Paris FvdV is een niet commercieel weblog speciaal voor kenners en liefhebbers van de stad Parijs - en voor hen die dat willen worden. Parijs is een stad met een gewichtig verleden, respectabel en gerespecteerd. Het is totaal niet nostalgisch. Parijs is er in geslaagd om, soms op brutale maar altijd op elegante wijze, om te gaan met zijn grootse monumenten. Ze te beschermen en te integreren in de nieuwe dynamiek van de stad. Parijs is een meester op het gebied van herstel en transformatie. U zult er nooit in slagen een volledig overzicht te maken van plekken en verhalen, die allemaal op hetzelfde punt uitkomen en de glorie van deze stad bezingen. toch wil ik een poging wagen. Wekelijks wil ik u niet alleen informeren over wat Parijs nog meer te bieden heeft, maar ook wil ik mijn liefde voor deze stad op u over dragen. In de hoop dat het raakt aan iets wat u herkent of voelt. Ferry van der Vliet.

Privacy verklaring: Indien u weblog Paris FvdV, dat bij Google-Blogger is ondergebracht, leest en reageert op de blogs van Paris FvdV, doet u dat vrijwillig en is uw IP-adres en mailadres - indien u dat vermeld - bekend en wordt opgeslagen. Ook uw schuilnaam waaronder uw reageert wordt opgeslagen. Paris FvdV zal uw gegevens nooit aan derden doorgeven. We houden uw gegevens privé, tenzij de wet of rechtelijke macht ons dwingt uw gegevens aan hen te verstrekken. Datalekken in het systeem vallen onder de verantwoordelijkheid van Google-Blogger. Door weblog Paris FvdV te bezoeken en/of de op of via deze weblog aangeboden informatie te gebruiken, verklaart u zich akkoord met de toepasselijkheid van deze disclaimer. Google gebruikt cookies om services te leveren en verkeer te analyseren dus uw IP-adres en user-agent zijn bij Google bekend, samen met prestatie- en beveiligingsstatistieken om servicekwaliteit te garanderen, gebruiksstatistieken te genereren, misbruik te detecteren en maatregelen te treffen.

Posts tonen met het label Beroemdheden. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Beroemdheden. Alle posts tonen

maandag 9 februari 2026

‘FEMMES ARTISTES’

 

In deze blog neem ik je mee naar het Atelier Néerlandais gevestigd aan de avenue Victoria 22 in het eerste arrondissement van Parijs. Het Atelier Néerlandais is een platform voor Nederlands ontwerp, de kunsten en het boek: voor culturele ondernemers. Het is onderdeel van de Nederlandse ambassade in Parijs, die het Atelier Néerlandais in 2014 heeft opgericht en financiert. Ondernemers, instellingen en zelfstandigen in de creatieve bedrijfstakken gebruiken het Atelier Néerlandais voor bijeenkomsten, productpresentaties, modeshows, cursussen en vergaderingen. Van 5 tot en met 22 maart is daar het werk te bewonderen van de Nederlandse en in Frankrijk wonende en werkende kunstenares Margot van Huijkelom.


Het Atelier Néerlandais gevestigd aan de avenue Victoria 22 in het eerste arrondissement van Parijs

 

‘Femmes Artistes’

Deze expositie is ontworpen door een vrouw (Margot van Huijkelom) om andere vrouwelijke kunstenaars in de spotlights te plaatsen, een eerbetoon om wie ze zijn, wat ze doen en de manier waarop ze hun werk creëren. Deze tentoonstelling, met steun van de ‘Fondation Signature’ en in samenwerking met het Atelier Néerlandais, heeft als doel een brug te slaan tussen de Nederlandse kunstscene en het Franse publiek, door Nederlandse vrouwelijke kunstenaars in de schijnwerpers te zetten. Speciaal voor deze tentoonstelling heeft Margot meer dan 25 Nederlandse kunstenaars geportretteerd van alle generaties en disciplines; schilders, schrijvers, dansers, fotografen en muzikanten. Elk portret is gemaakt met de techniek die het beste past bij het universum en de persoonlijkheid van de geportretteerde kunstenaar: aquarel, houtskool, olieverf, in diverse extra grote formaten: 100 x 140 cm, 220 x 200 cm, 190 x 150 cm en 80 x 70 cm. Alles vergezeld door een korte biografie die een verband legt tussen de betreffende kunstenaar en haar werk.



 Kunstenares Margot van Huijkelom in haar atelier 



Speciaal voor deze tentoonstelling heeft Margot meer dan 25 Nederlandse kunstenaars geportretteerd - Monique Klemann, zangeres



Portretten die je onder andere kunt bewonderen tijdens deze bijzondere expositie zijn o.a. die van Connie Palmen (schrijfster), Eugenie Boon (kunstenares geboren op Curaçao), Ludmilla Rodriguez (kunstenares, ontwerper en docent), Valentina Toth (actrice, zangeres, theatermaker, liedjesschrijver, cabaretier en voormalig pianiste), Els Reuver (danseres), Angélique Janssen (keramiste), Maria van Oosterwijck (kunstschilderes uit de barokperiode), Paola Kalshoven (kunstenares), Alexine Tinne (ontdekkingsreizigster en fotografe), Loes Visser (Dirigente), Michelle van de Roer (kunstenares), Nancy Faas (kunstenares), Miljuschka Witzenhausen (presentatrice, vj, soapactrice, culinair expert en televisiekok), Karolien van Mensvoort (ontwerpster) en Susan Smit (schrijfster, columniste).



