Paris FvdV is een niet commercieel weblog speciaal voor kenners en liefhebbers van de stad Parijs - en voor hen die dat willen worden. Parijs is een stad met een gewichtig verleden, respectabel en gerespecteerd. Het is totaal niet nostalgisch. Parijs is er in geslaagd om, soms op brutale maar altijd op elegante wijze, om te gaan met zijn grootse monumenten. Ze te beschermen en te integreren in de nieuwe dynamiek van de stad. Parijs is een meester op het gebied van herstel en transformatie. U zult er nooit in slagen een volledig overzicht te maken van plekken en verhalen, die allemaal op hetzelfde punt uitkomen en de glorie van deze stad bezingen. toch wil ik een poging wagen. Wekelijks wil ik u niet alleen informeren over wat Parijs nog meer te bieden heeft, maar ook wil ik mijn liefde voor deze stad op u over dragen. In de hoop dat het raakt aan iets wat u herkent of voelt. Ferry van der Vliet.

Privacy verklaring: Indien u weblog Paris FvdV, dat bij Google-Blogger is ondergebracht, leest en reageert op de blogs van Paris FvdV, doet u dat vrijwillig en is uw IP-adres en mailadres - indien u dat vermeld - bekend en wordt opgeslagen. Ook uw schuilnaam waaronder uw reageert wordt opgeslagen. Paris FvdV zal uw gegevens nooit aan derden doorgeven. We houden uw gegevens privé, tenzij de wet of rechtelijke macht ons dwingt uw gegevens aan hen te verstrekken. Datalekken in het systeem vallen onder de verantwoordelijkheid van Google-Blogger. Door weblog Paris FvdV te bezoeken en/of de op of via deze weblog aangeboden informatie te gebruiken, verklaart u zich akkoord met de toepasselijkheid van deze disclaimer. Google gebruikt cookies om services te leveren en verkeer te analyseren dus uw IP-adres en user-agent zijn bij Google bekend, samen met prestatie- en beveiligingsstatistieken om servicekwaliteit te garanderen, gebruiksstatistieken te genereren, misbruik te detecteren en maatregelen te treffen.

maandag 3 juni 2019

DE DUIVEL REDDE PARIJS VAN DE ONDERGANG


Voor de Duitse filmregisseur Volker Schlöndorff, maker van de film Diplomatie, is het zonneklaar: 'Parijs is niet gered door een held, maar door de duivel'. Met zijn woorden doelt hij op de Duitse generaal Dietrich von Choltitz. Het was een serieus dreigement, de uitwas van een direct bevel van Hitler, dat echter op het laatste moment is afgewend. 'Hij treuzelde zo lang met het geven van het commando. Toen het Franse verzet, op 25 augustus 1944, bijna in zijn slaapkamer stond kon hij niet meer terug'. Hij gaf de stad, zijn leger van 17.000 man en zichzelf over aan de leider van het verzet Henri Rol-Tanguy en generaal Jacques-Philippe Leclerc.

Dietrich von Choltitz (1894 - 1966) was een Duitse General der Infanterie ten tijde van de Tweede Wereldoorlog. Hij stond bij de Duitse aanval op Nederland in 1940 als Oberstleutnant aan het hoofd van een bataljon dat vanuit Rotterdam-Zuid de Maasbruggen wilde oversteken voorafgaand aan het Bombardement op Rotterdam. Op 7 augustus 1944 werd hij vlak voor de bevrijding van Parijs, door Hitler benoemd tot bevelhebber van Parijs. Bij de opmars van de geallieerden later die maand zou hij diverse bevelen om de stad te vernietigen, in de wind hebben geslagen. Zijn rol als "Redder van Parijs" is echter zeer omstreden. Waarom Von Cholitz, die geen moeite had om andere steden zoals Rotterdam met de grond gelijk te maken, Parijs intact liet staat nog altijd niet vast. Had hij een pact gesloten met de geallieerden om zodoende een lagere straf te krijgen? Hij werd niet ter verantwoording geroepen in Neurenberg  ondanks oorlogsmisdrijven in Rusland waar hij Hitlers bevel om de Joden uit te roeien nauwkeurig zou hebben uitgevoerd. Of wilde hij zijn militaire familieverleden niet besmeuren door de geschiedenis in te gaan als de man die een van de mooiste steden aller tijden zou hebben vernietigd. In 1947 werd Von Cholitz vrijgelaten uit geallieerde gevangenschap. Hij overleed in 1966, in zijn woonplaats Baden-Baden aan een in de oorlogsjaren opgelopen longemfyseem.

Oberstleutnant Dietrich von Choltitz (1894 - 1966) - foto: Bundesarchiv Deutschland 


Als Parijs tijdens de Tweede Wereldoorlog enige rol van betekenis heeft gespeeld, dan als symbool. De Duitsers waren door de stad geobsedeerd. Hitler bezocht Parijs twee weken na de capitulatie om inspiratie op te doen voor zijn architectonische plannen met Berlijn.
Parijs is tijdens de Tweede Wereldoorlog niet belegerd, zoals Leningrad. Parijs is ook niet gebombardeerd, zoals Londen, noch vond er een grote opstand plaats, zoals in Warschau. In Parijs is tussen 1940 en 1944 relatief weinig gebeurd. Vier jaren bleef de stad in Duitse handen. Toch ging het leven van alledag gewoon verder. Vlak na de capitulatie kwamen de meeste gevluchte Parijzenaars al weer terug en hervatten hun dagelijkse bezigheden. Er waren wel verschillen natuurlijk. De standaard tijd was nu Duits, kranten publiceerden onder censuur, Duitse soldaten zag je overal en het was verboden auto te rijden voor privé doeleinden. Dus de metro moest overuren maken. Door de weeks dan, want in het weekend lag deze ook stil. Ook het intellectuele leven hervatte, de schrijvers en intellectuelen zoals Jean-Paul-Sartre, Simone de Beauvoir en Albert Camus negeerden de Duitsers en trokken naar hun plaatsen van voor de oorlog zoals het café Les Deux Magots in Saint-Germain-des-Prés. Zij schreven voor zichzelf, maar ook diverse andere kunstenaars waaronder Picasso schilderden voor zichzelf. Parijs werd bovendien overspoeld met Duitse soldaten op verlof. Ook kwamen collaboratie en verraad er op grote schaal voor. Zo kon het Vichy-bewind op veel steun rekenen. Bij de Grote Razzia van 16 juli 1942 was het de Franse politie, en niet de Duitse, die 13.000 Joden oppakte. In de kern was Parijs bang. Aan de andere kant stond de Lichtstad voor alles wat de nazi’s verfoeiden: decadentie, rasvermenging, progressieve ideeën. Bezoekende Duitse soldaten kregen een gids waarin de toeristische plekjes stonden, maar ook werden gewaarschuwd voor geslachtsziekten. De ‘Pocket Guide to France’, die Amerikaanse GI’s in 1944 kregen, bevatte dezelfde waarschuwing. Ook de Amerikanen wantrouwden het ‘verdorven’ Parijs.
(Bron: ‘Toen het licht uitging in Parijs’; Ronald C. Rosbottom)

