Paris FvdV is een niet commercieel weblog speciaal voor kenners en liefhebbers van de stad Parijs - en voor hen die dat willen worden. Parijs is een stad met een gewichtig verleden, respectabel en gerespecteerd. Het is totaal niet nostalgisch. Parijs is er in geslaagd om, soms op brutale maar altijd op elegante wijze, om te gaan met zijn grootse monumenten. Ze te beschermen en te integreren in de nieuwe dynamiek van de stad. Parijs is een meester op het gebied van herstel en transformatie. U zult er nooit in slagen een volledig overzicht te maken van plekken en verhalen, die allemaal op hetzelfde punt uitkomen en de glorie van deze stad bezingen. toch wil ik een poging wagen. Wekelijks wil ik u niet alleen informeren over wat Parijs nog meer te bieden heeft, maar ook wil ik mijn liefde voor deze stad op u over dragen. In de hoop dat het raakt aan iets wat u herkent of voelt. Ferry van der Vliet.

Privacy verklaring: Indien u weblog Paris FvdV, dat bij Google-Blogger is ondergebracht, leest en reageert op de blogs van Paris FvdV, doet u dat vrijwillig en is uw IP-adres en mailadres - indien u dat vermeld - bekend en wordt opgeslagen. Ook uw schuilnaam waaronder uw reageert wordt opgeslagen. Paris FvdV zal uw gegevens nooit aan derden doorgeven. We houden uw gegevens privé, tenzij de wet of rechtelijke macht ons dwingt uw gegevens aan hen te verstrekken. Datalekken in het systeem vallen onder de verantwoordelijkheid van Google-Blogger. Door weblog Paris FvdV te bezoeken en/of de op of via deze weblog aangeboden informatie te gebruiken, verklaart u zich akkoord met de toepasselijkheid van deze disclaimer. Google gebruikt cookies om services te leveren en verkeer te analyseren dus uw IP-adres en user-agent zijn bij Google bekend, samen met prestatie- en beveiligingsstatistieken om servicekwaliteit te garanderen, gebruiksstatistieken te genereren, misbruik te detecteren en maatregelen te treffen.

vrijdag 21 juni 2013

DE GLAZEN KOEPELS VAN HET 'NOUVEAU PARIS'

Parijs heeft zijn grandeur te danken aan Napoleon III. Tijdens het Tweede Keizerrijk (1852 - 1870) ontstond in het nieuwe quartier des Grands Boulevards het zogeheten 'Nouveau Paris', gebouwd met de 'nieuwe' materialen; staal en glas. Hier ontstond de grootstedelijke architectuur van de belle époque, mede dankzij Gustave Eiffel. Eiffel was een geniale constructeur, die in zijn tijd de vooruitgang in de architectuur flink vooruit heeft geholpen door de toepassing van staal, in plaats van zware, ouderwetse baksteenconstructies. Hij deed zijn eerste ervaringen op met metaalconstructies, toen hij nog voor spoorwegmaatschappijen in Frankrijk werkte. Nog voor dat hij aan de bouw begon van zijn bekendste werk, de toren die naar hem is genoemd, werd in 1876 het warenhuis Le Bon Marché voorzien van een door hem ontworpen moderne ijzer-glas-cocon. Al snel volgden andere ondernemers het voorbeeld van Aristide Boucicaut, de eigenaar van Le Bon Marché. Er ontstonden luxe 'grands magasins' met indrukwekkende architectuur, voorzien van immense glazen koepels, gedecoreerde trappen en omlopende gaanderijen. Zelden is er zoveel vernieuwend talent op het gebied van cultuur in Parijs bij elkaar geweest als tussen 1865 en het begin van de eerste wereldoorlog.
 
De koepel van glas en staal ontworpen door Atelliers Eiffel in 1876 voor het warenhuis Le Bon Marché
Deze blog neemt u mee langs de mooiste stalen overkappingen van de stad. Een aantal heb ik al eerder genoemd in diverse blogs, maar ik zet ze toch nog eens voor u op een rijtje. We beginnen, hoe kan het ook anders, op de boulevard Haussmann. Genoemd naar de stedenbouwkundige onder Napoleon III, die de opdracht kreeg om Parijs om te bouwen tot een moderne metropool. Het 'Haussmannisme' bepaalt tot op de dag van vandaag het straatbeeld van Parijs.
We beginnen op nr. 64 bij het onlangs voor 70 miljoen euro, gerestaureerde warenhuis Printemps Haussmann. Deze glazen koepel, geheel in art nouveau-stijl en een van de mooiste van Parijs dateert uit 1923. Maar liefst 42 meter hoog en opgebouwd uit 3185 glazen panelen. Helaas is de fraaie koepel niet meer te zien vanaf de begane grond en moet u naar de zesde etage, naar de Brasserie Printemps. Meer over dit warenhuis, lees dan ook mijn blog Printemps Paris
Een van de mooiste koepels van Parijs, die van het warenhuis Printemps
Inmiddels een beetje bekomen van zoveel schoonheid, dan begeven we ons naar de buurman van Printemps op nr. 40. Het chique warenhuis Galeries Lafayette. In december 1893 openden de neven Théophile Bader en Alphonse Kahn een winkel met naaigerief, dat 'Aux Galeries Lafayette' werd genoemd. De naam van de winkel verwees naar het oorspronkelijke adres aan de rue La Fayette, op wandelafstand van de Opera Garnier. In 1905 gaf Bader de Franse architect Georges Chedanne de opdracht om de nieuw aangekochte gebouwen (rue la Fayette 38, 40 en 42) volledig te verbouwen, wat duurde tot in 1907.  Weer een aantal jaren later werd Galeries Lafayette uitgebreid met de aankoop van het pand aan de boulevard Haussmann nummer 15 en groeide uit tot het indrukwekkende warenhuis dat we nu kennen. In 1912 kreeg Galeries Lafayette de monumentale koepel in Byzantijnse stijl van gekleurd glas en smeedijzer, een ontwerp van de Franse architect Ferdinand Chanut. Maar liefst 33 meter hoog.
De koepel van Galeries Lafayette, gezien vanaf de derde etage van het warenhuis
Het metalen frame steunt op 10 punten en is voorzien van  gebrandschilderd glas, rijkelijk versierd met bloemmotieven, dat weer zorgt voor een prachtig goudkleurig licht.  De rijk geornamenteerde balustrades zijn van de hand van Louis Majorelle. De koepel gaf het gebouw de bijnaam 'Magasin Coupole'.
Fraai uitzicht op de bijzondere ijzeren constructie, te zien op de 5e etage van Galeries Lafayette
TIP: Vanaf de derde etage heeft u een prachtig overzicht, en wat u zeker moet doen is een bezoek brengen aan de vijfde etage, waar u door de binnenramen kunt kijken naar de speciale ijzeren constructie van de achterkant van de koepel. Met de roltrappen gaat u vervolgens naar de zevende etage en daarna met trappen naar de achtste. Vanaf het terras wordt u  gratis getrakteerd op een adembenemend uitzicht over Parijs. Met name het uitzicht op de Opera Garnier is spectaculair. Volgens een gedenksteen is op dit zelfde dak op 19 januari 1919 een vliegtuig geland. Ook kunt u de stalen buitenconstructie bekijken die de grote binnenkoepel van daglicht voorziet.
Spectaculair, het interieur van de Franse bank Société Générale
Een klein stukje verder, in de driehoek van de boulevard Haussmann (ter hoogte van nr. 29), rue Halévy en de rue Gluck ligt een financiële parel. Het vroegere hoofdkantoor van de Franse bank Société Générale. mijn collega blogger en journalist Frank Renout noemt dit het allermooiste bankgebouw van Frankrijk, zo niet van de wereld. En ik moet hem gelijk geven. De architectuur van het interieur is werkelijk adembenemend. Eerlijk is eerlijk het is ook dankzij Frank dat ik dit gebouw heb ontdekt. De ingang zit op de hoek van de rue Halévy en de rue Gluck. Maar als je hier eenmaal binnen bent, je moet namelijk eerst de elektronische beveiliging door, dan valt je mond open van verbazing.
Decor art déco uit 1906 -  Photo credits: Wikimedia
Het prachtige art déco interieur van donker hout, marmer en glas uit 1906, van de architect Jacques Hermant, is zo overweldigend, dat je ogen te kort komt. Ik denk dat de alom aanwezige bewakingscamera's mij minutenlang, alsmaar om mijn as draaiend, met open mond hebben zien staan. Een grote ronde hal met boven in een glazen koepeldak met een diameter van 24 meter, opgebouwd uit 51 delen van glas en staal. De mozaïekvloer is een juweeltje op zich. En volgens mij is het ook allemaal bladgoud wat er blinkt. Oh ja, jammer genoeg mag je er niet fotograferen. Zelfs mijn smekende ogen maakte geen indruk op de bewaking die onmiddellijk kwam aangesneld toen ze bemerkte dat ik uitbundig aan het fotograferen was geslagen. Gelukkig heb ik een foto van de verplichte wissessie kunnen behouden door het wieltje van mijn Canon niet linksom maar rechtsom te draaien.
De ronde kluisdeur heeft een diameter van 2,76 meter en weegt 18 ton. Honderd jaar geleden is deze deur met negen paarden van het treinstation naar dit kantoor getrokken
Wij vervolgen onze weg richting de place l'Opéra, steken de drukke boulevard des Capucines over, om vervolgens de eerste straat links in te gaan. Tegenover het metrostation Quatre Septembre in de gelijknamige straat bevindt zich nog een staaltje van Parijse commerciële architectuur gebouwd in de periode 1876 - 1883. Het hoofdkantoor van de Franse bank Credit Lyonnais en inmiddels een historisch monument.  Het is gelegen in de vierhoek gevormd door de rue du Quatre-Septembre, de rue de Choiseul, boulevard des Italiens, en de rue de Gramont. Helaas is het immense gebouw na een felle brand op zondag 5 mei, 1996 en de restauratie in 2008, verdeeld in twee gedeelten.
Le Centorial in het vroegere hoofdkantoor van de bank Credits Lyonnais - Photo credits Wikimedia
Op de rue Quatre Septembre 16 - 18 zit nu de ingang naar het kantorencomplex 'Le Centorial' die u zeker moet binnengaan. Het herbergt 39.000 M² aan kantoren, verdeeld over zeven etages inclusief de begane grond. Via een indrukwekkende marmeren trappenhal komt u terecht onder de 17 meter hoge koepel van staal en glas eveneens gemaakt door het ingenieursbureau Ateliers Eiffel. De vroegere binnenplaats is in 2001 geheel overdekt met glas naar het voorbeeld van de overkapping van het Pavillon de Flore van het Musée du Louvre. Het immense atrium heeft drie etages, ook weer uitgevoerd in glas. Saillant detail is dat de eerste eigenaar het gebouw in 1876 zo heeft laten ontwerpen, dat bij faillissement van de bank (in die tijd speelde dat dus ook al) het gebouw op een eenvoudige wijze zou kunnen worden omgebouwd tot een warenhuis. In januari 2013 vormde dit fraaie gebouw nog het decor voor de 'Fashion Show - Spring Summer 2013 - van Donatella Versace.
De 'personeelsingang' van het hoofdkantoor van de bank Credits Lyonnais aan de boulevard des Italiens - Photo credits: Wikimedia
 
De ingang naar het hoofdkantoor van de bank bevindt zich aan de zijde van de boulevard des Italiens. Helaas is het historische pand niet meer eigendom van de bank. Na de hevige brand in 1996 verkocht Credit Lyonnais zijn hoofdkwartier voor de lieve som van 1,3 miljard Euro aan de verzekeraar AIG.
Bij de uitgang van Le Centorial gaan we linksaf en vervolgen de rue Quatre Septembre tot we aan de linkerzijde de rue Vivienne tegenkomen. Deze lopen we in zijn geheel af tot aan de boulevard Montmartre. Op de boulevard Montmartre vindt u bij nummer 12 de Passage Jouffroy (140 m) uit 1845. Een drukke passage met de meest originele winkeltjes, die de nieuwsgierige bezoeker trakteren op allerlei verrassingen. Miniaturen, affiches, handgemaakt speelgoed en prachtige wandelstokken van de Frères Ségas. Middenin, de uitgang van het wassenbeeldenmuseum Musée Grévin. De hoofdingang zit aan de boulevard Montmartre nr. 10.  Zeer de moeite waard, al was het alleen al voor het “Palais de Mirages”. Dit betoverende spiegelpaleis  met zijn “Son et Lumière” (geluid– en lichtshow) stond in 1900 al opgesteld op de wereld-tentoonstelling in Parijs en is toen aangekocht door het museum. Achter in de passage ziet u het hotel Chopin met een gevel die dateert uit 1850. Een charmant hotel met slechts 35 kamers.
De overkapping van staal en glas in de passage Verdeau
Trappen aan de linkerzijde brengen u naar het tweede gedeelte van deze passage vol met boekenstalletjes maar ook meteen een van de mooiste fotozaken van Parijs: Photo Verdeau. U koopt daar originele vintage prints van bekende fotografen. Neem even de moeite om naar boven te kijken voor een nieuw staaltje uit de tijd van de industriële revolutie. De komst van de industriële revolutie, met de uitvinding van staal en glas als bouwmaterialen, gaf het woord flaneren een diepere betekenis. Er ontstaan verkeersvrije overdekte galerijen met hoge glazen daken met sierlijke gietijzeren constructies, die een overdekte passage vormen van de ene straat naar de andere.  Winkelparadijzen, centra van cultuur en vermaak voor het 19de - eeuwse winkelpubliek. Parijs telde in de 19de eeuw meer dan honderd van deze kleine werelden. Tegenwoordig zijn er nog zeventien over. (Tip: lees ook mijn blog over de 'glazen straatjes')
Last but not least stel ik toch maar even voor om de metro te nemen bij het station Bonne Nouvelle (op de boulevard Montmartre). We nemen lijn 8 richting Balard en stappen over bij Opéra op lijn 1, richting La Défense. We stappen uit bij het metrostation Champs Elysées Clémenceau. Bij de uitgang zien we het einddoel van onze rondgang; het meest indrukwekkende staaltje van Eiffels bouwkunst na de Eiffeltoren, namelijk de glazen overkapping van het Grand Palais.
Het allermooiste staaltje van techniek van het ingenieusbureau van Eiffel; het Grand Palais
Het Grand Palais is een prachtige art-nouveau constructie uit staal en glas. Het gebouw heeft zelfs de grootste dakconstructie in smeedijzer, staal en glas ter wereld. Er kwam maar liefst 9.400 ton staal, 15.000 vierkante meter glas en zo’n 5.000 vierkante meter zink aan te pas. Nadat in 1993 een van de glazen platen naar beneden viel, werd het gebouw meer dan een decennium gesloten in verband met renovatie. Het eerste deel van het Grand Palais heropende in 2004 en in 2007 was de renovatie compleet. Tijdens de renovatie werd de metalen structuur van de 240 meter lange hal hersteld, het glas vervangen en het dak volledig gerepareerd. Sinds de heropening doet het gebouw dienst als tentoonstellingsruimte waar allerlei evenementen plaatsvinden. Een deel is in gebruik als museum, terwijl in een ander deel vaak andere evenementen plaatsvinden, zoals de veiling van het bezit van Yves Saint Laurent en zijn partner Pierre Bergé, extravagante modeshows van Parijse top designers zoals Karl Lagerfeld van Channel of het jaarlijks terugkerend evenement Monumenta. 
Het monument in cijfers:
Nuttig oppervlak van het Grand Palais: 72.000 m²
Oppervlakte van het schip: 13.500 m²
Lengte van het schip: 200 m, breedte: 50 m tot 100 m.
Hoogte van het schip: 45 m onder de koepel en 60 m onder de bal van de campanile
Totaal gewicht van het stalen dak: 8.500 ton




woensdag 12 juni 2013

PRINTEMPS PARIS

Je vindt ze over de hele wereld; luxe warenhuizen. Weinigen onder u weten dat het warenhuis een Franse vinding is. Eigenlijk moet ik zeggen een Parijse vinding. Het begon allemaal in 1852 toen Aristide Boucicaut zijn warenhuis Bon Marché opende. Een zogenaamd Grand Magasin. In 1855 volgt le Bazar Napoléon, dat later wordt getransformeerd in le Bazar de l’Hôtel de Ville, kortweg BHV. Kort daarop in 1865 volgen Jules Laluzot en Jean-Alfred Duclos met Au Printemps en Parijs kreeg de smaak te pakken. In 1894 openden de Galeries Lafayette en het Samaritaine  hun deuren. Het is la Belle Époque, wat duidelijk te zien is aan de buitenkant van de 'paleizen van de handel'. Prachtige gevels die bol staan van beelden, verguld stucwerk en andere pompeuze decoraties.
Jules Laluzot eigenaar Au Printemps in 1865 - Het ontwerp van de architecten Jules en Paul Sedille
Met de totale restyling van het Parijse warenhuis Printemps werd een begin gemaakt in 2008 onder leiding van het architectenduo George Yabu en Glenn Pushelberg. Al vaker in de geschiedenis nam Printemps het voortouw. Op 3 november 1865 opende het warenhuis zijn deuren als koophuis met vaste prijzen. De winkel, naar een ontwerp van de bekende architecten Jules en Paul Sedille, opende op de hoek van Le Havre en de Boulevard Haussmann. De winkel werkte met vooraf vastgestelde prijzen, terwijl het in die tijd heel gewoon was dat een prijs uitsluitend werd vastgesteld door loven en bieden. Het gebouw werd sterk uitgebreid in 1874, met liften (toen een grote nieuwigheid) afkomstig van de Wereldtentoonstelling van 1867. In 1888 installeerde het als eerste warenhuis elektriciteit en het was ook een van de eerste warenhuizen met een directe verbinding met de metro (1904).
1874 het gebouw werd uitgevoerd met liften - de prachtige Art Nouveau-trap is helaas verwijderd in 1955
In het begin van de 20e eeuw werd het gebouw vervolgens uitgebreid langs de Boulevard Haussmann door architect Rene Binet in een Art Nouveau-stijl en in 1923 werd de 42 meter hoge Art Nouveau-koepel het middelpunt van het warenhuis, om in 1939 weer te worden gedemonteerd. Dit om te voorkomen dat hij onherstelbaar zou worden beschadigd bij eventuele bombardementen. De koepel werd opgeslagen bij Clichy en pas in 1973 weer in ere hersteld en geheel gerestaureerd door de kleinzoon van de oorspronkelijke ontwerper. Helaas is de prachtige Art Nouveau-trap in 1955 verwijderd. Ondanks twee grote branden bleef het warenhuis zich vernieuwen. In 1975 werd de gehele voorgevel  geclassificeerd als historisch monument.
De brasserie Printemps onder de schitterende, 42 meter hoge Art Nouveau-koepel uit 1923
Yabu en Pushelberg, bekend van de restyling van het New Yorkse Bergdorf Goodman,  zijn voortvarend aan de slag gegaan om het gehele warenhuis te voorzien van een totaal nieuw interieurontwerp van internationale allure dat tegelijk onmiskenbaar Frans oogt. Een groot deel van de plafonds tussen het souterrain, parterre en de eerste etage is verdwenen waardoor een geweldig atrium is ontstaan geïnspireerd op de magische glazen koepel op de zesde etage. Een groot kunstwerk van de Japanner Hirotoshi Sawada siert de vide. Grote zilverkleurige bladen hangen in het luchtledige en reflecteren het licht.  De oorspronkelijke zwart marmeren vloeren zijn vervangen door vloeren van wit marmer.
Het geheel vernieuwde atrium met een kunstwerk van de Japanner Hirotoshi Sawada
18 luxe boetieks met een totale oppervlakte van 6000 m2 hebben één centrale architectuurstijl met sterke grafische lijnen. Elegante stellages van glas, zwart hout en roestvrij staal. De Canadese kunstenaar Pascale Girardin bedacht voor de ingangen, twee enorme zwevende clusters van witte handgemaakte polycarbonaat bloemen. Last but not least zijn alle voorgevels opnieuw gerestaureerd en alle ornamenten en koepels opnieuw voorzien van bladgoud. De totale kosten van de vijf jaar durende verbouwing worden geraamd op ruim 70 miljoen euro.
De architectuurstijl van Yabu en Pushelberg met strakke grafische lijnen. Crédit photo: Alexandre Mostras voor Printemps
Afgelopen week heb ik de eer gehad om persoonlijk te worden rondgeleid door het vernieuwde Grand Magazin. Printemps Paris nieuwe stijl moet u absoluut gaan zien, een lust voor het oog! De cosmetica-afdeling van Printemps is een van de mooiste van Parijs en voert meer dan 200 cosmetica merknamen. Ook vind je maar liefst 8 restaurants in dit warenhuis: Ladurée, le Brasserie Printemps, Cojean, Pouchkine,  Pouchkine Terrace, Le Déli-cieux, Le World bar en Café Be, die ieders honger kunnen stillen: van snacks tot organische maaltijden. Le brasserie Printemps kan je haast niet missen; deze is gevestigd onder de 42 meter hoge dome bestaande uit 3185 glazen panelen geheel in Art Nouveau-stijl.
Printemps zonder bezoekers een ongekende ervaring
200 cosmetica merken zijn vertegenwoordigd op de begane grond van Printemps

Vergeet ook niet de negende etage met een prachtig panoramisch terras met een onbelemmerd uitzicht op de Opéra Garnier, de Madeleine, de Eiffeltoren en Montmartre. Hier vindt u le Déli-cieux, een selfservice restaurant (200 plaatsen) van de jonge Franse ontwerper Noé Duchaufour-Lawrance. Op het menu heerlijke antipasti, salades en lichte maaltijden. Als het regent kun je hier overdekt zitten, maar die ruimte is veel minder gezellig dan het buitenterras op 37 meter hoogte. Het terras loopt gelijk met de prachtige zinken daken om u heen, af en toe onderbroken door indrukwekkende architectuur zoals het Palais Garnier, de Madeleine, het Grand Palais, de Eiffeltoren en la butte Montmarte met de Sacre Cœur. Daar kun je van maandag tot en met zaterdag van 9.35 uur tot 19.00 uur en op donderdag zelfs tot 22.00 uur terecht.
Vanuit het terras op de 9de etage heb je een prachtig, gratis, 360 graden uitzicht over Parijs
Printemps, boulevard Haussmann 64, 9e arrondissement, metro Havre- Caumartin, RER Aube, Haussmann-St-Lazare. Openingstijden: Maandag tot zaterdag van 09:30 tot 19:00 en donderdags tot 22:00


vrijdag 7 juni 2013

HÔTEL BIRON, MUSÉE RODIN

Ik neem u mee naar het 7de arrondissement. Lange tijd was dit de 'edele buitenwijk', het domein van de Parijse aristocratie. Dit arrondissement ligt verscholen achter hoge muren en zware poorten van chique hôtels (niet te verwarren met hotels in de zin zoals wij die kennen) residenties, ambassades, ministeries en andere internationale instellingen. Maar hier en daar is door een, op een kier geopende koetspoort, nog een glimp op de vangen van de 18de eeuwse sfeer. Dit arrondissement doorkruis je doorgaans niet tijdens je eerste bezoek aan Parijs. De buurt is uiterst interessant voor wie al meer vertrouwd is met de Franse hoofdstad en flaneren belangrijker vindt dan winkelen en toeristische bezoeken. Dit is het grondgebied dat vroeger eigendom was van de Abbaye de St-Germain-des-Prés met onder andere de  prachtige rue de Varenne, vol met prachtige herenhuizen (hôtels), waaronder Hôtel de Boisgelin (47) met de Italiaanse ambassade en Hôtel de Galliffet (50) waar het Italiaanse culturele instituut is gehuisvest. Hôtel Matignon (57) de ambtswoning van de Eerste Minister. In Hôtel de Villeroy (78) zit het ministerie van Landbouw. Andere zeer fraaie herenhuizen zijn Hôtel Broglie (73 - een van de grootste particuliere huizen van Parijs) en Hôtel de Castries (72). Het mooiste en interessantste van alle hôtels staat aan het einde van de rue de Varenne. Een stadspaleis uit de vroegere 18e eeuw; het Hôtel Biron (79) waar nu het Musée Rodin gevestigd is.
 
Achterzijde van het schitterende Hôtel Biron. In de tuin het waterbassin met Rodins 'Ugolino'
 
Abraham Peyrenc gaf in 1727 opdracht voor de bouw van dit stadspaleis, die vijf jaar in beslag nam. In 1753 werd het aangekocht door de Duc de Biron een Franse maarschalk. Later deed het paleis dienst als de woning van de Pauselijke gezant, de Russische ambassade en een opvoedingstehuis voor meisjes gerund door adelijke nonnen van de Société du Sacré-Cœur de Jésus. In 1904 kwam het in zwaar vervallen staat in handen van de Franse overheid, die het weer beschikbaar stelde voor allerlei arme kunstenaars die profiteerden van de zeer lage huren. Naast Jean Cocteau, Henri Matisse en de beroemde danseres Isadora Duncan werkten hier ook de beeldhouwster Clara Westhoff en haar echtgenoot Rainer Maria Rilke. Het was deze Rilke die Auguste Rodin aanmoedigde om in het Hôtel de Biron te gaan wonen. Hij betrok het hôtel in 1908 op 68 jarige leeftijd.
Auguste Rodin 1840 - 1917
Auguste Rodin (1840 - 1917) mag zich de belangrijkste Franse beeldhouwer noemen rond de eeuwwisseling van de 19de naar de 20ste eeuw. Hij geldt als de wegberijder van de moderne beeldhouwkunst. Kenmerkend voor zijn werk is de onrustige modellering van de oppervlakken, die weer zorgde voor een prachtige lichtreflectie op het brons. Rodins beeldhouwwerk verbaast door zijn sterke expressie, energie en vitaliteit. De mannen met grote gespierde blote voeten met stevige tenen en goedgespierde torsos, terwijl zijn vrouwen vaak zachte vormen hebben. Dit is vooral goed te zien in zijn beroemde marmerwerk 'Le baiser', de kus. Van dit werk, dat geldt als een van de beroemdste en succesvolle stukken van Rodin, bestaan slechts twee kopieën, een in Kopenhagen en een in London.
Detail van Rodins grote marmeren werk 'De Kus' - Met dank aan het Musée Rodin die mij toestemming gaf om speciaal voor deze blog, ondanks het verbod, toch het beeld te mogen fotograferen
Dit beeld van twee geliefden behoort tot de werken die aanvankelijk werden gemaakt in het kader van de 'Porte de l'Enfer (De Hellepoort), zijn levenswerk en allerbelangrijkste opdracht. Hij moest een monumentale poort maken voor de geplande bouw van het Musée des Arts Décoratifs. Rodin werkte er jaren aan maar kreeg het nooit af. Overigens net als het museum; de bouw van het museum werd helaas nooit gerealiseerd. 'De Kus' is ook nooit opgenomen in 'De Hellepoort', wel 'De Denker' die Rodin later heeft uitgewerkt in een afzonderlijk beeld. Het beeld van 'Le Penseur', dat nu in de tuin staat, stond ooit in een park in Lübeck, in Duitsland. Het beeld werd teruggekocht dankzij een publieke inzameling en staat nu rechts van de ingang. Een ander gietsel staat op het graf van Rodin in Meudon.
'Le Penseur' (1881). De denker wordt ook 'Le Poète' genoemd, omdat het beeld eigenlijk de mediterende Dante moest voorstellen.


De denker zit met zijn kin op zijn hand, zijn elleboog op zijn knie, zijn benen gekruist, zijn lichaam aanwezig, zijn geest ver weg. Overheersend zijn opnieuw, de grote handen en voeten. Het hoofd lijkt, door het contrast, vrij klein. Misschien was het model van de kunstenaar wel geen groot denker?
De totale museumcollectie stamt uit de nalatenschap van de beeldhouwer, die hij vermaakte aan de staat. Bezoekers komen het museum binnen via de voormalige kapel. Hier bevinden zich de kassa's, de museumwinkel en de ruimten voor tijdelijke exposities. Het oorspronkelijke museum wordt gedurende 2013 en 2014 geheel gerenoveerd. Bezoekers moeten daarom rekening houden met beperkte toegang. De marmercollectie bijvoorbeeld is nu ondergebracht in de gerenoveerde kapel. Helaas mag je daar niet meer fotograferen en zijn de beelden alleen nog achter glas te zien. Dit om ze te beschermen tegen de handen van bezoekers, die de verleidelijke glooiende vormen van heupen en billen niet kunnen weerstaan. Rodin hield nu eenmaal van het de onbevlekte witheid van het marmer uit Carrara.
Handtekening Rodin
Vanuit de kapel komt u in de drie hectaren grote tuin, waar u om het gebouw heen kunt lopen, om aan de achterzijde de prachtige baroktuin te bezoeken. Overal staan bronzenbeelden van Rodin tentoongesteld, waaronder de 'Burgers van Calais', 'De Hellepoort', 'De Denker' en Honoré de Balzac. Aan de achterzijde van het park, achteraan bij het waterbassin heeft u een indrukwekkend uitzicht op een van de mooiste stadpaleizen van Parijs. In het Hôtel Biron zelf staan nog meer sleutelwerken van Rodin waaronder 'La Cathédrale'. Twee handen die omhoogkomen uit een rots. De vingertoppen raken elkaar als in een gebed, en doen denken aan een kerkboog. De oplettende waarnemer zal opmerken, dat de handen geen paar vormen, maar twee rechterhanden zijn. Het museum wordt verder nog verlevendigd door aankopen van Rodin voor zijn eigen privécollectie. Werken van Van Gogh, Cézanne en nog een aantal Japanse prenten.
De originele versie van 'Le Penseur' met op de voorgrond een gipsen studie Ugolino uit Dante's 'Divina Commedia' 
Er is ook nog een vertrek gewijd aan Camille Claudel, Rodins leerlinge, favoriete model en muze. Als negentienjarige ging Camille aan de slag in het atelier van Rodin. Bijna tien jaar lang onderhielden de twee een innige artistieke en erotische relatie. In 1893 verliet zij teleurgesteld Rodin, nadat deze niet bereid was zijn partner Rose Beuret, met wie hij een zoon had, te verlaten. Gekweld door zware depressies kwam ze in 1913 terecht in een inrichting, waar ze tot aan haar dood, dertig jaar later zou verblijven.
Het liefdespaar Paolo Nalatesta en Francesca da Rimini uit Dante's 'Divina Commedia'
De nalatenschap van Rodin omvat zo'n 6500 beeldhouwwerken (brons, marmer, klei en gipsen studies), 6500 schilderijen en tekeningen (Rodin was ook nog een voortreffelijk portretschilder) en 1700 schilderijen uit zijn eigen privécollectie. In het museum ziet u natuurlijk de topstukken gelardeerd met een klein overzicht van zijn gehele oeuvre.
 
Hôtel Biron - Musée Rodin, rue de Varenne 79, 7e arrondissement, metro Varenne.
Geopend dinsdag tot en met zondag (gesloten op maandag) van 10.00 uur tot 17.45 uur. Het is ook mogelijk om alleen een bezoek te brengen aan de tuin.  Toegang museum en tuin € 9. Alleen de tuin slechts € 1




donderdag 30 mei 2013

PARIS JE T'AIME

Parijs is een romantische stad. Je kunt geen boek over Parijs openslaan of in de inleiding wordt verwezen naar de vele Franse Chansons d'Amour, romantische plekjes en de vele films gemaakt over en in Parijs waar de liefde en de romantiek centraal staat. Parijs is het mooist in de lente of de vroege herfst. Daarom in deze blog aandacht voor het thema "Paris pour les amoureux" - Parijs voor hen die (smoor)verliefd zijn. Tips & tricks voor een weekend Parijs vol romantiek.


We beginnen thuis met de film Paris Je t'aime. Om zijn liefde voor Parijs vorm te geven, bedacht Tristan Carné een charmante lofzang op de lichtstad en de liefde. Het concept van ‘Paris, je t’aime’: twintig regisseurs vertellen in vijf minuten het verhaal van een romantische ontmoeting in één van de arrondissementen van Parijs. Een collectief werk over de liefde, het moderne Parijs gezien door de ogen van Internationaal vermaarde regisseurs waaronder Gerard Depardieu, Wes Craven en Gus van Sant. Om hun verschillende thema's uit te denken, hebben de meestal buitenlandse regisseurs zich gebaseerd op de werkelijkheid van de stad zonder hun liefdevolle blik te vergeten. Hun nieuwsgierigheid bracht hen in de hoekjes van de stad die de Fransen zelf nooit zouden durven verkennen. Ze leveren een film af vol liefde waarin men steeds het hart hoort kloppen. Paris Je t’aime. Een stad, 10 miljoen harten, een liefdesverhaal. Loop door de stad en je ziet overal beelden die zo geplaatst kunnen worden in deze film.
Eenmaal in je hotel in Parijs ga je voor een speciaal ontbijt op bed. Niet van het hotel zelf maar van "Allo Petit dejeuner". Je bestelt de "Panier Cadeau". Een box met een overheerlijke inhoud wordt ter plaatse bezorgd compleet met bloemen. Zo de eerste punten zijn binnen. Vergeet niet om het ontbijt voor twee een dag eerder te bestellen (voor 17.00 uur) op www.allopetitdejeuner.com

 
Vervolgens een bezoekje aan "Le Mur des Je t'aime" op Montmartre. Deze muur is een initiatief van Frédéric Baron, een ras romanticus. Hij vroeg aan bezoekers van Montmartre om "ik hou van jou" in hun eigen taal op te schrijven. hij verzamelde meer dan 1000 liefdesverklaringen die vervolgens werden gekaligrafeerd door de kunstenaars Daniel Boulogne en Claire Kito. De muur staat in de jardin Jehan Rictus op de place des Abbesses en bezit inmiddels een cultstatus. Je eigen liefdesverklaring kun je kwijt op de website van deze muur: www.lesjetaime.com


Voor een wandeling vol romantiek geef ik u drie bijzondere keuzes. Als eerste een bankje bij een van de mooiste fonteinen van Parijs, te vinden in de Jardin Luxembourg. Links van de ingang van het park via de place Edmond-Rostand vindt je de aan het einde van een grote vijver de prachtige fontaine de Médicis die dateert uit 1624, omringd door platanen en kleine bankjes. Als tweede keuze, je stiekem terugtrekken achter de grote waterval; "Grande Cascade" in het Bois de Boulogne. Vergeet niet een klein zakmesje mee te nemen om beide namen te graveren, een locale traditie daar, en niemand die je zal beschuldigen van vandalisme. Mijn derde keuze is de Vesta Tempel in het park Buttes Chaumont. Een romantisch park dat zich kenmerkt door steile hellingen met glooiende graspartijen, kronkelige paden, grotten, waterpartijen, waaronder een grote vijver compleet met waterval en hoog op een rotswand een kleine tempel, van waaruit je weer een prachtig uitzicht hebt over Montmartre en Saint-Denis.
Voor de lunch geef ik u twee opties: Liefde op Italiaanse wijze bij Pizzeria "Le Patio". Als liefdeskoppel krijg je hier je pizza geserveerd in de vorm van een hart. Maar de grote verleiding komt toch van Fauchon, dè traiteur van Parijs. Daar bestel je een executive lunchbox. En ik kan je vertellen, dit is een waar feest. Samen hand in hand loop je van de place de la Madeleine naar de tuinen van het Louvre, Les Tuileries, voor een wel heel romantisch en culinair tète à tète.


Op loopafstand ligt over de Seine de prachtige loopbrug pont des Arts die het Louvre verbindt met de Bibliothèque Mazarine. Niet alleen heb je hier een prachtig uitzicht over de Seine, maar hier worden vele liefdesrelaties nog eens symbolisch verzegeld met een hangslot met daarop een liefdesverklaring. Een traditie uit de jaren zestig in Hongarije. Een verliefd stel maakte toen een slot aan een hek vast om hun eeuwige liefde te bezegelen. Hun voorbeeld werd gevolgd door Moskou, Nigata-Japan en vanzelfsprekend; Parijs. Let eens op, de meeste hangsloten zijn van het merk Unity en Master. Volgens mij is een nieuwe niche geboren.
Als de liefde is beklonken stel ik voor om het "in de wolken gevoel" realiteit te laten worden. De gebroeders Montgolfier, de uitvinders van de luchtballon, gingen jullie al voor in 1783. Hun eerste vlucht werd ook beveiligd door een lange lier. Dankzij Eutelsat Telecommunicatie kunnen jullie voor slechts 10 euro opstijgen tot 150 meter hoogte in de grootste luchtballon van de wereld, met een diameter van 22 meter en gevuld met helium. De vlucht duurt ongeveer 10 minuten en ook hier weer een spectaculair uitzicht over Parijs. Parc Javel André Citroën. Metro Boulevard Victor (RER) brengt u dichtbij. Neem ook nog even de moeite om te genieten van het waterballet door 150 sprankelende waterjets tussen de twee immense glazen orangerieën.


Terug naar het hotel als voorbereiding op een romantisch diner in een van de mooiste brasseriën van Parijs. Het ontstaan van deze brasserie is een liefdesgeschiedenis op zich. een zekere Barbarin, een café exploitant uit Montmartre zou zich in de wijk Saint Denis hebben gevestigd uit liefde voor een danseres. Deze zou hem een zoon hebben geschonken, die de doopnaam Julien kreeg, waar hij vervolgens zijn restaurant naar vernoemde. Het art nouveau interieur uit 1902 is werkelijk adembenemend. Panelen in glaspasta van de glaskunstenaar Louis Trézel, veel mahoniehout, spiegels en glas in lood, omgeven door sierstucwerk bedekt met vrouwen- dier- en bloemmotieven. Aan de muren bronzen wandlampen en de mozaïek-vloer is rijk versierd met plantmotieven. Brasserie Julien vinden jullie in de oude wijk Saint Denis aan de rue du Faubourg-Saint-Martin nummer 16.

Photo: Courtesy of Buddhabar Paris
 

Time for a nightcap: De avond en nacht sluiten jullie af in de befaamde Buddhabar aan de rue Boissy d'Anglas 8. Onder het wakend oog van een 20 meter hoge Buddha, chillen en loungen op de vide vanaf de tweede etage en daarna een mooie en zwoele nacht.

Paris je t'aime, Claudie Ossard en Emmanuel Benhiby, movie trailer

Le Mur des Je t'aime, Square Jehan Rictus, 18e arrondissement, metro Abbesses.

Jardin du Luxembourg, rue de Vaugirard, rue de Médicis, blvd Saint Michel, rue Auguste Comte, 6e arrondissement, metro, Odéon, Luxembourg, Port-Royal

Grande Cascade, Bois de Boulogne, 16e arrondissement, metro Porte Maillot, Porte Dauphine

Parc des Buttes-Chaumont, place Armand Carrel, rue Manin, rue de Crimée, 19e arrondissement, metro Buttes-Chaumont, Botzaris

Pizzeria Le Patio, cours de Vincennes 47, 20e arrondissement, metro Nation

Fauchon. place de la Madeleine 24-26, 8e arrondissement, metro Madeleine

Parc Javel André Citroën, 15e arrondissement, metro Balard, RER Boulevard Victor

Ballon Air de Paris, Parc Javel André Citroën, 15e arrondissement, RER Boulevard Victor

Brasserie Julien, rue Faubourg-Saint-Martin 16, 1oe arrondissement, metro Strasbourg-Saint-Denis.

Buddhabar, rue Boissy d'Anglas 8, 8e arrondissement, metro Concorde, Madeleine.