Werken uit de expositie: Imre van Opstal - danseres en choreografe 

Te zijner tijd komt de expositie ook naar Nederland en zal te zien zijn in de Menno Kroon Estate te Cothen, in de provincie Utrecht



 

Prix Fabuleuse Signature 2025

De ‘Fondation Signature’, opgericht in 2019, door Natalia Logvinova Smalto, als eerbetoon aan haar echtgenoot, de modeontwerper Francesco Smalto, zijn zeer verheugd met het werk van Margot van Huijkelom als finaliste van de ‘Prix Fabuleuse Signature 2025’. Een beloning en erkenning van Margot die naar Frankrijk is gekomen om hier haar artistieke roeping te leven. De kandidaten die in aanmerking komen voor de ‘Cercle Fabuleuse Signature’, opgericht in 2023, zijn kunstschilders, beeldhouwers, graveurs, fotografen, dansers, choreografen, musici en componisten. De missie van de stichting is om uitzonderlijk talent te onthullen, te ondersteunen en te belonen via innovatieve en multidisciplinaire projecten. Aanvankelijk was de stichting tot 2023 gehuisvest bij het Institut de France maar de Fondation Signature heeft haar hoofdkantoor nu gevestigd in Genève Zwitserland.


In haar atelier werkt Margot van Huijkelom aan het portret van Maria van Oosterwijck - kunstschilderes uit de barokperiode



Flore Mace - chef-kok

 

Margot van Huijkelom

Voor het grote publiek werd de Nederlandse Margot van Huijkelom bekend door haar tekeningen van de Fashion Week, die groot werden afgedrukt in de Franse krant Le Monde.

Na het behalen van een masterdiploma Artez (Nederlandse hogeschool voor de kunsten) en een postacademische studie verliet ze Nederland om de wereld van Parijse elegantie te ontdekken die haar werk als art-director, ontwerper en mode-illustrator beïnvloedde.  Ze woont en werkt nu als modetekenaar en beeldend kunstenaar vanuit haar atelier in Barbizon, een kunstenaarsdorp net ten zuiden van Parijs. Inmiddels woont ze daar al zo’n vijfendertig jaar maar is ook nog regelmatig in Nederland te vinden. Haar werk is en wordt regelmatig gepubliceerd in vooraanstaande modebladen waaronder diverse edities van de Vogue Japan, l’Officiel, maar ook zijn haar illustraties opgenomen in verschillende boeken van de Duitse uitgever Taschen. Verder staan op haar klantenlijst namen als Harrods, reclame- en communicatie adviesbedrijf Publicis, Swarovski, cosmetica giganten als Clarins, l’Oreal en Lancôme. Voor de Franse krant Le Monde heeft ze tijdens de haute couture fashion week in Parijs gewerkt met Valentino en Dior. Als een van de weinige gelukkigen kreeg ze de vrijheid om backstage rond te lopen tijdens de catwalk shows. Na de shows naar huis om de mode-illustraties af te maken met een zeer strakke deadline, voor 5 uur ’s ochtends,  om die zelfde dag paginagroot te worden afgedrukt.


Ludmila Rodrigues - kunstenares, ontwerper en docent

 

“Tekenen en schilderen voelt voor haar als een permanente ontdekkingsreis, Margot maakt bijvoorbeeld haar eigen verf, verbrijzelt pigmenten en vermengt ze met grafietpoeder, marmer- poeder etc. etc. Als een kok in zijn keuken zoekt zij naar het goede recept, om zo met goede smaak en associaties haar werk spannend te maken. Zij gebruikt de materialen welke het meest adequaat zijn om haar onderwerp uit te drukken. Olieverf voor het vette van fluweel of leer, inkt en waterverf voor transparantie van bijvoorbeeld zijde, acrylverf voor taftzijde, een hoed of voor grafische accenten. Daar ligt ook de kracht van een goede mode illustratie. De volle texturen in reliëf versus de leegte van alleen een paar strepen. De kunst van het weglaten, het oog van de kijker mag het zelf invullen”.  De pers schreef over haar werk het volgende: Margot’s dromerige werken ademen een tijdloze elegantie uit die op het eerste gezicht boeit. Mode is voor haar een speeltuin en vertellen de vrouwen, die zij op een podium zet, verhalen.



Alexine Tinne - ontdekkingsreizigster en fotografe

 

DE MAKERS

In juli 2021 schreef ik al een blog over Margot van Huijkelom als een van DE MAKERS van Parijs. Zij zijn de creatieven, de mensen met ideeën, kunstenaars, dromers, en de durfals met  verbeelding, energie, ambitie en intuïtie om iets te creëren vanuit het niets. Ze brengen Parijs tot leven. Want wat zijn steden anders dan menselijke ecosystemen – netwerken – van mensen die gebouwen, monumenten, tuinen en straten tot leven brengen? Ik doel hierbij op Nederlanders in het meest opwindende menselijke netwerk van Parijs: ‘Zij zijn ‘DE MAKERS! Deze mensen zijn de motoren van enkele van de meest opwindende plaatsen van de stad. Geen cynische imitaties of het resultaat van berekende carrière moves, geen Instagram influencers of concepten uitgevonden door algoritmes; dit zijn mensen van vlees en bloed  die een verlengstuk zijn van hun passie en persoonlijkheid. Margot is een van die creatieven die ik steeds op de voet volg en die mij met haar prachtige werk steeds blijft verbazen.


Marte Röling - kunstenares

 

‘Women Artists’ door Margot van Huijkelom

Atelier Néerlandais, avenue Victoria 22, 1e arrondissement, metrostation Châtelet.

5 tot en met 22 maart 2026




donderdag 22 december 2022

PARIJS MODEMUSEUMSTAD

Hoe je de titel ook leest, het is beiden van toepassing; Parijs als modestad, Parijs als museumstad of de samenstelling Parijs modemuseumstad. Ik begin aan mijn laatste blog voor jullie in 2022, nummer 35. Met mijn blog Pars FvdV heb ik inmiddels meer dan 1,4 miljoen lezers kunnen bereiken en natuurlijk ga ik daar in 2023 gewoon mee door. Begin januari 2023 verschijnt de achtste druk van mijn eerste Parijsgids, ‘Ongewoon Parijs’ en daar ben ik natuurlijk hartstikke trots op. In het voorjaar weer een nieuwe reisgids; ‘Parijs, anders bekeken’. Er zit dus weer voldoende in het vat voor weer een mooi en succesvol 2023.



