Paris FvdV is een niet commercieel weblog speciaal voor kenners en liefhebbers van de stad Parijs - en voor hen die dat willen worden. Parijs is een stad met een gewichtig verleden, respectabel en gerespecteerd. Het is totaal niet nostalgisch. Parijs is er in geslaagd om, soms op brutale maar altijd op elegante wijze, om te gaan met zijn grootse monumenten. Ze te beschermen en te integreren in de nieuwe dynamiek van de stad. Parijs is een meester op het gebied van herstel en transformatie. U zult er nooit in slagen een volledig overzicht te maken van plekken en verhalen, die allemaal op hetzelfde punt uitkomen en de glorie van deze stad bezingen. toch wil ik een poging wagen. Wekelijks wil ik u niet alleen informeren over wat Parijs nog meer te bieden heeft, maar ook wil ik mijn liefde voor deze stad op u over dragen. In de hoop dat het raakt aan iets wat u herkent of voelt. Ferry van der Vliet.

Privacy verklaring: Indien u weblog Paris FvdV, dat bij Google-Blogger is ondergebracht, leest en reageert op de blogs van Paris FvdV, doet u dat vrijwillig en is uw IP-adres en mailadres - indien u dat vermeld - bekend en wordt opgeslagen. Ook uw schuilnaam waaronder uw reageert wordt opgeslagen. Paris FvdV zal uw gegevens nooit aan derden doorgeven. We houden uw gegevens privé, tenzij de wet of rechtelijke macht ons dwingt uw gegevens aan hen te verstrekken. Datalekken in het systeem vallen onder de verantwoordelijkheid van Google-Blogger. Door weblog Paris FvdV te bezoeken en/of de op of via deze weblog aangeboden informatie te gebruiken, verklaart u zich akkoord met de toepasselijkheid van deze disclaimer. Google gebruikt cookies om services te leveren en verkeer te analyseren dus uw IP-adres en user-agent zijn bij Google bekend, samen met prestatie- en beveiligingsstatistieken om servicekwaliteit te garanderen, gebruiksstatistieken te genereren, misbruik te detecteren en maatregelen te treffen.

woensdag 20 februari 2019

PYRAMIDE DU LOUVRE, 30 JAAR


Op 28 maart 2019 is het dertig jaar geleden dat President François Mitterrand de nieuwe hoofdingang onthulde op de Cour Napoléon. De piramide van het Louvre is ontworpen door de toen 71 jarige Chinees-Amerikaanse architect Ieoh Ming Pei, een van de meest toonaangevende architecten van de 20e eeuw. Nadat president Mitterrand begin jaren ’90 de noordvleugel aan de rue de Rivoli, die al generaties lang door het Ministerie van Financiën gebruikt werd, aan het museum had toegewezen, ontstond de mogelijkheid tot de schepping van wat sindsdien ‘Le Grand Louvre’ wordt genoemd.

Pyramide du Louvre 1989-2019

Geconfronteerd met de vraag het Louvre uit te breiden, presenteerde Pei in 1983 geen aanbouw, maar creëerde een ondergrondse uitbreiding en een nieuwe ingang op de binnenplaats van het museum. Het was de eerste verbouwing van het Louvre sinds 100 jaar. Deze ingang was bedoeld om de stroom bezoekers in staat te stellen tussen de door het museum gebruikte Richelieu-vleugel aan de zuidkant over te steken, zonder de honderden meters tot aan de Sully-vleugel, om de Cour Carrée heen, te hoeven afleggen. Aan de gebouwen zelf mocht Pei zich niet vergrijpen, dus restte hem slechts de omweg via het onderaardse. Het bleek een geniale ingreep waarmee Pei in een klap zowel de organisatie als de logistiek van het oudste museum ter wereld verbeterde. Door deze ondergrondse uitbreiding zijn alle vleugels en zalen met elkaar verbonden, waardoor het eindeloos dwalen in een klap werd voorkomen.

De architect Ieoh Ming Pei presenteerde in 1983 geen aanbouw, maar creëerde een ondergrondse uitbreiding

Parijs sprak schande bij de presentatie van de plannen, maar bij alle onenigheid die hier uit voortkwam kon de architect rekenen op een sterke bondgenoot; de socialist Mitterand. Weliswaar werd de socialistische president democratisch gekozen, in dit spel belichaamde hij een door bouwen bezeten heerser. Zijn grote voorbeeld was Napoleon III, die Baron Haussmann de opdracht gaf Parijs een nieuwe aanblik te geven. Of George Pompidou met zijn Tour Maine-Montparnasse en het naar hem vernoemde Centre Pompidou, Het Musée d’Orsay is er dankzij Giscard d’Estaing. Maar geen enkele van zijn democratische voorgangers in functie heeft Parijs zo ingrijpend veranderd als hij. Neem nou La Geode (1985), Cité des sciences et de l'industrie (1986), Institut du Monde Arabe (1987), de Opéra de la Bastille (1989), La Grande Arche (1989), Ministerie van Financiën (1993), Cité de la Musique (1995) en de Bibliothèque Nationale de France (1996).

Cour Napoléon

Met de inbreuk op de structuur van het Louvre en op het perspectief van de Cour Napoléon op La Défense nam de president een risico dat tot nog toe was voorbehouden aan vorsten als Frans 1, Hendrik IV of de Zonnekoning. Iets dergelijks had zelfs de grote Napoleon niet gewaagd. Bij het ontwerp van de Pyramide du Louvre heeft Pei een interessant spel met de hoekverdraaiing gespeeld van 6 à 7 graden  ten opzichte van de historische as. De piramide staat in het midden van de Cour Napoléon, de Arc de Triomphe du Carrousel (Petit Arche) staat in het midden van de as. De rotonde van de Place du Carrousel met de daarin geplaatste Pyramide Inversée staat weer in het midden van beide. Het lijkt een rechte lijn vanaf de piramide van Pei tot aan de Arc de Triomphe op de place Charles de Gaulle en de Grande Arche in La Défense, maar van uit de lucht zie je een kleine verdraaiing.

Gekozen werd voor een transparante constructie uit glas en metaal

Pierre Corneille (1606-1684) schreef, en ik citeer; “On doit de respect au pouvoir absolu, de néxaminer rien, quand un roi l’a voulu“. Uit respect voor de absolute macht moet men niets controleren wat een vorst heeft gewild. Uitgerekend deze rechtvaardiging van de ‘absolute macht’ gaat over de man die de tot op heden grootste piramide van de mens bouwde ook al heeft hij hem diep in de Parijse grond verankerd. De socialist Mitterand hield van grote gebouwen. “La ville, c’est moi“. 

Het interieur met zandsteen uit de Seinedelta. Op de achtergrond de Pyramide Inversée

Gekozen werd voor een transparante constructie uit glas en metaal, terwijl grote delen van het interieur de in Parijs gebruikelijke lichte kleur hebben van zandsteen uit de Seinedelta en van de Côte d’Or. De piramide heeft bovengronds een hoogte van 21,64 meter en een lengte en breedte van 35,42 meter (dezelfde verhouding als die van Gizeh), en wordt omgeven door drie kleinere piramides en een omgekeerde piramide, de Pyramide Inversée. De grote piramide bestaat uit 603 ruitvormige en 70 driehoekige glazen segmenten gefabriceerd door Saint-Gobain en 105 ton staal en aluminium. Een constructie bedacht door Eiffel Constructions.  Het totale gewicht is ongeveer 200 ton. De totale verbouwing van het Louvre heeft meer dan een miljard euro gekost.


De piramide ontvangt jaarlijks meer dan 8,5 miljoen bezoekers en voert deze naar de drie hoofdvleugels van het 60.000 m² grote museum. Op 8 november 1793, iets meer dan 225 jaar geleden gingen voor de eerste keer de deuren van het Louvre open voor het publiek. De investeringen waren niet voor niets, want het Louvre is nu het grootste museum ter wereld met 35.000 tentoongestelde kunstvoorwerpen. Maar wat blijkt? Dit is slechts 10% van het totale kunstbezit. 90% van de kunstvoorraad, ruim driehonderdduizend stuks liggen opgeslagen in de kelders van het voormalige Palais Royal. Ondanks de enorme hoeveelheid kunstwerken, je hebt dagen zo niet weken nodig wil je ieder werk de aandacht geven die het toekomt, komen de meeste bezoekers voor de beroemde kunstwerken zoals Leonardo da Vinci’s Mona Lisa, de Venus van Milo, de Niké van Samothrake, de sfinx van koning Amenemhet II en de stervende slaaf van Michelangelo Buonarotti.

