Paris FvdV is een niet commercieel weblog speciaal voor kenners en liefhebbers van de stad Parijs - en voor hen die dat willen worden. Parijs is een stad met een gewichtig verleden, respectabel en gerespecteerd. Het is totaal niet nostalgisch. Parijs is er in geslaagd om, soms op brutale maar altijd op elegante wijze, om te gaan met zijn grootse monumenten. Ze te beschermen en te integreren in de nieuwe dynamiek van de stad. Parijs is een meester op het gebied van herstel en transformatie. U zult er nooit in slagen een volledig overzicht te maken van plekken en verhalen, die allemaal op hetzelfde punt uitkomen en de glorie van deze stad bezingen. toch wil ik een poging wagen. Wekelijks wil ik u niet alleen informeren over wat Parijs nog meer te bieden heeft, maar ook wil ik mijn liefde voor deze stad op u over dragen. In de hoop dat het raakt aan iets wat u herkent of voelt. Ferry van der Vliet.

Privacy verklaring: Indien u weblog Paris FvdV, dat bij Google-Blogger is ondergebracht, leest en reageert op de blogs van Paris FvdV, doet u dat vrijwillig en is uw IP-adres en mailadres - indien u dat vermeld - bekend en wordt opgeslagen. Ook uw schuilnaam waaronder uw reageert wordt opgeslagen. Paris FvdV zal uw gegevens nooit aan derden doorgeven. We houden uw gegevens privé, tenzij de wet of rechtelijke macht ons dwingt uw gegevens aan hen te verstrekken. Datalekken in het systeem vallen onder de verantwoordelijkheid van Google-Blogger. Door weblog Paris FvdV te bezoeken en/of de op of via deze weblog aangeboden informatie te gebruiken, verklaart u zich akkoord met de toepasselijkheid van deze disclaimer. Google gebruikt cookies om services te leveren en verkeer te analyseren dus uw IP-adres en user-agent zijn bij Google bekend, samen met prestatie- en beveiligingsstatistieken om servicekwaliteit te garanderen, gebruiksstatistieken te genereren, misbruik te detecteren en maatregelen te treffen.

woensdag 5 maart 2025

VILLEJUIF - GUSTAVE ROUSSY EEN PARIJSWONDER

 

Momenteel openen ze in Groot-Parijs geen theaters of musea maar metrostations!

 

Lijn 14

Je hebt er ongetwijfeld al mee gereisd, de volautomatische metrolijn 14. Tot grote vreugde van de reizigers in de regio Parijs is lijn 14 nu verlengd tot Saint-Denis - Pleyel in het noorden en tot de luchthaven Orly in het zuiden. Dit betekent dat forenzen deze stad in Seine-Saint-Denis in slechts 40 minuten kunnen verbinden met het beroemde vliegveld van Parijs. Lijn 14 is nu de langste metrolijn in de regio Île-de-France. Het station Saint-Denis - Pleyel is het nieuwe noordelijke eindpunt van de paarse lijn. 6 andere stations ten zuiden van het traject werden op 24 juni 2024 geopend voor reizigers: Maison Blanche, Hôpital Bicêtre, L'Haÿ-les-Roses, Chevilly-Larue, Thiais-Orly en Aéroport d'Orly. Op weg naar Orly Airport of terug naar het noorden van Parijs vanuit Val-de-Marne, zul je vast en zeker gemerkt hebben dat één station nog steeds gesloten is. De treinen stoppen niet op het station Villejuif - Gustave Roussy.


Artist impression locatie metrostation Villejuif - Gustave Roussy: Dominique Perrault Architecture

 

Villejuif - Gustave Roussy

Maar daar kwam zaterdag 18 januari 2025 verandering in. Sindsdien is lijn 14 compleet. Het station Villejuif - Gustave Roussy, gelegen in de heuvels boven Villejuif, op het hoogste punt van het Longboyau-plateau, in het departementale park van de Hautes Bruyères -  Val-de-Marne, in het hart van de toekomstige wijk ‘Campus Grand Parc’ en op steenworp afstand van het toonaangevende Europese centrum gewijd aan de strijd tegen kanker, het Institut Gustave-Roussy. Met zijn 50 meter tussen straatniveau en een van de perrons, onder de grond, is het een van de diepste transportinfrastructuren in Frankrijk en zal elke dag ongeveer 100.000 passagiers verwelkomen. Een unieke plek, ten dienste van de 12 miljoen inwoners van het Île-de-France, die Parijs, zijn voorsteden en zelfs de wereld met elkaar verbindt dankzij directe verbindingen met de luchthaven Orly. Onderdeel van een totaalvisie, die de mobiliteit van passagiers centraal stelt.



Met zijn 50 meter tussen straatniveau en een van de perrons, onder de grond, is het een van de diepste transportinfrastructuren in Frankrijk 

Artist impressions: Dominique Perrault Architecture


8 Jaar werk

Eind 2017 werd gestart met de bouw van de wanden, diepwanden van elk 64 cm. dik. Er was 7.000 m³ beton nodig om ze te maken. De centrale schacht werd in de open lucht gebouwd en eind 2018 opgeleverd. Een echt technisch hoogstandje; er waren twee tunnelboormachines nodig, de Alisson en Amandine. De tunnelboormachine voor lijn 14, Allison, arriveerde op 26 december 2019 aan de schacht. In de put werd een grote brug gebouwd om de machine in staat te stellen de schacht over te steken en zijn weg te vervolgen. Deze complexe operatie zorgde er voor dat de 1.400 ton wegende boormachine over een 12 meter hoge hangbrug in het midden van het station werd verplaatst. De tunnelboormachine voor lijn 15, Amandine, arriveerde op 18 juni 2020. Het station zal later, vanaf de zomer 2026, ook op lijn 15 worden aangesloten. Andere cijfers: er werd 300.000 m³ aarde, het equivalent van 120 olympische zwembaden, uitgegraven om dit ronde station met een diameter van 70 meter en een diepte van 50 meter te creëren.



 Een echt technisch hoogstandje; er waren twee tunnelboormachines nodig, de Alisson en Amandine


Detail van een boorkop


Dominique Perrault

“Architectuur is in de eerste plaats een wereld van ideeën. Inspiratie kan komen uit een paar noten muziek, een film, literatuur….. En de uitvoering, tussen concept en realisatie kan soms enkele jaren”, aldus Dominique Perrault, de architect die nauw samenwerkte met de Société des Grands projets om dit grootschalige bouwwerk te ontwerpen. Het doel was om de stad ‘boven’ uit te breiden naar de stad ‘beneden’. In tegenstelling tot de metro die we vandaag kennen, biedt het station Villejuif – Gustave Roussy een andere ervaring: zodra de passagiers  uit de trein stappen, kunnen zij omhoog kijken en in een paar seconden een glimp opvangen van de eerste stralen van natuurlijk licht, de weerspiegelingen van de lucht. Deze nieuwe benadering van transport is bedoeld om elk gevoel van claustrofobie weg te nemen en mobiliteit om te zetten in een vlotte en plezierige reis. Het belichaamt het idee dat mobiliteit geen beperking mag zijn maar een aangename ervaring.