Is Parijs nog steeds de hoofdstad van de mode, creatie en vooral die van luxe?

Laten we het eerst eens bekijken aan de hand van de geschiedenis. Voor de Zonnekoning Lodewijk XIV (1638-1715) was niets belangrijker dan zijn uiterlijk. Om indruk te maken op zijn vijanden besloot hij allereerst een paleis te bouwen dat synoniem stond voor zijn puissante rijkdom en grootsheid: het Paleis van Versailles. Gepassioneerd door luxe richtte hij de eerste fabrieken op voor wandtapijten en goudsmeden. Ook je rijkdom laten zien door middel van je kleding dateert uit die tijd. Lodewijk kleedde zich drie keer per dag om in het bijzijn van zijn hovelingen. Hovelingen, en vooral de courtisanes, moesten de mooiste outfits dragen om hun plaats in de samenleving te laten zien. In Versailles was alles luxe en wellust en de kleding van de koning en zijn hofhouding vormde geen uitzondering op de regel. Hij haalde de beste kleermakers binnen om de edelen van zijn hof te kleden. Onder het bewind van koning Lodewijk XVI was het zijn echtgenote, Marie-Antoinette, die Rose Bertin benoemde tot minister van Mode. Marie-Jeanne Rose Bertin was een Franse modeontwerpster die als ‘ministre des modes’ de basis zou leggen voor de Franse haute couture. Volgens de gegevens van de koninklijke huishouding gaf Marie-Antoinette in 1785 87.597 livres uit aan de diensten van Rose Bertin. Over luxe gesproken.


De voorlopers van de haute couture zijn ongetwijfeld Lodewijk XIV en Marie-Antoinette

 

Het eerste haute couture-huis werd opgericht door Charles Frederick Worth, een echte pionier in de modewereld. In 1858 kwam hij op het idee om de kleding die hij maakte te voorzien van een etiket met zijn eigen naam. Hij was ook de eerste die modeshows en het systeem van collecties opzette. Als protectionist richtte hij in 1868 de ‘Chambre Syndicale de la Haute Couture’ op. Vanaf dat moment was de haute couture nauw verbonden met de stad Parijs. Jeanne Lanvin volgde in 1885, eerst met een hoedenatelier en later met haar eigen modehuis. De drie wereldtentoonstellingen die tot 1900 in Parijs plaatsvonden lieten de plaatselijke modehuizen internationaal schitteren. De fundamenten waren gelegd door Worth, maar het tijdperk zag ook de komst van juweliers, parfumeurs, koffermakers; Cartier, Guerlain, Goyard, Moynat, Hermès en Vuitton.



Creaties van Charles Frederick Worth - Foto's: St Edmundsbury Borough Council -Indianapolis Museum of Art


In het jaar 1910 kende Parijs maar liefst 300.000 modeontwerpers. De stad domineerde het modebeeld en kopers van over de hele wereld reisden naar Parijs om hun ‘boodschappen’ te doen. Na de Eerste Wereldoorlog vertegenwoordigde de mode maar liefst 15% van de waarde van de Franse export.

 

De 20e eeuw

Gabrielle Chanel verscheen in 1919 aan de modehorizon en was zo moedig de naweeën van de cultuur der korsetten en hoepelrokken de genadeklap te geven, gevolgd door Elsa Schiaparelli die in 1931 de tenniswereld choqueerde met haar ontwerp voor een tennisrokje voor sterspeler Lili de Alvarez.  Nina Ricci, een ervaren coupeuse, waagde het erop om in 1932, toen de wereldeconomie was ingezakt na de Amerikaanse beurskrach in 1929, een modehuis te openen in de rue des Capucines. In de jaren vijftig volgden Dior, Givenchy, Cardin en Chanel. Halverwege de jaren ’50 creëerde Coco Chanel in de rue Cambon wat een icoon van de Parisienne zou worden; een meesterwerk, het ‘Chanel Pak’. 

 

Creaties van Coco Chanel tijdens een retroperspectief in het Palais Gailliera 2021


Aan het einde van de Tweede Wereldoorlog openden Balmain en Carven hun modehuizen in Parijs. In 1946 lanceerde madame Carven haar eerste geur, ‘ma griffe’. De eerste bikini werd gelanceerd. En in dat zelfde jaar begon Christian Dior zijn modeatelier aan de Avenue Montaigne. Ook hij deed de modewereld opschudden met zijn iconische ‘New Look’ en de introductie van het parfum Miss Dior. Parijs had inmiddels meer dan honderd modehuizen.



Christian Dior introduceert in 1947 zijn iconische 'New Look' en het parfum Miss Dior

Toen Dior in 1957 stierf, kreeg Yves Saint Laurent op 21-jarige leeftijd de leiding over het toen slecht lopende modehuis Dior. De ontwerpen van Saint Laurent waren zo vernieuwend, dat ze tot grote successen leidden. Bijvoorbeeld de trapeziumjurk uit 1958, die ruim viel om de taille in plaats van deze in te snoeren. In 1962 verliet de piepjonge Saint Laurent het couturehuis Dior en presenteerde zijn eerste eigen collectie. In de jaren zestig en zeventig zette Yves Saint-Laurent trends zoals het broekpak en de ‘beatnik look’ en de puntlaarzen die tot dijhoogte de benen omsloten. André Courrèges opende zijn eigen modehuis, "Maison de Courreges", in 1961 en vijf jaar later gevolgd door Paco Rabanne.

 

Yves Saint Laurent



Jean Paul Gaultier - Foto Kunsthal Rotterdam 'Face Me PLS'


In 1976 bracht Jean-Paul Gaultier zijn eerste collectie onder zijn eigen naam uit. Hij volgde een trend die tot op de dag van vandaag nog steeds bestaat; de Marinière, het matrozenhemd. Het matrozenhemd werd voor het eerst geïntroduceerd in 1916 door Coco Chanel. In 1980 volgde Azzedine Alaia. De modeontwerper stond bekend om zijn hedendaagse ontwerpen en voor het bewandelen van zijn eigen weg in de mode-industrie. Alaïa weigerde, enigszins rebels, mee te doen aan internationale modeweken en zijn collecties gelijktijdig met andere toonaangevende modehuizen te presenteren. Hij gaf pas een show wanneer zijn collectie klaar was. Het was ook de tijd dat een jonge generatie zoals Claude Montana, Kenzo Takada, John Galliano en Christian Lacroix de Parijse en vervolgens de wereldmode zou opschudden.



Azzedine Alaia

In 1983 wordt Karl Lagerfeld hoofdontwerper van het modehuis Chanel en profileert zich tot een van de invloedrijkste couturiers aan het einde van de twintigste en in het begin van de eenentwintigste eeuw, Maar ook is hij op andere creatieve terreinen actief, met name de fotografie.


Chanel onder leiding van Karl Lagerfeld

 

Conclusie

Parijs is dus nooit opgehouden zijn invloed uit te oefenen, maar deelt vandaag zijn status met London, Milaan, New York en zelfs Tokio. De Franse hoofdstad, met zijn eeuwenoude modegeschiedenis, wordt echter als de meest prestigieuze beschouwd. Bovendien heeft Parijs, met de exclusiviteit van haute couture sinds de uitvinding ervan in het midden van de 19e eeuw, het alleenrecht van het houden van de haute couture-shows. Maar niet alleen op het gebied van mode; gastronomie, kunst, luxe en toerisme, ze hebben er allemaal toe bijgedragen dat Parijs nog steeds een van de belangrijkste steden ter wereld is. Geroemd door zijn virtuositeit op het gebied van mode, innovatie en design.



Jean Paul Gaultier 

Een Britse studie meldt dat Parijs inderdaad de meest 'modieuze' stad ter wereld is - op de voet gevolgd door Londen en New York. Van Carrie Bradshaw in Sex and The City tot de heldinnen van Gossip Girl, alle fashionista's van het kleine scherm haasten zich voor een aflevering of twee naar Parijs. Emily In Paris zette zelfs haar koffers daar neer. Wat betreft de film The Devil Wears Prada , deze presenteerde Paris Fashion Week als een paradijs voor fashion lovers. Parijs komt vooral op de eerste plaats, dankzij het aantal designermerken en scholen die opleidingen in modeberoepen aanbieden. Londen met grote ontwerpers, zoals Vivienne Westwood samen met Andreas Kronthaler en Marc Jacobs, komt op de tweede plaats. New York completeert het podium, gestimuleerd door het aantal modebladen, waaronder Vogue en Harper's Bazaar.

 


100 jaar Franse Vogue 1920-2020 wordt gevierd met een overzichtstentoonstelling in het Palais Gailliera in 2021




Een ander fenomeen dat van Parijs de hoofdstad van mode en luxe heeft gemaakt was het ontstaan van warenhuizen. Weinigen weten dat het warenhuis een Franse vinding is. Eigenlijk moet ik zeggen een Parijse vinding. Het begon allemaal in 1852 toen Aristide Boucicaut zijn warenhuis Bon Marché opende. Een zogenaamd Grand Magasin. In 1855 volgt le Bazar Napoléon, dat later wordt getransformeerd in le Bazar de l’Hôtel de Ville, kortweg BHV. Kort daarop in 1865 volgen Jules Laluzot en Jean-Alfred Duclos met Au Printemps en vier jaar later, in 1869 opende Samaritaine, het warenhuis van Ernest Cognacq en Marie-Louise Jaÿ. Parijs kreeg de smaak te pakken. In 1893 openden de Galeries Lafayette hun deuren. Het is la Belle Époque, wat duidelijk te zien is aan de buitenkant van de 'paleizen van de handel'. Prachtige gevels die bol staan van beelden, verguld stucwerk en andere pompeuze decoraties.

 

Parijs als centrum van de mode volgens Dior


De ongekende grootsheid van de Franse luxe komt uitsluitend op het conto van twee Franse zakenlieden: Bernard Arnault en François Pinault, juist doordat zij er hun stokpaardje van hebben gemaakt. Nadat ze het immense economische potentieel van luxe en mode hadden gezien, creëerden ze de twee belangrijkste Franse luxegroepen, LVMH en Kering.

Louis Vuitton Moët Hennessy met het hoofdkantoor in Parijs is het grootste conglomeraat ter wereld van luxeproducten, waaronder wijnen en sterke dranken, mode en lederwaren, horloges en sieraden, parfums en cosmetica, luxe warenhuizen en de bouw van motorjachten.

Kering is eveneens een Franse multinationale holding van luxegoederenmerken met het hoofdkantoor in Parijs. Beroemde merken in de portefeuille van Kering zijn Alexander McQueen, Balenciaga, Brioni, Gucci en Yves Saint Laurent.



 Gucci experience store in Parijs

De Franse uitzondering betreft ook andere sectoren dan de mode. De hotelindustrie draagt ook bij aan de invloed van het land wanneer de naam "Palace hotels", gecreëerd wordt in 2010, en alleen is voorbehouden aan bepaalde Franse etablissementen, waarvan de meeste duidelijk Parijse etablissementen zijn, zoals Hôtel de Crillon, Hôtel Lutétia, Hotel Plaza Athénée, Le Bristol, Le Meurice, Mandarin Oriental Paris, Park Hyatt Paris Vendôme, Royal Monceau, Shangri-La Hotel Paris en het Peninsula Paris. Last but not least de Franse ‘Haute Joaillerie’ waaronder : Chaumet (1780), Cartier (1847), Boucheron (1858) en Van Cleef & Arpels (1896).



La Galerie Dior

 

Bovenstaande komt ook nog eens samen in de mooiste modemuseums van de stad. 