Le Grand Louvre ontvangt jaarlijks meer dan 8,5 miljoen bezoekers

De piramide in het nieuws
De Pyamide Inversée  speelde ook een belangrijke rol in de verfilming van de Da Vinci Code naar het boek van Dan Brown. De Da Vinci Code is een roman over een eigentijdse zoektocht naar de legendarische heilige graal. De bestseller ging tientallen miljoenen keren over de toonbank. Op het hoogtepunt van de verfilming beweegt de camera zich van bovenaf door de glazen piramide en daalt vervolgens onder de vloer om vervolgens een veronderstelde verborgen grafkamer onder de kleine stenen piramide te onthullen, die de sarcofaag bevat met de overblijfselen van Maria Magdalena.
Ook wordt beweerd dat de glazen piramide van het Louvre in Parijs destijds op uitdrukkelijk verzoek van president Mitterrand is gemaakt van 666 ruiten. Dat is een interessant getal voor liefhebbers van complottheorieën, aangezien het volgens de Bijbel verwijst naar Satan. In werkelijkheid bedraagt het aantal ruiten 673, een feit dat ook te vinden is op de website van het museum.

De piramide van Pei is een van de meest gefotografeerde gebouwen in Parijs

In 2016 ‘verdween’ de piramide plotseling uit het zicht. Het bleek een stunt te zijn van de Franse straatkunstenaar JR, die toestemming had gekregen om het bekende bouwwerk in te pakken met grote doeken waarop de façades van de omliggende gebouwen waren afgedrukt.

De hoofdingang bestaat uit 603 ruitvormige en 70 driehoekige glazen segmenten gefabriceerd door Saint-Gobain en 105 ton staal en aluminium. Een constructie bedacht door Eiffel Constructions


François Mitterand werd in 1981 en 1988 tot president van de Franse Republiek gekozen en werd daarmee de vierde president van de Vijfde Republiek en de 21e president van de republiek Frankrijk. Zijn ambtsperiode eindigde op 17 mei 1995. Een jaar later overleed hij op 79-jarige leeftijd aan prostaatkanker.
Ieoh Ming Pei is inmiddels 101 jaar oud. Pei won vele architectuur prijzen waaronder de Pritzker Prize, de belangrijkste architectuur-prijs ter wereld. In 1993 werd hij door Mitterand benoemd tot Officier in het Franse Legioen van Eer.


Misschien is het een goed idee voor de zittende President Macron om ook zijn stempel te drukken op de Franse nationale museumtrots door ervoor te zorgen dat de mooiste stukken, die nu stof liggen te vangen in de kelders van het Palais Royal, onder de aandacht te brengen van het publiek. Kunst bestaat immers primair bij de gratie van het ‘gezien’ worden.



Vanaf 29 maart 2019 zal de Cour Napoléon spectaculair worden uitgelicht en vinden er speciale activiteiten plaats.

Bronnen: Wikipedia, Kunst en Architectuur Parijs, Louvre, - Louvre & Tuileries, Jean Claude Dufresne - Paris History, Architecture, Art, Lifestyle in detail, Gilles Plazy - The Grand Louvre – History of a project, Le Moniteur.

dinsdag 12 februari 2019

VINCENT VAN GOGH IN HET ATELIER DES LUMIÈRES PARIJS


Tussen Bastille en Nation in het 11e arrondissement ligt de rue Saint-Maur. Op nummer 38, verscholen achter een eenvoudige gevel, gaat een stukje geschiedenis schuil uit de 19e eeuw. Sinds 1835 was in dit pand de metaalgieterij gevestigd van de familie Plichon. 183 Jaar later en 9 miljoen euro aan ontwikkelingskosten verder, heeft Parijs zijn eerste digitale kunstcentrum, klaar voor tentoonstellingen van de 21e eeuw.  Een initiatief van ‘Culturespaces’ tevens eigenaars van het Musée Jacquemart-André, het Musée Maillol en de lichtshows – ‘son et lumière’ – in de steengroeven van Beaux-de -Provence in de Bouches-du-Rhône.

Het Atelier des Lumières aan de rue Saint-Maur 38

Historie
Vier jaar lang is er gewerkt aan de transformatie van de vroegere ijzersmelterij naar een centrum van digitale kunst. Na het installeren van geluidsisolatie, airconditioning en brandveiligheid is de vervallen hal van 10 meter hoog met een oppervlakte van 2000 m², voorzien van 140 videoprojectoren en een ruimtelijk geluidssysteem van 50 Nexo luidsprekers op de muren en bas-subwoofers op de grond. Door de juiste hoeken te kiezen, zorgen die voor een optimale spreiding van het geluid, waardoor elke luisteraar de beste geluidskwaliteit ervaart. “Het publiek zal, dankzij de grootste vaste video-installatie ter wereld letterlijk worden ondergedompeld in beeld, beweging en geluid, om zo alle emoties te versterken. Unieke multimedia apparatuur maken het mogelijk om projecties te visualiseren op een oppervlakte van 3300 m². Bijna alle oppervlakten worden gebruikt, van vloer tot plafond en muren oplopend tot 10 meter hoog. De projecties volgen de bewaard gebleven architectonische elementen van de oude gieterij; metalen constructies, een grote schoorsteen, de droogtoren en een koelreservoir gevuld met water. De beelden scrollen en spelen met de lay-out van de ruimtes begeleid door op maat gemaakte muzikale composities”, aldus Bruno Monnier, voorzitter van Culturespaces.

Simulatie van de nieuwe expositie 'Van Gogh, Starry Night - La nuit étoilée'
Photo: © Culturespaces - Gianfranco Lannuzzi / Bridgeman Images  

Het nieuwe museum doet sterk denken aan het ‘Sensorium - Theater der Sinne’ een kermisvoorstelling uit 1992 van de voormalige Duitse kermisexploitanten Karl Häsler & Michael Wolf. Hier werd de bezoeker in een show van 10 minuten op verschillende zintuigen aangesproken. Sensorium, Latijns voor waarneming van alle zintuigen. De attractie bestond uit een tent van frames met 600 m² grondoppervlak en kon per voorstelling 500 personen bergen. Terwijl men keek naar een lasershow, die een verhaal vertelde over Kaj en Kim, werden allerlei special effects aangewend om het gevoel te versterken. 

De eerste tentoonstelling van het Atelier des Lumières , die opende op 13 april 2018, was geheel gewijd aan de Weense schilderkunst van Gustav Klimt, Egon Schiele en Friedensreich Hundertwasser. Geregisseerd door artistiek directeur Gianfranco Lannuzzi, Renato Gatto en Massimiliano Siccardo. De muzikale begeleiding is van Luca Longobardi. Om de beurt volgen portretten, landschappen, naakten in kleur en in goud - zo typerend voor de Weense schilderkunst aan het einde van de negentiende eeuw - elkaar op, op het ritme van Wagner, Beethoven, Chopin en Rachmaninov. In totaal werd de kijker in het Atelier des Lumières ondergedompeld in meer dan 200 werken.


De eerste tentoonstelling van het Atelier des Lumières , die opende op 13 april 2018, was gewijd aan de Weense schilderkunst van Gustav Klimt

Van 22 februari 2019 tot en met 31 december 2019 is het de beurt aan Vincent van Gogh om de duizenden toeschouwers te betoveren. ‘Starry Night’ – La Nuit Étoilée is wederom een creatie van Gianfranco Lannuzzi, Renato Gatto en Massimiliano Siccardo. Het leven en werk van Vincent van Gogh spreekt miljoenen mensen wereldwijd aan en nog steeds raken velen geïnspireerd door zijn schilderijen en tekeningen.

