We kennen Parijs als de lichtstad. Lodewijk XIV begon met lantaarns met kaarslicht; later kwamen gaslampen. De introductie van elektrische verlichting tijdens de Wereld-tentoonstelling van 1889 versterkte deze bijnaam nog verder. Wist je dat de Fransman Georges Claude in 1910 de allereerste vorm van neon uitvond? Het eerste apparaat werd geïnstalleerd op een van de gebouwen aan de Boulevard Haussmann, waardoor Parijs de geboorteplaats van deze uitvinding werd.
Nu is deze vorm van herkenning van winkelnering ondenkbaar
maar ook vaak zeer storend in het Parijse straatbeeld. Wist je dat toen Jacques
Chirac nog burgemeester was van Parijs (1977-1995) hij de opdracht gaf dat alle
neonreclames op de Champs Élysées alleen maar wit mochten zijn? Zo zette hij zich in voor de esthetiek van de
stad.
Maar wandelend door Parijs ontdek je ook nog oude
winkelborden, poëtische overblijfselen van verdwenen bedrijven. Op de muren
herinneren eerbiedwaardige uithangborden met vervaagde gravures en vervaagde
motieven aan bedrijven die inmiddels verdwenen zijn. Het oudste, dat een
herberg in het Quartier Latin markeert, dateert uit de 14e eeuw. Het werd
verwijderd en vervangen door een replica van het origineel, die nu bewaard
wordt in het Musée Carnavalet in de Marais . Het museum toont talloze
voorbeelden in een speciaal daarvoor ingerichte ruimte, de Georges
Cain-galerie, ook wel bekend als de Uithangbordenzaal. Daar zag ik prachtige
voorbeelden en vanaf dat moment fotografeer ik elk uithangbord wat ik tegenkom
tijdens mijn wandelingen door de Franse hoofdstad.
In middeleeuws Parijs maakte het ontbreken van huisnummers borden essentieel voor de identificatie van huizen. Vanaf 1200 werden deze in steen gegraveerd op de gevels van winkels en huizen. Gebeeldhouwde bas-reliëfs gaven de verschillende gilden aan. Dankzij deze symbolen konden ongeletterden bedrijven herkennen. Later sierden schilderachtige uithangborden de Parijse winkels en gaven de straten van de stad hun kenmerkende karakter.
Wat een
amusant gezicht moet het zijn geweest om die smalle, kronkelende straatjes van
weleer te zien, met al die grote uithangborden die aan lange ijzeren palen
bungelden. Een rage was geboren want iedereen
wilde een bord dat groter was dan dat van de buren. En al die gigantische
symbolen die voor huizen bungelden, opgehangen aan lange palen, hadden zo ook hun
nadelen. Bij harde wind dreigde het bord en de paal voorbijgangers op straat te
verpletteren. Als de wind waaide, kraakten, botsten en rammelden al deze borden
tegen elkaar, waardoor een klaaglijk en dissonant geluid ontstond. Bovendien
wierpen ze 's nachts brede schaduwen die de zwakke gloed van lantaarns doofden.
Zozeer zelfs dat de luitenant van politie, Antoine de Sartine, in de 18e eeuw
besloot een einde te maken aan deze overdaad. Bij verordening uit 1766 beval
hij de verwijdering van deze dreigende palen en bepaalde hij dat reclameborden
voortaan als panelen aan de muren bevestigd zouden worden, afgedicht met
pleister en aan de boven- en onderkant vastgezet. Het pittoreske aspect ging
verloren, maar de veiligheid van voorbijgangers verbeterde. Maar de huizen waren nog steeds niet
genummerd. Een verordening uit 1768 had deze nummering weliswaar
voorgeschreven, maar de inwoners negeerden die grotendeels; en pas aan het
einde van de 18e eeuw werden de huizen in de belangrijkste straten van de
hoofdstad officieel genummerd.
Het beste advies dat ik jou als nieuwsgierige flaneur, die
de hoofdstad wil verkennen, kan geven? Kijk omhoog! Natuurlijk kijk je vaak
recht vooruit om je een weg te banen door de menigte, of zelfs naar de grond om
hondenpoep te vermijden. Maar zo mis je juweeltjes, zoals prachtige oude
winkelborden. Maar geen zorgen, ik neem je mee om de mooiste te ontdekken, met
hier en daar wat uitleg om je te helpen de betekenis ervan te begrijpen. Soms
weet ik nog precies waar ik ze fotografeerde maar vaak ook niet.
Een veelkleurige sculptuur is te zien in de Rue Lescot 9,
en toont een traditionele bijenkorf van stro. Het is gemonteerd op beugels en
met discrete bouten bevestigd aan de hoek van een klassiek, met natuursteen
opgetrokken appartementencomplex uit circa 1850. Het markeert de voormalige
winkel van een honinghandelaar. Deze delicatessenwinkel aan de rand van Les
Halles, de "buik van Parijs", behoorde tot het grote gilde van
voedselhandelaren, waarvan de bedrijven zich concentreerden rond de groothandel
in verse producten. Bronnen suggereren dat het dateert uit het einde van de 19e
eeuw of het begin van de jaren 1920. Het heeft de tand des tijds doorstaan en
draagt de nostalgische herinnering aan het oude Parijs met zich mee. Het
uithangbord en de gevel werden bij decreet van 23 mei 1984 tot historische
monumenten verklaard.
In het Musée Carnavalet, het historisch museum van Parijs
zijn diverse uithangborden te vinden die herinneren aan het controversiële
koloniale verleden van Frankrijk. Zoals "A la tête noire" (Bij de
Zwarte Kop), een bord van een wijnhandelaar op nummer 187, aan rue du
Faubourg-Saint-Antoine.
Maar niet alleen in het museum maar ook op de gevel op
nummer 10-12 van de rue des Petits Carreaux in het 2e
arrondissement. Het bord "Au Planteur" (Bij de planter) wijst op de
aanwezigheid van een voormalige koffiehandelaar, gevestigd rond 1890. Aan de
buitengevel op de 1e verdieping bevindt zich een keramisch paneel met
een tafereel dat, op zijn zachtst gezegd, verontrustend is, zelfs voor onze
hedendaagse opvattingen, en bij gebrek aan een verklarend opschrift ronduit
schandalig. Verfresten getuigen van de woede die dit vaak vernielde bord
oproept. In het tropische landschap van een koffieplantage serveert een zwarte
man, gekleed in een eenvoudige gestreepte broek, op blote voeten en met
ontbloot bovenlijf, met slavenarmbanden om zijn bovenarmen en onderarmen, een
kop koffie aan een witte man die op jutezakken zit, gekleed in een wit pak en
een elegante hoed, met een pijp in zijn hand. De directe, onopvallende weergave
van de omstandigheden waaronder de plantages werden uitgebuit, roept ethische
vragen op. Het roept de herinnering aan slavernij en kolonialisme op. Echter binnen
zijn historische context, zou het bord, dat bij decreet van 23 mei 1984 tot
historisch monument is verklaard, een instrument voor educatieve doeleinden
kunnen worden.
De rue des petits Carreaux gaat over in de rue Montorgeuil. Eeuwenlang was dit de straat waarlangs de visaanvoer plaatsvond vanuit Normandië. Hier zaten de groothandels voor vis en oesters en deze handelaren zorgden dan weer voor verdere verdeling op de markt.
Aan het begin van de 19e eeuw werd dit de straat van de lekkerbekken. Op nummer 38 was de wijnhandel van een zekere Bourreau gevestigd, tot deze samen met de restauranthouder Mignard l’Escargot d’Or opende, dat als motto had: ‘Wijnen, slakken en restaurant’. Het restaurant richtte zich niet op een exclusief publiek, want escargots in een straat vol oesters werden in die tijd ook wel de oesters van de armen genoemd. In 1890 nam een zekere Lecomte, wiens naam nog altijd op de voorgevel prijkt, de zaak over en hij zette ook oesters weer op de kaart.