6 juni 1944 de start van 'Operatie Overlord' - foto Ferry van der Vliet

In augustus 1944 gingen de geallieerden, na de omsingeling van Duitse strijdkrachten in de zak van Falaise, in volle opmars naar Parijs. Op 15 augustus gingen de Parijse metro en de Parijse politie in staking. Het geallieerde strijdplan voorzag in een omtrekkende beweging rond Parijs, om stadsgevechten, die traditioneel veel mensenlevens eisen, te vermijden. De volgende dag werden de genoemde stakingen gevolgd door de posterijen en op 18 augustus was de staking in Parijs algemeen, en werden barricaden opgericht en het stadhuis, het Hôtel de Ville, door het verzet bezet. De geallieerden waren nu door deze opstand gedwongen hun plan te herzien. Generaal Leclerc van de Tweede Franse pantserdivisie kreeg opdracht de stad binnen te trekken. Op 25 augustus trok Charles de Gaulle, leider van de vrije Franse strijdkrachten, de stad binnen en nam zijn intrek in het ministerie van Oorlog in de Rue Saint-Dominique. Hier hield hij een speech voor de Parijse bevolking. “Paris ! Paris outragée ! Paris brisée ! Paris martyrisée ! Mais Paris libérée ! “Parijs, gekrenkt, Parijs gebroken, Parijs gemarteld, maar Parijs bevrijd”!

Generaal de Gaulle: “Paris ! Paris outragée ! Paris brisée ! Paris martyrisée ! Mais Paris libérée !" - fotoverantwoording onderaan de blog

Met de bevrijding van Parijs kwam er een einde aan Operatie Overlord. Met de landingen van de geallieerde troepen op 6 juni 1944, begint een van de meest massale confrontaties van de Tweede Wereldoorlog. Twaalf weken van verbitterde strijd in het bocagelandschap, de korenvelden van de hoogvlakte rond Caen en de in puin liggende dorpjes zijn beslissend voor de afloop van de oorlog in West-Europa en versnellen de nederlaag van het Duitse rijk. Volgens de planning van operatie Overlord zou de bevrijding van Normandië binnen drie weken zijn voltooid. Uiteindelijk was daar viermaal zoveel tijd voor nodig. In die strijd zijn aan geallieerde zijde meer dan 200.000 gewonden gevallen en 37.000 doden. De Duitsers verloren, in het westen, een groot deel van hun troepenmacht. Bijna 400.000 krijgsgevangenen, gewonden of doden. Tevens verloren zij een groot deel van hun materieel. De verliezen van burgerslachtoffers waren ongekend groot. 20.000 burgers vonden de dood. Het martelaarschap van Normandie was het losgeld voor de eindoverwinning. Niemand mag deze periode ooit vergeten. Het immense offer van deze regio en haar inwoners moet in ieders geheugen verbonden zijn met het offer van al die jonge mannen die over de Atlantische oceaan en Het Kanaal zijn getrokken en die nu voor eeuwig rusten in de Normandische grond die zij wilden bevrijden.

Amerikaanse troepen op de Champs Élysées - fotoverantwoording onder aan de blog

Die Bevrijdingsdag, in Parijs, begon als een grijze regenachtige dag, zelfs zo nat dat het radioverkeer er hinder van ondervond. Buiten dromden de inwoners van de stad om de tanks en de rupsvoertuigen van het bataljon van de Franse generaal Jacques-Philippe Leclerc. Klokken van alle kerken werden geluid en even later galmde de grote klok van de Notre-Dame, ‘Le Bourdon’. Nu pas waren de bewoners van Parijs er van overtuigd dat de bevrijding was begonnen. “Ils sont là!” “Ze zijn er !” De voorste Amerikaanse onderdelen van het 38ste verkenningseskadron en de 4de infanteriedivisie kwamen Parijs binnen vanuit het zuiden. In minder dan een uur stonden ze voor de Notre-Dame. Mooie Françaises beklommen de voertuigen en gilden “Merci merci, thank you, thank you!”
Later bleek dat de verliezen onder het verzet en de burgerbevolking werden geschat op 1500 personen. De tol van de Parijse bevrijding.

In de strijd zijn aan geallieerde zijde meer dan 200.000 gewonden gevallen en 37.000 doden - foto Ferry van der Vliet

Note: The used images is a work of a U.S. Army soldier or employee, taken or made as part of that person's official duties. As a work of the U.S. federal government, the image is in the public domain.

maandag 20 mei 2019

PALAIS DE LA PORTE DORÉE


Aan de rand van het Bois de Vincennes, geheel buiten de gebaande toeristische paden, staat een van de mooiste Art Deco monumenten van Parijs. Het herbergt twee wetenschappelijke en culturele projecten: de Cité nationale de l’histoire de l’immigration en het tropisch aquarium. Dit architectonisch juweeltje werd gebouwd ter gelegenheid van de Parijse Koloniale Expositie van 1931 en is van de hand van de Franse architect Albert Laprade. De adembenemende bas-reliëfs aan de buitenzijde zijn van de beeldhouwer Alfred Janniot. Ze tonen op een krachtige manier het leven in de kolonies en de ‘beschavende rol’ van Frankrijk in de tijd dat kolonialisme in alle onschuld kon worden gepropageerd.

