Paris FvdV is een niet commercieel weblog speciaal voor kenners en liefhebbers van de stad Parijs - en voor hen die dat willen worden. Parijs is een stad met een gewichtig verleden, respectabel en gerespecteerd. Het is totaal niet nostalgisch. Parijs is er in geslaagd om, soms op brutale maar altijd op elegante wijze, om te gaan met zijn grootse monumenten. Ze te beschermen en te integreren in de nieuwe dynamiek van de stad. Parijs is een meester op het gebied van herstel en transformatie. U zult er nooit in slagen een volledig overzicht te maken van plekken en verhalen, die allemaal op hetzelfde punt uitkomen en de glorie van deze stad bezingen. toch wil ik een poging wagen. Wekelijks wil ik u niet alleen informeren over wat Parijs nog meer te bieden heeft, maar ook wil ik mijn liefde voor deze stad op u over dragen. In de hoop dat het raakt aan iets wat u herkent of voelt. Ferry van der Vliet.

Privacy verklaring: Indien u weblog Paris FvdV, dat bij Google-Blogger is ondergebracht, leest en reageert op de blogs van Paris FvdV, doet u dat vrijwillig en is uw IP-adres en mailadres - indien u dat vermeld - bekend en wordt opgeslagen. Ook uw schuilnaam waaronder uw reageert wordt opgeslagen. Paris FvdV zal uw gegevens nooit aan derden doorgeven. We houden uw gegevens privé, tenzij de wet of rechtelijke macht ons dwingt uw gegevens aan hen te verstrekken. Datalekken in het systeem vallen onder de verantwoordelijkheid van Google-Blogger. Door weblog Paris FvdV te bezoeken en/of de op of via deze weblog aangeboden informatie te gebruiken, verklaart u zich akkoord met de toepasselijkheid van deze disclaimer. Google gebruikt cookies om services te leveren en verkeer te analyseren dus uw IP-adres en user-agent zijn bij Google bekend, samen met prestatie- en beveiligingsstatistieken om servicekwaliteit te garanderen, gebruiksstatistieken te genereren, misbruik te detecteren en maatregelen te treffen.

zondag 8 mei 2022

LEGENDARISCHE GEBOUWEN IN HET HART VAN PARIJS

Ze maken onderdeel uit van de unieke transformatie in het hart van Parijs; legendarische gebouwen die na jaren van verbouwen een nieuwe bestemming hebben gekregen. Eerder schreef ik al over het warenhuis La Samaritaine, de vernieuwde Bourse de Commerce het museum dat de Pinault kunstcollectie herbergt, en het Hôtel de la Marine, het voormalige ministerie van de marine. 


La Poste du Louvre

Tijdens de week van Koningsdag in Parijs bracht ik een bezoek aan weer een legendarisch gebouw in het hart van Parijs: ‘La Poste du Louvre’ in het 1e arrondissement. Dit reusachtige pand op de hoek van de rue du Louvre en de rue Étienne Marcel, werd in 1886 ontworpen door architect Julien Guadet, leerling van de grote Henri Labrouste, op het grondgebied van het voormalige Hôtel d’Armenonville. In 1757 aangekocht door Laurent Destouches in opdracht van Lodewijk XV om er een postkantoor te vestigen. Al snel bleek het pand te klein en werd geofferd als onderdeel van de transformaties van Parijs aan het einde van de 19e eeuw. Julien Guadet werd belast, tussen 1878 en 1886, met de bouw van een nieuw postkantoor op de plek van het vorige, om tegemoet te komen aan de nieuwe vereisten van het snelgroeiende Parijs. Nieuwe bouwmaterialen doen hun intrede waaronder glas en staal. Prefect Georges-Eugène Haussmann liet tussen 1854 en 1866 tien overdekte markthallen bouwen. Architect Victor Baltard ontwierp daarvoor gietijzeren boogconstructies met glazen daken. Een hoge ijzeren toren ontstaat op de tekentafels van Gustave Eiffel. Diezelfde materialen neemt Guadet mee in zijn ontwerp voor een postgebouw, het enige in Frankrijk waar je dag en nacht terecht kon. Het nieuwe gebouw werd officieel ingehuldigd op 14 juli 1888.

 

La Poste du Louvre op de hoek van de rue du Louvre en de rue Étienne Marcel, werd in 1886 ontworpen door architect Julien Guadet


In 2015 gaan de loketten definitief dicht. Pas in 2012 geeft de Poste Immo, de vastgoeddochter van Le Groupe La Poste, opdracht om deze uitzonderlijke site te renoveren met de ambitie om het open te stellen voor de stad en er een plaats van te maken die voor iedereen toegankelijk moet zijn. Het project wordt toevertrouwd aan architect Dominique Perrault. Hij is het meest bekend om zijn ontwerp van de Bibliothèque nationale de France. Bij de start van het project werden de totale kosten van de ingrijpende renovatie geraamd op 140 miljoen euro. Echter door onvoorziene vertragingen vanwege asbestverwijdering en covid lopen de kosten hard op. Op 2 juni 2020 wordt het monumentale gebouw ook nog eens geteisterd door een brand, waarschijnlijk veroorzaakt door een gaslek.