Een stukje verder, herkenbaar aan dit uithangbord, zit Stohrer,
de oudste nog bestaande Parijse patisserie. en serveert al sinds 1730 heerlijke
creaties. Dit instituut is gevestigd op nummer 51 Als je door de deur van
Stohrer loopt, kom je binnen op een plek vol geschiedenis opgericht door
Nicolas Stohrer, de patissier van koning Lodewijk XV,
In de 19e eeuw werden er bijna een dozijn boeken gepubliceerd over Parijse winkelreclames. Voor de flaneur, de toerist vormden deze reclames een vorm van vermaak op zich. De meest bekende was Édouard Fournier, een veelzijdige Franse schrijver, toneelstukschrijver en historicus. Hij schreef talloze werken over de geschiedenis van Parijs, zoals:
1851: De geschiedenis van herbergen, cabarets, gemeubileerde hotels, restaurants en cafés, en van de oude gemeenschappen en gilden van herbergiers, wijnhandelaren, restaurateurs, limonademakers, enz.
1852: Geschiedenis van de boekdrukkunst en de kunsten en beroepen die verband houden met typografie, inclusief de geschiedenis van de oude gilden en broederschappen vanaf hun oprichting tot hun opheffing in 1789
1854: De lantaarns. Geschiedenis van de oude verlichting van Parijs
1860: Raadsels van de straten van Parijs
1864: Kronieken en legendes van de straten van Parijs
1884: Geschiedenis van Parijse uithangborden
De meest voorkomende uithangborgen in Parijs zijn de
verlichte groene kruisen als aanduiding van een farmacie en zorgen, net als
eeuwen geleden, voor onmiddelijke herkenning in het straatbeeld. Deze foto
gemaakt in de rue Montorgeuil is een prachtig voorbeeld van oud en nieuw.
Het 19e-eeuwse uithangbord "Au Vieux Chêne" (De
Oude Eik), dat zich op de eerste verdieping van rue Mouffetard nummer 69
bevond, verdween in 2008. Het is vervangen door een grove kopie, want het fijn
bewerkte houten origineel is nog steeds zoek. Men vermoedt dat het is vernield
tijdens een onhandige manoeuvre van een bezorgwagen, of mogelijk beschadigd en
vervolgens vervangen tijdens een ingrijpende renovatie. Het origineel, ooit
vastgelegd op een foto uit 1911 van Eugène Atget, toont de elegantie van de gegraveerde
lijnen en het verfijnde ontwerp van de takken, bladeren en eikels. In 1908 ook
nog eens vastgelegd in een gravure door Jean Jules Dufour. De huidige
reproductie in hars slaagt er helaas niet in deze delicate details weer te
geven.
Een keramische tegel tableau uit de belle époque ‘Au Beau
Cygne’ (bij de mooie zwaan) herdenkt een verdwenen zaak op de hoek van de rue
Saint-Denis en de rue du Cygne in het 1e arrondissement. Herberg,
restaurant, winkel? De archieven geven geen verdere informatie. Het bord,
bevestigd aan de gevel van een 18e-eeuws gebouw, dateert van ongeveer het einde
van de 19e eeuw. Met zijn sierlijke houten lijst toont het een landelijke scène,
geschilderd op aardewerken tegels. Hoewel het bij decreet van 23 mei 1984 is
aangewezen als historisch monument, is de bouwvallige staat van deze typisch
Parijse curiositeit duidelijk zichtbaar. Restauratie lijkt dringend
noodzakelijk om de zwaan te behouden, of op zijn minst een geschikte
bewaarplaats te creëren voor de conservering ervan.