De Japanse prentkunst was een van Vincents grootste inspiratiebronnen
Photo: © Culturespaces - Gianfranco Lannuzzi / Bridgeman Images 

De digitale tentoonstelling begint met het palet van de kunstenaar. Aan het begin van zijn carrière schilderde Van Gogh nog met waterverf. Met de overstap naar olieverf veranderde ook zijn manier van schilderen. Een belangrijke invloed voor Van Gogh en een aantal van zijn tijdgenoten was de Japanse kunst en met name kaligrafie. De dikke olieverf leende zich voor een techniek waarbij strepen op het doek werden aangebracht. De geduldige manier van schilderen maakte plaats voor een snellere en expressievere techniek, waar nieuwe lagen verf op eerdere lagen werden aangebracht die nog niet gedroogd waren. Hij experimenteerde met heldere, zuivere kleuren, die hij niet op zijn palet mengde maar rechtstreeks in kleine streekjes, of stipjes, op het doek zette, vertrouwend op het oog van de toeschouwer, dat ze als één geheel zou zien. Want Van Gogh paste de afzonderlijke penseelstreken niet alleen toe om de kleur te breken, maar ook om zijn eigen heftige gevoelens over te brengen. Juist deze schildertechniek, met zijn zeer zichtbare en beslissende penseelstreken, zal worden geprojecteerd op alle muren, waar de bezoekers  uitgenodigd worden om zo de innerlijke wereld van Van Gogh binnen te gaan. Dit alles met muziek onder andere van Luca Longobardi, Janis Joplin, Edvard Grieg, Puccini, Miles Davis, Vivaldi, Mozart, Brahms en Nina Simone: Don’t let me be misunderstood.


Tussen twee gedeeltes van ‘Starry Night’ - La Nuit Étoilée', wordt de nadruk gelegd op de Japanse kunst met ‘Images of the floating World’
Photo: ‘Images of the Floating World’ © Culturespaces / Danny Rose


Tussen twee gedeeltes van ‘Starry Night’ - La Nuit Étoilée, wordt de nadruk gelegd op de Japanse kunst met ‘Images of the floating World’. 
In Antwerpen en Parijs bestudeerde Van Gogh de Japanse schilderkunst. De Japanse prentkunst was een van Vincents grootste inspiratiebronnen. Hij was een enthousiast verzamelaar. Voor hem werkten de prenten als een katalysator. Ze leerden hem op een andere manier kijken naar de wereld. Zijn eerste stapel Japanse houtsneden kocht Vincent in Antwerpen. Hij speldde ze op de muur van zijn kamer.
Begin 1886 trok Vincent in bij zijn broer in Parijs. Samen legden zij een flinke verzameling Japanse prenten aan. Vincent nam de Japanse vondsten over. Wat hem aansprak, was de ongewone ruimtewerking, de grote vlakken in sterke kleuren, de alledaagse onderwerpen en de aandacht voor details uit de natuur. En het exotische en vrolijke, uiteraard. Na twee jaar liet Vincent het drukke Parijs achter zich. In februari 1888 vertrok hij naar Arles in Zuid-Frankrijk. Daar hoopte hij behalve rust ‘de helderheid van de atmosfeer en de vrolijke kleureffecten’ van de Oosterse prenten te vinden. Een van zijn werken is Amandelbloesem (1890) Deze voorjaarsbloesems schilderde Vincent voor zijn pasgeboren neefje. Voor het onderwerp liet hij zich juist inspireren door de Japanse prentkunst. Te zien aan de plaatsing van de grote boomtak midden in het beeldvlak. (Bron: Van Gogh Museum Amsterdam)

Images of the Floating World zijn gebaseerd op Ukiyo-e, een vorm van houtsnede uit Japan
Photo: ‘Images of the Floating World’ © Culturespaces / Danny Rose 


Images of the Floating World zijn gebaseerd op Ukiyo-e - prenten van de vlietende wereld - een vorm van houtsnede uit Japan die sinds het midden van de 18e eeuw ook in Europa populair werd en een grote invloed had op de Europese kunstwereld. Ukiyo-e was niet alleen een inspiratiebron voor Vincent van Gogh maar ook voor verscheidene andere impressionisten, waaronder Mary Cassatt, Claude Monet, Henri de Toulouse-Lautrec en Émile Bernard.
De productie hiervan is in handen van Danny Rose Studio en de muziekkeuze is die van Ryuichi Sakamoto, met Claude Debussy, La Mer incombinatie met het snelle ritme van Japanse drums.

Verse -  Photo: © Culturespaces / Thomas Vanz

Een bezoek eindigt in een ruimte van 160 m² een workshop van licht, gecreëerd door Thomas Vanz, en een klein restaurant. Het nieuwe Atelier biedt een ongekende ontdekking, een volledig nieuwe benadering van pictorale kunst. Het eerste Digital Art Centre van Parijs.
Meerdere tentoonstellingen zullen volgen want Culturespaces heeft eerder tentoonstellingen gemaakt rond Michelangelo, Leonardo da Vinci, Picasso, Chagall en Gauguin. De werkplaats van licht zal ons nog vele jaren kunnen blijven fascineren.

Vincent van Gogh zelfportret - Musée d'Orsay Parijs
Photo: ‘Starry Night’ - La Nuit Étoilée', © Culturespaces / Bridgeman Images

Note: In nauwelijks tien jaar (1880-1890) maakte Van Gogh circa 900 schilderijen en 1100 werken op papier. Ook liet hij een correspondentie van 902 brieven na. Tijdens zijn leven werd er waarschijnlijk maar één schilderij verkocht, de rode wijngaard (Poesjkinmuseum in Moskou). Het huidige Kröller-Müller Museum heeft maar liefst 90 schilderijen en ruim 180 tekeningen van Van Gogh in de collectie. Het is daarmee de op een na grootste Van Goghverzameling ter wereld. De grootste collectie wordt beheerd door het Van Gogh Museum in Amsterdam, dat in 1973 werd geopend en tot een van de best bezochte musea van Nederland behoort.

L’Atelier des Lumières, rue Saint-Maur 38, 11e arrondissement, metrostation rue Saint-Maur – lijn 3, Père Lachaise – lijn 2 en 3.
Geopend alle dagen van de week van 10.00 uur tot 18.00 uur, Vrijdag en zaterdag tot 22,00 uur. Ook geopend tijdens feestdagen. Entree € 14,50
De expositie over Vincent van Gogh loopt tot en met 31 december 2019. Gezien het te verwachten grote succes is vooraf reserveren via het internet aan te bevelen.

zondag 3 februari 2019

HET GROOTSTE URBAN ART MUSEUM VAN PARIJS, STREET ART 13


Urban Art vraag om kleur.

Het 13e arrondissement is niet echt in trek bij de toeristen en dat is een vergissing. Het 13e kent veel verrassingen waar ik al in diverse blogs aandacht aan heb besteed. Het zwaartepunt van dit arrondissement ligt rond de place d’Italie, toegegeven, niet het mooiste plein. Maar het is een goed beginpunt voor diverse wandelingen. Zoals de Butte-aux-Cailles – de kwarteltjesheuvel (klik hier voor de blog). Deze heuvel op 63 meter hoogte, is alleen voor insiders. Er heerst een plattelandssfeertje en de scheef geplaveide steegjes en lage huisjes voeren een verbitterde strijd tegen de lelijke betonnen torenflats van de sector Italie en La Glacière. Een wijk waar Haussmann (gelukkig) zijn stempel niet op heeft gedrukt.
Of de Aziatische wijk ten zuiden van de place d’Italie. De alhier gevestigde grootste en oudste Chinese gemeenschap van Europa zorgt voor een intense handelsactiviteit die vooral voelbaar is rond het foeilelijke winkelcentrum van de woonwijk 'Les Olympiades', een labyrint van galerijen, boetieks en restaurants met alle kleuren en geuren uit Azië. Toegang via de trappen aan de avenue d'Ivry. Maar de wijk is niet uitsluitend Chinees; mensen uit heel Oost-Azië en hun keuken zijn hier te vinden. zoals de zeer lichte, zeer frisse keuken van Vietnam. Maar ook Cambodjaans, Thais of Birmees eten wordt hier volop aangeboden.
En dan ten oosten van het plein, het stadsvernieuwingsgebied Rive Gauche. Zo'n twintig jaar geleden begon men hier met de herinrichting van deze zone Tolbiac genaamd. En deze werkzaamheden gaan nog door tot 2025. De opening van de Bibliothèque National de France in 1995  en de aanleg van metrolijn 14 was het startsein voor het grootste project op het gebied van stadsvernieuwing in Parijs sinds baron Haussmann.  Klik hier voor mijn eerder geschreven blogs over dit gebied.