 

Het project wordt toevertrouwd aan architect Dominique Perrault




Maar op 18 januari 2022 is het dan zover, de inhuldiging door de minister van Economie, Bruno Le Maire in aanwezigheid van de burgemeester van Parijs, Anne Hidalgo en de burgemeester van het centrum van Parijs Mr. Ariel Weil. Duidelijk is nu te zien dat La Poste opmerkelijk is vanwege zijn monumentale stenen omhulsel en zijn metalen structuur van buitengewone afmetingen. Perrault heeft de 1.400 m² grote centrale binnenplaats van glas en staal gecombineerd met hedendaagse architectuur  en op vier plaatsen geopend naar de stad. La Poste du Louvre is nu open voor voorbijgangers net als de naburige Galerie Vivienne en Véro-Dodat. Maar liefst vijf overdekte openingen geven toegang tot de centrale patio vanuit les rues du Louvre, Jean-Jacques Rousseau, Étienne Marcel en de passage Gutenberg. Op de begane grond heb je toegang tot 13 winkels. De winkels bevinden zich aan de zijde van de rue Étienne Marcel en de rue Jean-Jacques Rousseau.


Perrault heeft de 1.400 m² grote centrale binnenplaats van glas en staal gecombineerd met hedendaagse architectuur 





Naast 17 sociale woningen bevat het monumentale gebouw ook een vijf sterren hotel van ondernemer Laurent Taïeb. Het hotel, Madame Rêve, heeft de architectuur van het gebouw uit de negentiende eeuw behouden, althans op de begane grond. De kleur zwart voert er de hoofdtoon: “C’est la couleur du chic Français”, aldus Monsieur Taïeb. Maar zodra de lift is genomen en de verdiepingen zijn beklommen naar de vierde en vijfde verdieping van het gebouw, neemt  Madame Rêve haar gasten mee naar de 21e eeuw. Het hotel heeft 82 kamers en suites  met verschillende uitzichten op de hoofdstad, waarvan de helft een balkon heeft. Het hotel heeft een  panoramisch restaurant met een adembenemend uitzicht, genaamd Plume, met Japanse invloeden.


Restaurant La Plume - Foto ©  Madame Rêve


Inmiddels belooft Madame Rêve ons de 7e hemel. Op de top van het Louvre-postkantoor verbergt ROOF, een subliem U-vormig terras met 500 zitplaatsen en weer een prachtig uitzicht over heel Parijs. Het uitzicht op Saint-Eustache, de Notre Dame en de Eiffeltoren is uitzonderlijk. Hier lijkt de tijd stil te staan.

ROOF, een subliem U-vormig terras met 500 zitplaatsen - Foto © Madame Rêve

 

15.000 m² zal worden ingenomen door kantoren, verdeeld over twee niveaus plus entresol, voorzien van architecturale elementen zoals de metalen ‘Guadet-structuren’ in Eiffel-stijl met grote glazen oppervlakken die zorgen voor natuurlijk licht op alle werkplekken.. Verder is er een politiebureau gevestigd, een kinderdagverblijf en dè nieuwe versie van het Louvre-postkantoor, het enige Franse postkantoor dat tot middernacht open is, zeven dagen in de week. In de kelders zijn nog steeds de parkeerplaatsen voor postauto’s ondergebracht.

 

Felix Potin

Na mijn bezoek aan La Poste en Madame du Rêve maak ik gebruik om nog een iconisch pand te bezoeken; het voormalige hoofdkantoor van Felix Potin op de hoek van de rue Réaumur 51 en de boulevard Sebastopol nummer 99. Gelukkig op loopafstand van La Poste. Ik neem de rue Étienne Marcel in oostelijke richting, steek over bij de rue Montmartre en neem de derde zijstraat aan de linkerkant: De rue de la Chaussee d’Antin. Deze loop ik af tot aan de boulevard Sebastopol die ik links vervolg totdat deze gekruist wordt door de rue Réaumur. De rue Réaumur steek ik even over zodat ik een prachtig gezicht heb op een rijk geornamenteerd gebouw met een prachtige koepel uit de belle époque. Gebouwd in 1910 door architect Charles Lemaresquier. De imposante neobarokke constructie en de uitbundige, cilindrische hoektoren zijn een knipoog naar de welvaart van Félix Potin, het bedrijf dat hij bezat. Een Monoprix-supermarkt bezet nu de ruimte, maar de naam van het voormalige bedrijf blijft op de stenen gevel gegraveerd. Een herinnering aan de man die de eerste Franse supermarktketen oprichtte. 

Het begon allemaal in 1836. De jonge Jean Louis Félix Potin, een boerenzoon uit Arpajon in het huidige departement Essonne , vond op 16-jarige leeftijd een baan als kruidenier assistent in de rue du Rocher in het achtste arrondissement van Parijs. Acht jaar en een schat aan ervaring later, richtte hij zijn eigen bedrijf op aan de rue Neuve-Coquenard 28, in het negende arrondissement. Hij was toen nog maar 24 jaar oud. Zijn winkel leek veel op andere lokale verkooppunten en was verre van revolutionair. Bij de ingang stonden vaten met pruimen en olijven en binnen hingen slierten gerookte haring en suikerbrood. De locatie aan een drukke, door vrouwen bezochte straat bleek echter een verstandige keuze. 

Potin wilde de gebruikelijke verkooppraktijken opschudden. Geïnspireerd door Le Bon Marché en andere nieuwe warenhuizen die destijds verschenen, concentreerde hij zich op het verkopen van grote hoeveelheden voor lage prijzen, in plaats van grote winsten te maken op artikelen die van tijd tot tijd werden gekocht. Sommige producten werden zelfs met verlies verkocht, maar dit werd al snel gecompenseerd door de opwaardering op meer luxe artikelen zoals snoep. Bovendien was hij de eerste die de prijzen voor zijn waren aankondigde, waardoor de consument een vast bedrag werd gegarandeerd.


Het voormalige hoofdkantoor van Felix Potin op de hoek van de rue Réaumur 51 en de boulevard Sebastopol nummer 99

 

Potin was constant op zoek naar nieuwe producten en waagde een gok met chocolade door een cacaomolen te installeren op de binnenplaats achter zijn winkel. Gesterkt door dit succes opende hij in 1860 nog een winkel - die aan de Boulevard de Sébastopol - gevolgd door een derde aan de rue de Rennes 140.

