Paris FvdV is een niet commercieel weblog speciaal voor kenners en liefhebbers van de stad Parijs - en voor hen die dat willen worden. Parijs is een stad met een gewichtig verleden, respectabel en gerespecteerd. Het is totaal niet nostalgisch. Parijs is er in geslaagd om, soms op brutale maar altijd op elegante wijze, om te gaan met zijn grootse monumenten. Ze te beschermen en te integreren in de nieuwe dynamiek van de stad. Parijs is een meester op het gebied van herstel en transformatie. U zult er nooit in slagen een volledig overzicht te maken van plekken en verhalen, die allemaal op hetzelfde punt uitkomen en de glorie van deze stad bezingen. toch wil ik een poging wagen. Wekelijks wil ik u niet alleen informeren over wat Parijs nog meer te bieden heeft, maar ook wil ik mijn liefde voor deze stad op u over dragen. In de hoop dat het raakt aan iets wat u herkent of voelt. Ferry van der Vliet.

Privacy verklaring: Indien u weblog Paris FvdV, dat bij Google-Blogger is ondergebracht, leest en reageert op de blogs van Paris FvdV, doet u dat vrijwillig en is uw IP-adres en mailadres - indien u dat vermeld - bekend en wordt opgeslagen. Ook uw schuilnaam waaronder uw reageert wordt opgeslagen. Paris FvdV zal uw gegevens nooit aan derden doorgeven. We houden uw gegevens privé, tenzij de wet of rechtelijke macht ons dwingt uw gegevens aan hen te verstrekken. Datalekken in het systeem vallen onder de verantwoordelijkheid van Google-Blogger. Door weblog Paris FvdV te bezoeken en/of de op of via deze weblog aangeboden informatie te gebruiken, verklaart u zich akkoord met de toepasselijkheid van deze disclaimer. Google gebruikt cookies om services te leveren en verkeer te analyseren dus uw IP-adres en user-agent zijn bij Google bekend, samen met prestatie- en beveiligingsstatistieken om servicekwaliteit te garanderen, gebruiksstatistieken te genereren, misbruik te detecteren en maatregelen te treffen.

vrijdag 15 augustus 2014

DE WIJK BEAUBOURG

In mijn vorige blog nam ik u mee naar het gebied rond de buik van Parijs; 'Les Halles'. In deel 2 bezoeken we het gebied omsloten door de boulevard de Sébastopol, rue de Rivoli, rue de Renard, rue beaubourg en de rue Rambuteau.

In dit deel van Parijs (Beaubourg en Les Halles) gingen in de middeleeuwen leven en dood vaak hand in hand, aangezien markten en kermissen dikwijls in de buurt van kerkhoven werden opgericht. Daar was tenminste voldoende ruimte. Hier mengden mimespelers, jongleurs, muzikanten, daklozen, dieven en hoeren zich onder de menigte, omgeven door de geuren van versgeslachte dieren en andere verse landbouwproducten. Victor Hugo deed een stukje verder, in de 'Cour des Miracles', zijn inspiratie op voor zijn boek, 'Notre-Dame de Paris': "Het is een riool van ontucht, bedelarij en landloperij, een riool dat overloopt in de straten van de hoofdstad....een immense kleedkamer van alle acteurs in de komedie van straatroof, prostitutie en moord die speelt op de kasseien van de straten van Parijs".

Beaubourg

Beaubourg werd in de 12e eeuw bij Parijs gevoegd en lag op het kruispunt van de markthallen en de Seine, daar waar de verscheepte koopwaar aan land kwam. Door de bevolkingstoename in de 19de eeuw wordt het verval van de wijk ingezet. Een oude krottenwijk, druk en armoedig. De straten modderig en slecht onderhouden, links en rechts geflankeerd door vochtige bouwvallen. Op het Plateau de Beaubourg waren de vishallen gevestigd. Een uitloper van de markthallen die voor de voedselvoorziening van Parijs zorgden. Hier bevonden zich de restaurants die op de smaak van de plaatselijke bevolking afgestemd waren en 's nachts openbleven, op de tijden dat de groothandels gewoonlijk open waren. Hier kruisten de vroege vogels, de werklui van de hallen, het pad met de nachtvlinders, kunstenaars en artiesten die zich graag rond de hallen ophielden en die voor het naar bed gaan wel een kop stevige uiensoep konden gebruiken. De rue de Montorgueil was de straat waarlangs de visaanvoer plaatsvond vanuit Normandië. Hier zaten de groothandels voor vis en oesters en deze handelaren zorgden dan weer voor verdere verdeling op de markt. 

Rue de Montorgueil 1907

Op nummer 38 vind je nog steeds l'Escargot Montorgueil. Een restaurant dat sinds 1832 niet meer is veranderd, ook de menukaart niet. Dit restaurant is een Parijs instituut. Niet alleen door haar interieur en exterieur maar ook door haar keuken. Zij serveren al sinds 1832  met veel trots een Franse specialiteit die zijn grenzen heeft overschreden in roem; de escargot of in het Nederlands de gekookte landslak. Een ander prachtig onveranderd monument uit die tijd is het restaurant 'Au Pied de Cochon'. Het restaurant heeft niet eens een sleutel want het is 24 uur per dag, 365 dagen per jaar geopend. De specialiteit is sinds het ontstaan van de hallen onveranderd: fruits de mer en varkenspootjes. Per dag worden hier een ton aan schaal en schelpdieren verorberd en per jaar 85.000 varkenspoten uitgeserveerd, een delicatesse volgens connaisseurs.

Au Pied de Cochon

Tussen 1924 en 1968 werden alle huizen geleidelijk aan gesloopt. De vishallen verdwenen en het terrein kwam braak te liggen om vervolgens dienst te doen als parkeerterrein voor vrachtwagens van de oude hallen.. De uiteindelijke sloop van deze hallen heeft het karakter van het oudste gedeelte van Parijs voorgoed doen veranderen. Wat er van het verleden nog over is wordt belichaamd door de Fontaine des Innocents die staat op de plek waar vroeger het kerkhof was.

Beaubourg, Hier kruisten de vroege vogels, de werklui van de hallen, het pad met de nachtvlinders die zich graag rond de hallen ophielden en die voor het naar bed gaan nog wel een kop stevige uiensoep konden gebruiken.


Centre Georges Pompidou
Al in 1927 droomde de Zwitsers-Franse architect en stedenbouwkundige Le Corbusier, (zijn echte naam was Charles-Édouard Jeanneret-Gris), van de bouw van een 'museum van onbeperkte ideeën', dat aan de 20e eeuw gewijd zou zijn. Pas in 1963 kon de toenmalige minister van Cultuur, André Malraux, de start van dit project officieel aankondigen. De plannen werden echter doorkruist door het overlijden van Le Corbusier in 1965. Maar zijn idee was inmiddels een eigen leven gaan leiden en Georges Pompidou wilde als 19e President van Frankrijk en als bewonderaar van literatuur en moderne kunst deze droom werkelijkheid laten worden.

Georges Jean Raymond Pompidou

Georges Jean Raymond Pompidou. Geboren op 5 juli 1911 en overleden in Parijs op 2 april 1974 als gevolg van longkanker. Hij ligt begraven in Orvilliers (Yvelines). Pompidou was President van Frankrijk van 15 juni 1969 tot aan zijn dood in 1974. Als groot liefhebber van moderne kunst was hij verantwoordelijk voor een groot aantal projecten in de 20e eeuw. In 1969 sprak hij zijn grote wens uit, om in Parijs, één centrum van creativiteit te vestigen, dat zowel een museum is voor beeldende kunst, met daarnaast een creatief centrum voor muziek, film en boeken en audiovisuele middelen. - "Je vouddrais passionnement que Paris possède un centre culturel. Qui soit à la fois un musée et un centre de création ou les arts plastiques voisinerait avec la musique, le cinéma, les livres..."

Ook al bent u een fervent tegenstander van moderne architectuur, dit gebouw doet uw adem in uw keel stokken, vooral 's nachts 

De plek was snel gevonden. Het oerlelijke parkeerterrein in de wijk Beaubourg. 681 architecten uit 49 landen streden om de eer dit prestigieuze museum te mogen ontwerpen. 186 architecten uit Frankrijk en 492 afkomstig uit de overige 48 landen. De Italiaan Renzo Piano en de Brit Richard Rogers kregen in 1971 uiteindelijk de opdracht voor dit prestigieuze project en in 1972 werd gestart met de bouw. Beiden architecten waren nog niet zo bekend toen zij in 1970 aangewezen werden als de winnaars, (in de jury zat toentertijd Willem Sandberg, oud directeur van het Stedelijk Museum in Amsterdam). Bouwtijd vijf jaar met een kostenplaatje van 364 miljoen dollar. Zoals te verwachten waren de meningen van de Parijzenaars verdeeld. Een olieraffinaderij, een gasfabriek, en gelijk moeten we ze geven, het ziet er een beetje uit als de DSM in Limburg. Het gebouw is als het ware binnenstebuiten gekeerd. Al het “binnenwerk” zit aan de buitenkant, voortgekomen uit de principes van flexibiliteit, duurzaamheid en onverzettelijkheid. Het 166 meter lange gebouw wordt gedragen door 84 balken van ieder 75 ton en beschikt op elke etage over een oppervlakte van 7500 m². De aan de buitenkant zo in het oogspringende kleuren vormen een duidelijke afbakening van de verschillende functies. Alles wat groen is, is voor water, blauw voor lucht, geel voor elektriciteit en rood voor vervoer zoals roltrappen en liften. Alle witte onderdelen hebben een bouwkundige functie. De bezoekers zweven als het ware op roltrappen door glazen reuzenrupsen aan de buitenkant van het gebouw  naar boven. Vanaf de opening, in afwezigheid van de naamgever in 1977, trekt deze cultuurtempel 25.000 bezoekers per dag. In 2000 na een drie jaar durende renovatie, werd er een zesde etage aan toegevoegd. Ook al bent u een fervent tegenstander van moderne architectuur, dit gebouw doet uw adem in uw keel stokken. Vooral 's nachts als u met dit schitterende, oplichtende gevaarte wordt geconfronteerd. Het lijkt of u op een filmset van een sciencefictionfilm bent beland.

Een olieraffinaderij, een gasfabriek, de meningen van de Parijzenaars zijn verdeeld

De bezoekersaantallen overtreffen nog steeds alle prognoses. Op de piazza voor het 'Pompidoleum' ontwikkelt zich een eigen cultuur van straatartiesten: muzikanten, portrettekenaars, acrobaten, fakirs, vuurvreters, boeienkoningen en toneelspelers. Het zijn de troubadours van de 21e eeuw die er voor zorgen dat dit een van de drukste pleinen van de stad is geworden.

In het gebouw bevindt zich op de 4de en 5de etage het Musée National d'Art Moderne (MNAM). Met zijn 60.000 werken is dit een van de grootste musea voor moderne kunst ter wereld. Op de 4de etage hedendaagse kunst vanaf 1960 tot nu en op de vijfde etage de moderne kunst van 1905 tot 1960, afgewisseld tussen zalen met slechts één enkele kunstenaar; Picasso, Roualt, Matisse en meer. Tevens zijn hier jaarlijks diverse wisselende tentoonstellingen en rouleren de werken regelmatig aangezien er slechts 1500 werken (0,025% van de totale collectie) tegelijk in de tentoonstellingsruimten kunnen worden gepresenteerd. De museumcollectie komt voor een groot deel uit schenkingen van verzamelaars, kunsthandelaren, kunstenaars en hun familie. sinds 1968 is er namelijk een wet van kracht die de erfgenamen van kunstenaars de mogelijkheid biedt om de erfbelasting te betalen in de vorm van kunstwerken.
Op de 1ste, 2de en 3de etage bevindt zich de Bibliothèque publique d'information (BPI) Deze verschaft toegang tot boeken, tijdschriften, platen, video's, databases en microfilm.

Met zijn 60.000 werken is dit een van de grootste musea voor moderne kunst ter wereld.

Het voordeel van Centre Pompidou is dat, als je eenmaal de toegangsprijs van €13 per persoon hebt betaald, je meteen toegang hebt tot het Musée nationale d'Art moderne, alle tijdelijke tentoonstellingen en de prachtige terrassen die uitzicht bieden op Parijs. En eenmaal binnen, dan stel ik voor om ook even binnen te lopen bij een van de trendy hotspots van de gebroeders Costes op de zesde etage.

Daar bevindt zich het café-restaurant Georges. Dit restaurant wordt gerund door Thierry Costes, zoon van de gevierde restaurateur Gilbert Costes en dat doet hij op een bijzondere manier. Eenmaal binnen wordt je ontvangen door hippe kortgerokte dames met benen tot aan hun oksels.  Het restaurant is ontworpen door de Parijse architecten Dominique Jakob en Brendan MacFarlane. In het ultramodern ingerichte restaurant staan op de roestvrij stalen vloer 4 grote organische kunstwerken van aluminium die bij binnenkomst meteen de aandacht trekken  en dienst doen als discrete eethoekjes. Een bijna Zen-achtige interieur met als kleurelement een verse rode roos op elke tafel. Koud en glanzend van buiten, warm en uitnodigend van binnen. Onberispelijke obers in het zwart en een prijskaartje passend bij deze locatie. Hier geniet je van een ongeëvenaard uitzicht en een goed glas Sancerre.

Georges: Eenmaal binnen wordt je ontvangen door hippe kortgerokte dames met benen tot aan hun oksels. Photo courtesy of Marcel Tillema

Rechts van de hoofdingang, op de place Igor Stravinsky bevindt zich de grote bron van het kunstenaarsechtpaar Niki de Saint Phalle en Jean Tinguely. De eerste moderne fontein van Parijs, is een ode aan de Russische componist Igor Stravinsky. Een mechanisch waterballet van felgekleurde figuren, (Saint Phalle) en zwarte mobiles, (Tinguely) die voortdurend in beweging zijn. Dit prachtige kunstwerk werd gemaakt in 1982.

Dit 's zomers zonovergoten plein wordt omgeven door gezellige terrassen, zitbanken rondom de fontein (let wel goed op de windrichting), de laat middeleeuwse Église Saint Merri en het IRCAM. Het 'Institut de Recherche et Coordination Acoustique Musique', eveneens een initiatief van George Pompidou. Het Ircam biedt musici en componisten de gelegenheid te experimenteren met computer- en digitale productiemogelijkheden.

De place Igor Stravinsky met de fontein Niki de Saint Phalle en Jean Tinguely

Prachtig is het contrast tussen de middeleeuwse gargouilles (waterspuwers) van de Saint Merri, met de in 2011 vervaardigde wandschildering 'Shuuuttt!!!' van de graffiti-kunstenaar Jeff Aerosol. Nog een aardige wetenswaardigheid; in de noordwestelijke toren van de kerk bevindt zich de oudste klok van Parijs, gegoten in 1331.

"Shuuuttt!!!" wandschildering van Jeff Aerosol 2011 met op de achtergrond de Saint Merri

Aansluitend aan het museum kun je het gereconstrueerde atelier van Constantin Brancusi bewonderen. Deze van oorsprong Roemeense kunstenaar woonde en werkte vanaf 1904 in Parijs en maakte korte tijd deel uit van het atelier van Auguste Rodin. In het atelier dat Brancusi in 1916 huurde in de Impasse de Ronsin in het 15e arrondissement, vond men na zijn dood niet alleen zijn gereedschap, maar ook afgietsels van zijn belangrijkste werken. Toen de kunstenaar in 1957 overleed, liet hij zijn atelier na aan de Franse staat op voorwaarde dat het geheel in tact gelaten zou worden. Het atelier is met behulp van foto's helemaal authentiek ingericht en vormt een buitengewoon interessante kennismaking  met zijn werkproces en zijn abstracte vormen. Hij was altijd op zoek naar de zuivere vorm in zijn werk. Zijn sculpturen hebben een abstract karakter, zonder dat ze het contact met het figuratieve helemaal verliezen. Alles in dit atelier is op elkaar afgestemd, vorm, verlichting en achtergrond, zodat we de ruimtes als een kunstwerk op zich kunnen beschouwen.

Constantin Brancusi: Princesse X

Als afsluiting nog een laatste wetenswaardigheid over Georges Pompidou: In 1971 gaf Pompidou de Franse ontwerper Pierre Paulin de opdracht om een aantal kamers in het presidentieel paleis, het Elysée, totaal te restylen. Het resultaat leek zo te kunnen dienen als decor in Stanly Kubric's Space Odyssey 2001.

Musée National d'Art Moderne, rue Beaubourg, metro Châtelet-des-Halles, Rambuteau
Entree €3 alleen etages, € 13 museum. Voor openingstijden en tentoonstellingen zie website.


Restaurant Georges, Centre Pompidou,  6e etage, place George Pompidou, 4e arrondissement, metro Rambuteau. Voor reserveringen +33 (0)1 44 78 47 99

3 opmerkingen:

  1. Reacties van Nederlanders.Fr

    Reactie van christian-le-bricoleur
    Weer een bericht met veel achtergrondinformatie en schitterende foto's. Inspirerend!

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Reacties op Nederlanders.Fr.

    Reactie van El Burro Català
    Opnieuw geweldig! Mooi geschreven, schitterende foto's. Dank.

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Ja, weer heel onderhoudend, Ferry. Een genoegen om te lezen en te bekijken.

    BeantwoordenVerwijderen