donderdag 23 mei 2013

PARIS MÉCHANT: BORDELEN IN PARIJS

Binnenkijken in de Parijse bordelen van de Belle Époque.
Rue du Chabanais, zo maar een straat, niet ver van het Musée du Louvre. Een appartementsgebouw op nummer 12, niets bijzonders.  Ware het niet dat tijdens de Belle Epoque, Parijs' Gouden Eeuw, hier het meest prestigieuze bordeel van Parijs was gevestigd. Geopend in 1878 en zelfs vermeld in de prestigieuze 7-delige Nouveau Larousse Illustre encyclopedie van 1904. Eigenaresse was de ondernemende, in Ierland geboren, Madame Kelly. Ze verkocht zelfs aandelen in haar winstgevende business aan rijke anonieme investeerders. De totale kosten van de inrichting werden in die tijd geschat op een slordige 1,7 miljoen Franse Francs. De entreehal was ontworpen als een soort van kale stenen grot, maar de diverse slaapkamers waren rijkelijk versierd, velen in een bepaalde stijl: Moors, Hindoe, Japans, Romeins of in de stijl van Lodewijk XVI. De Japanse kamer won zelfs een ontwerpprijs op de Wereldtentoonstelling in 1900.
In dezelfde straat, op nummer 11 is een kleine boetiek annex galerie gevestigd, die de geheimen uit het 'lustige' verleden levendig houdt. Ver verwijderd van alle officiële kunstgaleries runt Nicole Canet, een voormalige Cancandanseres, de galerie 'Au Bonheur du Jour'. Zij noemt zichzelf  archeologe. Een archeologe gespecialiseerd in erotica. Haar ongewone, doch intieme galerie zit precies tegenover 'Le Chabanais'. Vroeger een van de meest luxueuze 'gesloten' huizen (Maison closes) van Parijs, tijdens de hoogtij dagen van de geautoriseerde bordelen van de Belle Epoque. Zelfs de Prins van Wales, Edward VII, de zoon van de Engelse Koningin Victoria, had hier zijn eigen kamer met boven het bed zijn koninklijk wapen. Het verhaal gaat dat 'Bertie', het koosnaampje van de Prins, hier regelmatig het bed deelde met Parijse prostituees en baadde in een koperen bad  gevuld met champagne. Het was de Spaanse kunstenaar Salvador Dali, die het bad, versierd met een sculptuur van half vrouw, half zwaan aankocht voor  een bedrag van 112.000 Franse Francs, even na 1946, toen het fameuze bordeel werd gesloten. Het bad is nog steeds te bewonderen in het Dali Museum in Figueras Spanje.
Een van de 'stijlkamers' in het luxe bordeel Le Chabanais
Versierd als een luxueus paleis, om te voorzien in elke sexuele fantasie, was Le Chabanais bepaald geen achterbuurt hotel. Het was meer een nationaal monument, dat voorkwam op de adressenlijst van vrijwel iedere gerespecteerde reisagent uit die tijd, aldus Madame Canet, die na haar carrière als cabaretdanseres begon met het verkopen van erotisch getinte foto's op de Parijse vlooienmarkten van Saint-Ouen en Clignancourt.
Het was bij  puur toeval dat zij in 1999 een ruimte vond voor haar boetiek annex galerie, precies tegenover Le Chabanais, waar zij nu exclusieve rariteiten tentoonstelt, die de tijden van exclusieve bordelen doen herleven. Van erotische foto's, -boeken tot -schilderijen, maar ook antieke seksspeelgoedjes tot originele meubelstukken afkomstig uit de diverse  Maison closes. Zelf noemt ze 'Au Bonheur du Jour', met een knipoog', hèt ondeugende alternatief voor het Louvre.
Eigenaresse van galerie Au Bonheur du Jour; Madame Nicole Canet
Een van haar trotse bezittingen is een houten stereoscoop waar de mannen in die tijd het vrouwelijk aanbod in 2D konden bekijken. Ook kreeg men zo een goed idee van de vaak prachtig gedecoreerde peeskamers, excuus... boudoirs. Zelfs de bekende schilder Henri Toulouse Lautrec, zelf een graag geziene klant, was gevraagd om een van de boudoirs in Le Chabanais te voorzien van een erotisch getint tablaux in 16 delen.
In het midden van de jaren 1920 werd Le Chabanais overtroffen als hèt topbordeel van Parijs. Een ander 'Maison Closes' opende haar deuren in 1924, aan de rue de Provence in het achtste arrondissement en werd al zeer snel een stevige concurrent. Net als Le Chabanais werd de 'One Two Two' een van de meest luxueuze en beroemde bordelen van Parijs in de jaren 1930 en 1940. Eigenaar was Marcel Jamet, die samen met zijn eerste vrouw Fernande de Doriane, een voormalige courtisane van......jawel, Le Chabanais. De naam was afgeleid van het adres, 122. Vertaald in het Engels; One, Two, Two. Oorspronkelijk was het drie verdiepingen tellende gebouw een herenhuis eigendom van Prins Joachim Murat. Het werd later verhoogd naar vier verdiepingen en vervolgens naar een totaal van zeven verdiepingen. Een indrukwekkend gebouw met gesloten witte luiken. Insiders vertelden dat alle 22 kamers het decor hadden van een reis rond de wereld, geïnspireerd op de Kama Sutra. Elke kamer ingericht als een soort van filmset voorzien van alle soorten van erotische genoegens. Het was een populaire plek voor de high society, waar je naar toeging om te zien en gezien te worden. Sommige gasten gingen er naar toe om te dineren met hun 'partner' om zo de charmes te kunnen proeven van de 'bewoners'.  Onder hen de Maharadja van Kapurthala en zijn gehele entourage, waaronder de Aga Khan. Zelfs de koning van  België, Leopold III, was een graag geziene gast. Dit bordeel bleek ook zijn diensten te bewijzen aan de Duitse Wehrmacht gedurende de tweede wereldoorlog. (Te zien in de Franse film Les Uns et Les Autres) Het was zelfs het officiële bordeel voor leden van de Franse Gestapo. De Marthe Richard wet van 13 april  1946, die het systeem van prostitutie reguleerde in Frankrijk, maakte een einde aan het bestaansrecht van beide bordelen. De wet is vernoemd naar  Marthe Richard, een gemeenteraadslid in Parijs die zelf prostituee was in 1915.
Genummerde oplage van het boek Décors de Bordels van Nicole Canet
"Ik vind het heerlijk om als een soort archeologe te duiken in het verleden en zo de verhalen te ontdekken achter de vele oude erotische foto's in mijn bezit". Een van de items die nog ontbreken in mijn weelderige verzameling van bordeel memorabilia is de 'Guide Rose', Een soort van rosse gids van Parijs. Een klein zwart boekje uit de Belle Epoque. Een Michelin-stijlgids in zakformaat, maar dan vol met plezierhuizen van Parijs en omgeving.  "Ik weet dat twee oude opa's kopieën hebben, maar ze niet willen verkopen. Ze zijn zeldzaam en gewoon te gewild", aldus Nicole. "Laatst zag ik nog een exemplaar dat verkocht werd op een Italiaanse website voor € 311, maar ik was al te laat".
De gids voor ondeugend Parijs; de Guide Rose
Volgens mevrouw Nicole Canet heeft 'Paris Méchant' in de Belle Epoque ook nog een Nederlands tintje. In 1902 vertrok ene Margretha Zelle naar Parijs om te gaan werken in een circus. Begin 1905 werd ze onder andere beroemd door het opvoeren van exotische dansen in het Musée Guimet, waar ze zich vervolgens van het ene na het nadere kledingsstuk, ontdeed. Wij kennen haar beter onder de naam Mata Hari. Volgens ooggetuigen was zij een rijpe vrouw, mooi, van een wellustige zinnenbedwelmende schoonheid met volmaakte vormen. Mata Hari verscheen op kunstenaarsfeesten te Montmartre en in voorname salons van de internationale wijk tussen de Champs-Élysées en het Bois de Boulogne. Over Mata Hari, de exotische danseres, deden talloze geruchten de ronde. Niet alleen was zij exorbitant rijk, zij werkte ook als chique courtisane en volgens de officieren van de Britse inlichtingendienst was ze een dubbelspionne, die zowel voor de Duitse als de Franse militaire geheime dienst werkte, onder de codenaam H-21, ofwel Mata Hari. Op 13 februari 1917 werd Mata Hari in haar hotelkamer in het chique Parijse hotel Plaza Athénée gearresteerd op beschuldiging van spionage en samenwerking met de vijand. Ondanks de vele bemoeienissen van de Nederlandse regering werd zij in de vroege ochtend van de 15de oktober 1917, geëxecuteerd. Zij ligt begraven in Vincennes, maar haar legende leeft nog altijd voort.
Margretha Zelle, beter bekend als Mata Hari
De galerie 'Au Bonheur du Jour' is te vinden in het centrum van Parijs, aan de rue Chabanais, nummer 11, in het 2e arrondissement, vlakbij de Opera Garnier en de Nationale Bibliotheek (site Richelieu). De galerie bestaat uit twee ruimtes. Een ruimte hangt vol met erotische foto's uit de negentiende en twintigste eeuw en wordt ook vaak gebruikt voor thematische tentoonstellingen. De andere ruimte is als het ware een Parijs boudoir vol met curiosa en bijzondere objecten uit verschillende bordelen. Verder kun je er neuzen in historische erotische boeken en -tijdschriften. Tip: Deze bijzondere galerie is uitsluitend geopend tijdens de exposities van dinsdag tot en met zaterdag van 14.30 uur tot 19.30 uur. Tussen de exposities door uitsluitend op afspraak. Controleer dus altijd van te voren even de website.
Oh ja, wil je zelf nog overnachten in een voormalig Maison closes? Dat kan. Op enkele minuten lopen van de Moulin Rouge, zelf bekend om zijn roerige verleden als huis van plezier vol met beeldschone courtisanes, vind je Hotel Rotary. In het begin van de 20e eeuw was dit zes verdiepingen tellende hotel een Belle Epoque bordeel. Te herkennen aan de ingewikkelde trappen zodat klanten ongezien naar boven konden en een paar zeer boudoirachtige kamers. Als muren konden praten........ Te vinden aan de rue Vintmille 4 in het 9e arrondissement.
Een ander voormalig 'snel hotel' met de naam HotelAmour Paris, (inmiddels wel een viersterren hotel) hoe kan het ook anders, is te vinden op loopafstand van Pigalle, de rosse buurt van Parijs. Aan de rue Navarin 8, eveneens in het 9e arrondissement. De kamers zijn versierd rond het thema liefde uit oude tijdschriften.
Lat but not least natuurlijk een film om heerlijk bij weg te zwijmelen over het joie de vivre van het bruisende Parijs nachtleven tijdens de Belle Epoque: Moulin Rouge. Met in de hoofdrol Nicole Kidman als de beeldschone courtisane Satine.
Au Bonheur du Jour, rue Chabanais 11, 2e arrondissement, metro Pyramides, Palais Royal, 4 Septembre, Bourse.
Hotel Rotary **, rue Vintmille 4, 9e arrondissement, metro Place de Clichy. Kamers vanaf € 54 (Geen lift).
Hotel Amour ****, rue Navarin 8, 9e arrondissement, metro Saint Georges. Kamers vanaf € 115
Photo credits: Wikimedia, Au Bonheur du Jour - Éditions Nicole Canet