Het foeilelijke winkelcentrum van de woonwijk 'Les Olympiades', een labyrint van galerijen

Nu neem ik jullie mee naar wat ook wel de slaapzaal van het 13e wordt genoemd, de omgeving van de boulevard Vincent Auriol, omgeven door hoge torenflats. Toch kan ik je vertellen; “het wordt geen saaie wandeling”!
Jérôme Coumet, de 52-jarige burgemeester van het 13e arrondissement kwam een aantal jaren geleden met een bijzonder initiatief. Hoewel dit arrondissement tal van historische gebouwen bezit, zoals de 17e-eeuwse Manufacture des Gobelins, wordt de omgeving gedomineerd door saaie en vaak lelijke jaren 1960 en 1970 woonprojecten voor kansarmen, inclusief immigranten uit Afrika, Azië en het Midden-Oosten. Om kunst buiten musea te stimuleren en te zorgen voor een verbetering van de levenskwaliteit voor de bewoners, is Coumet een samenwerking aangegaan Galerie Itinerrance en een aantal Franse- en internationale street art kunstenaars, om reusachtige muurschilderingen uit te laten voeren op meerdere muren en gebouwen in zijn arrondissement. Het idee leunt op verhuurders en scholen die vrijwillig hun buitenmuren ter beschikking stellen voor straatkunst. De deelnemende kunstenaars worden door het stadhuis gratis voorzien van steigers en materiaal, tevens worden ook hun reiskosten vergoed. Bewoners krijgen drie ontwerpen in hun brievenbus en mogen gezamenlijk een keuze maken welk design het beste bij hun gebouw past. 

‘Les Trois Ages’ van de kunstenaar Borondo


Zo krijgen omwonenden, voetgangers, schoolkinderen ook de kans om kennis te maken met de diverse kunstenaars. In plaats van de politiedagvaardingen en hoge boetes ontvangen de kunstenaars nu spontane giften en worden regelmatig getrakteerd op cake en sinaasappelsap. Inmiddels telt het 13e arrondissement vele muur- schilderingen en is zo een van de grootste openluchtmusea van Urban Art in Parijs.        Urban Art kreeg zo rond mei 1968 bekendheid in Frankrijk. De periode bekend van de studentenopstand, de Parijse studentenrevolte genaamd. Maar de beweging is 'officieel' in de vroege jaren 1980, onder invloed van onder meer de modeontwerpster Agnès B tot volle bloei gekomen. 

Ik neem je mee voor een wandeling langs de mooiste muurschilderingen van het project ‘Street Art 13’. Op het metrostation place d’Italie, lijn 5, 6 en 7 stappen we over op lijn 6 richting Nation. Hier gaat de metro bovengronds boven de boulevard Vincent Auriol. Links en rechts zie je al diverse muurschilderingen die we tijdens onze wandeling van dichtbij gaan bekijken. We stappen uit bij de tweede halte, metrostation Chevaleret tevens het begin van onze wandeling, de kruising van de boulevard Vincent Auriol en de rue Chevalaret. In deze straat bevindt zich een van de oudste muurtekeningen; ‘Les Trois Ages’ van de kunstenaar Borondo. Te vinden op nummer 93. (ik heb deze mural niet in de wandeling opgenomen aangezien deze te ver ligt van ons startpunt)

De viaducten van lijn 6, een ontwerp van de Franse architect Jean Camilla Formigé

Voor ons de viaducten van lijn 6. Wat meteen opvalt is het werkelijk prachtige ontwerp van deze bovengrondse stations, allemaal 75 meter lang en gebouwd hoog boven de grond, op grote neoklassieke ijzeren pilaren. Dit alles naar een ontwerp van de Franse architect Jean Camilla Formigé en verwezenlijkt door de werkplaatsen van J. Leclaire in Montreuil. Lijn 6, mijn favoriete metrolijn, loopt van Charles de Gaulle - Etoile naar Nation. Geopend op 2 oktober 1900 volgt deze metrolijn voor een groot deel de oudste boulevards van Parijs bovengronds.

Inti Castro, ‘La Madre Secular 2’ en Conor Harrington, ‘Etreinte et Lutte’

De eerste muurschildering die we tegenkomen is die van Inti, ‘La Madre Secular 2’, op nummer 81 van de boulevard Vincent Auriol looprichting place d’Italie. Inti Castro is een graffitikunstenaar en muralist geboren in de havenstad Valparaíso, Chili. Zijn naam, vertaald in Incan betekent 'Zon'. Tegenwoordig is hij wereldwijd een van de meest erkende straatartiesten.
Op nummer 85 een muurschildering van de Conor Harrington uit 2017: ‘Etreinte et Lutte’. Deze Ierse kunstenaar, sinds enkele jaren in Londen gevestigd, staat bekend om zijn werken die klassieke schilderkunst combineren met stedelijke en hedendaagse technieken. Zijn onderwerpen, vaak mannen, doen denken aan de barokschilderkunst door hun kostuums en hun zeer expressieve houdingen. “Als iemand het mij vraagt dan zie ik deze beelden als politieke uitwisselingen / discussies / debatten / gevechten. Ik denk dat deze muurschildering heel toepasselijk is - ik schilder de figuren (druipend, instortend, wegstervend), indicatief voor de verandering in de Franse (en Europese) samenleving”, aldus de kunstenaar.

Pantónio: ‘Fragile Agile’

Op nummer 89 een van de twee werken van de Portugees Pantónio: ‘Fragile Agile’. Een ander werk van hem is te zien op de place Venétie (niet in de looproute) en is het hoogste kuntwerk van Europa, 66 meter hoog getiteld, ‘North’. 
Vijf dagen lang werkte David de la Mano aan zijn muurschildering ‘Untitled’ in de rue Jenner (de zijstraat van de boulevard Vincent Auriol aan de rechterzijde)

David de la Mano, ‘Untitled’ en Shepard Fairey, ‘Rise Above Rebel’

We vervolgen onze route over de boulevard tot aan de kruising met de rue Jeanne d’Arc (links en rechts). Op nummer 93 van de rue Jeanne d’Arc een muurschildering uit 2012 van de Amerikaan Shepard Fairey, ‘Rise Above Rebel’. Deze kunstenaar is ook de ontwerper van de bekende ‘Hope-poster’ tijdens de verkiezingscampagne (2007-2008) van Barack Obama. Aan het einde van de straat, richting de kerk, zien we een in blauw uitgevoerde mandala eveneens van Shepard Fairey getiteld ‘Delicate Balance’.

Shepard Fairey, ‘Delicate Balance’

We steken de rue Jeanne d’Arc over en nemen de eerste zijstraat aan de rechterzijde, de rue Clisson. Op de muur van nummer 53 een kunstwerk uit 1980 voorstellende Johan Sebastiaan Bach van de hand van Fabio Rieti en in 2016 gerestaureerd door zijn zoon dochter Leonoor en kleindochter Louyz Rieti . Op nummer 66, op de hoek van de rue Jean-Sébastien Bach een groot blauw tegeltableau. Naam van de kunstenaar, onbekend.

Fabio Rieti, 'Johan Sebastiaan Bach' en een blauw tegeltableau, kunstenaar onbekend

We keren terug via dezelfde weg naar de kruising met de boulevard Vincent Auriol voor het tweede gedeelte van de rue Jeanne d’Arc. Meteen op de hoek een creatie van FAILE uit 2016 getiteld ‘Et j’ai retenu mon souffle’ of ik hield mijn adem in. FAILE is een duo van Amerikaanse artiesten, samengesteld uit Patrick McNeil (geboren in 1975) en Patrick Miller (geboren in 1976). Ze wonen en werken al sinds 1999 in Brooklyn, New York. Dit is hun eerste muurschildering in Frankrijk op een gebouw van 12 verdiepingen.