Potin wilde zijn winkels zo efficiënt mogelijk bevoorraden en bouwde in 1861 een fabriek in de buurt van het Bassin de la Villette. De haven van La Villette was de eerste rivierhaven in Frankrijk en de fabriek bevond zich  op de hoek van de rue de l’Ourcq in de buurt van de stations van Belleville-La-Villette en Paris-Abattoirs, de slachthuizen van Parijs aan het einde van de 19e eeuw.

Vervolgens nog een fabriek in Pantin in 1881 – om olie te bottelen, mosterd en andere specerijen te produceren, suikerklontjes te maken, koffie te branden, likeuren te distilleren, koekjes en snoep te verpakken, maar ook groenten in blik en hij bereidt vleeswaren. Hij gebruikte de twee sites ook om producten te bewaren die hij rechtstreeks uit heel Frankrijk haalde. Dit maakte tussenpersonen overbodig en dus lagere kosten mogelijk. In de loop van de tijd verwierf Potin percelen grond in Zuid-Frankrijk en Tunesië, die hij gebruikte om zijn eigen fruit, groenten en wijnen te verbouwen.

 

De prachtige art-deco gebouwen, waaronder die aan de rue de Rennes (l) en de boulevard Sebastopol (r), blijven het levende bewijs van de durf en het talent van deze moderne retail pionier.

Door zijn innovatieve businessmodel had de zakenman volledige controle over zijn aanbod, terwijl hij ook een solide merkstrategie lanceerde voor rivaliserende bedrijven. Sardines, noedels, koffie en chocolade werden allemaal verpakt in de fabrieken en verkocht onder de naam Félix Potin. In zijn winkels konden klanten meel, kaas, gedroogd fruit, specerijen, snoep, conserven, wijnen en likeuren vinden, evenals hygiëne- en hardware producten. Kortom, alles wat moeder de vrouw ooit nodig zou kunnen hebben. In 1870 begon het bedrijf met het aanbieden van een nieuwe dienst: thuisbezorging. De voertuigen die door de Franse hoofdstad reden, versierd met de merknaam Félix Potin, hielpen ook bij het opbouwen van de reputatie van het bedrijf. 

Maar het klinkende succes wekte veel jaloezie. In november 1870, terwijl de Duitsers Parijs belegerden, verspreidde zich een vreemd gerucht door de Franse hoofdstad. Potin de kruidenier zou ervan zijn beschuldigd een speculant te zijn en zich van het leven hebben beroofd in plaats van met zo'n oneer geconfronteerd te worden. Het tegendeel bleek waar. Potin had juist niet geprofiteerd van de tekorten om de prijzen op te drijven, maar had zijn waren zelfs tegen lagere prijzen verkocht en zelfs kantines van gratis voedsel voorzien. De inwoners van Parijs deden hem recht door zich massaal naar de boulevard de Sébastopol te haasten om hem te bedanken. Helaas kon de zakenman van dit gebaar nauwelijks genieten, want hij stierf in juli 1871 op 51-jarige leeftijd. Zijn weduwe, Joséphine, die altijd met hem had samengewerkt, nam het bedrijf over met hun drie zonen en twee schoonzonen. 

In het begin van de 20e eeuw was Félix Potin de eerste supermarktketen ter wereld. Het had tien fabrieken, vijf wijnkelders, 70 dochterondernemingen en duizenden partnerverkooppunten die werden bevoorraad door de magazijnen van Félix Potin, die bijna 1,5 miljoen vierkante meter besloegen. Alleen al de fabrieken in Parijs hadden in 1906 1.800 mensen in dienst en breidden hun aantal uit tot 8.000 in 1926. In die tijd werd ook het prachtige art-nouveaugebouw gebouwd aan de Rue de Rennes tussen Montparnasse en Saint-Germain-des-Prés in 1904, samen met met de renovatie van het historische hoofdkwartier aan de Boulevard de Sébastopol in 1910. 

Tot het einde van de jaren vijftig behield het bedrijf zijn familiale aspect. Maar in de snel veranderende Franse economie werd Félix Potin verkocht aan vastgoedspeculanten en financiers die weinig interesse hadden om het bedrijf te moderniseren. Al snel waren er in heel Frankrijk supermarkten en grootwinkelbedrijven. De Félix Potin-winkels waren niet meer in staat om de enorme concurrentie het hoofd te bieden en begonnen in het begin van de jaren tachtig in aantal af te nemen voordat ze in 1995 hun deuren voorgoed sloten. 

Het merk is misschien verdwenen, maar oudere Parijzenaars zullen zich de beroemde slogan nog herinneren: "Félix Potin, on y revient !"


zaterdag 30 april 2022

KONINGSDAG 2022 IN PARIJS

Je merkt het al als je met de auto de oversteek maakt bij de Seine van het eerste, naar het zevende arrondissement. Rijdend via de altijd drukke place de la Concorde zie ik voor mij het prachtige gebouw van de Chambre des Députés of de Assemblée Nationale. De Franse Tweede Kamer is gevestigd in het Palais Bourbon. Dit paleis, gebouwd in 1722, is genoemd naar de eerste eigenares, de hertogin van Bourbon, een buitenechtelijke dochter van Lodewijk XIV. Het ligt pal tegenover de Madeleine, aan de overkant van de Seine, daar waar de Place de la Concorde wordt verbonden door de sobere Pont de la Concorde met de chique Quai d'Orsay. Ik ben op weg naar het nobele Faubourg Saint-Germain, de wijk van de adel en de aristocratie, vol met ministeries en ambassades. 

