.



vrijdag 2 augustus 2024

LE VÉSINET; EEN WAAR ARCHITECTONISCH SCHOUWSPEL

Heerlijk even Parijs ontvluchten tijdens de gekte en de drukte van de Olympische Spelen. Dit keer kies ik voor Le Vésinet. Dit architectonisch juweeltje ligt even ten westen van het centrum van Parijs en is een van de rijkste buitenwijken van Parijs. De Seine draait in een lange bocht om Le Vésinet, toch ligt de plaats nergens aan de Seine. De vermelding van Vésinet komt voor het eerst voor in een oorkonde uit 704 onder de naam Visinolum, die zou kunnen komen van het Latijnse Vicinum, gehucht. In dit handvest schenkt koning Childebert III het land van Pecq en zijn annex Le Vésinet aan de monniken van de abdij van Fontenelle. Het stadje voert een stedebouwkundigbeleid dat stamt uit 1856. Le Vésinet was het eerste ‘ville-parc’ dat in Frankrijk werd gebouwd. Veel tuinen, parken, plantsoenen en aangelegde meren, maar liefst 5 stuks en heeft een lijst van 539 (2014) beschermde en te beschermen gebouwen, waarvan de meeste villa’s in chaletstijl of ‘badplaatsenstijl’ zijn ‘à la Deauville Trouville’, dus met veel torentjes, gekleurde baksteen, ruwe zandsteen en nog veel meer. Een plaatje, dat wel. Een van de voorwaarden was, dat de voorgevels vanaf de weg zichtbaar waren. Zo komt het dat Le Vésinet een waar architectonisch kijkspel is. Zelfs het plaatselijke tankstation is voorzien van een rieten dak. Top-chique dus, en de naam van de bewoners: les Vésigodins.



Le Vésinet is waar architectonisch kijkspel, zelfs het plaatselijke tankstation is voorzien van een rieten dak



De meeste villa’s in chaletstijl of ‘badplaatsenstijl’ zijn ‘à la Deauville, Trouville’, dus met veel torentjes, gekleurde baksteen, ruwe zandsteen en nog veel meer

 

Sinds 1875 is de uitzonderlijke omgeving van Le Vésinet beschermd gebleven. Misschien wel de reden dat vele persoonlijkheden zich hier vestigden waaronder; de muzikanten Bizet en Fauré, de schilders Vlaminck en Utrillo, de dichter Apollinaire, de filosoof Alain, enz. Zelfs Joséphine Baker, de grootse music-hall-artieste uit de jaren ‘20, woonde er in de villa ‘Beau Chêne’, een enorme woning uit het eind van de 19e eeuw, met een prachtig Engels park eromheen. Sinds 1970 is bijna het gehele gebied geklasseerd of ingeschreven in de aanvullende inventaris van historische monumenten. Sinds 1997 heeft Le Vésinet de hoogste onderscheiding van ‘quatre fleurs’ (vier sterren) ontvangen in de nationale competitie voor ‘Villes Fleuries’. de kwalificatie ‘Ville Fleurie’, trots aangegeven onder een plaatsnaambord. Als snel waan je je in een bloemenzee van versierde perken en hanging baskets aan lantarenpalen. De meer oplettende kijker ziet onder de naam ‘Ville Fleurie’ ook een aantal sterren staan. Hoe meer sterren op het bordje, des te groter de bloemenpracht. Tijd voor een uitgebreide wandeling. Hier volgen een drietal wandelingen:

 

Grand Lac des Ibis

Grand Lac des Ibis

Vanaf het treinstation Le Vésinet-Le Pecq (uitgang aan de kant van Alexandre Dumas), rechts de rue Alexandre Dumas volgen, tot aan een plaat die de geschiedenis van de spoorlijn en het station vertelt. Ga links de brede avenue du Grand Veneur in, om bij ‘Le Grand Lac des Ibis’ uit te komen. Sla rechtsaf naar de hoek van de rue Diderot en de allée des Fêtes om het ‘Roze paleis’ te bewonderen. Ga terug naar het meer, naar de brug.Steek de zuidelijke brug over naar het eiland en neem het pad aan je rechterhand langs het water, tot aan de noordelijke brug, die aan de andere kant van het eiland ligt. Steek deze over en volg het meer rechts, alvorens linksaf de allée des Genets in te slaan, tot aan het eerste kruispunt. Op n° 2 van de avenue des Courlis: villa du Grand Lac, uit het eind van de 19e eeuw, gotische stijl met art nouveau invloeden. Op n° 3 van de allée des Genets: villa La Chimère, uit het eind van de 19e eeuw, in neogotische stijl.



 Het ‘Roze paleis’

Je kunt nog een omweggetje naar ‘Wood Cottage’ maken. Ga dan verder over de avenue Corot, steek de avenue des Pages over en sla bij de rotonde linksaf de avenue Alfred de Musset in, tot aan de boulevard des Etats-Unis, waar Wood Cottage staat op n° 122.

Om bij het begin van de tweede wandeling uit te komen: Volg rechts de boulevard des Etats-Unis, ga dan rechts de avenue Horace Vernet in tot aan de Rond-point Royal .



 

Villa des Pages

Sla rechts de avenue Horace Vernet in. Links ligt de kliniek van ‘La villa des Pages’, gebouwd in 1896. Ga linksaf de avenue Jean Mermoz in, volg de rivier en ga rechts de rue Jean Laurent in. Op n° 35 het huis waar de familie van Maurice de Vlaminck heeft gewoond. De gevel van het huis is versierd met een Dorische krul. Steek de boulevard Carnot over en kom via de rue Jean Laurent op het kerkplein. Ga linksom langs de kerk om in de rue du maréchal Foch te komen. Op n° 18 een gebouw uit 1886. Sla linksaf, steek de boulevard Carnot over en ga verder door de avenue des Pages. Volg rechts de rue Henri Dunant, links de rue Villebois Mareuil en rechts de allée des Bocages. Op n° 29 allée des Bocages: villa des Marmousets, een voorbeeld van neo-normandische architectuur (1910). Vervolgens rechts af de rue des Réservoirs in en neem dan de boulevard des Etats-Unis.

 


Le Vésinet heeft veel tuinen, parken, plantsoenen en aangelegde meren, maar liefst 5 stuks 




Les Lacs

Neem rechts het pad dat naar ‘Le Lac Supérieur’ loopt. Volg de oever en laat het meer achter je via de avenue du Belloy. Steek de boulevard Carnot over en ga verder over de boulevard des Etats-Unis. Ga over het spoor en daal een trap af die naar het ‘Le Lac de Croissy’ leidt. Ga langs de oostelijke oever van ‘Le Lac de Croissy’, verder over de route de la Croix, sla rechtsaf de avenue Georges Clémenceau in. Op n° 35 zijn de bloemenmotieven van het hek van de villa l’Helianthus zichtbaar. Weer een schoolvoorbeeld van art nouveau.  Op n° 52: villa Beau-Chêne. Neem,  over enkele meters,  rechts de boulevard du Président Roosevelt. Volg links de promenade d’Unterhaching (Beierse stedenband) langs de rivier. Steek twee straten over en ga verder over de promenade d’Oakwood (Amerikaanse stedenband) zowel links of rechts.



 Villa Beau-Chêne, hier heeft Josephine Baker gewoond

Manger: Restaurant Le Bel Ami, 77 Boulevard Carnot, Le Vésinet.

Dormir: Airb&b – Zoek op  ‘kunstenaarsstudio in Le Vésinet’



Kunstenaarsstudio in Le Vésinet


Le Vésinet is bereikbaar vanuit Parijs met de RER-A

Met de auto via de A14



woensdag 24 juli 2024

LE MONT-VALÉRIEN; EEN PLEK VAN VERZET, REPRESSIE EN HERINNERING

De Mont-Valérien is 161 meter hoog en ligt in het departement Hauts-de-Seine, in maar liefst drie gemeenten: Suresnes, Nanterre en Rueil-Malmaison, ongeveer twee kilometer ten westen van Parijs. Deze ‘berg’ is vol geschiedenis. Volgens de legende liet Saint Geneviève als kind hier haar schapen grazen. In de 15e eeuw vestigde zich een gemeenschap van kluizenaars op de top, voordat daar, onder Lodewijk XIII, een Calvarieberg werd gebouwd. Vrome Parijzenaars gingen er vroeger in processie naar toe. Deze plek kende tot aan de Franse Revolutie talloze bedevaarten. In 1824 openden missiepriesters een begraafplaats, die al snel een favoriete begraafplaats werd voor de Parijse aristocratie. Onder de Julimonarchie (1830-1848) werd hier een militair fort gebouwd (dat nog steeds overeind staat) dat diende om Parijs te beschermen tegen de Pruisen. Het speelde een belangrijke rol tijdens de Frans-Duitse oorlog van 1870-1871 en ook bij die van de Commune.

 

Het Memorial bestaat uit een 150 meter lange muur met zestien bronzen reliëfs


Tijdens de Tweede Wereldoorlog kreeg het een bijzondere connotatie aangezien het dienst deed als plaats van executie. Meer dan duizend gijzelaars, verzetsstrijders, communisten en joden werden hier van 1941 tot 1944, tijdens de Duitse bezetting, geëxecuteerd. Recent historisch onderzoek heeft de identificatie mogelijk gemaakt van meer dan duizend personen die hier zijn geëxecuteerd. Op initiatief van generaal de Gaulle werd op 18 juni 1960, hij was toen net president,  een gedenkteken opgericht als eerbetoon aan alle gesneuvelden tijdens de oorlog van 1939-1945, het ‘Memorial de la France combattante’. Het Memorial bestaat uit een 150 meter lange muur met zestien bronzen reliëfs, elk gemaakt door verschillende beeldhouwers. Zij illustreren allegorieën van de gevechten tegen de vijand. Ze omarmen een monumentaal Lotharinger kruis, symbool van het Vrije Frankrijk, waar de vlam van het ‘Verzet’ brandt.

 

Zestien bronzen reliëfs omarmen een monumentaal Lotharinger kruis, symbool van het Vrije Frankrijk



‘Elzas’ - beeldhouwer: Joseph Rivière

Ter herinnering aan de bevrijding van de Elzas (van november 1944 tot februari 1945), de laatst bezette Franse regio, reiken twee handen naar het wapen van Colmar, dat een ster van hoop vormt.

 

‘Casabianca’ - beeldhouwer: Georges Saupique

De man vecht tegen de omhelzing van een octopus, naar het beeld van de onderzeeër ‘Casabianca’ die op 27 november 1942 ontsnapte uit de door de Duitsers bezette haven van Toulon en zich bij de Franse strijdkrachten in Zuid-Afrika voegde.

 

‘Parijs’ - beeldhouwer: Marcel Damboise

Parijs moet de hand van de bezetter loslaten, gegrepen door het verzet, om zo de ketenen van gevangenschap te verbreken.



 ‘Maquis’- beeldhouwer: Raymond Corbin

Patriotten, rebellen en bandieten vormen de maquis, gewapende groepen verborgen in afgelegen gebieden. In de schaduw van de bossen liggen de Maquisards op de loer, klaar om toe te slaan onder de blik van een waakzaam en vastberaden Frankrijk.

 

‘Alençon’ - beeldhouwer: René Leleu

Net als de feniks die uit zijn as herrijst, landde de 2e pantserdivisie van generaal Leclerc in Normandië en bevrijdde Alençon op 11 augustus 1944. Het Franse leger vocht daarmee zijn eerste grote strijd voor de bevrijding op nationaal grondgebied.



 ‘Saumur’ - beeldhouwer: Pierre Duroux

De soldaat die valt, getroffen in het hart, symboliseert de strijder van 1940 die, net als in Saumur van 19 tot 21 juni, een ongelijke strijd voert, maar vecht tot het punt van opoffering en voor de eer.

 

‘Deportatie’ - beeldhouwer: Henri Lagriffoul

Uitgemergelde handen die proberen het prikkeldraad af te rukken dat een gemarteld hart verscheurt, zijn die van de gedeporteerden die, wegens verzetsdaden of omdat ze Joods zijn, naar de kampen worden gestuurd, waar velen zullen sterven.



 ‘FAFL’ - beeldhouwer: Claude Grange

De Vrije Franse Luchtmacht (FAFL Forces Aériennes Françaises Libres) vecht op alle fronten en voert luchtverdedigings- en grondaanvalmissies uit onder constante dreiging van vijandelijke troepen, hier gesymboliseerd door roofvogels met formidabele klauwen.

 

‘Actie’ -beeldhouwer: Alfred Janniot

Uit de weigering van de wapenstilstand van 1940, gesymboliseerd door de oproep van generaal de Gaulle, op 18 juni, zijn de Vrije Franse Strijdkrachten en het Interne Verzet ontstaan. Dit verlangen naar actie wordt vertaald in het beeld van een Frankrijk dat een felle strijd levert. haar geofferde zoons vasthoudend, zodat het vaderland overleeft.

 

‘Fezzan’ - beeldhouwer: Aimé Bizette-Lindet

Net als deze gewonde leeuw die de slang aanvalt, veroverden de troepen van generaal Leclerc op 2 maart 1941 de oase van Koufra (Libië) en veroverden vervolgens de Fezzan-woestijn, wat getuigde van de wedergeboorte van Frankrijk in de strijd.



 ‘Gefusilleerd’ - beeldhouwer: Maurice Calka

Verzetsstrijders, gijzelaars, veel Fransen en buitenlanders werden tussen 1940 en 1944 gefusilleerd. Door deze doorboorde vorm, het door kogels verscheurde vlees, drukt de man zijn gruwel uit tegen onderdrukking en oorlog.

 

‘Cassino’ - beeldhouwer: Ulysse Gemignani

Dankzij de troepen van generaal Juin konden de geallieerden in mei 1944 Monte Cassino veroveren, het sterke punt van de Duitse verdediging in Italië. Gewurgd door een hand met ijzeren handschoenen begint de vijandelijke adelaar te verzwakken.


‘Bir Hakeim’ - beeldhouwer: Raymond Martin

Van 27 mei tot 10 juni 1942 verdedigde de 1e Vrije Franse Brigade van generaal Koenig in Libië de positie van Bir Hakeim, belegerd door de Duits-Italiaanse strijdkrachten, en dwong met het zwaard het spervuur van ijzer en vuur dat de brigade omsingelde.

 

‘Narvik’- beeldhouwer: Robert Juvin

Op 28 mei 1940 namen Franse eenheden Narvik in beslag en keerden vervolgens terug naar Frankrijk, dat met een invasie werd bedreigd. Een deel van hen sloot zich aan bij de Vrije Franse Strijdkrachten van generaal de Gaulle. Het expeditieleger verlaat Noorwegen zoals dit langschip de pijlen trotseert.


‘Siena’ - beeldhouwer: René Andrei

Na de bevrijding van Siena, op 3 juli 1944, voltooide het Franse expeditieleger op glorieuze wijze zijn campagne in Italië. Dit reliëf verbindt het zegevierende Frankrijk en het paard, het embleem van de stad.

 

‘Rijn’ - beeldhouwer: Louis Dideron

Het Franse leger sloeg het Duitse offensief op Straatsburg zegevierend af en stak op 31 maart 1945 de Rijn over. Dit reliëf symboliseert Straatsburg, een verminkte maar ongetemde stad, die haar ketenen verbreekt en de rivier bevrijdt.



De crypte - Foto © Didier Raux - Wikimedia 

In de crypte liggen zestien doodskisten met daarin de overblijfselen van zestien soldaten afkomstig van de ‘Armée Régulaire’ en de ‘Armée des Ombres’, vergezeld door een zeventiende lichaam als symbool voor de soldaten in Indochina die tegen de Japanners vochten.

 

Het monument voor de gefusilleerden - foto Wikimedia


Begin 2000 werd besloten om op de Mont-Valérien een monument te bouwen voor de gefusilleerden naar een ontwerp van Pascal Convert. Erop gegraveerd zijn alle namen van diegenen die op Mont-Valérien zijn geëxecuteerd, samen met de tekst: ‘Aan de verzetsstrijders en gijzelaars die hier in 1940-1945 door nazitroepen op Mont-Valérien zijn neergeschoten en aan al diegenen die nooit zijn geïdentificeerd. Het kunstwerk werd op 20 september 2003 ingehuldigd door de premier, Jean-Pierre Raffarin. 

Het fort, een militair complex, herbergt ook een museum; Le musée des transmissions. (radioapparatuur) en de laatste militaire duiventil in Europa (Le dernier colombier militaire d’Europe). Binnenin het fort kun je verschillende overblijfselen van de gruwelijke geschiedenis ontdekken waaronder de plek waar de executies plaatsvonden. Niet ver daarvandaan ligt de kapel van de geëxecuteerden, waarin veroordeelde mannen werden vastgehouden in afwachting van hun executie. Graffiti, aangrijpende getuigenissen die vandaag de dag nog steeds zichtbaar zijn, bedekken de muren van de oude kapel. Je kunt de herdenkingsroute volgen, het ‘Parcours du Souvenir’, waar je in de voetsporen van de veroordeelden treedt en het in 2003 opgerichte monument. In de oude stallen van het fort kun je de permanente tentoonstelling ‘Verzet en repressie, 1940-1944’ ontdekken, die de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog in het algemeen en die van Mont-Valérien in het bijzonder beschrijft.

 

Uitzicht op La Defense


Een wandeling rondom het fort biedt prachtige uitzichten op de hoofdstad en de omliggende gemeenten. Op de oostelijke helling van de Mont-Valérien, beslaat de Amerikaanse begraafplaats van Suresnes een oppervlakte van drie hectare en herbergt de graven van 1.541 Amerikaanse soldaten die zijn gesneuveld tijdens de Eerste Wereldoorlog en 24 onbekende soldaten die zijn gesneuveld tijdens de Tweede Wereldoorlog. Deze begraafplaats werd in 1917 aangelegd en ingehuldigd in 1919. Het is een echte herdenkingsplaats, maar ook de enige in Europa waar de twee wereldoorlogen samenkomen.

 

De Amerikaanse begraafplaats van Suresnes - Foto links Celette - Wikimedia


Mont-Valérien, avenue du Professeur Leon Bernard, 92150 Suresnes.

Vanuit Parijs, RER-A of metrolijn 1 tot aan metrostation La Defense, dan bus 360, halte Mont-Valérien of Hopital Foch-Cluseret. Met de auto de N185 – 123 Boulevard Washington.

Dinsdag t/m zondag geopend. Gesloten op nationale feest- en herdenkingsdagen.

 

Meer ideeën om Parijs te ontvluchten tijdens de Olympische Spelen 2024 vind je in mijn reisgids ‘Rondom Parijs’

‘Rondom Parijs’ is verkrijgbaar bij elke goede boekhandel en natuurlijk ook online. 160 pagina’s dik en meer dan 300 kleurenfoto’s speciaal vervaardigd voor deze gids. Het voorwoord is geschreven door Z.E. Mr. Pieter de Gooijer, onze vorige ambassadeur in Frankrijk.

Prijs € 24,50