Ingang metrostation Villejuif - Gustave Roussy, lijn 14 - Foto: Dominique Perrault Architecture


Zodra de passagiers  uit de trein stappen, kunnen zij omhoog kijken en in een paar seconden een glimp opvangen van de eerste stralen van natuurlijk licht


Eenmaal binnen kun je niet anders dan onder de indruk zijn van het gigantische transparante glazen dak in de vorm van een oog, dat daglicht binnenlaat, en de diepe schacht onder de grond, die 9 ondergrondse niveaus onthult! De perrons van lijn 14 bevinden zich op niveau -7, oftewel 36,7 meter onder de grond, terwijl die van lijn 15 Zuid zich op niveau -9 bevinden, precies 48,8 meter onder de grond! Met deze cijfers wordt het station Villejuif - Gustave Roussy het op één na diepste station van de Grand Paris Express en van Frankrijk, na het toekomstige station Saint-Maur - Créteil (lijn 15), dat zich op een diepte van 52 meter bevindt. Het dak van het station heeft drie lagen. Een centrale transparante cirkelvormige laag beschermt tegen regen terwijl de buitenlucht zijdelings kan circuleren. Twee andere daken die op verschillende hoogtes zijn geplaatst bedekken het station. Als twee grote tenten stralen ze over het voorplein terwijl ze de gebruiker beschermen tegen de zon, als parasols in de openbare ruimte. Ze zijn samengesteld uit stroken van roestvrij, spiraalvormig metalen gaas, gespannen tussen radiale spanten. De grote betonnen cilinder met zijn gegoten wand wordt zo overspoeld met daglicht. Natuurlijk licht stroomt helemaal naar beneden tot aan de perrons die ongeveer vijftig meter diep liggen.


De diepe schacht onder de grond, die 9 ondergrondse niveaus onthult





In het voorjaar van 2022 werden de eerste roltrappen, geleverd door Schindler, geïnstalleerd op niveau -7, waarna een jaar later de 4 monumentale trappen werden toegevoegd. De installatie van deze 40 meter lange roltrappen op een metalen constructie in de schachtholte van het station, is een echt technisch hoogstandje. Tegelijkertijd werd er op de perrons ook snel vooruitgang geboekt met de installatie van perrongevels voor lijn 14 en vanaf het voorjaar van 2026 op de perrons van lijn 15 Zuid. De installatie van passagiersapparatuur werd in september 2023 voortgezet met de installatie van de eerste liften door het bedrijf Kone. Om uitgebreide mobiliteitsoplossingen te bieden, is het station uitgerust met 32 roltrappen, 16 volledig toegankelijke liften en twee monumentale trappenhuizen, elk 40 meter lang. De afmetingen zijn vergelijkbaar met die van een internationale luchthaven. De eerste twee niveaus van de balkongalerijen herbergen winkels en diensten waardoor de continuïteit van het metrostation met de openbare ruimte erboven wordt geaccentueerd. De schepper Dominique Perrault geeft aan dat het volume gelijk is aan dat van het Pantheon in Rome.



De installatie van deze 40 meter lange roltrappen op een metalen constructie in de schachtholte van het station, is een echt technisch hoogstandje




50 tinten grijs

Perrault is niet van de kleuren (ook zichtbaar en tastbaar bij zijn ontwerp van de Bibliothèque nationale de France (BnF). In juli 1989 kreeg de architect Dominique Perrault de opdracht een ontwerp te maken voor de nieuwbouw. Perrault ontwierp een rechthoek van ongeveer 60.000 m², waarvan de hoeken worden gevormd door vier L-vormige torengebouwen, met een park van circa 12.000 m² in het midden. Het ontwerp van de torens moest een opengeslagen boek uitbeelden. Het gebouw werd in december 1996 geopend. In dit metrostation voert grijs de hoofdtoon. Matgrijs van de straatstenen. Het glinsterende grijs van de roestvrijstalen behuizing van de roltrappen. Wanden van satijn grijze roestvrijstalen plaat. Het glimmende grijs van het roestvrijstalen maliënkolder dat de muren tussen twee verdiepingen bedekt. Semi-satijn grijs van de palen die de verlichting dragen. Toch valt je mond open van verbazing op het moment dat je uitstapt op het station Villejuif - Gustave Roussy en plotseling wordt geconfronteerd met de immense ondergrondse hal, bijna 50 meter onder de grond, gevuld met daglicht.

 

Je mond open van verbazing op het moment dat je uitstapt op het station Villejuif - Gustave Roussy


De ‘Grand Paris Express’

Nog even een stukje voorgeschiedenis. De Grand Paris Express bestaat uit een fundamentele heroverweging, herontwerp en focus op het openbaarvervoernetwerk op de schaal van het grootstedelijk gebied de metropool Grand Paris die bestaat uit 131 gemeenten, waaronder Parijs zelf. Het doel van deze oefening is om Grand Paris te voorzien van één multimodale vervoersoplossing, meer geïntegreerde vervoersdiensten, en zo een model van poly centrische ontwikkeling te ondersteunen, een stad die is opgebouwd uit meerdere centra. Op de lange termijn zal het nieuwe transportnetwerk naar verwachting het bruto binnenlands product van de regio île de France met meer dan 100 miljard euro doen toenemen en 115.000 nieuwe banen moeten creëren.



 

Grand Paris Express in cijfers: 

·        4 nieuwe metrolijnen (lijn 15, 16, 17 & 18) plus 2 verlengingen van bestaande lijnen (lijn 11 & 14) 

·  200 km nieuwe spoorlijnen, hierdoor zou de huidige metro (214 km), die voornamelijk de 20 arrondissementen binnen de Parijse ringweg bedient, in omvang bijna verdubbelen 

·        68 gloednieuwe onderling verbonden stations 

·        15 jaren van constructie, 2016 tot 2030 

·        2 miljoen passagiers per dag, tegen 2035 ongeveer 3 miljoen 

·        Elke 2 à 3 minuten een trein 

·        Volledig automatisch metrosysteem 

·        90% van de lijnen wordt ondergronds aangelegd 

·        Totale kosten worden geraamd op 35,6 miljard euro

 

4 Nieuwe lijnen omcirkelen de hoofdstad en bieden verbindingen met de 3 luchthavens, zakenwijken en onderzoeksclusters van Parijs. Het zal 165.000 bedrijven bedienen en dagelijks 2 miljoen pendelaars vervoeren. De nieuwe Grand Paris Express zal reistijden aanzienlijk verkorten. Voorbeeld: het duurt slechts 34 minuten - in plaats van 53 minuten voor een bedrijfsdirecteur om van de luchthaven Roissy Charles-de-Gaulle naar La Défense te komen. Het duurt slechts 15 minuten in plaats van 1 uur en 6 minuten voor een onderzoeker om van de luchthaven Orly naar de Université Paris-Saclay - Campus Vallée te komen. Pendelaars kunnen zich eenvoudig in île de France van het ene punt naar het andere begeven, zonder via het centrum van Parijs te hoeven reizen. De ‘Régie Autonome des Transports Parisiens’ (RATP), het staatsbedrijf voor openbaar vervoer in Parijs, zal de lijnen exploiteren. Tot slot vertegenwoordigt dit project een goed alternatief voor de auto en is dus een manier om luchtvervuiling en files te verminderen. Naar verwachting zullen 150.000 auto’s van de wegen rondom Parijs verdwijnen.