Het zevende arrondissement behoort tot 'les beaux quartiers'. Het is een gegoede buurt, waar de huren en koopprijzen behoorlijk hoog zijn. Een groot arrondissement, met lange straten en lanen, die tal van oude hôtels herbergen, vaak met grote tuinen. Hôtel komt van het Latijn; 'hospitum', herberg. In de 17e eeuw oorspronkelijk het huis van een adellijke heer. Later werd het de algemene aanduiding voor paleisachtige gebouwen met een privé of openbaar karakter.

Ik parkeer mijn auto in de rue Saint Dominique. Het is bijna 11.30 uur en een voorjaarszonnetje verlicht de vanillekleurige gevels van de huizen. Ik ben op weg naar de rue de Grenelle 85, de ambtswoning van onze ambassadeur in Frankrijk; Z.E. Mr. Pieter de Gooijer voor het Koningsfeest 2022

 

Volgens militair protocol worden eregasten begroet met het presenteren en neerlaten van de sabel.  Door het handvat naar het gezicht of de borst te brengen, moet duidelijk worden dat het wapen met overtuiging wordt gehanteerd (“met het hart” of “met het verstand”)


De prachtige ambtswoning van onze Ambassadeur is gevestigd in het voormalige Hôtel d'Avaray. In 1718 kreeg de architect Jean-Baptiste Le Roux van Claude Théophile de Bésiade, markies van Avaray, de opdracht een luxueuze residentie te bouwen nabij het buurtschap 'près de la justice Saint-Germain'. De bouw nam ongeveer twee jaar in beslag. Directe nazaten van de familie Bésiade d’Avaray verkochten dit herenhuis in 1920 aan de Nederlandse regering en sinds die tijd is het Hôtel d’Avaray de officiële residentie van de ambassadeurs van het Koninkrijk der Nederlanden in Parijs.

 

Ook dit jaar is de Koningsdagreceptie van onze ambassadeur druk bezocht


Koningsdag in Parijs, en op de een of andere manier weten ze bij onze ambassade in Frankrijk altijd een stralende dag uit te kiezen. Het is altijd een eer om (weer) te worden uitgenodigd voor een festiviteit in de chique Nederlandse residentie. De laatste keer was in 2019. Daarna werd het stil vanwege de Covid. Vol trots toonde ik natuurlijk op Facebook mijn persoonlijke uitnodiging. Vreemd dat je dan reacties krijgt zo in de trant van; “zo, gaat daar ons belastinggeld naar toe?” Vreemd of misschien toch niet? Ik heb de eer gehad om vaker te zijn uitgenodigd door onze ambassadeur maar ook door zijn voorganger Dhr. Ed Kronenburg. Sinds augustus 2017 is Pieter de Gooijer onze ambassadeur in Frankrijk. Geen wonder want Nederland en Frankrijk delen niet alleen een rijk verleden en vormen al jaren een hecht partnerschap, we zijn ook nog eens grondleggers van de Europese Unie. Wat ik ook niet wist was dat Nederland en Frankrijk aan elkaar grenzen. In de Cariben weliswaar. Sint Maarten grenst namelijk aan Saint-Martin.



 Onze ambassadeur Z.E. Mr. Pieter de Gooijer met zijn gezin - Foto © Bart Koetsier

Een voor een sluiten de gasten zich aan. Dat betekent honderden handen schudden voor onze ambassadeur en zijn charmante partner mevrouw Julie Vermooten, die er beiden op staan om een ieder persoonlijk te verwelkomen. Vertegenwoordigers van defensie van diverse grootmachten, leden van verschillende ambassades, maar met name Nederlanders uit het Franse bedrijfsleven en verenigingen waaronder het CAPA, 'Club Affaires Paris Amsterdam', de NZGF, de Nederlandse Zaken Gemeenschap Frankrijk en ANEAS, de oudste Nederlandse vereniging in Frankrijk. De Koningsdagreceptie wordt jaarlijks mede mogelijk gemaakt door de steun van zowel het Franse- als Nederlandse bedrijfsleven waaronder: Gebr. Barendsen B.V. Borst Bloembollen, Van den Bos Flowerbulbs B.V. World Fflower Inc., Van Drie Group, stompetoren kaas, Florapodium en Heineken Frankrijk. 

De ambassade is er niet alleen voor de belangen van de 1700 Nederlandse bedrijven actief in Frankrijk of de 1300 Franse bedrijven in Nederland maar ook voor  ruim 60.000 Nederlanders die permanent wonen en werken in Frankrijk. Prioriteit wordt gegeven aan start-ups en mkb, juist omdat deze bedrijven een belangrijke bijdrage leveren aan innovatie en groei. Dus niet alleen maar voor paspoorten, ID-kaarten en visa!.

 


Voor de ambassadeur bracht ik een speciaal cadeau mee. Mijn derde boek waarvoor hij het voorwoord heeft geschreven - Foto © Bart Koetsier


Zoals altijd onder de genodigden vele Nederlanders wonend en werkend in en om Parijs waaronder ook verschillende leden van het Atelier Néerlandais (AN), waar ik zelf ook lid van ben. Het AN, is onderdeel van de Nederlandse ambassade, een springplank speciaal voor Nederlandse ondernemers, zelfstandigen en organisaties in de creatieve bedrijfstakken, waarvan de voornaamste: architectuur, fotografie, filmproductie, illustratie, graphic novel, kunsthandel, ontwerpdisciplines, podiumkunsten, uitgeverij etc. Het AN, onder de bezielende leiding van  cultureel attaché Friso Wijnen en Lilian Widdershoven, helpt zowel marktgerichte ondernemers als culturele instellingen hun positie op de Franse markt te versterken. Hier krijgen zij de benodigde ondersteuning en een plek om te netwerken met Franse partners maar ook ruimte voor ontmoetingen en presentaties, denk aan fotoshoots, modeshows, concerten, recepties, exposities. Buiten co-werkplekken en kleinere ruimtes om contacten afzonderlijk te ontvangen, wordt de ruimte regelmatig ingezet voor culturele evenementen. Tijdens beurs- en festivalweken is het Atelier Néerlandais de Nederlandse locatie in Parijs, denk aan Paris Photo, D’Days, FIAC, Futur en Seine, Paris Design Week en de modeweken.


vlnr. Dhr. Hein Duijnstee - creatief directeur Stordes, Dhr. Friso Wijnen ambassaderaad en cultureel attaché en Mevr. Lilian Widdershoven – Hoofd van het Atelier Néerlandais


Je kunt je indenken dat het netwerken was geblazen, ook voor mij! Zo had ik weer een ontmoeting met de Nederlandse modeontwerper Louise Jacqueline. Met haar eigen modelabel wil ze elke vrouw met haar creaties tot bloei brengen, tot de perfecte versie van zichzelf. Haar inspiratie haalt ze uit de tulp. De vormen, belijningen, verfijndheid zijn allemaal te herleiden naar deze bloem die voor haar staat voor de kracht van de vrouw. Elke creatie draagt dan ook de naam van een tulp Deze vormen en kleuren staan centraal in de stijl van haar label LOUISEJACQUELINE”. Onderneemster, ontwerpster en couturière. In Frankrijk is er een betere omschrijving voor zo iemand; ‘une créatrice’.

 

vlnr. Marianna Stepanian, attaché voor UNESCO bij de Nederlandse ambassade en modeontwerper Louise Jacqueline


Louise Jacqueline zal zich zeker geïnspireerd voelen door de speciale tulpen die de residentie van onze ambassadeur sieren. Een primeur; deze tulpen, geleverd door Barendsen BV, en veredeld door de bedrijven Flowerworld, Boots en Borst representeren de ‘crème de la crème’ van de Nederlandse bloemenwereld. Wat deze tulpen zo bijzonder maakt, naast de schitterende kleuren, is dat dit de tulpen van de toekomst zijn. Ze worden nu voor het eerst veredeld, in zeer kleine oplage, daarna wordt het ras vermenigvuldigd. De bloemen in de residentie vormen een Nederlandse primeur, een stukje toekomst, want ze zullen pas over 15 jaar in de winkels te koop zijn.

 

Een Nederlandse primeur de tulpen van de toekomst - Foto © Bart Koetsier



Onmiskenbaar vanwege zijn lengte is de persoon die in Parijs bekend staat als de man van 300 miljoen Hij kreeg het voor elkaar dat de Franse overheid 300 miljoen heeft uitgetrokken voor het aanleggen van 650 kilometer aan onafgebroken en veilige fietspaden in en rondom Parijs, om zo de belangrijkste voorsteden van de regio met elkaar te verbinden. Het idee is geënt op het bestaande regionale treinnetwerk de RER. Het bedrag is 60% van de totale investering die nodig is. De totale investering voor de RER-V bedraagt 500 miljoen. Stein van Oosteren is attaché bij de Nederlandse Permanente Vertegenwoordiging van UNESCO, de VN –organisatie voor cultuur, onderwijs, wetenschap,  communicatie en informatie.

 

vlnr. Dhr. Stein van Oosteren met Mr. Loïc Lejay,  Inspecteur ICPE DREAL - (Direction Régionale de l'Environnement, de l'Aménagement et du Logement)


De uitnodiging die ik mocht ontvangen was niet alleen uit naam van de ambassadeur maar ook van de permanente vertegenwoordiging van de UNESCO en de OCDE: de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling. Een samenwerkingsverband van 38 landen om sociaal en economisch beleid te bespreken, te bestuderen en te coördineren. De aangesloten landen, waaronder Nederland, proberen gezamenlijke problemen op te lossen en trachten internationaal hun beleid af te stemmen. Hier sprak ik met ambassadeur Guido Biessen. De in Parijs gevestigde Organisatie is een forum voor overheidsfunctionarissen om de impact en ontwikkeling van beleid dat het sociaal-economisch welzijn van de burgers in de hele wereld moet verbeteren, te bespreken en te analyseren. De activiteiten worden aangestuurd door een secretariaat bestaande uit economische en beleidsanalisten die vertrouwd zijn met alle aspecten van de economie.


vlnr. Mevr. Karin Kok, Dr. Guido Biessen – Ambassadeur PV OESO en Dhr. Stephan Raes - Hoofd afdeling Structuur- en industriebeleid OECD


Binnenkort maken jullie kennis in een van mijn volgende blogs met Yama Saraj, vluchteling uit Afghanistan en lid van het Atelier Néerlandais. Hij vertelde mij over de roadtrip die hij maakte naar het geboortedorp van zijn vader in Afghanistan, meer dan zevenduizend kilometer over de weg. Iedere ochtend gaf hij boksles aan kinderen. Boksen had ook hem geholpen bij het overwinnen van zijn angsten en voor zijn Afghaanse leerlingen bleek dat niet anders. Dat bracht hem op het idee voor een  ‘slimme bokszak’, om mensen op afstand te trainen. Het ontwerp moest simpel zijn, zodat het waar ook ter wereld lokaal geproduceerd kan worden.  Inmiddels woont en werkt hij in Parijs aan diverse virtuele programma’s gericht op conditie, kracht en welzijn, programma’s voor vluchtelingen, maar ook voor politie en soldaten.


vlnr. Mevr. Ruth van der Waall-Schaeffer - theologe/ predikante Nederlandse Protestantse Kerk Parijs, Wouter Kok – KAUSA communicatie & Design, Yama Sarai en Mevr. Jeanny van der Vliet

Kijk je op zijn profiel dan lees je Parijzenaar, Francofiel,  geboren in Eindhoven in het Koninkrijk der Nederlanden. Basiswaarden: Respect, tolerantie, ruimdenkendheid & gezond verstand plus levensvreugde. Bob Franke geeft de Eiffeltoren namelijk een oer Hollands tintje. Sinds april 1999 is Bob ‘manager operations’ van de 133 jaar oude IJzeren Dame in Parijs of officieel ‘Société d'Exploitation de la tour Eiffel. Reden om binnenkort met hem in gesprek te gaan als voorbereiding op een toekomstige blog.


Een toast op onze koning door de Nederlander Bob Franke manager operations van de Tour Eiffel


De Koningsdag in de residentie was duidelijk soberder dan andere jaren. Een en ander heeft natuurlijk te maken met de oorlog in Oekraïne. Toch is het een gedenkwaardig moment aldus de ambassadeur in zijn speech dat het weer de eerste keer is sinds het uitbreken van de coronapandemie dat we Koningsdag op de residentie kunnen vieren en het glas kunnen heffen op de verjaardag van onze Koning Willem-Alexander. Echter, het is ook een donkere tijd. Voor het eerst sinds decennia woedt er oorlog op het Europese continent. “Een ieder van u heeft zeker de gruwelijke beelden uit Oekraïne nog helder op het netvlies staan. We moeten Oekraïne blijven steunen, en de bevolking en regering waar nodig helpen. Nederland draagt, net als Frankrijk, bij met humanitaire hulp, grote inzamelingsacties en wapenleveranties. Deze oorlog zal pas ten einde zijn als Rusland de wapens neerlegt. En er is pas sprake van vrede als oorlogsmisdaden worden bestraft”, aldus onze ambassadeur in zijn speech.



 In zijn speech stond Z.E. Pieter de Gooijer stil bij de oorlog in Oekraïne


Speciale gast was de ambassadeur van Oekraïne Z.E. Vadym Omelchenko


Dhr. Omelchenko hield een korte en indrukwekkende toespraak

Vervolgens is het woord aan zijn speciale gast Z.E. Vadym Omelchenko, sinds 2020 ambassadeur van Oekraïne in Frankrijk. Vóór 1991 vormde Oekraïne de Oekraïense Socialistische Sovjetrepubliek binnen de Sovjet-Unie en werd in Frankrijk vertegenwoordigd door de Russische ambassade. Na zijn onafhankelijkheid opende Oekraïne in 1993 zijn ambassade in Parijs. Dhr. Omelchenko hield een korte en indrukwekkende toespraak waarin hij verwijst naar de onrechtmatige oorlog in Oekraïne maar spreekt een warm woord van dank uit voor de ondervonden vriendschap en support van Nederland.

 


Lang leve onze Koning, hoera, hoera, hoera !


Mevr. Julie Vermooten met de oudste dochter


In zijn dankwoord stipuleert onze ambassadeur nog eens dat juist door de Russische invasie in Oekraïne de toenadering tussen Europese landen is gegroeid. Maar ook zijn de banden tussen Nederland en Frankrijk nauwer dan ooit.  De zeer spannende presidentsverkiezingen waren voor Nederland een belangrijk vertrekpunt om onze toch al goede betrekkingen extra te verbeteren. “We hebben elkaar nodig, op het gebied van energie, cultuur, veiligheid en Europese samenwerking”, aldus Pieter de Gooier. Een extra reden om het glas te heffen, natuurlijk na het zingen van twee coupletten van ons volkslied. Lang leve onze Koning, hoera, hoera, hoera !



Laat ik eerlijk zijn. Het eerste couplet ken ik uit mijn hoofd voor het tweede couplet heb ik toch echt een spiekbriefje nodig


woensdag 20 april 2022

MAISON NICOLAS, GOEDE WIJN BEHOEFT GEEN KRANS

De bestaansgeschiedenis van dit wijnhuis zou dit jaar 200 jaar zijn. De realiteit is volgens de Franse krant Le Parisien enigszins verfraaid, zoals ik jullie later zal openbaren. Maar eerst het prachtige verhaal van hun geschiedenis.

Het bedrijf van Louis Nicolas aan het begin van de 19e eeuw
 

Het verhaal van Nicolas begint in 1822 en ze claimt daarmee de titel oudste wijnketen van Frankrijk te zijn. Maar eerst nog even terug in de tijd. Wijn werd alleen nog maar gedronken in cabarets en guinguettes. Guinguettes waren in de 18e eeuw populaire barretjes in de buitenwijken van Parijs en andere steden van Frankrijk, waar men kon eten, drinken en flirten in de buitenlucht aan feestelijk opgemaakte tafels en men de musette kon dansen op de altijd vrolijk stemmende Franse accordeonmuziek. Tijdens de 18e eeuw leidde een consumenten-revolutie ertoe dat eens geïsoleerde dorpen en gehuchten buiten Parijs werden meegesleurd in een bloeiende materiële cultuur. Grondstoffen, en met name alcohol, die buiten de douanebarrière van de stad werden geconsumeerd, waren aanzienlijk goedkoper en waren vrijgesteld van staatsbelastingen. Dit stimuleerde de groei van een amusementsindustrie die net buiten het bereik van de belastinginspecteur lag en zo ontstond er een netwerk van drankgelegenheden. Ze waren vooral populair op zon- en feestdagen, wanneer Parijzenaars op bezoek kwamen om zich te vermaken en om goedkoop dronken te worden. De naam guinguet verwijst naar lokale zure, lichte witte wijn.