Musée de la Mode de la Ville de Paris

Sinds 1977 is in het Palais Galliera, aan de avenue Pierre 1er de Serbie, het Musée de la Mode de la Ville de Paris gevestigd. Een paleisje met een elegante zuilengalerij, grote hoge zalen met plafonds versierd met fresco's. De mozaïekvloeren en koepels zijn het werk van Giandomenico Facchina (1826-1904). In 1916 werd een fontein aan de voorkant van het museum gesitueerd in een weelderige tuin. Het museum diende ook als decor in de film The Devil Wears Prada.  Tot 5 maart 2023 toont het museum een collectie uit de garderobe van Mexicaanse kunstenares Frida Kahlo.



Palais Gailliera

 

Musée Yves Saint Laurent

Ook Yves Saint Laurent heeft sinds 3 oktober 2017 een eigen museum in Parijs. Het atelier van de overleden modeontwerper, aan de Avenue Marceau 5, werd omgebouwd tot museum en zal in wisselende tentoonstellingen meer dan twintigduizend stukken uit zijn collecties door de jaren heen tentoonstellen. Het museum is een eerbetoon aan het oeuvre van de grote Franse modeontwerper, die in 1957 bij Dior debuteerde. Op 8 september 2017, krap een maand voor de opening, overleed de zakenpartner en grote liefde van Saint Laurent - Pierre Bergé - op 86-jarige leeftijd. Zijn grootste droom was het realiseren van twee bijzondere musea voor het tentoonstellen van het levenswerk van Saint Laurent. Die wens is gerealiseerd in zowel Parijs als Marrakesh. Tot en met 15 mei 2023 staat het museum in het teken van de kleur goud, de favoriete kleur van Saint Laurent. Een van de hoogtepunten en misschien wel de grootste troef van het museum is de kamer waarin Saint Laurent werkte. Bij binnenkomst lijkt het of de iconische modeontwerper de ruimte net heeft verlaten. Zowel het bureau van zijn naaste medewerkers als dat van hemzelf is gelaten zoals ze in 2002 na zijn pensionering werden achtergelaten.

 

Musée Yves Saint Laurent


De werkkamer van de 'meester'


Fondation Azzedine Alaïa

Het is even zoeken in de Marais naar het museum van Azzedine Alaïa. De ingang is slechts een onopvallende poort op nummer 18 van de rue de Verrerie in het vierde arrondissement van Parijs. Het pand is het voormalige woonhuis van Monsieur Azzedine en kwam in 1988 in zijn bezit. Daarvoor was het een magazijn van het warenhuis BHV. Vervolgens werd het volledig gerenoveerd en ingericht door de Amerikaanse schilder en filmmaker Julian Schnabel. Het pand bestaat uit twee gebouwen met meerdere verdiepingen, gescheiden door een binnenplaats met een glazen dak en werd sindsdien gebruikt als woonhuis, expositieruimte en voor zijn modeshows. Azzedine Alaïa was een groot liefhebber en verzamelaar van mode, kunst, design, architectuur en theater. De Tunesische Alaïa begon al met het verzamelen van couture in de jaren zestig, in een tijd dat de meeste verzamelaars investeerden in moderne en hedendaagse kunst. Tien jaar voor zijn overlijden richtte hij de Association Azzedine Alaïa om zijn werk en collectie te behouden voor de toekomst. Deze verzameling is tot 31 december 2022 te zien in de tentoonstelling ‘Alaïa avant Alaïa’.

 

Fondation Azzedine Alaïa 




Musée des Arts Décoratifs

Het Musée des Arts Décoratifs is een Frans museum voor toegepaste kunst mode en design.

Het museum werd 29 mei 1905 geopend in de westelijke vleugel van het Louvre. Tot en met 22 januari 2023 is de tentoonstelling ‘Shocking’ te zien; de surrealistische werelden van Elsa Schiaparelli. De surrealistische werelden van Elsa Schiaparelli brengt 520 werken samen, waaronder 272 kostuums en modeaccessoires, tegenover 248 schilderijen, sculpturen, juwelen, parfumflesjes, keramiek, posters en foto's. Dit retrospectief belicht ook het erfgoed van de Schiaparelli-stijl met silhouetten die zijn geïnterpreteerd door beroemde couturiers die er hulde aan brengen: Yves Saint Laurent, Azzedine Alaïa, John Galliano, Christian Lacroix. Het museum bevindt zich aan de rue de Rivoli 107-111 in het 1e arrondissement.

 


Schiaparelli in het Musée des Arts Décoratifs - Foto: Musée Les Arts Décoratifs Christophe Dellière


La Galerie Dior

Gevestigd aan de Avenue Montaigne nummer 30. La Galerie Dior, geopend in het voorjaar 2022, na een verbouwing van twee jaar. Het hôtel particulier dat in 1865 werd gebouwd voor Napoleon’s onwettige zoon, de graaf Walewski. Het is achter deze emblematische gevel, ontworpen in de puurste Franse stijl van de tweede helft van de 19e eeuw, dat meer dan zeventig jaar geleden de mooiste collecties van het modehuis Dior werden geboren. Gelegen in hetzelfde gebouw als de legendarische winkel, maar met een aparte ingang aan de rue François 1er, is La Galerie Dior gevestigd, als een culturele attractie op zich,  een opslagplaats van modeherinneringen, waarover, sinds 1946, de geest van Monsieur Dior heerst en waar mode zelfs tot kunst is verheven. Wisselende tentoonstellingen van de ontwerpen van Dior zelf maar ook die van zijn opvolgers; Yves Saint Laurent, Marc Bohan, Gianfranco Ferré, John Galliano, Raf simans en Maria Grazia Chiuri die nu de leiding heeft over het modehuis.