 


68 Nieuwe treinstations

Als pijler van dit project is de functie van stations van de grond af aan herzien, waardoor plaatsen en ruimtes ontstaan waar mensen meer doen dan alleen doorlopen om in de trein te stappen. Het is de bedoeling dat dit nieuwe model lokale stations nieuwe functies geeft die dienen als woon-werkverkeer, winkelen, wonen en werken. Samengevat: de nieuwe generatie stations wordt gastvrij, architectonisch herkenbaar, toegankelijk, veilig, intermodaal, digitaal, levendig ... en natuurlijk praktisch! Met een gemiddelde stations afstand van ongeveer 3 km - vergeleken met minder dan 500 meter voor de stedelijke Parijse metro - en treinen die tot 110 km / u rijden, zullen rijsnelheden tussen 55 en 65 km / u worden bereikt, meer dan twee keer de snelheid van de metrolijnen in de binnenstad van Parijs. De volautomatische treinen met een lengte van 120 meter bestaande uit acht wagons van 15 meter lang, worden geleverd door Alstom. De eerste ontwerpen werden gepresenteerd op 2 oktober 2020.

 

Speciale treinen ontwikkelt door Alstom - Foto Grand Paris Express


90% van de lijnen zijn ondergronds, mede mogelijk gemaakt door speciaal ontwikkelde 106 meter lange tunnelboormachines met boor diameters variërend van 7,7 meter tot 9,8 meter. De tunnels worden aangelegd in vrij gevoelige grond, met een risico op instorting en kuilen. De stations bevinden zich vaak zeer diep – soms wel 30 meter onder de grond. Tunnelboormachines zullen ongeveer 20 meter diep gaan. In de komende jaren werken er 20 tunnelboormachines aan dit project. Terwijl de tunnelboormachines zich als mollen een weg banen onder de grond, begint de ‘Grand Paris Express’ langzaam vorm te krijgen.



dinsdag 25 februari 2025

PRINTEMPS SYMBOOL VAN HET GROTERE PARIJS


Laatst viel het mij op dat er in Parijsboeken weinig geschreven wordt over de prachtige architectuur van het warenhuis Printemps Haussmann. Galeries Lafayette krijgt veel aandacht mede dankzij de indrukwekkende koepel aan de binnenzijde en Samaritaine vanwege de prachtige en kostbare restauratie, na jarenlang gesloten te zijn geweest. Maar neem eens de moeite om te gaan staan op de hoek van de boulevard Haussmann, rue Caumartin aan de overzijde van Printemps en bewonder de prachtige mozaïek op de gevels en de op elke hoek indrukwekkende met bladgoud bekleedde koepels. Een meesterwerk dat art nouveau en art deco combineert en deel uitmaakt van het collectieve geheugen en het Franse erfgoed.  Regelmatig vinden er talrijke renovaties en opknapbeurten plaats aan de gevels die sinds 1975 op de monumentenlijst staan. De restauratie van de gevels en de acht hoekrotondes vanaf het jaar 2000 duurde maar liefst vier jaar. De hoofdkoepel aan de binnenzijde, bestaande uit 3.181 glaspanelen, werd in 2015 geheel gerenoveerd. Meer recent, in 2021, gaf Printemps Haussmann een nieuw leven aan de Coupole Binet en de Pont d’Argent, en in 2024 aan een van zijn meest spectaculaire architectonische kenmerken: de ‘Grand Escalier Patriomonal’. Maar daar straks meer over, eerst wat geschiedenis.



 

Je vindt ze over de hele wereld; luxe warenhuizen. Weinigen onder u weten dat het warenhuis een Franse vinding is. Eigenlijk moet ik zeggen een Parijse vinding. Het begon allemaal in 1852 toen Aristide Boucicaut zijn warenhuis Bon Marché opende. Een zogenaamd Grand Magasin. In 1855 volgt le Bazar Napoléon, dat later wordt getransformeerd in le Bazar de l’Hôtel de Ville, kortweg BHV. Kort daarop, in 1865, volgen Jules Laluzot en Jean-Alfred Duclos met Au Printemps en Parijs kreeg de smaak te pakken. In 1894 openden de Galeries Lafayette en het Samaritaine  hun deuren. Het is la Belle Époque, wat duidelijk te zien is aan de buitenkant van de 'paleizen van de handel'. Prachtige gevels die bol staan van beelden, verguld stucwerk en andere pompeuze decoraties.



 Alles goud wat er blinkt op een van de hoekrotondes van het warenhuis Printemps Haussmann

Jules Jaluzot was een voormalig werknemer van het warenhuis Bon Marché op de linkeroever. In 1865 opende hij samen met Jean-Alfred Duclos een winkel in nieuwigheden, met innovaties zoals grote etalages, op de hoek van de rue de Provence, rue du Havre, rue de Caumartin en boulevard Haussmann. De ligging was strategisch, vlak bij het treinstation Saint-Lazare en de Opéra Garnier. Het gebouw werd in 1874 enorm uitgebreid en voorzien van liften afkomstig van de Wereldtentoonstelling van 1867, destijds een grote noviteit. Deze eerste winkel werd in 1881 door brand verwoest. De architect Paul Sédille herbouwde de winkel van 1881 tot 1885 met overdadige luxe. Het was het eerste warenhuis voorzien van elektrische verlichting. Klanten konden vanachter een glazen wand de werking van de energiecentrale observeren. De voorgevel aan de Rue du Havre is bewaard gebleven: boven de arcaden die de ingang van de winkel markeren, zijn beelden van de vier seizoenen geplaatst , werk van de  beeldhouwer Henri Chapu. De winkel werd beroemd vanwege de vier hoekzuilen, waar in mozaïek de naam van de winkel te lezen is. Printemps was in 1904 ook een van de eerste warenhuizen met een directe toegang tot de metro.



Printemps was het eerste warenhuis voorzien van elektrische verlichting. Klanten konden vanachter een glazen wand de werking van de energiecentrale observeren (r) Grand Escalier Patrimonal in 1935 (l)


In 1904 ging het bedrijf bijna ten onder en dit leidde tot het ontslag van Jules Jaluzot. Hij werd opgevolgd door Gustave Laguionie, die het jaar daarop de bouw van een tweede winkel aankondigde. Deze locatie, ontworpen door architect Rene Binet, werd vijf jaar later geopend De bouwstijl is gebaseerd op het zelfde principe van de hoekrotondes van de eerste winkel. Ze zijn versierd met beelden van de beeldhouwer Anatole J. Guillot. Binnenin bevindt zich een indrukwekkende, centrale, achthoekige hal die verlicht wordt door een dubbele koepel. In 1912 breidde architect Georges Wybo de winkel aan de rue Charras uit en creëerde een tweede hal. Winkel nummer twee werd in 1921 door brand verwoest en tussen 1921 en 1924 volgens hetzelfde ontwerp, herbouwd door Georges Wybo. De schitterende koepel van René Binet, zichtbaar op de 6e verdieping, is wonderbaarlijk genoeg intact gebleven en is een omweg waard. 

 

De hoekrotondes van de eerste winkel zijn versierd met beelden van de beeldhouwer Anatole J. Guillot


Grand Escalier Patrimonal

In deze blog neem ik jullie mee naar enkele verborgen parels binnen in Printemps. Een daarvan is het trappenhuis dat na veertig jaar gesloten te zijn voor het publiek in juni 2024, na een grondige restauratie, opnieuw geopend is voor het publiek. Een waar architectonisch hoogstandje uit de jaren ’20. Een stukje geschiedenis dat verdient om herontdekt te worden. na een minutieuze restauratie. Ontworpen door architect Georges Wybo tussen 1922 en 1924, symboliseert het een uniek stukje erfgoed dat zichzelf al meer dan 160 jaar opnieuw uitvindt. Na de sluiting in de jaren ’80, de trap diende toen alleen als noodtrap, werd deze zorgvuldig gerestaureerd en is het nu open voor bezoekers.

 

De onlangs gerestaureerde Grand Escalier Patrimonal



De 156 treden tellende ‘zwevende’ trap verbindt een van de hoofdingangen van ‘Printemps Femme’, (hoek rue Caumartin, boulevard Haussmann) met het panoramische terras op de 7e verdieping




De 156 treden tellende ‘zwevende’ trap verbindt een van de hoofdingangen van ‘Printemps Femme’, (hoek rue Caumartin, boulevard Haussmann) met het panoramische terras op de 7e verdieping. Een unieke klim naar de hemel, die begint met een marmeren trap, die vervolgens verdubbelt. Smeedijzeren leuningen met arabeske rondingen en verborgen patronen met de P van Printemps. Volg het spel van rondingen dat doet denken aan de rationele lijnen van Art Deco. Als je deze trap neemt, krijg je een heel licht gevoel, omdat er geen pilaren zijn die de trap ondersteunen. Het is onzichtbaar met haken aan de gevel bevestigd. 



Spiegels op elke overloop creëren een gevoel van ruimte en licht, wat de schoonheid van de plek en die van haar bezoekers weerspiegelt.  De trap is bedekt met een blauw en groen tapijt, de historische kleuren van Printemps. Ik nodig je uit om dit archtectonisch wonder te gaan ontdekken dat traditie en moderniteit combineert. Een geweldige kans om jezelf onder te dompelen in de geschiedenis van dit warenhuis, terwijl je vervolgens geniet van een uniek panoramisch uitzicht over de daken van de stad, de Eiffeltoren en de overdadig met bladgoud bekleedde koepels op elke hoek van het warenhuis.











De Binet Dome & de Pont d’Argent

Op 22 september 2021 opende Printemps Haussmann de zevende verdieping die geheel gewijd is aan circulariteit. Hier kun je ook een bezoek brengen aan de altijd verborgen ‘Binet Dome’, zelfs ouder dan de ‘Charras Dome’. Deze is 13 jaar ouder en dateert uit 1910. Je komt er door de Grand Escalier Patrimonal te nemen naar het dakterras op de zevende etage waar je terecht komt in de wereld van design en vintage. Vol met unieke merken gewijd aan, ja je leest het goed, tweede hands items of spullen die allemaal recyclebaar zijn. Printemps werkt samen met Marie Blanchet en haar collectief van experts om een exclusieve selectie over de hele wereld te vinden die een halve eeuw modegeschiedenis vertegenwoordigt; iconische en tijdloze items, uitzonderlijke kleding, accessoires, betaalbare producten, voor zowel mannen als vrouwen. Dankzij ‘Second Spring’ kun je hier designerstukken die je niet meer draagt laten omzetten in vouchers die je weer kunt besteden in het warenhuis.

 

De Binet Dome uit 1910 met een lint in de vorm van het oneindigheidsteken, ontworpen door Atelier Laps


Op de vloer van de Binet Dome een tapijt, gesigneerd door street art kunstenaar Jordane Saget


Kunstenaars werden uitgenodigd om het thema circulariteit op te pakken. Zoals een geleidend lint in de vorm van het oneindigheidsteken, ontworpen door Atelier Laps. Op de vloer van de Binet Dome een tapijt, gesigneerd door street art kunstenaar Jordane Saget, het thema circulariteit symboliserend met suggestieve lijnen van bruggen tussen mensen en hun omgeving. De 12.000 origami-vogels, zijn ontworpen door ontwerper Charles Kaisin, om nog maar te zwijgen van de meeslepende installatie van straatkunstkunstenaar Romain Froquet bij de liften en de toiletten. De zogenaamde ‘Pont d'Argent’ is de verbinding tussen de koepel en het adembenemende dakterras met weer een ander uitzicht over Parijs en de prachtige met bladgoud behangen en feeëriek verlichte koepels van het warenhuis. De Pont d'Argent werd gebouwd in de jaren 1930 en was oorspronkelijk bedoeld als tijdelijk bouwwerk (net als de Eiffeltoren). De brug verbindt de twee koepels. De metalen frames en de gerenoveerde bakstenen muren vormen een monumentaal geraamte voor de 1.300 m² grote ruimte. Je bent hier letterlijk en figuurlijk in de 7de hemel!

 

De zogenaamde ‘Pont d'Argent’ is de verbinding tussen de koepel en het adembenemende dakterras



 De 12.000 origami-vogels, zijn ontworpen door ontwerper Charles Kaisin



De meeslepende installatie van straatkunstkunstenaar Romain Froquet bij de liften en de toiletten


De Charras Dome

Op de zesde etage bevindt zich de monumentale koepel van Printemps. De zogenaamde ‘Charras Dome’ die kan wedijveren met de koepel van Galeries Lafayette. Het is het enige overblijfsel uit vroegere geschiedenis van de winkel. Gebouwd in 1923 door de meester-glasblazer Eugène Brière en herinnert ons aan het meesterlijke decor van het Printemps van weleer. Met zijn 3.185 glas-in-loodramen in 22 kleurtinten; geel, groen, oranje waarin blauw overheerst stelt het een bloemenlucht voor, het thema van de lente. Het geheel wordt onderbroken door acht spindels met bloeiende stengels die op uitstekende kroonlijsten rusten. Deze constructie vormde een waar symbool van de heropleving van het warenhuis.

 

De Charras Dome gebouwd in 1923 door de meester-glasblazer Eugène Brière 


Het geheel wordt onderbroken door acht spindels met bloeiende stengels die op uitstekende kroonlijsten rusten




Vanwege het risico op beschadiging tijdens een bombardement op de hoofdstad in 1939 werd de koepel ontdaan van zijn 3.185 glaspanelen en verborgen in een kelder van een van de pakhuizen in Clichy la Garenne (Hauts de Seine). Na de oorlog schijnbaar vergeten, want pas 29 jaar later werden de glas-in-lood ramen weer, één voor één, teruggeplaatst. Het was Brière’s kleinzoon die de koepel terugbracht in de oude staat conform de originele tekeningen, die bewaard werden in de werkplaats van de familie. Met een hoogte van 16 meter en een diameter van 20 meter heeft het zijn oude glorie teruggekregen. Ook de koepel  is, net als de voorgevel van Printemps, nu een historisch monument. Ze werd in 2019 nog eens op bewonderenswaardige wijze gerestaureerd door het Atelier du Vitrail. Voorheen bevond zich onder de koepel een van de grootste brasserieën van Parijs, met een oppervlakte van 1200 m2 en 400 zitplaatsen. Maar inmiddels is het omgebouwd tot een luxe lingerie afdeling.

 

De nieuwe lingerie-afdeling onder de Charras Dome


Printemps achter de schermen

Ontdek de geheimen van dit unieke warenhuis en breng een bezoek achter de schermen bij Printemps Haussmann. Wist je dat je een exclusieve rondleiding kunt boeken?  Duik onder begeleiding van een deskundige gids in de geheimen van deze baanbrekende architectuur en de buitengewone geschiedenis van het warenhuis. Deze tour begint met een uitzonderlijk panoramisch uitzicht over de daken van Parijs, voordat je door de ondergrondse galerijen wordt geleid.



Via privé-ingangen tot verborgen doorgangen, krijg je de kans om emblematische bezienswaardigheden van Printemps Haussmann te ontdekken, zoals de Grand Escalier Patrimonal en de achterkant van de majestueuze glas-in-loodkoepel te ontdekken die in 1923 werd ontworpen. Van de ‘7e hemel’ tot de kelder, van het Tweede Keizerrijk tot de 21e eeuw, via Art Nouveau en Art Deco, deze tour is een wandeling door het erfgoed van het ‘Grand Magasin’ en zijn transformaties in de afgelopen 160 jaar. Boek nu op deze
website.


maandag 17 februari 2025

DE MAKERS IN HET HART VAN PARIJS

 

Regelmatig schrijf ik in mijn blog over Nederlanders die wonen en werken in Parijs en op hun manier een bijdrage leveren om de Nederlandse cultuur te promoten in Frankrijk. En met succes! Ik noem ze daarom DE MAKERS.

Dit keer in de hoofdrol Lilian Widdershoven, hoofd van het Atelier Néerlandais. (Kunstwerk 'Jardin' van Désirée Engelen)
 

Zij zijn de creatieven, de mensen met ideeën, kunstenaars, dromers, en de durfallen met  verbeelding, energie, ambitie en intuïtie om iets te creëren vanuit het niets. Ze brengen Parijs tot leven. Want wat zijn steden anders dan menselijke ecosystemen – netwerken. Deze blog brengt een deel van het creatieve DNA van Parijs in kaart en beschrijft een stukje van deze dynamische keten, en van mensen die gebouwen, monumenten, tuinen en straten tot leven brengen. 

Ik neem je mee naar een van die Nederlandse stakeholders in het meest opwindende menselijke netwerk van Parijs: Je maakt kennis met een van hen en ontmoet hem/haar als het ware backstage, om zo getuige te zijn van hun werkzame leven. Het mooiste van alles is dat het geen geheim genootschap is. Deze mensen zijn de motoren van enkele van de meest opwindende plaatsen van de stad. Geen cynische imitaties of het resultaat van berekende carrière moves, geen Instagram influencers of concepten uitgevonden door algoritmes; dit zijn mensen van vlees en bloed  die een verlengstuk zijn van hun passie en persoonlijkheid. 

Vrijdag 14 februari. Ik ben op weg letterlijk en figuurlijk naar het hart van Parijs, het eerste arrondissement. Naar de avenue Victoria 22. Deze weg, die eerst boulevard de l’Hôtel-de-Ville heette, kreeg bij decreet van 1945 de naam avenue Victoria, ter nagedachtenis aan de ontvangst van koningin Victoria van het Verenigd Koninkrijk in het Hôtel de Ville in Parijs op 23 augustus 1855. De reden van mijn bezoek is tweeledig; de heropening van het Atelier Néerlandais op deze locatie en een ontmoeting met het hoofd van deze Nederlandse cultuur-hub, Lilian Widdershoven, een van DE MAKERS.

 


Het Atelier Néerlandais is sinds 2014 de opvolger van het prestigieuze Institut Néerlandais. Het Institut Néerlandais, aan de rue de Lille, werd in 1957 geopend mede onder invloed van Frits Lugt, een wereldbekende Nederlandse kunstverzamelaar, die sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog voor de oprichting van een cultureel instituut in Parijs ijverde. Het instituut was lang een van de oudste buitenlandse culturele centra in Parijs. Op 8 februari 2013 besloot het ministerie van Buitenlandse Zaken dat het instituut eind 2013 zou worden gesloten. Deze ondankbare taak werd toebedeeld aan de net benoemde Nederlandse ambassadeur in Frankrijk, Ed Kronenburg. In december 2013 hield het instituut op te bestaan.

 


De nieuwe locatie van het Atelier Néerlandais, hartje stad, aan de avenue Victoria 22 in het eerste arrondissement

In aangepaste vorm keerde het in 2014 gelukkig weer terug en sinds die tijd biedt het een platform in Parijs aan Nederlandse ondernemers, instellingen en zelfstandigen, werkzaam in de creatieve bedrijfstakken die zich op de Franse markt willen positioneren. Inmiddels zijn er ca. 180 ondernemingen, groot en klein, die lid zijn van het Atelier Néerlandais (AN), waaronder weblog Paris FvdV, die gebruik maken van de diensten en expertise van het AN.

Zij kunnen het Atelier gebruiken als werkplek, om klanten te ontvangen, productpresentaties, bijeenkomsten, modeshows en exposities te organiseren, en nog veel meer. Anderzijds fungeert het Atelier ook als platform voor de (culturele) activiteiten van de ambassade zelf, zoals activiteiten met een publiek karakter, zoals lezingen, debatten, exposities en netwerkbijeenkomsten, in de regel met Nederlandse en Franse partners. Al deze private en publieke activiteiten bevruchten elkaar. In de kern is dit het Atelier Néerlandais: een plek voor DE MAKERS, in het hart van Parijs.



 De nieuwe locatie beschikt over maar liefst 8 ruimtes met een totale oppervlakte van 400 

Hier heb ik tevens een ontmoeting met Lilian Widdershoven, sinds januari 2021 hoofd van het Atelier Néerlandais, om te praten over haar werkzaamheden, het leven in Parijs en de verhuizing vanuit de rue de Lille naar de avenue Victoria 22, de nieuwe locatie van het Atelier. Ik ben vroeg en ondanks de hectiek tijdens de opbouw van de expositie 'Nouveaux Horizons' is er tijd voor dit interview. (Het interview lardeer ik met foto's van de opbouw van de expositie, en de opening door onze ambassadeur in Frankrijk, Z.E. Jan Versteeg)



Lilian Widdershoven voor een kunstwerk van Danielle Lemaire, 'Cosmic Balance II'

Lilian, hoe zie jij je zelf: ondernemer, inspirator, kunsthistoricus, “cultuurlobbyist”? 

Goh, Ferry, daar vraag je me wat… Misschien van alles wel een beetje, afhankelijk van het moment… Maar ik zie mezelf misschien nog wel het meest als iemand die gepassioneerd in het leven staat en graag uit overtuiging en overgave iets doet, of er anders niet aan begint. Met alle voor- en nadelen die dat met zich meebrengt! 

V.w.b. mijn werk bij het Atelier voel ik me misschien het meest pleitbezorger voor het belang van kunst en cultuur, maar zeker ook voor de creatieve industrie. Bij het horen van een term als “creatief” haken veel mensen af, maar onze maatschappij zal voor een groot deel veranderen en belang hebben bij - juist ook - die creatieve industrie. Ik raad iedereen aan een keer naar de Dutch Design Week in Eindhoven te gaan: daar zie je deels al wat de toekomst zal brengen, door ontwikkelingen waar ook de creatieve industrie een groot stempel op drukt.


Onderdeel van de expositie 'Nouveaux Horizons'; 'The Awakening of Mary' van Titia Ex

 

Je hebt een heel gevarieerd en indrukwekkend CV: gewerkt in de kunsthandel in Amsterdam en Parijs, kunstbeurzen zoals Tefaf, een uitstapje buiten de wereld van de kunst bij Rothschild en vervolgens co-founder van een design agency die zeer gerenommeerde prijzen in de wacht heeft gesleept zoals meerdere Red Dot Awards. In hoeverre komt dit van pas in je rol als Hoofd van het Atelier Néerlandais? 

Uit de variëteit blijkt al dat ik nooit aan carriere planning heb gedaan… Als kind wilde ik kunsthandelaar worden, ik zat nog op de middelbare school toen ik voor het eerst een bijbaantje had op een kunstbeurs en ik ben pas van gedachten veranderd toen ik al afgestudeerd was en als kunsthistoricus voor een kunsthandelaar in Parijs werkte.

Toen begon het pas te knagen dat ik nooit meer serieus had nagedacht over wat ik wilde worden, want dat “wist” ik immers al mijn hele leven! Op dat moment ben ik i.d.d. andersoortige werkervaring gaan opdoen, zoals bij Rothschild, waar ik uiteindelijk veel langer ben gebleven dan oorspronkelijk voorzien (een jaar of zes) voordat ik nog een keer drastisch het roer heb omgegooid: ik ben een jaar naar Zuid Amerika vertrokken, standplaats Argentinië, en ben uiteindelijk al reizend (nota bene op een cargo-schip in Chileens Patagonië) iemand tegengekomen met wie ik uiteindelijk de door jou genoemde design agency heb opgezet.


Lilian in Argentinië, waar ze een jaar verbleef


Die diversiteit aan ervaringen leek lange tijd niet logisch, ook niet altijd voor mezelf. Sterker nog, mensen vonden het ook wel gek (en onverstandig) dat ik een paar keer nogal drastisch van richting ben veranderd, maar juist hier bij het Atelier komen al die ervaringen in zekere zin weer samen, en, inderdaad, ook van pas!

 

Is dan het werken in een ambtelijke, zeer formele omgeving niet beklemmend? 

Ambtelijk en formeel zijn voor mij niet hetzelfde: enige formaliteit is mij van huis uit niet vreemd, een ambtelijke omgeving wel, en ja, daar waar ik misschien eerst kijk naar wat er kàn (en soms al ja heb gezegd voordat ik e.e.a. precies heb uitgezocht, want waar een wil is, is altijd wel een weg) is dat misschien binnen een ambtelijke structuur wat minder courant. Ik ben vast af en toe de ietwat vreemde eend in de bijt, maar dat is het Atelier Néerlandais in zekere zin ook, dus dat past wel! Het AN is dat in die zin dat wij de uitzondering op de regel zijn, het is immers geen staand beleid van de Nederlandse overheid om instellingen zoals het Atelier te hebben, en we zijn dan ook de enige in z’n soort, wereldwijd, afgezien van het Erasmushuis in Jakarta, maar dat is niet geheel op dezelfde leest geschoeid als het AN, dat immers niet alleen door de ambassade gedragen wordt, maar ook door een ledenvereniging  voor ondernemers in de creatieve industrie en culturele sector.

 


Tijdens mijn interview met Lilian Widdershoven werd er nog druk gebouwd aan de expositie - Kunstwerk 'Soul' RVDK Ronald van der Kemp (r)

Het Atelier Néerlandais opende in 2014 en bestaat dus nu meer dan 10 jaar. Hoe zou je de groeicurve van het AN willen omschrijven? 

Ik ben er natuurlijk pas vanaf 2021 zelf betrokken bij geraakt, te midden van de pandemie, het AN was toen zelfs dicht. Maar ik denk dat het fair is te veronderstellen dat het in die eerste jaren een soort van “pionieren” was voor mijn voorgangster die zelf in zekere zin het wiel moest uitvinden en invulling geven aan iets wat er nog niet was. In dat opzicht had ik het misschien wat gemakkelijker, maar daar staat tegenover dat er nu ook een taak ligt om het AN meer toekomstbestendig te maken. Ik denk dat we in een periode zijn aanbeland waarbij er een goede basis ligt van waaruit we verder kunnen - en moeten - ontwikkelen en waar we ook, zeker nu we de zoektocht naar een nieuwe locatie en vervolgens de verbouwing en verhuizing hebben afgerond, verder moeten bouwen aan verdere professionalisering van de organisatie. Juist om ruimte voor verdere groei- maar ook om een zo groot mogelijk draagvlak, te creëren naar de toekomst toe, want ik geloof heilig in de kracht van kunst en cultuur als soft-power, zeker in een land als Frankrijk, maar ook in de impact van de creatieve industrie en de grote variatie aan thematiek die we daar, ook als ambassade, aan kunnen verbinden!


Aanpakken is uitpakken. Kunstwerk 'Hold your horses' van Louise te Poele
 

Wat was jouw inbreng hierin? 

Ik heb de afgelopen jaren geprobeerd mijn steentje bij te dragen aan de verdere ontwikkeling van het AN. We hebben geprobeerd nieuwe initiatieven voor de leden te ontwikkelen, zoals een ledententoonstelling die we ook dit jaar weer zullen organiseren en we zijn sinds 2021 bijna verdubbeld in ledenaantal. Daarnaast hebben we een slag gemaakt voor wat betreft onze zichtbaarheid op social-media en in de communicatie. Naast ledenvereniging zijn we natuurlijk ook het culturele platform van de ambassade en heb ik geprobeerd mijn ambassade collega’s van andere afdelingen te laten zien dat het AN ook een stuk gereedschap is dat ambassade-breed kan worden ingezet, niet alleen als locatie, maar juist ook door de grote variëteit aan thematiek die hier voorbij komt en die ook allerlei haakjes biedt voor andere afdelingen van de ambassade.

Misschien juist wel vanwege de overtuiging die ik ben toegedaan dat een plek als het AN waardevol is voor zowel de sector, de ambassade en in zekere zin zelfs de reputatie van Nederland in Frankrijk : we worden als land toch nog vaak (en zelf ook graag) gezien als handelsnatie, maar juist hier in Frankrijk, waar kunst en cultuur veel meer vanzelfsprekend is en gesteund wordt, kunnen we misschien soms als een druppeltje smeerolie fungeren in grotere processen.

 

Kunstenares Désirée Engelen krijgt uitleg van Sweet Scope Studio over 'Learning Sounds #1'


Jouw voorganger, Carolien van Tilburg die aan de wieg stond van het Atelier Néerlandais noemde haar werk “het orkestreren van toevallige ontmoetingen”; Hoe zou jij jouw werk in een zin omschrijven? 

Dat is een mooie omschrijving, die, kan ik me zo voorstellen, ook heel goed pastte bij het “pionieren” in die eerste jaren. Als de pandemie ons ìets geleerd heeft, dan is het (hopelijk) het besef dat niet alles maakbaar noch planbaar is. Daar staat tegenover dat de doorgemaakte groei van het AN en de noodzaak tot verdere professionalisering helaas minder ruimte overlaat voor het orkestreren van toevallige ontmoetingen, het faciliteren van ontmoetingen is nog steeds één van onze taken, maar dan misschien wat meer bewust en gestuurd, en wat minder toevallig, hoewel ook ik graag het toeval niet geheel uitsluit!

 


Opening speeches door Lilian Widdershoven en de Nederlandse ambassadeur in Frankrijk Z.E. Jan Versteeg - Foto's Marleen Serné




Hoe heb jij het Atelier Néerlandais sinds januari 2021 zien veranderen? 

Ik begon met een gesloten ‘toko’, om het maar wat ondiplomatiek te verwoorden, dat betekende overigens niet dat er niets te doen was: doordat we op het AN ruimte hadden en afstand konden bewaren ben ik destijds begonnen zoveel mogelijk ambassade collega’s te spreken en uit te nodigen op het Atelier om te zien waar de raakvlakken lagen en we mogelijk iets voor elkaar konden betekenen. Toen we een aantal maanden later heel even weer open konden heb ik de eerste expo georganiseerd in het AN, met werk van leden dat tijdens- of onder invloed van de pandemie was ontstaan. Momenteel zitten we duidelijk in een periode met minder ruimte voor dit soort initiatieven omdat de vraag is toegenomen van zowel de kant van de leden als de ambassade, dus zullen we ook moeten kijken hoe we processen meer kunnen stroomlijnen om, daar waar mogelijk, wat extra efficiëntie te behalen die we vervolgens in kunnen zetten voor verdere ontwikkeling. Nu ik dit zeg realiseer ik me ook dat dit voor een cultureel platform misschien wel wat zakelijk klinkt, maar ook dat is nodig, juist om het AN zo bestendig mogelijk verder te ontwikkelen. Ik ben hier immers niet gekomen om als laatste de deur achter me dicht te trekken - ook al dachten vast een paar mensen dat dat wellicht zou kunnen gebeuren, toen we wisten dat we niet meer konden blijven op de oude locatie aan de Rue de Lille!


Voormalig Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap Robbert Dijkgraaf en schrijfster Pia de Jong krijgen uitleg over de expositie door Cultureel Attaché Reinout Huizer

 

Wat waren volgens jou de absolute high lights? 

Het is mooi een ontmoetingsplek en springplank voor de creatieve industrie en culturele sector te kunnen zijn, en ik merk ook dat we door steeds meer mensen zo gezien en ervaren worden en dat is mooi en bemoedigend. Absolute highlights, goh, het is gewoon goed dat deze plek er is en een doel dient voor de sector. En ik vind het oprecht een voorrecht dat dit werk me in contact brengt met zoveel getalenteerde mensen van de meeste uiteenlopende, vaak interessante, achtergronden en pluimage!

 

Het team van Kokke House; Romy Kokke & Daniel Beasley met kunstenares Louise te Poele



Annelies Breton-Bogaards. Correspondent Frankrijk druk in gesprek met een bestuurlid van het CAPA, Club Affaires Paris 


Het Atelier Néerlandais is verhuisd van het chique 7e arrondissement naar de Avenue Victoria 22 in het 1e arrondissement. Wat zijn volgens jou de voordelen van deze move? 

Ik zie eerlijk gezegd, een beetje tegen de oorspronkelijke verwachtingen in, alleen maar voordelen! Natuurlijk was de locatie en het pand in Rue de Lille prachtig, en lag er een lange historie vanwege onze voorganger, het Institut Néerlandais dat vanaf de jaren ‘50 van de vorige eeuw in hetzelfde pand gevestigd was. Maar nu we deze parel hebben gevonden zou ik niet meer terug willen: we zitten centraler dan voorheen, sterker nog, we zitten zo'n beetje op de meest centrale plek van de stad, zo naast Place du Châtelet, op een begane grond met veel zichtbaarheid, ingangen aan zowel Avenue Victoria als Rue Lantier, met meer vierkante meters en een ruimte die bovendien veel geschikter blijkt voor onze activiteiten dan de vorige locatie, what’s not to like!

 


Beate Gerlings Hoofd Cultuur en Communicatie van de Nederlandse Ambassade samen met het team Atelier Néerlandais: Flora de Geus, Lilian Widdershoven, Gerco de Vroeg, Joan Mols (vlnr)


Wat zijn de plannen voor 2025? 

Het programma is druk en vol, zo ongeveer vanaf de dag dat we het eerste event organiseerden (expositie van Foam en Unseen/Unbound tijdens Paris Photo), waarbij een paar uur voor de opening notabene de gevel nog werd geschilderd en de verbouwing nog niet eens helemaal af was! Het verder professionaliseren van het Atelier, zowel van de ledenvereniging als onze rol als cultureel platform van de ambassade staat – naast alle events – ook op de agenda: dat is eens temeer van belang als je bedenkt dat we maar een heel klein team hebben, de dagelijkse bedrijfsvoering rust immers op 2 fulltime krachten Joan Mols en ik, aangevuld met onze parttime communicatie medewerkster Flora de Geus. Maar natuurlijk maken we ook deel uit van het cluster cultuur en communicatie van de ambassade waar we nauw mee samenwerken. In juni zal er voor de leden weer een mogelijkheid zijn om deel te nemen aan een leden-expositie, we hebben de fashion weken met veel showrooms en defilés, en tijdens Paris Design Week, Paris+ by Art Basel en Paris Photo zullen we weer vanuit het culturele cluster van de ambassade een instelling of curator carte-blanche geven om Nederlands talent voor het voetlicht te brengen, om maar een paar dingen te noemen, en voordat je het weet is dan het jaar alweer voorbij!



Onze ambassadeur Z.E. Jan Versteeg geeft uitleg over mijn reisgids 'Parijs budgetvriendelijk beleven' aan H.E. Mevr. Dewi van de Weerd, ambassadeur voor Internationale Culturele Samenwerking bij het Nederlandse Ministerie van Buitenlandse Zaken - Foto's Marleen Serné

Je bent al heel jong naar Parijs vertrokken. Voel je je meer Parisienne of Limburgse? 

Ik voel mee heel erg thuis in Parijs maar zal mezelf nooit Parisienne noemen, iets wat ook heel veel verschillende betekenissen heeft afhankelijk van wie je het vraagt. Eén van de eerste dingen die ik leerde toen ik hier kwam wonen was de term « Parisien pure souche » dan ben je niet alleen zelf geboren in Parijs, maar ook je beide ouders en minimaal 3 van je grootouders. Maar er zijn ook zat mensen die iedereen die in Parijs intra-muros woont een Parisien(ne) noemen. Lachend, "dan ben ik in ieder geval een Limbourgeoise pure souche !"



Uitvoering door pianist, componist, producer en geluidstechnicus REYN, Reyn Ouwehand, 'Ecoute la Neige Tomber' met choreografie van Irene van Zeeland 



Een feest voor influencers en fotografen


Last but not least. Heb je nog tips voor mijn lezers als inmiddels doorgewinterde inwoner van Parijs. Must-see’s? Must-do’s? 

Ik ben hier al zo lang dat ik me misschien niet altijd meer realiseer wat dat zou kunnen zijn, maar ik denk dat het in ieder geval goed is om te weten dat het bij je eerste contact met Fransen meestal verstandig is iets meer gereserveerder en minder direct te zijn dan dat we dat in Nederland gewend zijn. Het lijkt allemaal op elkaar maar de Franse samenleving en mentaliteit is op veel vlakken toch echt fundamenteel anders dan de Nederlandse. Voor wat betreft de dingen die je echt een keer in Parijs gezien of gedaan moet hebben… dat is natuurlijk heel persoonlijk, maar ik zal een poging wagen! Van « nice to naughty » : het Musée de la Vie Romantique in het 9e arrondissement. Het oude woonhuis en atelier van Ary Scheffer, de door de Fransen ingelijfde, maar van geboorte Dordtse, schilder wiens huis en atelier ook diende als Salon waar “le tout Paris” bijeen kwam: Chopin, Rossini, Sand, Dickens, Liszt etc. Er zit een leuke tuin met terras bij waar je een drankje kunt drinken (zonder dat je een kaartje hoeft te kopen voor het museum) waarbij je echt nog het gevoel hebt iemands huis te bezoeken en terug in de tijd te gaan (nu tijdelijk even dicht vanwege een verbouwing). Église Saint Julien le Pauvre in het 5e, in de buurt van de Notre Dame, net aan de overkant van de Seine, is een mooi intiem kerkje dat je makkelijk over het hoofd ziet en niet per se heel aantrekkelijk oogt van buiten, maar voor degenen die hiervan houden, even een moment van rust en bezinning kan bieden in de drukte van de stad. Op een steenworp afstand van Saint Julien le Pauvre ligt de Caveau de la Huchette, één van de oudste jazz clubs van Parijs waar zo ongeveer iedere jazz grootheid ooit gespeeld heeft en die nog steeds als zodanig in gebruik is. En laat ik dan ook nog maar La Sainte Chapelle in de mix gooien, niet echt een onbekend monument maar oh zo prachtig en, zeker op een mooie zonnige dag wanneer de zon door de hoge glas-in-lood vensters schijnt, adembenemend! 

Musée de la Vie Romantique, 16 Rue Chaptal, 75009 Paris

Caveau de la Huchette,  5 Rue de la Huchette, 75005 Paris

Saint Julien le Pauvre, 1 Rue Saint-Julien le Pauvre, 75005 Paris

La Sainte Chapelle, 10 Boulevard du Palais, 75001 Paris



Visual Artist en mode illustrator Margot van Huijkelom  en kunstenares Paola Kalshoven


En helemaal als laatste wat zijn jouw favoriete restaurants? 

Er zijn natuurlijk zoveel opties in een stad als Parijs dat het moeilijk kiezen is… maar 2 restaurants waar ik altijd graag kom zijn Café Marly en de Bouillon Julien : Café Marly ligt letterlijk ín het Louvre, aan de zijkant van de grote cour met de beroemde Pyramide. Het terras onder de mooie arcade is een geweldige plek wanneer het weer het toelaat, en anders is het ook binnen fijn zitten met zicht op een zaal met sculpturen van het Louvre. Bouillon Julien is nog een echte « bouillon » uit de Belle Époque met een fantastisch interieur dat nog geheel intact is en waar je, zeker naar Parijse maatstaven, voor weinig een degelijke Franse maaltijd krijgt voorgeschoteld. Allebei leuk, ieder op een heel eigen manier! 

Inmiddels lopen de fraai ingerichte ruimtes van het Atelier al vol met bezoekers, in afwachting van de officiële opening door onze ambassadeur in Frankrijk, Z.E. Jan Versteeg. Stiekem toasten wij alvast op een succesvol 2025.

Un Grand Merci Lilian!

 

Het team Cultuur en Communicatie van de Nederlandse ambassade & Atelier Néerlandais tezamen met de ambassadeur voor Internationale Culturele Samenwerking Dewi van de Weerd (2e van links): Flora de Geus, Beate Gerlings, Reinout Huizer, Lilian Widderhoven, Cléo Zwiers, Berend Sommer, Nynke de Vries, Agnès Raux, Joan Mols, Gerco de Vroeg (vlnr)


Wil jezelf het nieuwe Atelier Néerlandais bewonderen en genieten van de openingstentoonstelling ‘Nouveaux Horizons’ dat kan van maandag 17 februari tot en met vrijdag 21 februari. Door middel van hun prachtige kunst heb je een ontmoeting met Hans Boodt, Desirée Engelen, Titia Ex, Iris van Herpen, Kokke House, Danielle Lemaire, No Waste Chair, Louise te Poele, Carla van de Puttelaar, Reyn, RVDK, Sheltersuit, Sweet Scope, Sanne Terweij en Irene van Zeeland.


Het werd nog heel laat die avond