 


Charenton, Quai de Bercy


De wijnen kwamen toen uitsluitend uit vaten die weer werden aangevoerd vanuit Bercy. Volgens de legende is  de oorsprong van de naam ‘Bercy’ afkomstig van een eiland gelegen aan de monding van de rivier de Seine, genaamd ‘Belsinaca’, waar Keltische stammen rond het jaar 850 enkele  hutten hadden gebouwd. In het jaar 1704 wordt het eiland, bij gratie van Louis XIV, vrijgesteld van belastingen bij het verkopen van wijn.  De eerste wijnkelder van Bercy was geboren. In de 17de eeuw was het onderdeel van een domein dat zich uitstrekte van de rand van de stad tot aan Charenton. De gemeente Bercy werd opgericht in 1790 en op de eerste januari 1860 geïntegreerd in Parijs.  In dat zelfde jaar wordt het een wijnopslagplaats, waar bomen worden geplant die voor verkoeling van de entrepots moeten zorgdragen. Door haar ligging aan de Seine groeit Bercy uit tot een van de grootste wijnmarkten van de wereld. Wijn, eaux de vie en port worden in houten vaten en op houten schuiten over de Seine aangevoerd. Daarna neemt het aantal  wijnkelders snel toe en worden in 1878 de Entrepôts van Bercy, een belastingvrije enclave van 43 hectares groot. Langs het water verschijnen dan de guinguettes. Veel kunstschilders, schrijvers, en fotografen, hebben zich laten inspireren door deze ‘art de vivre’.



 In 1870 begon Nicolas al met het bezorgen van wijn aan huis

Als je thuis wijn wilde drinken moest je naar een wijnhandelaar of rechtstreeks naar een producent om een vat te kopen. Het was op basis van deze observatie dat Louis Nicolas een nieuw concept bedacht dat een revolutie teweeg zou brengen in de verkoop van wijn; namelijk de verkoop van superieure kwaliteit tegen een redelijke prijs, in een fles. Nicolas had destijds al een winkel in de rue Sainte-Anne te Parijs en nog eens drie depots. In 1822 wordt Maison Louis Nicolas opgericht en begint Louis met het verkopen en leveren van flessen wijn aan particulieren. Al snel openen nog twee winkels hun deuren; Cloître Saint-Honoré en de rue Montmartre. In 1840 begint de gehaaide zakenman Nicolas ook met het bezorgen van wijn aan huis.  In 1870 waren er al dertig verkooppunten die de Parijse wijnliefhebbers voorzagen van hun geliefde nectar.  Zijn handel loopt voorspoedig en hij besluit in 1878 zijn bedrijf te verplaatsen naar Charenton le-Pont, zo’n 7 kilometer buiten Parijs, aan de Quai de Bercy gelegen aan de Seine. Hij blijft het aantal openingen vermenigvuldigen. In 1900 45 winkels en in 1919, 138.

 

In 1919 heeft Nicolas al 138 winkels in de Franse hoofdstad


Het verhaal van Nicolas vertoont gelijkenis met dat van Freddy Heineken. Heineken zei weleens: "Als ik niet bij Heineken was gaan werken dan was ik de reclame ingegaan". Zo bedacht hij onder andere de lachende eerste 'e' en de slogan "Heerlijk, Helder, Heineken". De bekendheid van Nicolas werd bevestigd dankzij intense reclamecampagnes, zowel in de bioscoop (de eerste reclamecartoons stammen uit 1921), als op muren en krantenkiosken. In 1922, precies 100 jaar na de opening van de eerste winkels introduceert het Huis Nicolas het karakter ‘Nectar’. Het was de onbekende Jules Isnard Dransy (1883 – 1945), een Zwitserse impressionistische en moderne kunstenaar die de eerste schets maakte van de beroemde bezorger met schotelogen. Het verhaal gaat dat hij grotendeels werd geïnspireerd door een bezorger van het huis Nicolas genaamd Le Paven. Nectar, de tengere besnorde bezorger met grote ogen in in elke hand 12 flessen wijn was onmiddellijk populair. Aanbeden door het publiek was hij ook geliefd bij de adverteerders. 


Nicolas in het straatbeeld


1922 de introductie van Nectar, de tengere besnorde bezorger met grote ogen in in elke hand 12 flessen wijn een creatie van Jules Isnard Drancy

Een van de weinige foto's van Etienne Nicolas


Maar het succes van Nectar is niet alleen aan het toeval te wijten. Etienne Nicolas, die net de leiding van het familiebedrijf heeft overgenomen, bewijst daarmee een genie te zijn op het gebied van communicatie. Bijna vijftig jaar lang bleef Nectar het gezicht van het bedrijf.
 

Vanuit Charenton ontwikkelt Etienne een routekaart die er voor zorg moet dragen dat elk filiaal vanuit Charenton snel kan worden beleverd. Langs het strak opgestelde (straten)plan worden nieuwe vestigingen geopend. In 1936 zijn het er al 304. Naast affiches gebruikte Etienne Nicolas destijds ook nieuwe reclamemiddelen zoals luxe folders met prijzen voor zijn vermogende klantenkring. Gefascineerd door de evolutie van de kunst laat hij zijn catalogi ontwerpen door grote namen in de affichekunst en grafische avant-garde. In 1925 deed Etienne een beroep op de Franse graficus, lithograaf en grafisch ontwerper, Charles Loupot (1892-1962). Voor de druk van zijn luxe catalogus ging hij in zee met de familie Draeger, een Franse kunstdrukker en uitgever van typografisch ontwerpen dat zich toelegde op picturale werken, biografieën, tijdschriften, geschiedenis en catalogi. Het bedrijf werd op 13 augustus 1886 opgericht door Charles Draeger (1844-1899) en was oorspronkelijk uitgerust met typografische persen werkend op stoom.