De hoek van de rue Saint-Denis en de rue du Cygne
Een verordening uit 1567 vereiste dat degenen die een
vergunning wilden verkrijgen om een herberg te exploiteren, de griffier van de
rechtbank moesten voorzien van hun namen, achternamen, adressen èn
uithangborden. Een edict van Hendrik III in maart 1577 beval herbergiers zelfs
om een uithangbord op de meest zichtbare plaats in hun pand te plaatsen, zodat
niemand, zelfs de ongeletterde, zich op onwetendheid kon beroepen. Maar onder
Lodewijk XIV werd het uithangbord optioneel. De praktijk verdween daardoor echter
niet. In Parijs vind je bij diverse hotels nog steeds uithangborden.
Een historische winkel voor ongediertebestrijding. Vlak
naast de uitgang rue des Halles van metrostation Châtelet bevindt zich een
winkel die Pixar-fans wellicht bekend voorkomt. Julien Arouze & Co. is een
ongediertebestrijdingsbedrijf dat niet alleen beroemd is vanwege de rol die het
speelde in de film Ratatouille, maar ook vanwege de eeuwenoude geconserveerde
rattenlichamen die in de etalage hangen. Een klassieke Parijse winkelgevel
geeft de zaak een uniek historisch karakter. Julien Aurouze & Co. bestaat
al sinds de 19e eeuw – de winkel opende voor het eerst zijn deuren in 1872 en
is sindsdien onafgebroken open.
La Brigitte een uitzonderlijke opticien in Parijs sinds
1923, opgericht in 1923 in Parijs door Gérard-Charles Roosen. Gelegen in de rue
du Bac, tussen het Musée d'Orsay en het Musée Rodin, in het hart van het 7e
arrondissement van Parijs, is La Maison een uitzonderlijke plek waar Franse
ambachtelijke traditie en geavanceerde optische technologieën samenkomen.
Specialist in ronde brillen veelal ontworpen voor een veeleisende clientèle van
kunstenaars, schrijvers, antiquairs en estheten. Elk model wordt ontworpen in
Parijs en vervolgens vervaardigd in de Jura-regio in Frankrijk.
Wat sommigen beschouwen als een van de mooiste brasserieën
van Parijs, verdiende dit restaurant, in de rue de la Bastille 5-7, een
bijpassend uithangbord! En die belofte wordt waargemaakt met dit prachtige
smeedijzeren uithangbord, rijk aan verwijzingen naar de Elzas, de regio waar
enkele van de specialiteiten van het huis vandaan komen. Een ooievaar siert de
bovenkant, omringd door figuren in traditionele klederdracht. Het restaurant is
al sinds 1864 een begrip in de Marais mede dankzij de ligging vlakbij de Place des
Vosges.
Een van de mooiste winkelborden van Parijs is ongetwijfeld
dat van Stern, een graveerwerkplaats die in 1849 werd geopend in de Passage des
Panoramas en nu plaatsmaakt voor een nogal ongebruikelijk café. Als je ook hier
de tijd neemt om omhoog te kijken, zie je een grote "S" met daarin
een leeuw die op zijn achterpoten staat . De leeuw, symbool van trots en
kracht, houdt in zijn poten een wapenschild vast met de initialen MS; ‘Maison
Stern’, en ernaast zie je graveergereedschap en harnassen. De graveur, die twee
gouden medailles won op wereldtentoonstellingen, aarzelde zeker niet om dit te
vermelden. Op nummer 47 in de Passage des Panoramas in het 2e
arrondissement.
Tegen de stadsmuren van Filips August, aan de rue monsieur Le Prince 41, liggen de wijnkelders van André Maillet, eigenaar van les Caves Polidor en restaurant Polidor. De voorgevel uit 1900, toen het bord Crèmerie Restaurant Polidor tegen de muur werd gespijkerd, is sinds die tijd niet meer veranderd. De schrijver Paul Verlaine begon hier zijn relatie met de 17-jarige Arthur Rimbaud. Maar ook James Joyce en Ernest Hemingway waren vaste klant.
Verder nog een aantal foto’s waarvan ik de locaties niet
meer weet, maar bij het zien van het uithangbord kun je zien welk beroep hier
wordt uitgeoefend.



















)LR.jpg)





Geen opmerkingen:
Een reactie posten