woensdag 8 mei 2013

MÉNILMONTANT

Parijs is niet alleen de stad van de man met de baret op het hoofd, de Gauloise in de mond en een baguette onder de arm. Parijs kent immers ook een grote groep immigranten binnen de peripherique, die inmiddels zo'n 15% van de Parijse bevolking uitmaken,. Dit heeft weer met het langdurige koloniale verleden van Frankrijk te maken, in onder andere Noord- en Midden Afrika en zuidoost Azië. De invloeden uit deze streken zijn zichtbaar in de wijken van  la Goutte d'Or, Château Rouge, Barbès Rochechouart, Belleville, Charonne en Ménilmontant. Deze quartiers worden steeds populairder onder voornamelijk jonge Parijzenaars en duiken steeds vaker op in trendy reisgidsen en glossy modebladen. Het zijn ontegenzeggelijk de wijken die het meest in beweging zijn.

Veel van het dorpse karakter van de dorpjes Belleville, Charonne en Ménilmontant is bewaard gebleven
Natuurlijk vind je er ook de lelijke betonnen hoogbouw uit de jaren zeventig maar ook kronkelende steegjes met winkels, ateliers en kleine lokale eethuisjes. Steile hellingen, duizelingwekkend hoge trappen met aan het eind weer een prachtig doorkijkje. Passages, villa's (staat in Parijs voor een doodlopend straatje) en verstilde tuinen achter sierlijke poorten. Hier vindt je de charme van het ongewone met het ouderwetse. Een mengeling van exotische gemeenschappen samen met de arbeidersbevolking, die in de 18e eeuw als gevolg van de herstructureringen van Hausmann, uit de binnenstad werd verdreven. De bevolking in de wijk, is een van de meest gevarieerde en kosmopolitische in Parijs.
Ouderwetse huisjes met slechts twee of drie verdiepingen
Veel van het dorpse karakter van de dorpjes Belleville, Charonne en Ménilmontant is bewaard gebleven. Zij dragen nog steeds de sporen van hun landelijk verleden, van de arbeiders die werkten in de gipsgroeven en de wijngaarden van de Parijse kloosters. Hier kwamen de arbeiders hun zuur verdiende Francs verdrinken in de guinguettes, de cafés en 'bals musettes'. Hier debuteerden Maurice Chevalier, Yves Montand en Edith Piaf op straat en in de verschillende café-chantants. Vele straatnamen herinneren nog aan de grote hoeveelheid waterbronnen en aan het rijke wijnbouwverleden: Rue des Cascades (waterval), rue de la Duée (kleine bron), rue des Rigoles (slootjes) en rue des Vignoles (wijngaard).
Verstilde tuinen achter sierlijke poorten
Hoog tijd voor een wandeling door Ménilmontant in het 20e arrondissement. Om het verrassingselement te behouden ga ik niet alle bezienswaardigheden voor u beschrijven maar wel de route die u het beste kunt bewandelen. We beginnen bij de uitgang van het metrostation Saint Fargeau en nemen de rue Saint Fargeau die overgaat in de rue de Ménilmontant. Rechts het park square de Ménilmontant in, door de passage Saint Simoniens en links de rue de la Duée vervolgen. Rechts de passage de la Duée, een van de smalste passages van Parijs. Aan het einde van de passage keren we terug naar de rue de la Duée, rechts af om via de rue Pixérécourt terug te gaan naar de rue Ménilmontant. Rechtsaf de straat vervolgen en we kruisen de rue des Pyrénées. Op 121 Maison Carré de Baudoin het stadhuis van het 20e arrondissement.
Cité de L'Ermitage
Rechts de cité de L'Ermitage heen en terug en een stukje verder rechts van de rue Ménilmontant de rue de l'Ermitage. We vervolgen het quadrant via een oase van rust met huizen en verrassende binnenplaatsen; de villa de l'Ermitage, cité Leroy, rue des Pyrénées tot dat je weer bij de rue l'Ermitage komt. We nemen rechts de pittoreske trappen van de rue Fernand Raynaud (met een prachtig uitzicht over de daken van Parijs), die je naar beneden volgt tot aan de rue des Cascades.
Rue des Cascades
Een ouderwetse lange smalle straat met huizen van slechts twee of drie verdiepingen. Hier ontdekt u de regard Saint Martin (nummer 42), vroeger eigendom van de priorij Saint Martin en de regard des Messiers (op de binnenplaats van nummer 17). De Messiers waren de bewakers van de wijngaarden. Deze waterbekkens zijn gebouwd in de 13de eeuw om het water op te vangen uit diverse bronnen en via hellingen te laten stromen naar de herenhuizen in de Marais. Beide regards zijn nog steeds in werking. Let ook nog even op het bijzondere uithangbord op nummer 48. Aan het einde van de rue des Cascades kunt u even uitrusten bij de Bistrot Littéraire les Cascades met uitzicht op de place Henri Krazuki.
 Cité Leroy
Uitgerust? Dan vervolgen we onze weg via de rue des Envierges, waar u aan het einde van de straat weer wordt beloond met een fantastisch uitzicht over  Parijs met op de voorgrond het parc de Belleville. Nadat we genoten hebben van het prachtige uitzicht nemen we de rue Piat en de passage Piat, langs een van de laatste Parijse wijngaarden, door het park. Links de rue de Couronnes in en rechts, via de rue de Henri Chevreau naar het einde van de rue de la Mare voor een klassieker; een grillige brug in de vorm van een trap die over de chemin de fer (ringspoorweg) de la petite Couronne loopt.
Église Notre Dame de la Croix
Voor u doemt de Église Notre Dame de la Croix op met zijn indrukwekkende trappen die ooit een rol speelde in de Franse Film 'Le Balon Rouge'. Op de place Maurice Chevalier met zijn verkoelende loofbomen, banken en een 'Wallace' fontein, vindt u een ideale plek om het vervolg van uw route te plannen.
Het einde van uw wandeling; de place Maurice Chevalier. Tijd voor een  Espresso