Het Palais de la Porte Dorée is een vergeten juweel aan de rand van de stad.

Je waant je in de sfeer van de jaren dertig als je uit het metrostation komt aan de place Éduard-Renard. Voor je een fontein die bewaard is gebleven uit die periode, geflankeerd door wuivende palmen.  Hoog boven iedereen verheven een verguld beeld voorstellende ‘Frankrijk als kolonisator’. Het moest de bezoekers, driekwart eeuw geleden een voorproefje geven van de exotische oorden die ze zouden gaan ontdekken. De naam Porte Dorée verwijst naar de ligging ten opzichte van het bos, d’orée betekent namelijk ‘aan de rand’.

Je waant je in de sfeer van de jaren dertig als je uit het metrostation komt aan de place Éduard-Renard

Het Palais de la Porte Dorée werd geopend op 6 mei 1931 met een koloniale tentoonstelling die het imperiale Frankrijk moest promoten op het hoogtepunt van zijn macht. Het werd exclusief gewijd aan de koloniën en verwelkomde bijna acht miljoen bezoekers in de maanden mei tot en met november 1931. In 1935 kreeg het een andere naam, namelijk het ‘Musée de la France d’Outre-mer’. Daarna kreeg het gebouw steeds andere bestemmingen. In 1960 het ‘Musée des arts Africains et Océaniens’ en in 1990 het ‘Musée des arts d’Afrique et d’Océanie’.
Whats in a name zou je zeggen! In 2003 werd een groot deel van de collectie overgebracht en samengevoegd in het ‘Musée du quai Branly – Jacques Chirac’.



Levensgrote fresco's uit 1931 sieren de binnenzijde van het paleis en zijn van de hand van Pierre Ducos de la Haille

Cité nationale de l’histoire de l’immigration
In de lente van het jaar 2007 krijgt het gebouw een geheel andere bestemming en is een must-see als je meer te weten wil komen over de inbreng van migratie en immigratie in de opbouw van het Frankrijk van de afgelopen twee eeuwen. Een thema dat, zelfs kijkend naar het verleden, nog steeds zeer actueel is. Frankrijk heeft vele golven gekend van immigranten die het land diverser en ook rijker hebben gemaakt. Zij hebben bijgedragen aan welvaart maar ook meegewerkt aan de opbouw van het land. Zij die gezorgd hebben voor kunst, cultuur, maar ook voor Frankrijk hebben gevochten, zijn gesneuveld of het land hebben bevrijd. Een op de vijf Fransen heeft een grootouder of overgrootmoeder die niet in Frankrijk is geboren.

Frankrijk heeft vele golven gekend van immigranten die het land diverser en ook rijker hebben gemaakt

Wat hebben zoal Francisco Goya, Fréderic Chopin, Heinrich Heine, Guillaume Apolinaire, Gertrude Stein, Man Ray, Alberto Giacomett, Brassaï, Robert Cappa, Wassily Kadinsky, Samuel Beckett, Joséphine Baker, Christobal Balenciaga, Costa Gavras, Takado Kenzo, Constantin Brancusi, amedeo Modigliani, Ossip Zadkine, Kees van Dongen, Jacques Lipchitz, Pablo Picasso, Marc Chagall, Karel Appel, Constant en Corneille  allemaal met elkaar gemeen. Allemaal niet-Fransen die bijgedragen hebben aan de rijke cultuur van Frankrijk.

De permanente tentoonstelling La Route ‘Repères’

Dan zijn er de onbekenden: de Polen werkzaam in de mijnbouw, de Noord-Afrikanen in de bouw en de automobielindustrie. Verder Italianen, Centraal Europese joden, Armeniërs, Spaanse republikeinen en bootvluchtelingen uit Zuidoost-Azië. Allemaal immigranten van de late 19e eeuw. De permanente tentoonstelling La Route ‘Repères’, laat dit allemaal prachtig vormgegeven zien op de hoogste etage van het paleis, met bijzondere beelden, geluidsfragmenten met vaak aangrijpende individuele verhalen en muziek. Een tentoonstelling om over na te denken of begrip te krijgen voor het feit wat mensen beweegt om huis en haard te verlaten, geconfronteerd te worden met liefdevolle opvang maar ook racisme, vooroordelen haat en armoede. Maar ook om inzicht te krijgen naar de invloeden daarvan op de voedingsgewoonten, levensstijlen, literatuur, architectuur, muziek, dans en zelfs de haute couture. Yves Saint Laurent bijvoorbeeld was afkomstig uit Algerije, Azzedine Alaïa uit Tunesië, Pierre Cardin uit Italie, en Elsa Schiaparelli had een Italiaans / Egyptische achtergrond.

Racisme, vooroordelen haat en armoede zijn vaak de tol van migratie

De Franse chansons die wij nog dagelijks kunnen meezingen van Serge Reggiani, Georges Brassens, Jacques Brel, Léo Ferré, Yves Montand, Joe Dassin, Jean Ferrat, Charles Aznavour, George Moustaki, Barbara, Serge Gainsbourg, Sylvie Vartan, Dalida, Michel Polnareff; zij zijn allemaal afkomstig van buiten Frankrijk.

Op de weg naar beneden geniet ik nog even van de grote ‘salle du Forum’ met muur-schilderingen van Pierre Ducos de la Haille uit 1931. Het Palais de la Porte Dorée is een vergeten juweel aan de rand van de stad.

De grote ‘Salle du Forum’ met muur-schilderingen van Pierre Ducos de la Haille uit 1931

Tip: Je kunt heerlijk genieten van huisgemaakte producten, ‘fait maison’ in Bistrot de la Porte Dorée, boulevard Soult 5, op loopafstand van het museum. 7 dagen per week geopend. Verder kun je dit bezoek combineren met het Château de Vincennes.
(Metrostation Porte Dorée, lijn 8 enT3)


De adembenemende bas-reliëfs aan de buitenzijde zijn van de beeldhouwer Alfred Janniot. Ze tonen op een krachtige manier het leven in de kolonies en de ‘beschavende rol’ van Frankrijk in de tijd dat kolonialisme in alle onschuld kon worden gepropageerd.







maandag 13 mei 2019

PARC DE SAINT-CLOUD


Vaak krijg ik de vraag hoe het mij lukt om na al die jaren nog steeds iets nieuws te schrijven over Parijs. Ik sta daar nooit bij stil, totdat ik ontdekte dat dit inmiddels mijn 456e blog is sinds ik begonnen ben met Paris FvdV in april 2011. 456 Blogs in 8 jaar, pas mal!
Browsend over het internet kom ik altijd wel een onderwerp tegen over de stad Parijs dat mij intrigeert. Meestal eindigt het, rijp en groen door elkaar, op een ‘To-Do’ lijstje dat inmiddels al zo’n acht A4-tjes groot is. Eenmaal in Parijs bepaal ik, afhankelijk van het weer, wat te bezoeken. Eenmaal bezocht, goed bevonden en uitgebreid gefotografeerd, maak ik al wandelend grote cirkels om het onderwerp heen en in al die omliggende straatjes vind je in Parijs zeker weer wat nieuws. Bijvangst noem ik dat.

île Seguin aan de zuidkant van Parijs, maar deze foto is genomen vanuit het park waarmee ik je ga verrassen

Begin april 2019 bracht ik een bezoek aan île Seguin aan de zuidkant van Parijs. In juni 2017 schreef ik een blog (klik hier) over de gloednieuwe muziektempel; 'La Seine Musicale'. Het gebouw ligt als een schip in de Seine op de kop van Île Seguin en is een architectonisch hoogstandje en zonder twijfel een 'must see!'. Doel van een nieuw bezoek was om te kijken of er verder nog nieuwbouw was gepleegd op de rest van het eiland waar eens de Renaultfabrieken stonden. Maar nee, er is /was nog niets vermeldingswaardig gebeurd. Wat nu? Ik ben toch niet voor niets 28 metrostations van noord naar zuid gereisd?
Via trappen aan de voorzijde van La Seine Musicale , naast een mega groot beeldscherm, bereikte ik op 18 meter hoogte een 2.000 m² groot terras dat weer een prachtig uitzicht biedt over de Seine, Saint Cloud, Boulogne-Billancourt en Parijs. Een creatie van landschapsarchitect Michel Desvigne, maar dat terzijde.

De Seine met aan de overzijde een prachtig glooiend landschap; het park van Saint Cloud

Mijn aandacht werd getrokken door het prachtige glooiende landschap aan de overkant van de Seine, het Parc de Saint-Cloud. 21 graden buiten, tijd voor een flinke wandeling. Een wandelpad langs de Seine, de Chemin de Halage en evenwijdig aan de nieuwe tramlijn van Parijs de T2,  brengt mij direct naar het tram- metrostation Musée de Sèvres. Een station verder stap ik uit op station Parc de Saint-Cloud. Boven je het viaduct van de autoroute de Normandie, rechts volgen tot je een bord ziet met: ‘Piétons Passage souterrain – Parc de Saint-Cloud’, een onderaardse doorgang die je naar de ingang van het park brengt.  

Hoe kan het zijn dat, wat ik één van de zeven schoonheden van Parijs noem in geen enkel boekje over de Franse hoofdstad te vinden is? Je zult wellicht zeggen het ligt buiten de périphérique! En de tuinen van Versailles dan, of die van Chantilly, Fontainebleau? Ik ga daar verandering in brengen!

Parc de Saint Cloud, officieel het 'Domaine National de Saint-Cloud' is één van de zeven schoonheden van Parijs

Het Parc de Saint Cloud, officieel het Domaine National de Saint-Cloud, behoort tot een van de honderd monumenten in Frankrijk die onder de zorg staan van het ‘Centre des Monuments Nationaux’ dat als doel heeft het in ere herstellen, restaureren en onderhouden van monumenten die zijn opgericht als teken van tijdloosheid maar ook als nationaal erfgoed voor toekomstige generaties. De geschiedenis van dit park gaat zelfs terug tot aan het begin van de 16e eeuw. Op deze plek stond het Hôtel d’Aulnay, een kasteel dat toebehoorde aan de Gondi’s, een rijke bankiersfamilie afkomstig uit Florence. Notabene koning Hendrik III werden daar vermoord door een fanatieke Dominicaanse monnik genaamd Jacques Clément. In de ogen van Clément was de koning een verrader van het katholicisme. Op 1 augustus 1589 stak hij de Koning neer, een dag later overleed Hendrik III aan zijn verwondingen.

De plek waar eens het kasteel stond biedt een ongekend uitzicht over Parijs

Het kasteel, gelegen op het hoogste punt van het landgoed met uitzicht over de Seine, bleef in eigendom van de Gondi’s tot 1655 waarna het in handen kwam van een andere bankier Barthélemy Hervart die het na een logeerpartijtje ter plaatse met Lodewijk XIV, Lodewijks moeder Anna van Oostenrijk en kardinaal Mazarin verkocht aan Lodewijks jongere broer de hertog Filips van Orléans. Tot 1701 bleef Filips het kasteel uitbreiden en delen ervan werd gekopieerd door Lodewijk XIV voor zijn kasteel in Versailles. De tuin werd aangelegd door André Lenôtre die je rustig de schepper van de Franse tuinarchitectuur mag noemen en die tot de 18e eeuw in heel Europa toonaangevend was. De Tuilerie-tuinen maar ook die van Versailles zijn van zijn hand. In 1785 kwam het kasteel in handen van Lodewijk XVI voor zijn vrouw Marie Antoinette.

Op de achtergrond wat eens de bijgebouwen waren van het Hôtel d’Aulnay

De geschiedenis van Parijs is een combinatie van grote hoogtepunten en diepe dalen, van tragiek en blijdschap, emoties die op elke muur te voelen zijn. Koningen, prinsen met grootheidswaanzin lieten paleizen bouwen. De stem van de armen was in de stad niet of nauwelijks hoorbaar. Zij hadden geen enkele zeggenschap in de bouw van deze gebouwen hetgeen tot uiting kwam in de Franse Revolutie. Na de Franse  Revolutie werd het paleis geconfisqueerd en tot nationaal erfgoed verklaard. Het paleis speelde ook nog een belangrijke rol tijdens de staatsgreep van generaal Napoleon Bonaparte. Tijdens deze staatsgreep verhuisde het Franse parlement tijdelijk van Parijs naar Saint-Cloud.  Op 18 mei 1804 liet Napoleon zich in het Kasteel van Saint-Cloud uitroepen tot keizer van Frankrijk. Gevolgd door Napoleon III die in 1852 hetzelfde deed.

Het water van de aanwezige fonteinen stroomt van bekken naar bekken dankzij loodmaskers die water spugen

Dit mooie verhaal kent natuurlijk geen goed einde. Op 28 juli 1870 verklaarde Napoleon III in het kasteel van Saint-Cloud de oorlog aan Pruisen. De kanonnen bulderden vanaf de grote hoogte van Saint-Cloud richting de stad Parijs. Het kasteel werd geraakt door Frans tegenvuur en brandde af op 13 oktober 1870. De resterende muren werden in 1890 afgebroken. En het verhaal van de zeven schoonheden dan hoor ik je zeggen? De tuinen zijn intact gebleven en behoren heden ten dage tot een van de mooiste tuinen van Europa. Op 9 november 1994 werd het park geclassificeerd als historisch erfgoed en kreeg in 2005 het predicaat ‘Jardin Remarquable’. Het park wordt geëxploiteerd als een ‘Domaine Nationale’ onder het Franse ministerie van Cultuur.

De tuinen behoren heden ten dage tot een van de mooiste tuinen van Europa


Het park beslaat een grondgebied van 460 hectare, 920 voetbalvelden. Tegenwoordig is het een geweldige plek om te genieten van een Parijse picknick; ‘baguette, fromage, jambon et du vin’ maar ook om te wandelen, te joggen en nog veel meer. Heerlijk buiten het drukke leven binnen de rondweg. Slenter door de spectaculair aangelegde terrastuinen en geniet van een prachtig uitzicht over Parijs of leer alles over de geschiedenis van het kasteel en zijn eigenaars in het vijf kamers tellende Musée historique du domaine national de Saint-Cloud. Een van de weinige overgebleven bijgebouwen van het vroegere kasteel gelegen aan de Avenue de l’Honneur.


Ik ben het park binnen-gekomen ter hoogte van Avenue de la Grille d’Honneur, parallel aan de Seine en eigenlijk het laagste gedeelte van het park. Een stukje verder aan de rechterkant valt je mond open van verbazing bij het zien van ‘La Grande Cascade’. Een ontwerp van de architect Antoine le Pautre. De bouw duurde vijf jaar, en je gelooft het niet, van 1660 tot 1665.  Het bovenste deel van de waterval bestaat uit 9 terrassen. Het water stroomt van bekken naar bekken dankzij loodmaskers die water spugen. In 1698 graaft architect Jules Hardouin Mansart een klein kanaal in het verlengde van de grote waterval Saint Cloud. Om het effect te versterken, voegt hij nog eens drie nieuwe grote watermassa's toe. De waterval is 200 meter lang en 21 meter hoog. Op de top kun je twee beelden bewonderen, die de Seine en de Marne voorstellen. Zij zijn degenen die over het geheel de stortvloed van water uitstorten.

Je mond valt open van verbazing bij het zien van ‘La Grande Cascade’

Ik vervolg mijn weg via de trappen langs de waterval naar boven en begin mijn wandeling van ongeveer 4 kilometer. Links de vijver van Neptunes. Hier heeft Jean François de Gondi, in 1640, een prachtige fontein laten plaatsen ineen vierkant bassin. Het decor dat je vandaag ziet dateert uit de tweede helft van de 18e eeuw. De waterjet bereikt een hoogte van ruim 30 meter. Rechtsaf richting het ‘Bassin des Carpes’.

Het ‘Bassin des Carpes’

Ik neem de trappen naar boven en zie aan de linkerkant het ‘Bassin du Fer à Cheval’. Dit bekken, gelegen aan de zuidkant van de kasteelsite, iets lager, is oorspronkelijk aangelegd door Jules Hardouin Mansart in de late jaren 1690. Het huidige ontwerp dateert uit 1900 en is van de hand van architect Alfred Leclerc. Voor mij, links van mij, achter mij, prachtige zichtlijnen over het domein en ik realiseer mij dat ik op de plek sta waar vroeger het kasteel heeft gestaan. De hoge terrassen aan de rechterzijde trekken mijn aandacht en een aardige klim naar boven wordt beloond met een prachtig uitzicht over de Seine, Parijs en in de verte het ïle de Seguin met ‘La Seine Musicale’.

De aanwezigheid van water is een van dé essentiële rijkdommen van dit domein. 

Ik besluit om op het hoge terras mijn wandeling in westelijke richting voort te zetten met uitzicht over de tuinarchitectuur die zo kenmerkend is voor Lenôtre. Dit deel van mijn wandeling wordt beloond  met een enorme waterpartij omgeven door 24 waterjets en beelden voorstellend Bacchus, Hercules, Ceres, Jupiter, Neptunus, Venus, Flora en Apollo. Ook vanuit hier weer een riant uitzicht over dit enorme bosgebied vol met eiken, beuken en paden en gestyleerde bomen, vooral kastanje- en lindebomen. Beneden nog een enorme waterpartij die mijn aandacht trekt: ‘La Grande Gerbe’.

De wandeling door het park verrassen mij steeds met nieuwe uitzichtpunten over de stad

Linksaf via de Allée de la Grande Gerbe. Voor dierenspotters is dit gebied een paradijs. Het park herbergt herten, vossen, wezels, egels en eekhoorns maar ook roofvogels waaronder buizerds, torenvalken, uilen en haviken. Dit deel brengt mij naar de ‘Rond Point de la Balustrade’ met een nieuw vergezicht over met name La Défense. 
TIP: Vlakbij de rond point bevindt zich een ideale plek voor lunch of diner. Chalet l’Oasis, la Butte aux Chèvres, Parc de Saint-Cloud. Het terras biedt een prachtig uitzicht over de vallei en het stadje Meudon. De lange Allée de Versailles brengt mij weer terug naar het beginpunt.

Ronduit adembenemend dit uitzicht de ‘Rond Point de la Balustrade’

De aanwezigheid van water is een van dé essentiële rijkdommen van dit domein. Voor het voeden van al die fonteinen, waterjets, vijvers en watervallen hier moet wel een ingenieus systeem schuilen, aangezien het overgrote deel is aangelegd zo’n drie eeuwen geleden. Door de hoogteverschillen wordt gebruik gemaakt van pure zwaartekracht die weer voor voldoende druk zorgen voor de realisatie van zoveel fonteinen en jets. In eerste instantie werd de watervoorziening verzorgd door verschillende bronnen in de buurt van het kasteel. In 1688 kreeg het kasteel een toevoerbron vanuit het stroomgebied van Ville-d’Avray. Om het water van Ville-d’Avray naar het park te brengen werd een speciaal ondergronds aquaduct gebouwd. Het niet gebruikte water stroomt altijd naar de Seine. Het grote hoogteverschil van zo’n 76 meter vanaf het hoogste punt naar de Seine zorgt voor de nodige zwaartekracht. Het geheel wordt nog steeds handmatig bediend door het openen en sluiten van kleppen. Alles onder regie van de fonteinmakers of te wel les ‘Fontaineblers de Versailles, Marly et Saint-Cloud’.

En kijkend naar links  weer een nieuw vergezicht over de wijk 'La Défense'

Wil je alle fonteinen optimaal zien werken dan kan dat alleen op zondagen van half mei tot half oktober om 14.00, 15.00 en 16.00 en 17.00 uur. Het volledige programma van wat en wanneer er te doen is vindt je op de website van Domaine-Saint-Cloud. De toegang van het park is gratis. Neem in ieder geval goede wandelschoenen mee.

maandag 6 mei 2019

KERAMIEK MET EEN FRANSE SLAG


Van oudsher is Parijs hèt centrum van de schone kunsten in Europa, misschien wel van de hele wereld, tenminste, dat is de mening van de Parijzenaar, maar het is zeer zeker de stad van de keramiek. Ik neem je mee naar de zuidrand van waar je vanaf de pont de Sèvres uitkijkt over de Seine met in de verte het parc de Saint Cloud en daar voor een paleisachtig gebouw met de tekst Musée nationale de Céramique, het Frans nationaal keramiek museum. Dit museum uit 1824 was een initiatief van Alexandre Brongniart, directeur van de Manufacture nationale de Sèvres en was het eerste museum geheel gewijd aan de fijne keramische kunst in de wereld.

Vanaf de Seine heb je een prachtig uitzicht op een paleisachtig gebouw

De geschiedenis begint al in 1740. Onder invloed van Madame de Pompadour, minnares van Koning Lodewijk XV, werd een porseleinfabriek geïnstalleerd in een van de leegstaande torens van het Château de Vincennes. In 1756 verhuisde de fabriek naar Sèvres. De 23 gebouwen, allemaal gebouwd tussen 1753 en 1756, zijn gelegen in het Domaine national de Saint-Cloud en allemaal geclassificeerd als historisch erfgoed. Niet lang daarna werd de fabriek een koninklijke privéonderneming. De naam Manufacture Royale de Porcelaine de Sèvres werd gevoerd tot de Franse Revolutie. Vervolgens kwam het in handen van de staat en tot 2009 viel het onder het Ministerie van Cultuur. In 2010 werden de fabriek en het museum samengevoegd tot Cité de la Céramique. De fabriek is nog altijd in bedrijf en produceert nog steeds, net als in de 18e eeuw, keramiek volgens ambachtelijke technieken.

De Manufacture nationale de Sèvres onveranderd sinds 1756

Porselein werd ongeveer 2.000 jaar geleden in China ontwikkeld. De Chinezen wisten het procedé om porselein te maken ongeveer duizend jaar geheim te houden. Pas in het begin van de 18e eeuw ontdekte Johann Friedrich Böttger (1682-1719) de magische formule voor het maken van echt hard porselein en in 1710 werd in Duitsland de Koninklijke Meissener Porselein Manufactuur opgericht. In 1738 volgden de Fransen met porselein van zacht pasta. Eerst in Chantilly en later in Vincennes. In de 18e eeuw was porselein alleen voor de zeer rijken en de aristocratie.  Veel vorsten gingen over tot het stichten van hun eigen (statusverhogende) porseleinfabriek, want het drinken van thee, koffie of chocolademelk werd steeds meer gemeengoed. Porselein bleek een duur, maar uitermate fraai en geschikt product om uit te drinken. Het werd toen al ‘het witte goud’ genoemd.

Cité de la Céramique bevat een van de rijkste collecties keramiek van Europa

Cité de la Céramique
Het museum bezit meer dan 50.000 objecten uit de gehele wereld waarvan ongeveer 10% werd vervaardigd hier in Sèvres. Slechts 10.000 stukken worden tentoongesteld, gerangschikt in achttien kamers en verdeeld over twee verdiepingen. De vaste collectie is een historische reis door de wereld van keramiek en een van de rijkste in Europa.

Het land heeft een lange en rijke keramische traditie

Te zien zijn werken uit het Europese stenen tijdperk, daarnaast werken uit de Europese Middeleeuwen, waaronder 300 stuks uit Delft, het huidige Midden-Oosten, China en precolumbiaanse werken uit Zuid-Amerika. Het robuuste Europese gebruikskeramiek steekt schril af tegen het verfijnd met luster gedecoreerde werk uit het huidige Irak en Iran en het gepolijste (ongeglazuurde) werk van de Inca’s. De eerste Delftsblauwe objecten kwamen het museum binnen in 1829. De Parijse kunsthandelaar Vachée gaf het museum wat Delftsblauwe voorwerpen in ruil voor enkele stukken Sèvres-porselein.

De indrukwekkende entree met een van de vele pronkstukken gemaakt in Sèvres 

10.000 stukken worden tentoongesteld, gerangschikt in achttien kamers en verdeeld over twee verdiepingen

De eerste verdieping is geheel gewijd aan porselein vervaardigd in Sèvres en gemaakt door toonaangevende hedendaagse kunstenaars uit de 19e en 20e eeuw. Sèvres-keramiek wordt door velen als het mooiste ter wereld beschouwd maar is tevens ook het beroemdste in Frankrijk. Het land heeft een lange en rijke keramische traditie, niet alleen porselein (‘porcelain), maar ook steengoed (‘grès’), aardewerk (‘faïence’) en ongeglazuurde terracotta (‘terre cuite’). In Sévres draait het leven echter alleen om keramiek.

De eerste verdieping is geheel gewijd aan porselein vervaardigd in Sèvres

Sèvres-keramiek wordt door velen als het mooiste ter wereld beschouwd

Het museum heeft sinds kort de vervelende gewoonte om te sluiten tussen de middag van 12.30 uur tot 13.30 uur. Hou daar dus rekening mee bij je bezoek.
Metrolijn 9 brengt je naar het metrostation Pont de Sévres. Het museum bevindt zich op vijf minuten lopen van het metrostation. Tramlijn T2 stopt voor de deur. Uitstappen bij Musée de Sèvres.

Vele topstukken zijn aanwezig waaronder deze vaas ontworpen door Hector Guimard dè belangrijkste vertegenwoordiger van de art nouveau in Frankrijk

maandag 29 april 2019

KONINGSDAG PARIJS 2019


Het beloofde weer een drukke Koningsdagreceptie te worden in de residentie van onze ambassadeur

Op donderdag 25 april 2019 was ik wederom uitgenodigd voor de Koningsdagreceptie in de Nederlandse residentie te Parijs  van onze ambassadeur Z.E. Mr. Pieter de Gooijer. Vol trots toonde ik natuurlijk op Facebook mijn persoonlijke uitnodiging. Vreemd dat je dan reacties krijgt zo in de trant van; “zo, gaat daar ons belastinggeld naar toe?” Vreemd of misschien toch niet? Ik heb de eer gehad om vaker te zijn uitgenodigd door onze ambassadeur maar ook door zijn voorganger Dhr. Ed Kronenburg. Sinds augustus 2017 Pieter de Gooijer onze ambassadeur in Frankrijk. Geen wonder want Nederland en Frankrijk delen niet alleen een rijk verleden en vormen al jaren een hecht partnerschap, we zijn ook nog eens grondleggers van de Europese Unie. Wat ik ook niet wist was dat Nederland en Frankrijk aan elkaar grenzen. In de Cariben weliswaar. Sint Maarten grenst namelijk aan Saint-Martin.

Honderden handen schudden voor onze ambassadeur Z.E. Mr. Pieter de Gooijer en zijn charmante partner mevrouw Julie Vermooten

Dit jaar was de Koningsdagreceptie gezien de overweldigende belangstelling verdeeld over twee recepties. Een tijdens de middag en een tijdens de avonduren. Dat betekende honderden handen schudden voor onze ambassadeur en zijn charmante partner mevrouw Julie Vermooten, die er beiden op staan om een ieder persoonlijk te verwelkomen in de Nederlandse residentie het chique Hôtel d’Avaray aan de rue de Grenelle,  dat al sinds 1920 in het bezit is van Nederland. Het schitterende pand werd gebouwd in 1718 door Jean-Baptiste Le Roux van Claude Théophile de Bésiade, markies van Avaray. De bouw nam ongeveer twee jaar in beslag.

Ondanks de voorspelde regen werd de Koningsdagreceptie overladen met zon

Beide recepties stonden in het teken van het 350ste sterfjaar van Rembrandt van Rijn, een de meeste geliefde Nederlandse kunstenaars en hij wordt gerekend tot 's werelds beste en meest beroemde kunstschilder uit de Gouden Eeuw. De recepties waren wederom mogelijk gemaakt dankzij het Nederlands/Franse bedrijfsleven dat door de ambassadeur in zijn speech nog eens hartelijk werd bedankt. Sponsoren waaronder Air France-KLM, Daf, Akzo Nobel, Eneco, Heineken, Dulux Valentine (onderdeel van Akzo Nobel), Hema, ING, ABN-AMRO, Rabobank, Philips, Randstad, Rituals, Shell Thalys, TomTom en de Van Drie Group, leverancier van kalfsvlees over de gehele wereld.

Een heerlijk heldere toast op onze Koning

De ambassadeur legde in zijn speech nogmaals de nadruk op het feit dat de ambassade er niet alleen is voor de belangen van de 1700 Nederlandse bedrijven actief in Frankrijk of de 1300 Franse bedrijven in Nederland maar ook voor  60.000 Nederlanders die permanent wonen en werken in Frankrijk. Prioriteit wordt gegeven aan start-ups en mkb, juist omdat deze bedrijven een belangrijke bijdrage leveren aan innovatie en groei. Dus doe een beroep op ons, we zijn er niet alleen maar voor paspoorten, ID-kaarten en visa!
Onder de genodigden waren dit keer vele Nederlanders wonend en werkend in en om Parijs, uitgenodigd in samenwerking met de Nederlandse Vereniging voor Parijs en omgeving. Je kunt je indenken het was netwerken geblazen, ook voor mij!

Enzo Franceschelli, Chef de Cuisine van de Nederlandse Ambassade, Joan Mols, Atelier Néerlandais, Jeanny van der Vliet

Aanwezig ook vele leden van het Atelier Néerlandais (AN), waar ik zelf ook lid van ben, onder de bezielende leiding van de nieuwe cultureel attaché dhr. Friso  Wijnen. Het AN van de Nederlandse ambassade is een springplank speciaal voor Nederlandse kunstenaars, ontwerpers en creatieve ondernemers in Frankrijk. Hier krijgen zij de benodigde ondersteuning en een plek om te netwerken met Franse partners maar ook ruimte voor modeshows, exposities en productpresentaties. Beeldend kunstenares en dichteres Brigitte Spiegeler en kunstschilder Jos Verheugen die ik die avond sprak zullen, samen met fotograaf Roeland Verhallen, in november in het Atelier Néerlandais exposeren. Meer informatie over alle activiteiten van het AN vindt je op de website.

Vlnr: Beeldend kunstenares en dichteres Brigitte Spiegeler - kunstschilder Jos Verheugen - Catherine Levy-Raynouard, magistraat

De receptie stond in het teken van 350 jaar Rembrandt van Rijn. Pieter de Gooijer in gesprek met de jonge Rembrandt en zijn vrouw Saskia

In het kader van 350 jaar Rembrandt van Rijn was er een ‘tableau vivant’ van de jonge Rembrandt met zijn vrouw Saskia en een bijzonder stilleven van verse Nederlandse producten gerealiseerd door Creative Chef Jasper Udink ten Cate. Veel kunst aan de wand in het Hôtel d’Avaray is uitgeleend door het rijksmuseum te Amsterdam.

Een bijzonder stilleven van Creative Chef Jasper Udink

In de tuin heb ik een ontmoeting met de voorganger van de Eglise Réformee Néerlandaise (ERN), een oecumenische kerkelijke gemeenschap van en voor Nederlands sprekenden woonachtig in en rondom Parijs. Ik moet eerlijk bekennen, ik wist niet eens dat die er was, maar wordt meteen uitgenodigd door de voorganger zelf mevrouw Ruth van der Waall-Schaeffer. Dus dat wordt vervolgd in een blog.

Vlnr: René Weijsenfeld de Grave, Christie's - Saskia & Rembrandt - Ruth van der Waall-Schaeffer, voorganger Eglise Réformee Néerlandaise -  Leandra Choay, Christie's

Jullie weten natuurlijk dat in de residentie van onze ambassadeur de film Intouchables is opgenomen. Deze Franse film behoeft geen introductie. Ik denk dat er weinigen onder jullie zijn die de film niet gezien hebben. Het verhaal is geheel  in Frankrijk en met name in Parijs opgenomen en werd een ware hit. Bijna twintig miljoen Fransen en even zoveel overige Europeanen gingen in 2011 en 2012 naar de bioscoop om de komedie te zien. Het is een van de best bezochte Franse films ooit en trok meer bezoekers dan Titanic. Het is het levensverhaal van de Aristocraat Philippe Pozzo di Borgo. Hij is een telg van een beroemde adellijke familie en kleinzoon van een van de grondleggers van het Franse concern van luxeproducten LVMH (Louis Vuitton Moët Hennessy). In 1993 breekt hij zijn nek als hij neerstort tijdens het paragliden. Intouchables is de verfilming van zijn  autobiografie: 'Le Second Souffle' (De tweede adem) die hij acht jaar later schrijft. De echte woning van de Aristocraat Philippe Pozzo di Borgo stond in de rue de l'Universite in Parijs. Maar van waar deze info? Nou omdat het huis van Philippe verkocht is door Christie’s International Real Estate aan de Avenue Pierre 1er De Serbie in het chique 8ste arrondissement aldus Otto-René Weijsenfeld de Grave en Leandra Choay, beide makelaars van Christie’s gespecialiseerd in appartementen en hôtels particuliers. Wij beginnen pas vanaf 4 miljoen euro’s en we mogen gerust stellen dat wij meer dan 60% van alle huizen in deze prijsklasse verkopen. En als je wil, kom gerust langs we vertellen graag meer. Oké dat wordt dus weer een nieuwe blog.

Vlnr: Anita Hazenoot, management assistente van de Nederlandse Minister van Defensie - kolonel Michel Hubregtse en Heleen Hubregtse - kolonel Sander Luijten, defensieattaché 

Een stukje verder raak in gesprek met kolonel Sander Luijten defensieattaché van de ambassade en kolonel Michel Hubregtse. Frankrijk en Nederland zijn nauwe bondgenoten in de NAVO en de VN. Sander is voor en namens de Commandant der Strijdkrachten belast met het behartigen van de Nederlandse defensieorganisatie. In 2018 en 2019 heeft Nederland, net als permanent lid Frankrijk, een zetel in de VN Veiligheidsraad. 
Het is boeiend om gedurende de avond inzicht te krijgen in de vele ondersteunende activiteiten van de ambassade als inzet voor een nog betere Frans-Nederlandse samenwerking op vele fronten. Zo speelt Nederlandse technologie een belangrijke rol in de automotive-sector binnen de Franse automobiel industrie. Niet alleen op het gebied van innovatie maar ook bij maatschappelijke uitdagingen op het gebied van duurzame mobiliteit en hernieuwbare energie speelt het economisch cluster van de ambassade een belangrijke rol.


Vlnr: Sterrenchefs Enzo Franceschelli, Chef de Cuisine van de Nederlandse Ambassade - Jackie Martin en Pascal Dayou, Chef d’Équipe van het Élysée

De gastronomische ondersteuning was in handen van een team van sterrenchefs uit de Internationale Club Les Toques Blanches: Enzo Franceschelli, Chef de Cuisine van de Nederlandse Ambassade in Frankrijk - Jackie Martin en Pascal Dayou, chef d’équipe van het Élysée. De muziek werd verzorgd door het Fanfare Korps Nationale Reserve – FKNR. Het einde van de receptie was gepland om 20.00 uur maar het was 21.15 uur toen ik de residentie samen met mijn echtgenote verliet en het was nog steeds druk. En dan nog het weer. Er was regen voorspeld, veel regen, echter er viel geen drup en koningsdag in Parijs was overladen met zon. Zoals ik ben overladen met materiaal voor nieuwe blogs op Paris FvdV. Maar daarover in de toekomst nog veel meer. Merci Monsieur l’ambassadeur!

De muziek werd verzorgd door het Fanfare Korps Nationale Reserve

Het einde van de receptie was gepland om 20.00 uur maar het was 21.15 uur toen ik de residentie samen met mijn echtgenote verliet