Faile, ‘Et j’ai retenu mon souffle’ en Seth, 'untiteld'

De meeste kunstwerken dateren uit 2016. Zo ook het veelkleurige kunstwerk wat een stukje verder te zien is van een jongen die op zijn tenen staat, gezien op de rug en waar je je afvraagt waar hij naar toe kijkt. Seth is de kunstenaar en het werk heeft geen titel. Halverwege de straat ter hoogte van nummer 110 twee fresco’s uit 2011, op twee tegenover elkaar liggende gebouwen, van twee fotografen die elkaar fotograferen. Het werk staat op naam van Jana en Js. Jana en Js zijn twee Oostenrijks-Franse kunstenaars wier werk door de hele stad te vinden is. Na een aantal jaren in Madrid en Parijs te hebben gewoond, wonen ze nu in Oostenrijk, Salzburg. We keren terug naar de boulevard en vervolgen daar onze route.

Jana en Js

Ter hoogte van nummer 131, even omdraaien, een werk uit 2017: ‘Etang de Thau, een fresco met een hoog Dali gehalte maar is van de Franse kunstenaar Maye. De werken van deze kunstenaar zijn altijd geïnspireerd door zijn herinneringen. Zoals gebruikelijk wordt geen enkel element aan het toeval overgelaten en elk detail van het werk staat ten dienste van het verhaal dat hij wil vertellen. We ontdekken een slanke en sierlijke figuur die op een roze flamingo rijdt. Hij is een cavalerist uit zijn geboortestreek de Camargue. Gekleed in de traditionele kleding en blauw gestreepte espadrilles. In zijn rechterhand een drietand, waarmee de ruiter meestal de stieren in bedwang kan houden. Maye vervangt op humoristische wijze het paard van de Cavalerist door een flamingo.

Maye, ‘Etang de Thau en D*face, 'Turncoat'

Een stukje verder komen we op de kruising van de rue Nationale en de place Pinel. Hier komen we ogen te kort. Het eerste kunstwerk wat direct opvalt is ‘Turncoat’ van D*face. Op de muur van nummer 155, de tweede fresco van deze kunstenaar in het 13e. 25 meter hoog en 15 meter breed en zoals de 40 jarige kunstenaar zelf zegt; “op dit moment ga ik door mijn blauwe periode. De felrode lippen van de rebelse vrouw markeren haar vitaliteit en staan voor de kracht van verleiding. Haar mond contrasterend met de rest van het beeld als een echo van erotiek en geweld binnen menselijke relaties”, aldus de kunstenaar.

C215, 'Le Chat en Shephard Fairey, ‘Liberté, Egalité, Fraternité

Als we ons omdraaien kijken we op nummer 141, naar een muurschildering, die sinds jaren al veel harten doet smelten. Een metershoge afbeelding van een kat geschilderd door C215 met als titel, hoe kan het ook anders: ‘Le Chat’.
Op de muur daarboven onderdeel van nummer 186, rue Nationale, een hommage van de kunstenaar Shepard Fairey aan de slachtoffers van de terroristische aanslagen van 13 november 2015. Gerealiseerd in juni 2016 onder het motto van de kunstenaar “Make Art Not War’. De titel van het kunstwerk: ‘Liberté, Egalité, Fraternité. “De Franse vlag kan hier worden gezien als een symbool van nationalisme, maar vooral als een symbool van internationale steun en eenheid. Ik wilde dat delen met Frankrijk, aldus Fairey”.

Bom.K., 'Strange Dreams' en D*face ‘Love won’t tear us appart’

We steken nu de boulevard over en meteen op de hoek van de boulevard en de place Pinel het kunstwerk ‘Strange Dreams’ van de artiest Bom.K. Gerealiseerd in 2017 en was meteen het vijftigste kunstwerk in het 13e arrondissement als onderdeel van Street Art 13.
We lopen nu de place Pinel op. Aan de rechterzijde het eerste kunstwerk van D*face in Parijs op de muur van nummer 10. Parijs als stad van de liefde inspireerde hem tot het maken van dit kleurrijke kunstwerk, ‘Love won’t tear us appart’. De verminkte man vertegenwoordigt de mensen die we hebben liefgehad en die niet langer in ons leven zijn, maar die blijven doorleven in ons geheugen.

Het andere kunstwerk wat direct opvalt is de wandtekening van Philippe Pinel. Pinel (20 april 1745 – 25 oktober 1826) naar wie het plein is vernoemd wordt door velen beschouwd als de vader van de moderne psychiatrie. Jorge Rodriguez- Gerada is een Cubaanse-Amerikaanse kunstenaar en het werk is van zijn hand.
Enkele meters verder op de hoek van place Pinel en de rue Esquirol 3 (let op bij het eerste gebouw direct omhoog kijken) een muurtekening gerealiseerd in 2014 door BTOY voorstellend Evelyn Nesbit, een Amerikaans model en actrice, die vooral ook de geschiedenis in ging door haar betrokkenheid bij de moord in 1906, op haar ex-minnaar, de architect Stanford White, door haar echtgenoot Harry Kendall Thaw, ten tijde van het gebeuren betiteld als ‘the crime of the century’. BTOY is de tagnaam voor Andrea Michaelsson, een Spaanse kunstenaar geboren in 1977. Zij schildert bevroren personages wiens ogen en uitdrukkingen ons uitdagen en ons de tijd gunt om na te denken over vervlogen tijden, het Hollywood van de eerste helft van de twintigste eeuw. Meestal zijn het portretten geïnspireerd op oude zwart-witfoto’s die worden gekenmerkt door een helder kleurenpalet en een energieke penseelstreek.

George Rodriguez - Gerada, Philippe Pinel, BTOY, 'Evelyn Nesbit'

Aan de overzijde van het plein op de zijmuur van de patisserie nog een klein kunstwerk van C215, de bijnaam van Christian Guémy, een Franse straatartiest afkomstig uit Parijs, die wordt omschreven als "het antwoord van Frankrijk op Banksy". Voor wat het waard is, want zijn werken hebben nog nooit de prijzen gehaald van de Britse kunstenaar Banksy.
We naderen het einde van deze kunstroute met wel een heel bijzonder kunstwerk ter hoogte van nummer 177 van de rue du Château des Rentiers, de eerst volgende straat links van de boulevard Vincent Auriol. In 2012 ging de kunstenaar Vhils een muur te lijf met hamer en beitel wat resulteerde in een portret van een man. Een wel heel bijzonder kunstwerk dat je zeker van dichtbij en veraf moet bekijken, Vhils is de tagnaam voor de Portugese graffiti- en straatartiest Alexandre Manuel Dias Farto.

Alexandre Manuel Dias Farto, 'untiteld'

Afhankelijk van het tijdstip dat je deze route volgt adviseer ik je voor lunch en of diner; Crêperie Paris Breizh, Boulevard Vincent Auriol 166, of, waar mijn voorkeur naar uit gaat, restaurant Le Berty, waar de twee chefs Charlotte et Valentine een menu serveren met uitstekende prijs- productverhouding. Boulevard Vincent Auriol 124. Het restaurant heeft maar 38 plaatsen.
Hou er verder rekening mee dat in de zomer bomen vol met bladeren soms het zicht wegnemen op deze fantastische muurschilderingen.

Een van de initiatiefnemers van dit unieke project dat zich nog steeds verder uitbreidt is Galerie Itinerrance, rue René Goscinny 7, eveneens in het 13e arrondissement. Metrostation Bibliothèque François Mitterand, lijn 14 en RER-C

zondag 27 januari 2019

HET PARIJS VAN QUOCI MOPOLIS


Als ik in Parijs ben en mijn hotel verlaat dan ga ik niet de straat op zonder mijn camera. Vaak ook tot ergernis van mijn echtgenote die altijd tegen mij zegt; “wandelen door Parijs met jou is altijd twee stappen vooruit en telkens weer een stap terug”. Ze heeft gelijk, er is altijd wel weer iets wat mij boeit, een mooie deur, een ornament boven die deur, zonlicht door de bomen die hun reflecties tonen op fraaie Haussmanngevels, en zo kan ik een hele tijd doorgaan. Geen enkele metropool heeft zoveel fotografen het hoofd op hol gebracht en tot sensuele en mysterieuze beelden geïnspireerd als de Franse lichtstad. Parijs is vaker beschreven, bezongen, geschilderd en gefotografeerd dan menig andere stad op aarde. Zij mag dan niet de grootste of machtigste hoofdstad van de wereld zijn, zij is ontegenzeggelijk de betoverendste. Het is dan ook geen wonder dat fotografie het daglicht zag in Parijs, want als je aan fotografie denkt, denk je aan Parijs, de stad van het licht.