 

 

La Galerie Dior



Cité de la Mode et du Design

Een creatief centrum dat ook het befaamde Institut Français de la Mode (IFM) huisvest. In 1986 opgericht door het Franse Ministerie van Industrie voor de ontwikkeling en de bescherming van de Franse mode- en designindustrie. Het gebouw is ontworpen door de Franse architect DominiqueJakob en de Nieuw Zeelander Brendan Macfarlane en heeft nu al de bijnaam de ‘groene gifslang’. Het is gebouwd rondom het karkas van de oude entrepots van het treinstation Austerlitz uit 1907 (les Magasins Généreaux d'Austerlitz). Kosten grofweg zo'n 44 miljoen euro. Aan de zijde van de Seine is een futuristische constructie bevestigd van groen getinte glasplaten die als een gifslang langs het gebouw kronkelt. Door de weerspiegeling van het groene glas kleurt de Seine smaragdgroen. De opening vond plaats in het voorjaar van 2011. Een derde van het gebouw is in gebruik als expositieruimte, inclusief studio’s voor muziekproducties, cafés, restaurants, mode- en boekenwinkels. Op het dak bevindt zich een park. Quai d'Austerlitz 34, 13e arrondissement, metro Gare d'Austerlitz.



Institut Français de la Mode
 

Welnu, is Parijs nog steeds de hoofdstad van de mode, creatie en vooral die van luxe? Ik denk dat we hier met een volmondig ja op kunnen antwoorden.

 

Zoals ik al aan het begin schreef is dit mijn laatste blog van 2022. Rest mij jullie een kleurrijk, bloemrijk en een liefdevol 2023 toe te wensen met de hoop jullie weer te treffen als trouwe lezers van mijn weblog Paris FvdV. Tot 2023.


Mijn wensen voor jullie in het nieuwe jaar




vrijdag 28 oktober 2022

HET CIMETIÈRE PARISIEN DE BAGNEUX

Het is weer een prachtige herfstdag wanneer ik om 15.30 uur uitstap bij het in januari 2022 geopende metrostation Barbara, dat een eerbetoon brengt aan de zangeres die begraven ligt op de Parijse begraafplaats van Bagneux, gelegen aan de overzijde van het station. De zon staat laag aan de helblauwe lucht en zorgt dat de bomen aan de avenue Marx-Dormoy kleuren als in een Indian Summer. De cimetière Parisien de Bagneux stond al heel lang op mijn to-do lijstje. Dit kerkhof wordt vaak de ‘Joodse begraafplaats’ genoemd omdat er veel secties voor Joden zijn gereserveerd. Je vind diverse monumenten voor joodse strijders die stierven voor Frankrijk tijdens de Tweede Wereldoorlog,  maar ook een hele reeks van collectieve graven van slachtoffers van de diverse ghetto’s in Poolse steden. Zij die berooid terugkwamen uit de vernietigingskampen en later geen geld meer hadden voor een waardige begrafenis. 

Het nieuwe metrostation Barbara is onderdeel van het project ‘Grand Paris Express’. Wat weinigen weten is dat Nicolas Sarkozy op 26 juni 2007 de basis legde voor dit grootste infrastructuur project van Europa. Het project ‘Grand Paris’ heeft tot doel het stadsgebied van Parijs om te vormen tot een stad van de 21e eeuw en zijn positie onder concurrerende internationale megasteden te bevestigen. Barbara vormt samen met het station Bagneux Lucie Aubrac de verlenging van lijn 4, die loopt van Porte de Clgnancourt tot de voorstad Bagneux, als onderdeel van een betere integratie van de voorsteden. Het centrum van Parijs is nu bereikbaar binnen 30 minuten. De hoofdingang van het kerkhof ligt op ongeveer 5 minuten lopen van het metrostation Barbara. De begraafplaats is een van de kerkhoven waar mensen worden begraven die niet intramuraal in Parijs terecht kunnen, vanwege ruimtegebrek, maar ook omdat de concessies hier goedkoper zijn. Het cimetière Parisien de Bagneux is een van de zes Parijse begraafplaatsen buiten de périphérique, de rondweg van Parijs. De anderen zijn Pantin, Thias, Ivry-sur-Seine, Saint Ouen en La Plaine Saint-Denis.

 


De hoofdingang naar het kerkhof bevindt zich op de avenue Marx-Dormoy 45


Een decreet van 1884 stond het stadhuis van Parijs toe grond te verwerven in de voorstad van Bagneux, om een begraafplaats op te richten om zo het hoofd te bieden aan de toename van de Parijse bevolking, maar ook aan de verveelvoudiging van individuele graven. Père Lachaise opende in mei 1804. Op 25 juli 1824 volgt de eerste teraardebestelling in het zuiden, op het kerkhof van Montparnasse en 1 januari 1825 opent het Cimetière de Montmartre, officieel Cimetière du Nord. De Parijse begraafplaats van Bagneux werd geopend in 1886 en strekt zich uit over 116 divisies op een grondgebied van 62 hectaren. Het heeft ongeveer 83.000 graven en is daarmee groter dan Père Lachaise met 69.000 grafzerken.


Het Cimetière Parisien de Bagneux is groter dan Père Lachaise

 

De hoofdingang bevindt zich op de avenue Marx-Dormoy 45. Bij de informatie hangt een plattegrond met de 100 belangrijkste graven, te vinden in de diverse divisies. De persoonlijkheden uit de film en muziek die hier begraven liggen maken de begraafplaats tot een druk bezochte necropolis. Verschillende grafmonumenten bewaren een sterke herinnering aan de Eerste en Tweede Wereldoorlog. Er liggen Franse, Belgische, Engelse maar ook Duitse soldaten begraven. Maar wat kenmerkend is voor dit kerkhof is het belang van de joodse stèles en monumenten die met name te vinden zijn op de divisies aan de linkerzijde van de hoofdingang, parallel aan de avenue de Montrouge. Elke laan op het kerkhof is beplant met één specifieke boomsoort wiens naam het draagt, zoals de avenue des Peupliers (populieren), avenue des Poiriers (perenbomen), avenue des Copalmes (Amerikaanse amberboom) en de avenue Micocoulliers (zwepenboom). In totaal staan er 5.900 bomen (totaal 49 verschillende soorten). Vele soorten vogels of rode eekhoorns bevolken deze plek.

 

Verschillende divisies bewaren een sterke herinnering aan de Eerste en Tweede Wereldoorlog


Elke laan op het kerkhof is beplant met één specifieke boomsoort wiens naam het draagt


Ik ga op zoek naar het graf van Barbara, volgens de plattegrond gelegen in divisie 4 grenzend aan de avenue de Montrouge. Barbara, geboren in Parijs op 9 juni 1930, haar echte naam was Monique Serf, is waarschijnlijk een van de grootste namen van het Franse lied, samen met Brel, Brassens, Piaf en Ferré. Afkomstig uit een joods gezin geteisterd door de Tweede Wereldoorlog, zij was toen nog een tiener. In een boek door haar geschreven, een jaar voor haar dood en dat uitkwam in 1998 onthult ze onder meer dat ze seksueel misbruikt is door haar vader die vervolgens haar familie heeft verlaten. Na de oorlog hoorde een buurvrouw die muzieklerares was, haar zingen en zette zich vervolgens in om er voor te zorgen dat zij haar zangtalent kon ontwikkelen. Ze kreeg zang- en pianolessen en schreef zich in bij de École supérieure de musique. Verder zong ze bij ‘La Fontaine des Quatre Saisons’, een populair cabaret in Parijs. Door haar lengte, zwarte kleren, gitzwarte haren en bleek gezicht had ze een spookachtige verschijning die de melancholie van de teleurgestelde liefde weergaf.

 

Het graf van Monique Serf alias Barbara in de joodse divisie



In Parijs ontmoette ze Jacques Brel en raakte met hem bevriend. Ze vertolkte verschillende liedjes van hem. Later werd ze voorgesteld aan Georges Brassens. Ze gaf verschillende optredens in kleine zaaltjes en er ontwikkelde zich een trouw publiek, met name vanuit de studenten van het quartier Latin in Parijs, maar pas in 1961 werd ze beroemd door optredens in de muziektempel van ‘Bobino’ bij Montparnasse. Ze ging verder in kleine zaaltjes en twee jaar later in het ‘Théâtre des Capucines’. Ze wist de aandacht te trekken van het publiek en die ook vast te houden met een nieuw repertoire. Vanaf dat moment was haar naam gevestigd en in 1964 tekende ze een contract met de platenmaatschappij Philips Records. Bekende door haar uitgevoerde nummers zijn: L'aigle noir, Nantes, La solitude en Dis, quand reviendras-tu?

Ze is overleden aan ademhalingsproblemen op 24 november 1997.  Ongeveer 2.000 mensen waren aanwezig bij haar begrafenis waaronder persoonlijkheden zoals Gérard Depardieu, Yves Duteil, Jean-Claude Brialy, Enrico Macias, Annie Giardot, Fanny Ardant, en Carla Bruni. Gérard Depardieu declameerde enkele verzen uit Verlaines ‘Chanson d’automne’. 


Chanson d'automne

Les sanglots longs

Des violons

De l’automne

Blessent mon cœur

D’une langueur

Monotone.

Tout suffocant

Et blême, quand

Sonne l'heure,

Je me souviens

Des jours anciens

Et je pleure

Et je m'en vais

Au vent mauvais

Qui m'emporte

Deçà, delà,

Pareil à la

Feuille morte.                                                                      

 


Herfstlied

De lange snikken

Van de violen

Van de herfst

Verwonden mijn hart

In lome

Monotonie.

Benauwd

En doodsbleek, als

De klokken luiden

Herinner Ik me

Dagen van weleer

En ik ween

En ik ga weg

Waar kwade wind

Me heenvoert

Van hier naar daar

Net zoals

Een dood blad 

(Vertaling van Julien Georges Grandgagnage)


 

Op de graven staan berichten die herinneren aan persoonlijke drama’s of het overlijden in een van de vele concentratiekampen


Versteend verdriet

Ik vervolg mijn wandeling over het joodse gedeelte van de begraafplaats langs stèles die namen dragen van verre steden uit Polen of elders in Oost Europa zoals Warschau, Lodz, Stopnica, Sosnowiec. Sommige stèles zijn stoffig, gebroken of versleten door de tijd, de letters in het Hebreeuws of Latijns nog nauwelijks leesbaar. Op de graven staan berichten die herinneren aan persoonlijke drama’s of het overlijden in een van de vele concentratiekampen. De medaillons van foto’s van overledenen verwijzen naar een wereld die weggevaagd is door het leed in de vele kampen. Ze zijn allemaal verschillend, grijs, zwart, sierlijk, versierd of kaal, voorzien van een davidster of juist niet, maar ze zijn zo uitgelijnd dat ze van een afstand tegen elkaar lijken te leunen, elkaar steunen onder het gewicht van verdriet. 



Tegenover de derde divisie, voor de avenue de Montrouge, staat een stèle gewijd aan de slachtoffers van de Shoah die geen graf hebben en een stukje verder een monument voor alle joodse strijders die tijdens de Tweede Wereldoorlog voor Frankrijk zijn gesneuveld. Bij dit monument vinden jaarlijks herdenkingsplechtigheden plaats.



Stèles; ze zijn zo uitgelijnd dat ze van een afstand tegen elkaar lijken te leunen, elkaar steunen onder het gewicht van verdriet. 


Een man stapt uit een auto en heeft een keppeltje op Wandelend naar een graf haalt hij een soort van gebedenboekje uit zijn jas en bid hardop, dan weer fluisterend, dan weer mompelend. Een vriendelijke mevrouw die het tafereel ook aanziet vertelt mij dat de man de Kadish leest, het gebed voor de doden.   

Que ton Grand Nom soit glorifié et sanctifié dans le monde qu’il a créé selon sa volonté, et puisse-t-il établir son règne, faire fleurir son salut, et hâter le temps de ton Messie, de votre vivant et de vos jours et des jours de toute la maison d’Israël, dès que possible et dites: amen! 

Moge zijn grote naam verheven en geheiligd worden in de wereld die hij geschapen heeft naar zijn wil. Moge zijn koninkrijk erkend worden in uw leven en in uw dagen en in het leven van het gehele huis van Israël, weldra en spoedig. Zegt nu: Amen ! 



Als hij weer vertrekt pakt hij een klein steentje van de grond en legt het op het graf als teken van zijn aanwezigheid. Het is een gebruik uit de woestijn. Nomaden accentueren hun graven met een hoopje stenen. In Bijbelse tijden werden geen grafstenen gebruikt; graven werden gemarkeerd met hopen stenen, dus door deze te plaatsen (of te vervangen), verzekerde men het voortbestaan van de begraafplaats. Briefjes tussen de stenen bevatten vaak vrome wensen.

Nog niet zo lang geleden, dinsdag 24 mei 2022, werd een van de laatste getuigen van de Holocaust, Elie Buzyn in Bagneux ten grave gedragen Elie Buzyn, geboren in Polen in januari 1929 werd gedeporteerd naar het concentratie- en vernietigingskamp Auschwitz, nadat hij in het getto van Lodz had gewoond. In 1945 werd hij tijdens de ‘dodenmarsen’ overgebracht naar Buchenwald. Als overlevende van de Holocaust vertelde hij jarenlang zijn verhaal om de herinnering door te geven aan jongere generaties. Hij overleed op 93-jarige leeftijd als een van de laatste Franse getuigen van de Holocaust.





Oscar Wilde

Ook Oscar Wilde was hier begraven tot dat zijn stoffelijke resten in 1906 werden overgebracht naar cimetière Père Lachaise. De Engelstalige schrijver stierf op vrijdag 30 november 1900 in het Hôtel d’Alsace aan de rue des Beaux-Arts nummer 13 te Parijs. Moegestreden door de processen die tegen hem plaatsvonden in april en mei 1895. Legendarisch geworden als een keerpunt in de geschiedenis van het publieke bewustzijn van homoseksualiteit. Tegen het einde was Wilde van een triomfantelijk succesvolle toneelschrijver veranderd in een geruïneerd man, veroordeeld tot twee jaar dwangarbeid wegens grove onfatsoenlijkheid. Maandag 3 december 1900 werd hij hier in Bagneux begraven. 

Zijn huidige graf op Père Lachaise, in de 89e divisie, die in steen is/was weergegeven in de vorm van een 'zwaar geschapen' gevleugelde sfinx, is nog steeds onderdeel van een bijzonder ritueel. Het grafmonument, ontworpen door Jacob Epstein, was een schenking van een anonieme vrouwelijke bewonderaar. Het gezicht van de sfinx is het gezicht van Wilde en wie weet, ook het evenbeeld van zijn geslachtsorgaan. Echter het geslachtsorgaan is al sinds mensenheugenis verdwenen. Twee Engelse dames, die over de begraafplaats wandelden, konden hun verontwaardiging niet onderdrukken toen ze oog in oog kwamen te staan met Wilde's mannelijk attribuut. Met twee stenen en twee forse slagen werd het edele deel verwijderd. De opzichter die het kostbare stuk later terugvond, nam het mee naar zijn kantoor, waar het twee jaar heeft gediend als presse-papier. Waar het daarna is gebleven is onbekend.

 


Sinds jaar en dag, vooral de laatste tien jaar, drukten vele vrouwen hun vuurrode lippen op zijn grafsteen en dreigde het graf ten onder te gaan aan een overdosis rode lippenstift.

Op 30 november 2011, ter ere van de 111-jarige sterfdag van Wilde, is tot grote teleurstelling van alle fans, het hele graf schoongemaakt en voorzien van een dikke glasplaat, zodat liefhebsters er geen kussen meer op kunnen geven, maar zoals rituelen moeilijk zijn uit te bannen, moet nu het glas er aan geloven. 

Andere beroemdheden die hier liggen begraven zijn Frida Boccara. Boccara, geboren in Marokko, was vooral in de jaren zestig en zeventig populair. In 1969 won ze het Eurovisie Songfestival met het lied 'Un Jour, Un Enfant'. Haar grootste hit was 'Cent Mille Chansons'.

In de zomer van 1996 overleed op 56-jarige leeftijd de Franse zangeres Frida Boccara aan de gevolgen van een longontsteking. Zij ligt begraven in de 63e divisie.



Het graf van Frida Bocarra, inmiddels vergeten door haar fans gezien de deplorabele staat
 

In 1927 overleed de Franse fotograaf Eugène Atget, bekend van zijn foto's van het toenmalige Parijse straatleven en de -architectuur. Zijn werk wordt vandaag de dag nog steeds hoog gewaardeerd in de wereld van de fotografie. Mede dankzij zijn assistente, de later bekende Amerikaanse fotografe Berenice Abbott, is zijn hele oeuvre bewaard gebleven voor het nageslacht. Na zijn dood wist Abbot een deel van zijn werk te verkrijgen en te bewaren. Circa 5000 van Atgets foto's en glasnegatieven bevinden zich in de collectie van het Museum of Modern Art in New York. Hij ligt ook in de Joodse divisie nummer 4.

 

Portret van Eugène Atget (1927) - Photo Berenice Abbott


Lang dwaal ik nog wat doelloos langs de vele graven, Bij het verlaten van dit indrukwekkende kerkhof moet ik denken aan een tweetal spreuken die ik tegenkwam tijdens mijn zoektochten langs de verschillende necropoli: 

In de catacombes: "Houd er elke morgen rekening mee dat u misschien de avond niet haalt en houd er elke avond rekening mee dat u misschien de morgen niet haalt".

 

Montfort l’Amaury daar waar Charles Aznavour begraven ligt:

"U die hier voorbij gaat - Bid tot God voor de overledenen. Wat u bent, zijn zij geweest"