 

De eerste wijn catalogus uit 1925 van Maison Nicolas

Nectar door Charles Loupot




In 1927 verscheen een prachtig geïllustreerd boekje over de kunst van het wijn drinken: ‘Le Vin, l’art de boire’. Tekst en illustraties waren van Charles Martin en Louis Forest.




Illustraties uit het boekje ‘Le Vin, l’art de boire’

De 1930 catalogus werd uitbesteed aan Paul Iribe (1883-1935) een Franse illustrator, sieradenontwerper, kostuumontwerper en ontwerper van decoratieve kunst. Iribe was voorstander van de vloeiende vormen, meer in overeenstemming met de ontwerpelementen die het kenmerk waren van de art nouveau. In 1933 werkte Iribe samen met Coco Chanel bij het ontwerpen van extravagante sieraden en was de minnaar van Coco Chanel van 1931 tot aan zijn dood.

 

Nectar naar een ontwerp van Paul Iribe


De bezorger met de 24 flessen reisde inmiddels de hele wereld rond mede dankzij beroemde grafische ontwerpers en kunstenaars waaronder Cassandre, zijn echte naam: Adolphe Jean-Marie Mouron, echter, hij signeerde zijn artistieke werk altijd onder zijn pseudoniem Cassandre. Een van de wijnposters van zijn hand is ook te bewonderen in het Moma-Museum in New York. Vervolgens Jean de Brunhoff (1899-1937) die zijn schepping van het olifantje Babar even in de steek liet om te werken voor het wijnhuis Nicolas. Tot grote vreugde van het publiek verschijnen er naast Nectar ‘nakomelingen’ zoals Glou-Glou en Félicité.



De introductie van Nectar met Glou Glou en Félicité

Nectar volgens Cassandre


In de jaren ’50 van de vorige eeuw verdwijnen Nectar, Glou-Glou en Félicité even uit het reclamebeeld en Etienne Nicolas gaat in zee met kunstenaars zoals Raymond Peynet (1908-1999) bekend om de herkenbare tekeningen van een liefdespaar, ‘Les Amants’, gecreëerd door hem in 1942.  


Het reclamebeeld veranderd onder invloed van de Franse kunstenaar Raymond Peynet

Daarna was het de beurt aan de Franse kunstenaar Bernard Buffet (1928–1999). Hij maakte tijdens zijn carrière meer dan 8000 werken, variërend van stillevens, naakten en melancholische zelfportretten tot Parijse stadsgezichten en landschappen. Ook werkte hij als illustrator en ontwerper: hij ontwierp de wijncatalogus uit 1963.



De wijncatalogus uit 1963 met onmiskenbaar Bernard Buffet

Nectar keert nog even terug dankzij Nicolas Villemot een jonge Franse ontwerper die ook werkt voor onder andere Perrier en Orangina. Hij is de laatste die zich vastbijt in het reclamebeeld van Nectar. Posters, boekjes, catalogi en affiches zijn heden ten dage nog steeds ‘collectors items’.



 1964 Nectar keert nog even terug dankzij Nicolas Villemot 

In 1984 verkoopt Etienne Nicolas zijn bedrijf aan de Rémy Martin-groep om vier jaar later, 1988, in handen te komen van de CASTEL-groep, zowel een familiebedrijf als een familie van bedrijven, herenigd onder dezelfde naam maar in wezen onafhankelijk. CASTEL is een wereldwijde referentie in de wijnindustrie zowel als wijnmakers, wijnhandelaren en wijndistributeurs en beheert 1.400 hectare aan wijngaarden, in Bordeaux, de Provence, de Loire en de Languedoc en 1.500 hectare in Marokko. De nummer 3 in niet mousserende wijnen met een omzet van 1,1 miljard euro in 2019 (alleen wijn) 



Het campagnebeeld in 2018

De Nicolas winkels hebben nog steeds dezelfde uitstraling als die van een kleine lokale wijnhandelaar. Met zijn 500 winkels heeft Nicolas zo’n 10% marktaandeel. 320 in Île-de-France en … 180 in Parijs intra muros. Vergeet niet; in Frankrijk vind je 10.000 wijnwinkels. En dan te denken dat 80% van deze markt in handen is van de hypermarché ’s waaronder Carrefour of Leclerc. In 1995 wordt het assortiment uitgebreid met ‘Les Petites Récoltes’, lokale wijnen die tussen de 2 en 4 euro worden verkocht. De heilige graal is de wijnzaak aan de place de la Madeleine waar Chinese toeristen regelmatig de winkel verlaten met een Château Lafite Rothschild voor 2.500 euro per fles. Nicolas werd in 2022 verkozen tot hèt favoriete merk van de Fransen in de categorie Cavistes. Wat een mooi cadeau voor hun 200-jarig bestaan.

 


‘Spoiler’

Nicolas is in eerste instantie een Parijse geschiedenis, die van een kleine wijnhandelaar, Louis Nicolas, zoon van een douane ambtenaar die besluit om 200 jaar geleden een wijnhandel op te zetten. Echter…… onlangs scheen de krant ‘Le Parisien’ het feestje te willen bederven omdat er twijfel bestaat over het geboortejaar van Louis Nicolas. Louis zou namelijk geboren zijn in 1829 en volgens de historicus begon hij zijn wijnhandel in 1855. Hij was toen 26 jaar en net getrouwd met Mathilde Durouchoux. In 1859 nam de jonge Parijzenaar het stokje over van een andere wijnverkoper genaamd Buhner die al wijn uit de fles verkocht. Het idee schijnt ook ontwikkeld te zijn in Engeland.


Maison Nicolas in het Moma van New York door Cassandre

167 jaar of 200, de wijn zal er niet minder om smaken; santé.