We maken in deze blog kennis met het Parijs van Quoci Mopolis - Photo © Christopher Nisperos  

In de Parijse straten is Eugène Atget (1857-1927) te vinden, die bekend is van zijn foto's van het toenmalige Parijse straatleven en de architectuur. Zijn werk wordt vandaag de dag nog steeds hoog gewaardeerd in de wereld van de fotografie. Mede dankzij zijn assistente, de later bekende Amerikaanse fotografe Berenice Abbott, is zijn hele oeuvre bewaard gebleven voor het nageslacht. Na zijn dood wist Abbot een deel van zijn werk te verkrijgen en te bewaren. Circa 5000 van Atgets foto's en glasnegatieven bevinden zich in de collectie van het Museum of Modern Art in New York.

In 1924 vestigt zich een Franse fotograaf van Hongaarse afkomst in wijk Montparnasse. Gyula Halász (1899-1984), beter bekend onder zijn pseudoniem Brassaï voor zijn werk als journalist. Onder invloed van zijn vriend en fotograaf André Kertész ontwikkelt Brassaï een fascinatie voor het fotograferen van het Parijse nachtleven. Dat bezorgt hem uiteindelijk grote faam. In de jaren dertig publiceert hij diverse fotoboeken, waarvan met name 'Paris de Nuit' (1932) de essentie van zijn werk weergeeft. Oprechte en waarachtige beelden van het ware Parijs leven in al haar facetten, ook van de louche buurten. Henry Miller noemde hem 'het oog van Parijs'.

In 1934 begint Robert Doisneau (1912-1994) aan een carrière als beroepsfotograaf. Eerst als industrieel fotograaf en reclamefotograaf, later als freelance fotojournalist. Zijn werk als journalist voert hem naar de buitenwijken van Parijs waar hij bijna een halve eeuw foto's maakt van het straatleven en portretten van mensen van allerlei allooi. Dit alles in zwart-wit. Zijn bekendste foto is 'Le Baiser de l’Hôtel de Ville' (de kus voor het stadhuis - 1950)

Henri Cartier-Bresson (1908 - 2004) de Franse fotograaf, cineast en schilder, was in 1947 samen met Robert Capa en andere fotografen één van de oprichters van het befaamde fotoagentschap Magnum, het eerste fotografen-coöperatief ter wereld. Eigenlijk wilde hij schilder worden, maar als fotograaf was hij een van de grote getuigen van de 20ste eeuw. Zijn talent lag in het licht en het voortdurend streven naar hèt ultieme moment. Hij hield niet van manipulaties. Hij fotografeerde wat hij zag en deed dat met zwart-wit foto's, waarin de emotie werd gevangen in strakke composities. Cartier-Bresson fotografeerde vele beroemdheden waaronder Marilyn Monroe. Hij fotografeerde Monroe op de set van haar laatst voltooide film; the Misfits, van John Huston. Ook was hij op bezoek bij Mahatma Gandhi, op het moment dat Gandhi werd neergeschoten. De foto's die Cartier-Bresson maakte van Gandhi op zijn sterfbed, werden wereldberoemd.

In de jaren '50 en '60 van de 20e eeuw trokken Nederlandse fotografen, waaronder Henri Berssenbrugge, Ed van der Elsken, Johan van der Keuken en Emmy Andriesse, naar Parijs om daar het vak te leren van de Amerikaan Man Ray en zijn assistente Berenice Abbott , de uit Luxemburg afkomstige Edward Steichen en de fransman Jean Eugène Atget. Na de oorlog verschijnen verschillende prachtige fotoboeken van en over Parijs van diverse Nederlandse fotografen, die blijvend geïnspireerd waren door deze bruisende stad. De meest gefotografeerde stad ter wereld wordt in die jaren boeiend vastgelegd door Jesse en Van der Elsken. Van der Elsken fotografeert het echte straatleven, de rauwe kant van de samenleving en Jesse fotografeert alleen maar "Parisiennes". Vrouwen waaronder actrices, mannequins, studentes en vrouwelijke clochards.

Quoci Mopolis met zijn favoriete camera de Rolleiflex 3,5F - Photo © Cherki

Maar wie zijn de Atget’s. de Brassaï’s, de Doisneau’s, de Cartier-Bresson’s, de van der Elsken’s van deze wereld?
Al een tijd volg ik op facebook een Parijse straatfotograaf die zijn foto’s dagelijks publiceert. Grotendeels in zwart-wit, net als ik op mijn blog. Hij heeft duidelijk een zwak voor fotografie en ik ben gek op zijn beelden. Reden voor mij om op zoek te gaan in Parijs naar de man achter de camera, de man achter de naam Quoci Mopolis. Ik ontmoet hem in het zesde arrondissement op een van de terrassen van de rue de l’Université.

Wie is Quoci Mopolis?
“Quoci Mopolis is een grappig pseudoniem uitgevonden door mijn vriend, fotograaf Frank Jackson. Begonnen als een grap toen hij een verjaardagskaart zag die ik gekregen had van mijn moeder waarop ze mijn echte naam verkeerd had gespeld. - Hij zei; Oh mijn God, je eigen moeder weet jouw naam niet!  Ze denkt waarschijnlijk dat Christopher wordt gespeld als Q-U-O-C-I’ (uitgesproken als ‘Kwatchee’). Sindsdien is dat mijn alias geworden, met als toevoeging de familienaam ‘Mopolis’”.

“Even mijn CV in het kort. Mijn echte naam is Christopher Nisperos en ik kom uit California, USA. Lang geleden werkzaam in de foto-industrie als technisch vertegenwoordiger voor de importeur van de merken Nikon, Durst, Sinar en Mamiya. In de jaren ’80 studeerde ik fotografie onder andere met Ansel Adams, Brassaï, Minor White, Jerry Uelsman en Al Weber. Later woonde ik een korte tijd in Amsterdam en werkte daar als sales manager voor LICI-Colorstar. Ik ben zelfs nog co-writer van een boek over ‘Hollywood Portrait Lighting’, tevens schreef ik voor Amerikaanse fotobladen.

‘In the mood and mode’ voor fotografie mijn belangrijkste drijfsfeer - Photo: © Christopher Nisperos

Wat deed je besluiten om in Parijs te gaan wonen en waarom juist Parijs?
“De allereerste keer dat ik Parijs bezocht was in 1985 en ik voelde mij direct thuis. Nadat ik een paar keer was teruggekeerd besloot ik om te blijven. Het gaf mij zo’n heerlijk gevoel dat je zelfs als je niets doet, je toch iets aan het doen bent. Cafés op elke hoek van de straat, een metro altijd in de buurt, geen auto nodig en verdwalen kan ook al niet. Ben je moe of je moet heel nodig dan kun je altijd op elk uur van de dag terecht in een café voor een kopje koffie, een thee, bier of wijn en je kunt uren blijven zitten op een consumptie. Bovendien hou ik van historie maar ik ben te lui om er uitgebreid over te lezen. Elk historisch gebouw heeft wel een plaquette over de geschiedenis en wie er allemaal gewoond heeft. Tot slot; Parijs is een genot om naar te kijken, de uniformiteit van de Haussmann architectuur en het tijdloze van de stad geeft je het gevoel dat je permanent door een gigantische film set loopt”.

Onderbewust kijk ik altijd fotografisch - Photo: © Christopher Nisperos

Je weet ik ben een groot liefhebber van jouw straatfotografie. Neem jouw dag eens met mij door?
“Dank je Ferry. Uit jouw mond beschouw ik dat als een groot compliment. Belangrijk is natuurlijk dat je in de stemming moet zijn – ‘in the mood and mode’ – voor fotografie. Dus als ik de deur van mijn appartement achter mij dicht trek begin ik dingen te zien. Mijn camera heb ik altijd bij me. Ik ben altijd bang om DE FOTO te missen. Ik ben niet bewust op zoek, maar zeker als ik goed geslapen heb en heerlijk ontbeten dan ga ik dingen zien. Onderbewust kijk ik fotografisch. En als je mijn straatfotografie goed bekijkt ben ik altijd op zoek naar thema’s; handen, voeten, hoeden etc. Eenmaal buiten, op weg naar de metro, op weg naar mijn werk, dan ontdek ik al tal van mogelijkheden”.

