Paris FvdV is een weblog voor kenners en liefhebbers van de stad Parijs - en voor hen die dat willen worden. Parijs is een stad met een gewichtig verleden, respectabel en gerespecteerd. Het is totaal niet nostalgisch. Parijs is er in geslaagd om, soms op brutale maar altijd op elegante wijze, om te gaan met zijn grootse monumenten. Ze te beschermen en te integreren in de nieuwe dynamiek van de stad. Parijs is een meester op het gebied van herstel en transformatie. U zult er nooit in slagen een volledig overzicht te maken van plekken en verhalen, die allemaal op hetzelfde punt uitkomen en de glorie van deze stad bezingen. toch wil ik een poging wagen. Wekelijks wil ik u niet alleen informeren over wat Parijs nog meer te bieden heeft, maar ook wil ik mijn liefde voor deze stad op u over dragen. In de hoop dat het raakt aan iets wat u herkent of voelt. Ferry van der Vliet.

vrijdag 6 juli 2012

CLOCHARDS

Jarenlang hoorden zij bij het geromantiseerde beeld van Parijs. Vastgelegd door bekende fotografen als Eugène Atget, Brassaï en Robert Doisneau. In de jaren dertig telde Parijs al zo'n twaalfduizend 'vagabonds' de eveneens geromantiseerde benaming voor clochards. Balzac noemde ze 'Peau de Chagrin', Atget sprak over Chiffonnier (lompenboeren), het Parijse stadsbestuur heeft een officiëlere benaming: S.D.F. 'sans domicile fixe' of zoals wij zeggen 'zonder woon- en verblijfplaats', de daklozen.

Vagabonds, clochard, chiffonnier; les sans domicile fixe

De clochards zijn de bezitlozen, de armsten der armen. In de jaren dertig beschouwden de clochards het clochard zijn, als een beroep. Het verhaal doet nog steeds hardnekkig de ronde, dat vele clochards vrijwillig gekozen hebben voor dit bestaan. Weggevlucht uit de zware last van het dagelijkse bestaan. Een echte clochard is trots en staat op zijn vrijheid. Het hoort bij zijn levensopvatting dat hij niet gebonden wil zijn en geen verplichtingen erkent. De Parijzenaar is aan ze gewend. Ze horen nu eenmaal bij het Parijse straatbeeld. De clochards hebben maar weinig nodig om van te leven. Ze struinen de markten af, waar ze genoegen nemen met het restafval. Van de weinige euro's die zij bij elkaar bedelen 'kopen' ze alcohol. Vaak rode wijn, want wijn voedt.  Om hun ellende te vergeten, drinken ze veel, heel veel, want alleen in beschonken toestand is het leven draagbaar.

's Avonds worden de posities weer ingenomen voor weer een nacht op straat

Zo gauw het avond wordt zie je een komen en gaan van gekaapte winkelwagentjes, oude kinderwagens en worden posities ingenomen in portieken van winkels, bushuisjes en zelfs telefooncellen. 's Winters als het koud is liggen ze op straat op de roosters van de metro. Je ziet ze steeds minder in de metrogangen en de perrons. Het Parijse vervoersbedrijf de RATP heeft speciale ordebewakers in dienst, die ’s nachts de metrogangen afstruinen om de clochards, die zich hebben laten insluiten, na middernacht uit de metro te verwijderen. Deze nachtploegen, zogenaamde 'Outreach' teams, gaan met zaklantaarns de gangen in, nemen koffie, broodjes en sigaretten mee om het contact met de clochards te vergemakkelijken. Ze worden aangesproken met “mijnheer” en “u” en begeleid naar een gratis bus van de RATP, die ze vervolgens naar een opvanghuis brengt. Vorig jaar transporteerden de RATP medewerkers in totaal ruim 35.000 daklozen uit de metrogangen naar de opvangvoorzieningen.