“Toch moet ik je ook wat bekennen. Eigenlijk ben ik een grote lafaard. (Lafaards zijn eigenlijk geen goede straatfotografen, voegt hij er lachend aan toe). Dan zie ik vrouwen bezig met hun make-up, koppeltjes die zoenen, etc. Zelden richt ik daar dan mijn lens op, bang voor de confrontatie of een boze blik. Een andere oorzaak is ook dat de autofocus van mijn oude digitale camera lawaai maakt. Dus richt ik mij op handen en voeten, zolang ik maar niemand door de lens hoef aan te kijken. Maar zodra ik uitstap op de perrons zie ik daklozen die hun roes uit liggen te slapen onder treffende billboards of bedelaars op de trottoirs. Ik weet het, dit ligt sociaal gevoelig en om kritiek te voorkomen ben ik zelfs te laf om ze te publiceren”.

Mensen fotografeer ik zoveel mogelijk anoniem, bang voor boze blikken - Photo: © Christopher Nisperos

Mijn camera heb ik altijd om, zelfs op mijn werk, ik ben leraar Engels. Ik werk op de vierde verdieping en vandaar heb ik weer een prachtig uitzicht op het wisselende licht dat valt op de Haussmanngevels. Soms met prachtige wolkenpartijen en licht dat weerkaatst op de trappen. In ieder geval fotografeer ik geen collega’s en studenten!”.
Nu het winter is, het is donker wanneer ik mijn werkstek verlaat, geeft het mij de kans om te experimenteren met het bestaande licht. Mijn volgende aankoop wordt dan ook een lichtgewicht statief om mee te dragen in mijn fototas”.
Zodra ik thuis ben gekomen sta ik te popelen om mijn foto’s te bewerken. Ja digitaal want ik lijd ook nog eens aan analoge luiheid. Ik heb nog veel fotorolletjes liggen maar het ontbreekt mij gewoon aan tijd en energie om ze te ontwikkelen”.

Digitaal of analoog?
“Vanuit mijn verleden gaat mijn voorkeur uit naar analoog. Maar het ontbreekt mij ook de tijd voor de complexe fotobewerking, lees de donkere kamer en eerlijk gezegd ook het geld. Gedurende de afgelopen jaren ben ik mij meer en meer gaan toeleggen op digitaal. Zeker gezien facebook waar ik mijn volgers en verre familie kan laten delen van mijn leven in Frankrijk. Voor zover dat ze daar in geïnteresseerd zijn. Ik heb wel een aantal analoge camera’s, een Nikon FM2, een Leica allebei met 35mm lenzen en mijn favoriet een Rolleiflex 3,5F. Vaak ga ik ook met twee camera’s op mijn buik op stap. Gek genoeg gebruik ik analoog alleen voor foto’s waar geen snelle actie voor is vereist of voor foto’s die ‘dierbaar’ voor mij zijn, wat dat ook moge zijn?!”

Ik heb vaak bepaalde thema's in mijn hoofd zoals Het weer, handen, hoeden, voeten, zelfportretten in spiegels - Photo: © Christopher Nisperos

Wat triggert je in een foto?
“Zoals ik eerder al zei heb ik vaak bepaalde thema’s in mijn hoofd. Het maakt je tot een soort verzamelaar. Als ik iets zie wat past in mijn ‘collectie’, dan wil ik dat ook toevoegen. Het weer, handen, hoeden, voeten, zelfportretten in spiegels. Een stuk moeilijker is het spelen met licht, licht-donker-effecten, reflecties in ramen, een etalage in de nacht, het gouden uur. Het voelt als schilderen met licht. Als ik de juiste sfeer kan vastleggen dan voelt dat als een overwinning”.

Meestal in zwart-wit, waarom?
Ik ben gek van zwart-wit. Sinds mijn vroege jaren, vanaf 1964 was ik bezig met het fotograferen en ontwikkelen en vergroten van foto’s in zwart-wit. Het was de begintijd van de kleurenfotografie en die werd steeds populairder. Laten we eerlijk zijn, sommige onderwerpen schreeuwen om gefotografeerd te worden in kleur. Maar kleur leidt ook af. Zwart-wit daar en tegen dwingt je om je te concentreren op andere aspecten zoals het onderwerp, de vorm, de kwaliteit van het licht. De verschillende grijstinten zijn vaak minder hard als de felle kleuren. Bovendien vind ik het werken in de donkere kamer heerlijk (als ik de tijd heb). De geur van het fotopapier en de chemicaliën. Het werken in alle rust in het donker, het geeft mij een enorm thuisgevoel een herinnering aan vroeger”.

Ik ben gek op zwart-wit - Photo: © Christopher Nisperos

Hoe lang woon je al in Parijs en wat zijn je favoriete plekken?
“Aha, je wil mijn geheimen!
Ik woon al meer dan twintig jaar in Parijs en mijn favoriete plekken kun je ontdekken in al mijn foto’s. Denk aan de tuinen van het Palais Royal en de Tuilleries. Verder de gebieden waar weinig toeristen komen waar je nog kleine huisjes vindt met voortuintjes. Niet echt bedoeld voor straatfotografie. Ik ben er op dit moment mee aan het experimenteren en ik zal ze aan je onthullen wanneer ik klaar ben met fotograferen. Een soort van ‘teaser’”.

Welke beroemde (straat) fotograaf is jouw voorbeeld?
“Simpel antwoord: Vivian Maier*. Ik ontdekte haar werk lang na dat ik zelf begonnen was met straatfotografie”.
* Vivian Maier (New York, 1 februari 1926 - Chicago, 21 april 2009) was een Amerikaanse straatfotografe. Ze nam meer dan 150.000 foto's, voornamelijk van mensen en de architectuur van New York, Chicago en Los Angeles. Maar zij reisde rond 1960 ook naar andere delen van de wereld. Maiers werk bleef tijdens haar leven onbekend en veel van haar fotorolletjes bleven onontwikkeld. Kort voor haar dood werden enige dozen met daarin haar bezittingen verkocht op een veiling. Een historicus en verzamelaar uit Chicago, John Maloof, onderzocht de foto's en begon scans van Maiers fotografische negatieven vanaf 2009 op het web te publiceren. Hierop volgden al snel positieve kritieken en ontstond er verdere interesse in haar werk. Bron: Wikipedia

Mijn voorbeeld: Vivian Maier de Amerikaanse straatfotografe - Photo: © Christopher Nisperos

“Maar ik heb toch een verrassing voor je. Ik ben niet echt een grote fan van straatfotografie. Ik leer het wel steeds meer te waarderen. Zou je niet zeggen als je mijn foto’s bekijkt maar mijn voorkeur gaat uit naar het maken van portretten, stillevens van groenten en objecten. Ik zou ook niet zo een twee drie een fotograaf kunnen noemen. Ik zou eens kunnen googelen. Ik vond Martin Parr*  goed, totdat ik eens een expositie van hem zag”.
* Martin Parr is een Britse documentaire fotograaf, fotojournalist en verzamelaar. Hij is bekend door zijn fotografische projecten met een kritische blik op de moderne samenleving, met name het consumentisme, buitenlandse reizen en toerisme, autorijden, familie en relaties en voedsel. Bron: Wikipedia

“Eigenlijk weet ik niet hoe ik deze vraag eerlijk moet beantwoorden. Begrijp mij niet verkeerd ik hou van straatfotografie, ik doe het zelf graag, maar niet genoeg om een fan te worden. Ik weet het, het klinkt heel tegenstrijdig.
Ik ben sterk beïnvloed door de West-Coast-fotografie, door fotografen als Edward Weston, Al Weber, Michael Kenna, Irving Penn, Arnold Newman, Yousouf Karsh, Josef Sudek en Ansel Adams, bij wie ik een aantal workshops heb gedaan in Californië, als tiener”.

Wat is momenteel de absolute 'must see' in Parijs?
“Ik neem aan dat je doelt op fototentoonstellingen?
Op dit moment is er een foto expositie van Martine Franck (nog te zien tot 10 februari 2019) in de nieuwe Fondation Henri Cartier-Bresson die onlangs verhuisd is naar het 3e arrondissement naar de rue des Archives 79.

Ik schaar mijzelf onder de lafaards. Als ik mensen fotografeer dan zie je alleen de achterzijde. Ik heb er zelfs een naam voor bedacht: ‘Cowardography’ ® ! 
Photo: © Christopher Nisperos

Wat zijn de reacties van mensen als je ze fotografeert in Parijs?
“Zoals ik je al vertelde schaar ik mijzelf onder de lafaards. Als ik ze al fotografeer dan zie je alleen de achterzijde. Ik heb er zelfs een naam voor bedacht: ‘Cowardography’ ® !
Zo ga ik ook confrontaties uit de weg en krijg ik ook geen probleem met beeldrechten, dat is nog al eens een issue in Frankrijk. Daklozen durf ik dan weer wel maar typisch genoeg gaat het mij dan om de achtergrond. Een mooie poster of balustrade. Een gouden regel voor mij ik laat nooit het gezicht zien van de dakloze”.

Wat is je favoriete foto?
Echt, Ferry? Één favoriete foto?!
Okay, als ik dan een foto moet benoemen dan zou ik als een geschenk de foto ‘Pepper* No. 30’ van Edward Weston willen ontvangen.

* Pepper nummer 30, is een van de bekendste foto's gemaakt door Edward Weston . Het toont een eenzame groene paprika in rijke zwart-witte tonen, met sterke verlichting van bovenaf.
Edward Weston (24 maart 1886 - 1 januari 1958) was een Amerikaanse fotograaf uit de 20e eeuw. Hij wordt gezien als een van de meest innovatieve en invloedrijke Amerikaanse fotografen. En een van de meesters van de 20ste-eeuwse fotografie. In de loop van zijn 40-jarige carrière fotografeerde Weston diverse onderwerpen waaronder landschappen, stillevens, naakten, portretten, genretaferelen en zelfs grillige parodieën. Hij wordt gezien als een van de grondleggers van de zogenaamde West-Coast-fotografie. In 1937 was Weston de eerste fotograaf die een Guggenheim Fellowship ontving.
Bron: Wikipedia

Mijn voorkeur gaat uit naar ‘cityscape’, maar dat gezegd hebbende zou ik veel meer ‘nightlife’ willen doen - Photo: © Christopher Nisperos

Nightlife or cityscape?
“Aan ‘nightlife’ kom ik nauwelijks toe. Dat vereist geld en tijd, En als leraar Engels beschik ik over beiden niet. Dus in antwoord op je vraag wordt het ‘cityscape’, maar dat gezegd hebbende zou ik veel meer ‘nightlife’ willen doen. Het vereist, gezien de schaarse vrije tijd, een goede planning, een statief (staat nog mijn verlanglijstje) en winterkleding”.

Is het dan gewoon fotografie, of onderdeel van een project of bijvoorbeeld voor een boek?
“Goede vraag. Hier is mijn verhaal. Zoals eerder gezegd ben ik dol op fotografie die ik binnen kan bedrijven. Toen ik begon met lesgeven, vele jaren geleden was ik ook verplicht om op zaterdag te werken. Dat beperkte mij enorme in de mogelijkheid om zelf te ontwikkelen en af te drukken. Je weet hoe klein Parijse appartementen zijn en ik had niet de beschikking over een donkere kamer. De enige mogelijkheid was om mijn kleine badkamer steeds te transformeren tot een donkere kamer. Een onmogelijke taak en dat alleen op de vrije zondag. Ik heb toen ook een lange tijd niets meer gedaan en begon zowaar de interesse in fotografie te verliezen. Toen ik plots besefte wat er met mij gebeurde dwong ik mijzelf weer om nooit meer van huis te gaan zonder mijn camera. Zo ontstond weer het ‘heilige vuur’. En gezien de vele reacties die ik krijg op mijn foto’s op social media schijnt mijn strategie te werken. Het fotografisch kijken is weer helemaal terug en dat zonder zelfs naar Lourdes te gaan. Ik dank God op mijn blote knieën daarvoor”.

Gek op thema's, streepjes bijvoorbeeld - Photo: © Christopher Nisperos

“Om antwoord te geven op het tweede deel van je vraag. Als ik genoeg acceptabele beelden heb zit ik te denken aan een kleine expositie of een boek. Ik ben niet geïnteresseerd in een expositie in een café, restaurant of winkel. Ik ben serieus op zoek naar een sponsor en een galerie. Lukt het mij niet dan ga ik op zoek naar een andere stad of een ander land. Ik heb al een uitnodiging liggen van de Universiteit van Missouri, maar ik hou niet van vliegen”.

Wat is je favoriete stek in Parijs?
“Waarvoor? (een brede glimlach verschijnt op zijn gezicht) Ik weet niet zo goed hoe deze vraag te beantwoorden. Ik heb vele favoriete plekken in Parijs. De plaatsen waar ze goede koffie schenken en ik kan je vertellen dat is niet in elk café het geval. Ik ben ook gek op patisserie, een van mijn zondes. Daarvoor ga ik naar boulangerie AKI, in de rue Saint-Anne op de hoek van de rue Thérèse in het 1e arrondissement. Daar laat ik mij verleiden voor een café crème met een Matcha muffin. En gezien mijn postuur van de laatste tijd begin ik langzaam te lijken op een gigantische Matcha muffin !”

Als ik de juiste sfeer kan vastleggen dan voelt dat als een overwinning -  Photo: © Christopher Nisperos

En wat is je favoriete restaurant en waarom?
“Grappig dat je mij deze vraag stelt. Ik heb gemerkt dat veel fotografen, geïnteresseerd zijn in voedsel, muziek, vaak klassiek. Ik ben gek op eten en ik kook ook zelf. Ik hoop niet dat ik vijanden maak onder mijn Parijse vrienden als ik mijn eerlijke mening geef. Deze is gebaseerd op mijn leven in San Francisco Bay Area, dat een zeer rijke restaurantcultuur heeft. En ik ben werkzaam geweest in diverse restaurants bekend om hun uitzonderlijke keuken. Dus………
Ik moet constateren dat, als je niet de hoofdprijs wil betalen, er maar weinig restaurants zijn in Parijs waar je fatsoenlijk kunt eten. En laat ik duidelijk zijn ik bedoel Parijs niet Frankrijk. Echt waar voor je geld, qua kwaliteit, smaak en porties, krijg je in de restaurants buiten Parijs. En juist in het zuiden en zuid-west Frankrijk, of Bretagne, de mosselen, overheerlijk!”
Maar als ik iets kan aanbevelen, het Italiaanse restaurant Chez Ugo, in de rue du Chemin Vert 95, 11e arrondissement. Eerlijkheid gebiedt te zeggen dat het restaurant onlangs van eigenaar is veranderd dus ik hoop dat de kwaliteit ongewijzigd is gebleven. Ook het Libanese restaurant Cuise in de rue Saint-Maur 48. Probeer daar eens de ‘Mezzo du Liban’
Waarom? De kwaliteit van de ingrediënten natuurlijk, maar net zo belangrijk is de smaak die ik niet alleen wil  ontdekken wanneer het voedsel in mijn mond is”.

Photo: © Christopher Nisperos

Is er nog iets wat je zelf zou willen toevoegen?
“Ik hoop dat mijn antwoorden antwoord geven op jouw vragen, dat waar je naar opzoek was?
Ik wil je wel bedanken voor die vragen, je bent namelijk de eerste die dat ooit heeft gedaan. Over dit alles te moeten nadenken werkte bij mij als een soort van therapie. (Vergeet vooral niet uw factuur te sturen ‘dokter van der Vliet’) Bovendien hoop ik dat mijn commentaren, op de een of andere manier,  van nut zijn voor je lezers van je blog ook al heb ik niet alles willen of kunnen vertellen. Er is toch een Nederlandse uitdrukking? ‘Je mag alles van me eten maar niet alles weten”.

Onderweg naar mijn hotel ontdek ik dat ik veel overeenkomsten met Christopher Nisperos (zijn echte naam) deel. Ik ga nooit Parijs in zonder mijn camera, altijd bang om de foto van mijn leven te missen. Ook ik ben een lafaard als het om fotograferen van mensen gaat. Dat doe ik namelijk alleen met een telelens, ver verwijderd van eventueel boze blikken. En zoals je kunt zien in mijn blogs is het overgrote deel van al mijn foto’s in zwart-wit.