35000 clochards worden jaarlijks, 's nachts verwijderd uit de metro

Maar door de huidige crisis is het geromantiseerde beeld van de clochard verdwenen. Steeds meer mensen komen door schulden op straat te staan. En een welvarende stad als Parijs trekt ook veel professionele bedelaars aan uit het Oostblok. Je vindt de hele samenleving op straat: Zigeunerfamilies, losgeslagen jongeren, gescheiden mannen, alcoholisten, vluchtelingen, psychiatrische gevallen en ook steeds meer vrouwen. Vorig jaar stierven 400 mensen op straat, vrijwel onopgemerkt. In de eerste zes maanden van dit jaar waren het er al 264 in geheel Frankrijk. Niemand weet hoeveel daklozen er precies zijn, en in Parijs tracht men aandacht te geven aan dit  schrijnende probleem. De 'Samu Social', de in 1993 opgerichte organisatie voor hulp aan Parijse dak- en thuislozen laat op de website dans la peau d'un sans abri.com ('In de huid van een dakloze') real-time vierentwintig uur het leven zien, door de ogen van een dakloze. Hiervoor kregen vier daklozen in Parijs een speciale bril, uitgerust met een minicamera. Zo geven zij  zonder enige concessie een kijkje in hun dagelijkse gevecht met het leven op straat. Een van de doelstellingen van deze campagne is dat wij toch aan de daklozen blijven denken.

Het geromantiseerde beeld van de clochard is voor altijd verdwenen

Verder is er ook het collectief Morts de la Rue onder leiding van de Fransman Christophe Louis. Zijn collectief voert actie voor daklozen, maar bekommert zich vooral om hen na hun dood. Dan wordt de begrafenis georganiseerd en nabestaanden worden opgezocht. "Toen we begonnen lag de gemiddelde leeftijd van een straatdode op 49 jaar", vertelt Christophe Louis in een interview aan Le Figaro. "Dat is nu 46 jaar. Drie jaar eraf, in tien jaar tijd. Dat gaat veel te snel". Op 19 juni 2012 organiseerde Morts de la Rue, op de Quai de Valmy, een eerbetoon aan alle 264 straatdoden van dit jaar.


De medemenselijkheid in Parijs, mede door de crisis, is verhard. Zie ze langs de kanten van de straat; ongewassen, ongeschoren en onopgevallen. Het eerbetoon aan de de Quai de Valmy was een dag later al door taggers overgekalkt. Alleen de bloemen lagen er nog. Bij het weglopen zit in mijn hoofd het liedje van Edith Piaf 'Les Clochards de Paris': "Het zijn de zwervers van Parijs. Van Montmartre tot Bastille. Ze zwerven in het donker van de nacht, moe en in lompen langs bordelen. Hun beroep is niet van belang  zolang ze maar met de armen delen, de clochards van Parijs".

Les Clochards de Paris: "Ze zwerven in het donker van de nacht, moe en in lompen langs bordelen"

Ce sont les clochards de Paris
De Montmartre ou de la Bastille,
Ils errent dans la sombre nuit.
Lassés, ils traînent en guenilles…
Aux portes des boîtes de nuit,
Leur métier n'a pas d'importance,
Pourvu qu'il donne la pitance
Aux pauvres clochards de Paris.

Pendant l'été aux nuits légères,
Sur chaque banc on voit le soir,
De pauvres vieux que la misère
A livré sans gîte au trottoir.
Mais parfois, dans leur âme fière,
Un éclair brille, lueur d'espoir…
À quoi songent ces pauvres héres,
Tristes épaves du boulevard ?

"Toen we begonnen lag de gemiddelde leeftijd van een straatdode op 49 jaar", vertelt Christophe Louis in een interview aan Le Figaro. "Dat is nu 46 jaar.

Ce sont les clochards de Paris
De Montmartre ou de la Bastille,
Ils errent dans la sombre nuit.
Lassés, ils traînent en guenilles…
Aux portes des boîtes de nuit,
Leur métier n'a pas d'importance,
Pourvu qu'il donne la pitance
Aux pauvres clochards de Paris.

L'hiver, quand la glaciale brise
Siffle, en mordant leur corps meurtri,
Lorsque le froid les brutalise,
Ils se cachent… dans quels abris !!
D'autres, allongés sur la pierre,
Dorment, calmes, mystérieux,
Et leurs rêves sont des chimères
Leur découvrant un coin des cieux.


Ce sont les clochards de Paris
De Montmartre ou de la Bastille,
Ils errent dans la sombre nuit
Lassés, ils traînent en guenilles…
Aux portes des boîtes de nuit,
Leur métier n'a pas d'importance,
Pourvu qu'il donne la pitance
Aux pauvres clochards de Paris.

Si la douleur n'épargne guère
Les bons vieux clochards de Paris,
L'hôpital, pour eux, est galère ;
Vivre libres, est leur seul souci.
Et quand sonne l'heure dernière
C'est dans la rue qu'ils vont mourir,
Comme des chiens, et sans prières,
Les gueux ont fini de souffrir.



Le Collectif Morts de la Rue, rue Orfila 72, 20e arrondissement.

1 opmerking: